Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Maart 2016 Centrum voor Geopolitiek

Dovnload 0.96 Mb.

Maart 2016 Centrum voor Geopolitiek



Pagina2/2
Datum05.12.2018
Grootte0.96 Mb.

Dovnload 0.96 Mb.
1   2

Tsjechoslowakije voor de keuze—start van de Koude Oorlog

Het is niet de eerste keer dat dit probleem in Europa speelt. In 1947 werd het Marshallplan gelanceerd, een Amerikaans hulpplan dat voedselhulp en investeringen naar Europa zou brengen. Daarmee moest voorkomen worden dat door breed samengestelde regeringen oplossingen voor de wederopbouw zouden worden gezocht waardoor de Europese economie zich weer op de vooroorlogse samenwerking met Oost-Europa zou richten en de toegang van Amerikaans kapitaal zou worden beperkt.


Dit kwam terug in de voorwaarden bij het plan. Allemaal hielden ze inperking van de soevereiniteit van de ontvangende landen in maar één was er voor Tsjechoslowakije onuitvoerbaar—wie Marshallhulp accepteerde, mocht niet langer handelen met landen die geen deelnemers aan het programma waren.
Tsjechoslowakije handelde echter bijna evenveel met het Westen dus de landen die Marshall-hulp kregen (West-Duitsland, Frankrijk, enz.) als met het Oostblok, de landen die na de Duitse nederlaag in de Sovjet-invloedssfeer terecht kwamen.
Een zware crisis in Praag was het gevolg en de machtsgreep van de communisten in 1948 werd aanleiding voor de Koude Oorlog en de oprichting van de NAVO een jaar later. Misschien was het achteraf beter geweest een land als Tsjechoslowakije niet te dwingen om te kiezen tussen Oost en West!
Mogelijk had de voormalige Tsjechische president Václav Klaus dat ook in gedachten toen hij in 2014 tegenover een Britse parlementaire commissie verklaarde dat ‘Oekraïne een heterogeen, verdeeld land is en dat een poging om zijn geopolitieke oriëntatie geforceerd en kunstmatig te veranderen onvermijdelijk zou resulteren in uiteenvallen van het land of zelfs de vernietiging ervan.’
Dat is precies wat door het EU Associatieverdrag, waar Janoekowitsj op het laatst zijn handtekening niet onder wilde zetten, is teweeg gebracht.


  • Joegoslavië gedwongen te kiezen tussen Oost en West—een burgeroorlog met 200,000 doden

In 1991 werd eenzelfde politiek gevoerd door Duitsland, dat onmiddellijk na de eigen hereniging, het in crisis verkerende Joegoslavië uiteen deed vallen door de afscheiding te steunen, zonder voorafgaande verzekeringen over die in Kroatië woonachtige Serviërs, van de op Duitsland en Oostenrijk georiënteerde westelijke republieken Slovenië en Kroatië van de federatie. De Amerikanen wilden niet dat Duitsland Oost-Europa zou gaan reorganiseren en erkende prompt een onafhankelijk Bosnië, hoewel die republiek bewoond werd door moslims, Kroaten èn Serviërs. Dat was het sein voor een burgeroorlog die honderdduizenden doden, miljoenen vluchtelingen en een uiteengevallen land heeft opgeleverd.




  • En nu Oekraine?

Nu is dan Oekraïne aan de beurt. Opnieuw wordt een economie en een cultuur die in alle opzichten een brugfunctie tussen West-Europa en Rusland vervullen, gedwongen te kiezen tussen Oost en West. Ook daar is inmiddels, na de staatsgreep van februari 2014, een burgeroorlog uitgebroken in het oosten en één voorkomen op de Krim, die hoofdzakelijk door Russen wordt bewoond en na een referendum over aansluiting bij Rusland, in de moederschoot is teruggekeerd.


In alle drie gevallen (het Marshallplan, Joegoslavië en Oekraïne), speelde niet alleen de keuze tussen Oost en West, maar ook rivaliteit tussen de Verenigde Staten en Engeland enerzijds en de grote continentale Europese landen—(West-) Duitsland, Frankrijk en Italië.


