Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Limburg tussen staf en troon. Duizend jaar graafschap Loon. Dr. Jan Vaes

Dovnload 11.81 Kb.

Limburg tussen staf en troon. Duizend jaar graafschap Loon. Dr. Jan Vaes



Datum20.01.2019
Grootte11.81 Kb.

Dovnload 11.81 Kb.

Limburg tussen staf en troon. Duizend jaar graafschap Loon.

Dr. Jan Vaes

Welkom in een vergeten land. Het land van Loon. Een land van zwaanridders en gifmengers, dichters, helden en heiligen. Een land van noeste werkers, van goede steden en torenburchten, van trotse prelaten en levende doden.

De eerste vermelding van iemand uit het Loonse gravengeslacht is het grafschrift van prins-bisschop Balderik II van Luik. Die bezette de Luikse cathedra van 1008 tot 1018. Duizend jaar geleden dus. De Luikse Omwenteling in het zog van de Franse Revolutie (1789) bracht de Franse bezetting van Loon en Luik met zich mee. In 1795 werden graafschap en prinsbisdom opgeheven. Een nieuw tijdperk brak aan. Geen duizendjarig bestaan, wel duizend jaar geleden.

Het territorium van het graafschap kwam grotendeels overeen met dat van het huidige Belgisch Limburg. Pas in 1815 haalde koning Willem I van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden het volkomen onterecht in zijn hoofd om het voormalige graafschap Loon en het huidige Nederlands Limburg ‘Limburg’ te noemen, naar het sinds 1288 Brabantse hertogdom Limbourg aan de Vesder. Vóór die tijd noemde zich niemand in Loon ‘Limburger’. Het Limburggevoel is misschien sterk maar in elk geval recent. Het gaat immers om een vergeten stuk Belgische geschiedenis. Het graafschap Loon en het prinsbisdom Luik behoorden nooit tot de Nederlanden, noch de Bourgondische, noch de Spaanse, noch de Oostenrijkse. Van bij hun ontstaan lagen ze in het Heilig Roomse Rijk der Duitse Natie, vanaf ca. 1500 meer bepaald in de Niederrheinisch-Westfälische Kreits. Tot 1795. In het onderwijs blijkt deze geschiedenis tot vandaag hoogstens een voetnoot waard. Terwijl ze juist boeiend, anders en zelfs een beetje exotisch is. Wellicht omdat het nieuwe België in 1830 niet graag herinnerd werd aan een Duits verleden, nog minder na 1918 en na 1945. Ook Duitse historici hebben de regio losgelaten: Loon en Luik behoren immers niet meer tot Duitsland.

De graven van Loon leefden en bestuurden letterlijk tussen staf en troon. Van het Luikse kathedraalkapittel en zijn vertegenwoordiger, de prins-bisschop - de staf - hadden zij hun territorium in leen. Van de Duitse keizer - de troon - de grafelijke rechten. Balanceren tussen staf en troon bleek dus maar al te vaak een noodzaak. Zelf troonden de graven van Loon in hun stamburcht te Borgloon, later in Kuringen. Zij stichtten abdijen, zoals Herkenrode en Averbode, of oefenden er de voogdij over uit.

Gekneld tussen machtige buren zoals de hertogen van Brabant en Gulik, hebben de graven van Loon zich gemanifesteerd door een groot aantal leenmannen in dienst te nemen, door het stichten van steden en door een uitgekiende huwelijkspolitiek.

De Loonse steden waren te talrijk om tot grote agglomeraties uit te groeien. Bovendien lagen zij nauwelijks aan bevaarbare rivieren. Het graafschap Loon raakte maar op twee plaatsen aan de Maas.

Door een aantal gedurfde huwelijken wisten de graven van Loon aanzienlijke buitenlandse territoria te verwerven: de graafschappen Chiny (regio Virton-Neufchateau-Montmédy-Avioth), Rieneck in Beieren en zelfs kortstondig Holland.