  • Gedurende de Marshallplan-periode klaagden de Amerikanen bv. over de niet uit te roeien sluikhandel tussen Westduitse bedrijven en het ‘Oosten’, m.n. de Sovjet-Unie. De Gaulle begon na zijn machts-overname in Frankrijk in 1958 zelfs met een actieve politiek in oostelijke richting, die weer model zou staan voor de Ostpolitik van Willly Brandt in de Bondsrepubliek.




  • In Joegoslavië volgde de Amerikaanse erkenning van Bosnië zoals gezegd op de Duitse van Slovenië en Kroatië.




  • In Oekraïne sloten drie EU-ministers een accoord met Janoekowitsj op 20 februari 2014, zonder de Amerikanen erbij; terwijl in de (nota bene) Duitse ambassade in Kiev de Amerikaanse en andere NAVO-ambassadeurs vergaderden met fascistenleider Andrej Parubiy over de gewelddadige afzetting van Janoekowitsj !

Steeds speelt hier doorheen dat de EU primair op economische gewin uit is; de VS (en Engeland) handelen uit primair strategische overwegingen, maar de scheidslijn is steeds moeilijker te trekken omdat de EU zich in haar opstelling nauwelijks meer van de NAVO onderscheidt.




  • Hoe om te gaan met multi-nationaliteit?

Er zijn vele tientallen staten in de wereld die uit verschillende nationaliteiten bestaan. De meest levensvatbare oplossing voor deze potentiële verdeeldheid is federatie. Het Westen heeft ervoor gekozen dit voor Oekraïne als niet van toepassing te verklaren.




Federalisme is het verdelen van overheidstaken tussen het centrale gezag en deelstaten of provincies. Dat heeft niet alleen etnopolitieke gronden—in de Verenigde Staten kwam de federatie voort uit een statenbond waarvan de leden niet teveel bevoegdheden wilden afstaan; Duitsland is een federatie omdat men in de westelijke bezettingszones na de oorlog dat als beste beveiliging tegen een herlevend Duits nationalisme zag.


In Afrika, bijv. Nigeria (rond de 450 etnische groepen) of in de vroegere Sovjet-Unie (zo’n 194) ging het om meerdere nationaliteiten binnen één staatsverband. Vergeet niet dat mono-nationale staten zoals Noorwegen of Nederland in de jaren 50 uitzonderingen waren.


  • In de Soviet-Unie werd het federale model ingevoerd op basis van de socialistische nationaliteitentheorie dat ieder volk autonoom is binnen het grotere staatsverband.




  • Oekraïne heeft dit systeem in 1991 geërfd. In eerste instantie werkte de onafhankelijkheid het Oekraïense nationalisme van het westelijke deel in de hand. De onafhankelijkheid was (net als die van Kroatië en Slovenië, of Schotland of Catalonië nu) gepopulariseerd door de leuze ‘waarom het geld dat nu naar het centrum gaat, niet hier houden, waar het verdiend wordt?’ Vandaar dat vanaf 1991 de Oekraïense nationalisten de wind in de zeilen hadden. Ook vreesden velen, inclusief Russisch georiënteerde Oekraïeners, dat het land anders uit elkaar zou vallen. Alleen de Krim kreeg direct autonome rechten omdat het schiereiland anders de incorporatie in Oekraïne niet zou hebben geaccepteerd.




  • Oekraïens zuiden en oosten wil federatie

In de loop van de jaren 90 herstelde de Russisch-sprekende, c.q. op Rusland georiënteerde bevolking in het zuiden en oosten van Oekraïne zich van de eerste schok. In 1997 werd het Interregionaal Hervormingsblok omgedoopt tot de Partij van de Regio’s.


Deze partij werd de vertegenwoordiger van de krachten in het zuiden en oosten die federale oplossingen voorstonden dus meer autonomie naar de regio’s. De Partij van de Regio’s werd aangevoerd door Janoekowitsj, de in de staatsgreep van 2014 afgezette president. Zoals alle politieke leiders van Oekraïne een grijpgrage oligarch, zeker. Vooral zijn zoon dwong ondernemers hun bedrijven onder te brengen in combinaties die hij controleerde en zoon Alexander Janoekowitsj drong tijdens het presidentschap van zijn vader door tot de groep van 100 rijkste Oekraïeners.
Maar daarom was de Partij van de Regio’s (inmiddels opgeheven onder bedreiging van de nationalisten en fascisten die een ‘zuiver’ Oekraïne willen) nog geen slecht idee, integendeel. Een federatie is juist een manier om het gevaar van uiteenvallen tegen te gaan.
In het parlement werd na de staatsgreep van februari 2014, terwijl gewapende fascisten door de wandelgangen patrouilleerden, een wet aangenomen die het Oekraïens tot uitsluitende voertaal verhief. De waarnemend president Toertsjinov deed er een week over alvorens bekend te maken dat hij deze wet niet zou tekenen. Want daarmee zou immers de taal van wetenschap en cultuur en de spreektaal van miljoenen Oekraïeners buiten de wet worden geplaatst. Die week was genoeg om de basis te leggen voor een golf van verzet tegen de nieuwe machthebbers in Kiev.

2

De oligarchen aan de macht




  • Bij het uiteenvallen van de USSR werkten in Oekraïne nieuwe ‘ondernemers’ samen met de Sovjet-‘nomenklatoera’ om de rijkdommen van het land te privatiseren. Daarbij speelde geweld en criminaliteit een nog grotere rol dan in Rusland.




  • Alle oligarchen willen met het Westen samenwerken om als respectabele zakenlieden te worden erkend en hun eigendom te legitimeren. Hun relaties met de EU en met Rusland zijn verschillend.

Het Sovjet-systeem was in zekere zin de meest consequent ontwikkelde vorm van een sterke staat die de eigen maatschappij van bovenaf mobiliseert om niet door het Westerse liberalisme economisch te worden onderworpen. Het Frankrijk van Napoleon, en Duitsland en Japan in de eerste helft van de 20ste eeuw waren ook zulke staten, maar niet zo consequent doorgevoerd.


De machthebbers in zo’n staat hebben zowel de politieke als de economische macht. Er is niet zoals bij ons, een scheiding tussen een grotendeels onzichtbare heersende klasse en beroepspolitici die om beurten via verkiezingen het bestuur uitoefenen. De instorting van de Sovjet-Unie ging gepaard met de toeëigening van de publieke rijkdom door ‘ondernemers’ die ook politici waren dan wel nauw met hen waren verbonden. De Sovjet-nomenklatoera (benaming van de politiek-economische klasse) bleef op die manier bestaan in een kapitalistische vorm. In de privatisering van de economie, die gepaard ging met ongekend geweld, vormden zich verschillende, elkaar bestrijdende groepen. Inzet was de doorvoer en distributie van Russisch gas enerzijds naar de EU, anderzijds voor eigen gebruik zoals in de industrie in het oosten, de Donbas.


  • Strijd om het gas

De eerste groep oligarchen had zijn basis in Dnepropetrovsk. Hoofdfiguren waren de hoge Sovjetfunctionaris Leonid Koetsjma, die in 1994 de tweede president van Oekraïne werd en zijn schoonzoon Viktor Pintsjoek, die met zijn bedrijf Interpipe de produktie van gaspijpen domineerde. Pintsjoek is nog steeds de op één na rijkste man van het land Hij is de grootste buitenlandse donor van het Clinton Global Initiative, de familiestichting van Bill en Hillary en organiseert conferenties waar de Oekraïense oligarchen met hun Westerse collega’s de grote wereldvraagstukken bespreken. In de Franse documentaire van Paul Moreira, Oekraïne, de maskers van de revolutie, zijn beelden van zo’n conferentie opgenomen. We horen de Amerikaanse generaal en voormalig CIA-chef David Petraeus adviezen geven over de strijd tegen de rebellen in de Donbas, we zien de onverwoestbare Tony Blair en vele anderen. Op de voorste rij zit Koetsjma.




    • Er is een belangrijk verschil. Pintsjoek en Koetsjma combineren de macht van het bezit met politieke macht. Blair mag als premier oorlogen beginnen, maar zijn financiële carrière begon pas daarna. Bij de machthebbers in Oekraïne lopen de zaken gewoon door. Koetsjma, die president was van 1994 tot 2004, kwam in 2000 in opspraak toen het gemartelde lichaam van een journalist werd gevonden die over zijn zakenpraktijken geschreven had.