Omstreeks 1100 huwde Arnold van Loon de erfgename van de burggraaf van Mainz. Kort daarop noemen ze er zich graaf van Rieneck. Meteen belandden ze in het hart van het Duitse Rijk, in de schaduw van de keizer. Spraakmakende dichters werden ingezet om er zich te legitimeren. Vijf generaties lang werden beide graafschappen samen bestuurd. Daarna ging Rieneck naar een zijtak, tot die in 1559 geen rechtmatige erfgenaam meer naar voren kon schuiven. In het Beierse Rieneck lieten de graven van Loon een indrukwekkend patrimonium na: burchten, stedenschoon en abdijen.

Het huwelijk in 1203 van Lodewijk II van Loon met Ada, de enige erfgename van het graafschap Holland, draaide uit op een krachtmeting met Ada’s oom die node het graafschap aan de Loonse kroon zag toegevoegd worden. De Loonse Oorlog maakte een einde aan de ambities van graaf Lodewijk.

Een derde huwelijk op hoog niveau bracht het graafschap Chiny met Agimont in Loonse handen. De graaf van Loon kreeg er op die manier op de koop toe een Franse leenheer bij. Bijna anderhalve eeuw bleef Chiny Loons.

Eeuwenlang leefde de Loonse bevolking in de schaduw van staf en troon. Diepgelovig bleef ze trouw aan de kerk. Vele lieden woonden en werkten op kloosterdomeinen. Andere in feodale of allodiale heerlijkheden waarvan de heer troonde in een burcht. Stedelingen genoten van een zekere vrijheid.

De graven van Loon bestuurden het graafschap van minstens 1018 tot 1336. Toen veroorzaakte een eerste onwettige successie ernstige problemen. De Luikse kerk eiste het graafschap op. Terecht, want een leen gehouden van de kerk keerde er naar terug bij ontstentenis van kinderen. Zo was in het Duitse Rijk beslist. Het graafschap Loon was immers een manleen waar uitsluitend zonen hun vader konden opvolgen. De doodstrijd duurde evenwel nog tot 1361/66 toen opnieuw een niet geoorloofde opvolging aangedurfd werd. Daaruit besluiten dat het verhaal ophoudt in 1361/1366 is niet correct. De prins-bisschoppen van Luik namen immers titel en functies van de graven van Loon onverkort over. Het graafschap Loon bleef op deze wijze ongewijzigd bestaan. Tot 1795.

In de 15de eeuw kwam Luik - en dus Loon - nog in aanvaring met de Bourgondische hertogen. Die trachtten immers hun invloed ook in Luik te doen gelden. Dat leidde tot opstanden die telkens bloedig onderdrukt werden. Maximiliaan van Oostenrijk haalde Loon en Luik omstreeks 1500 echter uit de Bourgondische Kreits en bracht ze onder in de Niederrheinisch-Westfälische Kreits. De prinsbisschoppen haastten zich om Loon en Luik neutraal te verklaren. Heel wat conflicten bleven Loon zo bespaard. Anderzijds kon de bevolking zich amper weren tegen doortrekkende troepen in de oorlogen van de Europese mogendheden. Self-defence was het enige afdoende antwoord. De Luikse troon werd een gegeerd postje voor telgen uit belangrijke Duitse families. Zo leverde het huis Beieren een vijftal bisschoppen in Luik. Een slimme zet van het katholieke kamp.

In het graafschap Loon stond de wieg van menig groot kunstenaar: Van Eyck en Hendrik van Veldeke waren toonaangevend en baanbrekend in hun vakgebied.



Tentoonstelling Limburg tussen staf en troon. Duizend jaar graafschap Loon. Landcommanderij van Alden Biesen, 26 oktober 2018 - 10 maart 2019.

  • Tentoonstelling Limburg tussen staf en troon. Duizend jaar graafschap Loon . Landcommanderij van Alden Biesen, 26 oktober 2018 - 10 maart 2019.

  • Dovnload 11.81 Kb.