Dit droeg bij aan de uitbarsting van volkswoede in 2004, de ‘Oranje Revolutie’. Daarin werd de stemfraude van Janoekowitsj in de presidentsverkiezingen van dat jaar aangegrepen om een tweede ploeg uit Dnepropetrovsk aan de macht te brengen: de president van de Centrale Bank en uitvoerder van de neoliberale aanbevelingen van het IMF, Viktor Joesjtsjenko, die president werd, en Julia Tymosjenko. Zij verenigde in één persoon politiek en oligarchie door de controle over de gasdoorvoer te verwerven (en de bijnaam ‘de gasvorstin’). Nog vandaag de dag is het distributiemonopolie Naftogas Ukrainy de hoofdprijs in de strijd om de macht in Oekraïne.


Het privégasdistributiebedrijf van Tymosjenko (haar zakenpartner, de politicus Pavlo Lazarenko, moest eind jaren 90 uitwijken en werd in de VS wegens corruptie veroordeeld) werd door schandalen geplaagd. Na het aantreden van Poetin in Rusland werd Tymosjenko’s bedrijf vervangen door een nieuwe tussenhandelaar. Daarbij werd een aanvankelijke zakenpartner van Tymosjenko, Dmytro Firtasj, ingeschakeld om via een in Oostenrijk gevestigde maatschappij de leveranties tussen Gazprom en Naftogas te verhandelen.



  • De Donetsk-clan

Vóór het instorten van de USSR in 1991 was de Donbas het Ruhrgebied van de Sovjet-economie en vele partijbestuurders kwamen hier vandaan. Na de instorting wist de Tataarse mafia zich meester te maken van grote delen van de Donbas-industrie en –mijnen; de rijkste man van Oekraïne. multi-miljardair Rinat Akhmetov, woonachtig in Londen, heeft door een lange reeks moorden zijn rijkdom vergaard maar hij en zijn Tataarse vrienden konden er niet op rekenen het zelf in de politiek ver te schoppen, daarom zochten ze een politieke zetbaas en dat werd Viktor Janoekowitsj.


Janoekowitsj was al in de Sovjet-tijd meerdere malen wegens geweldsmisdrijven veroordeeld maar ontpopte zich na 1991 als een getalenteerde bestuurder, het eerst in de kolensector. Uiteindelijk werd hij gouverneur van de provincie (oblast) Donetsk. Hij had het vertrouwen van Akhmetov en zijn vrienden terwijl zijn Partij van de Regio’s, dus de federalisten, ook werd gesteund door Firtasj.


  • Vervlechting van politiek en economie

Nog steeds zijn oligarchen niet alleen miljardairs maar ook politici. Koetsjma was premier en tien jaar president, Tymosjenko meerdere malen premier en minister (liefst met portefeuilles met ‘veel gas’ erin). Als er nieuwkomers bijkwamen zoals Viktor Joesjtsjenko, de president van de centrale bank, probeerden deze meestal hun ambt vooral te gebruiken om ook snel rijk te worden. Joesjtsjenko werd president van Oekraïne na de ‘Oranje revolutie’ van 2004—waarbij misdadigers, waarschijnlijk afkomstig uit de Donbas, hem vergiftigden zodat de huid van zijn gezicht werd aangetast en hij in het buitenland moest worden behandeld. Uiteindelijk ging ook deze opstand tegen de oligarchie ten onder aan corruptie en Joesjtsjenko verdween weer van het toneel.




In 2008-09 kwam deze strijd tot een voorlopig hoogtepunt, hetgeen leidde tot stopzetting van de gasaanvoer door het Russische Gazprom. In het Westen werd dit aangegrepen om de mythe in omloop te brengen dat Poetin Europa met het dichtdraaien van de gaskraan onder druk wilde zetten. Dat is moeilijk vol te houden want Rusland moet dat gas aan iemand kwijt. De strijd tussen de oligarchen in Oekraïne maakte de doorvoer onberekenbaar, vandaar dat door de Oostzee een pijplijn werd gelegd (Nordstream) om direct aan Duitsland te kunnen leveren met oud-Bondskanselier Gerhard Schröder als een van de directeuren. Een tweede omtrekkende beweging zou South Sstream moeten worden, door de Zwarte Zee. Onder druk van het Westen wilde Bulgarije niet meer meewerken aan die pijplijn, en een alternatief via Turkije raakte eveneens in het ongerede en was definitief van de baan toen een Russische straaljager boven Syrië werd neergeschoten.




  • Hoe belangrijk Firtasj was blijkt wel uit het feit dat de Amerikanen, om Janoekowitsj te dwingen het EU-Associatieverdrag te tekenen, een arrestatiebevel tegen Firtasj uitvaardigden die op dat moment in Wenen verbleef. Victoria Nuland, de onderminister van buitenlandse zaken (bekend van haar afgeluisterde ‘Fuck the EU’-telefoongesprek met VS-ambassadeur Pyatt met wie ze besprak wie er na de coup in de regering in Kiev moesten) wist Janoekowitsj te overtuigen toch te tekenen; prompt werd het uitleverings-verzoek ingetrokken. Toen de Oekraïense president, nadat hem duidelijk was gemaakt dat dit het einde van de Donetsk-industrie zou betekenen, zijn handtekening weer terugtrok, werd opnieuw om uitlevering van Firtasj gevraagd. Hij mocht in Wenen blijven op een borg van $125 miljoen; uiteindelijk weigerde een Oostenrijkse rechter de uitlevering.




  • Een maand na de staatsgreep, in maart 2014, meldden Porosjenko en de bokser en politicus Klitsjko zich bij Firtasj in Wenen, om de taken te verdelen na de verkiezingen van mei van dat jaar. Afgesproken werd dat Porosjenko president zou worden en Klitsjko burgemeester van Kiev, zodat hij geen kandidaat tegen Porosjenko zou zijn. Omdat inmiddels de burgeroorlog was uitgebroken kon Porosjenko zich als gematigde kandidaat te presenteren tegen de oorlogszuchtige Julia Tymosjenko. Firtasj was vervolgens nauw betrokken bij de onderhandelingen tussen Poetin, Porosjenko en Merkel die afgebroken werden na de ramp met vlucht MH17 in juli 2014.

De strijd om het gas (staatsbedrijf Naftogas Ukrainy) is nog steeds niet gestreden. De (Litouwse) minister van economische ontwikkeling van Oekraïne Avramovicius trad in februari van dit jaar af uit protest tegen de voortgaande manipulaties met Naftogas door vrienden van president Porosjenko (die zelf de chocolade- en andere snoep- en voedingsmiddelensectoren beheerst).




  • Allemaal pro-Europa

Eén reden waarom alle oligarchen voor ‘Europa’ zijn is omdat de belangrijkste onder hen (Akhmetov, Firtasj, Pintsjoek, Kolomoiskiy...) hun bedrijven hebben ondergebracht in concerns die m.n. op Cyprus zijn geregisteerd. Vandaar ‘investeren’ ze in Oekraïne, het liefst in speciale, ‘vrije’ economische zones die door hun vrienden zijn opgezet om ... buitenlandse investeringen aan te trekken, nl. die van de oligarchen op Cyprus want verder wordt er maar mondjesmaat geïnvesteerd. Dat komt dus neer op belastingvrijstelling voor de oligarchen want om investeringen aan te trekken worden daar allerlei belastingvoordelen gecreëerd.


Ook Nederland is daarbij een belangrijke draaischijf. Ja, de regering geeft zelfs hoog op van de ‘Nederlandse’ investeringen in Oekraïne om het Associatieverdrag te rechtvaardigen.


  • Akhmetov verplaatste een deel van zijn vermogen naar Nederland waar zijn bedrijf MetInvest een trustkantoor heeft (in Den Haag). Bij het Ministerie van Financiën is een A4’tje voldoende om miljarden door het Nederlandse belastingparadijs te sluizen. ‘Meer handel en investeringen leveren ons land groei en banen op’, juicht de regering. Akhmetov’s € 2,18 miljard die bij het Haagse trustkantoor zijjn gestald tellen mee voor 44 procent van de investeringen in Oekraïne, bijna de helft—aldus de website 925.nl. Op vragen van de SP-kamerleden Van Bommel en Merkies over deze zaak antwoordde Lilianne Ploumen, Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelings-samenwerking, met de vertrouwde zouteloze koek—‘In principe staat het voor iedere inwoner van Oekraïne of andere landen vrij om in Nederland een vennootschap op te richten. Wanneer daar echter misbruik van wordt gemaakt moet dit voorkomen worden...’ Tja.




  • Op de vraag over de ‘groei en banen’ die dit opgeleverd zou hebben antwoordt ze dat het ‘op basis van de voorhanden zijnde gegevens ... niet precies te zeggen [is] hoeveel banen handel met Oekraïne heeft opgeleverd’. Enz. enz. Op dit niveau ‘leidt’ de PvdA samen met D66 en in de bijwagen Groen Links, ‘de campagne’ voor JA in het referendum.




  • Nog steeds de oligarchen aan de macht

Een van de argumenten om de banden tussen ‘ons’ en Oekraïne aan te halen zal altijd zijn dat EU-associatie zal helpen de corruptie uit te bannen en degenen te versterken die dat ook willen. En inderdaad, in Bulgarije bijvoorbeeld heeft lidmaatschap, behalve een stroom goedkope arbeid naar Duitsland, er ook voor gezorgd dat wie zijn rijbewijs aan een agent moet laten zien er geen briefje van vijf meer in hoeft te stoppen. Dat zou met hulp van de EU in Oekraïne ook wel kunnen worden geregeld.


Dat is iets anders dan de structurele corruptie die er is vanwege het opdelen van de rijkdommen van het land onder zo’n honderd oligarchen die ook politiek aan de touwtjes trekken.
De staatsgreep bvan 2014 verzwakte de oligarchen van het oosten, maar Prosjenko en zijn vrienden kwamen er sterker uit te voorschijn. Porosjenko heeft het aan de stok met zijn regering, die van premier Jatsenjoek, die weer wordt gesteund door àndere oligarchen, m.n. de Oekraïens-Cypriotisch-Israëlische Ihor Kolomoiskiy (op de vraag hoe hij meerdere paspoorten kan hebben ondanks het grondwettelijk verbod op dubbele nationaliteit, is zijn laconieke antwoord, ‘drie is niet verboden’). Kolomoiskiy, eigenaar van de grootste bank van Oekraïne, Privatbank, verduisterde in zijn eentje $1,8 miljard van het IMF die bedoeld waren om de kwetsbare Oekraïense banken voor failliet te behoeden, door het geld via frauduleuze contracten naar offshore-rekeningen te sluizen.
Jatsenjoek is inmiddels voor de tweede keer premier. Zijn regering bestaat uit bankiers zoals de Amerikaanse, in Chicago geboren Natalie Jaresko (ze werkte eerst op de economische afdeling van de VS-ambassade in Kiev, en wordt wel genoemd als Jatsenjoeks opvolgster nu diens regering aan de grond zit). Jaresko is tot Oekraïense genaturaliseerd, net als de al genoemde Avramovicius en een Georgische minister van gezondheid. Een andere Georgiër in Oekraïense staatsdienst is Mikheil Sakaasjvili, de president die in 2008 de oorlog tegen Zuid-Ossetië begon, gezocht wordt wegens fraude, en die nu gouverneur is van... Odessa. De stad waar in mei 2014 zeventig of meer anti-Kiev demonstranten levend verbrandden toen fascistische milities het vakbondsgebouw waarin ze voor het geweld waren gevlucht, in brand staken.
De stroming van Jatsenjoek wil een neoliberale politiek zoals het IMF en de EU die ook voorschrijven dus radicale bezuinigingen en scheiding van economie en politiek.
Hij is ook de meest felle anti-Russische politicus in een sleutelpositie. Er wordt wel gezegd dat Oekraïense fascisten het bij de verkiezingen niet goed hebben gedaan en dat het hele idee van een ‘fascistische coup’ in februari 2014 Russische propaganda is.
Inderdaad bakten Svoboda en Rechtse Sektor er weinig van bij de laatste verkiezingen. Maar Jatsenjoek liet zich in zijn verkiezingstoernee vergezellen door de commandant van het Azov-bataljon, een van de vijf of zes door Kolomoiskiy gefinancierde milities die huishouden in het oosten. Azov is openlijk fascistisch en voert de nazistische Wolfsklauw als symbool. Daarnaast hebben de ultra-nationalisten van Lyasjko ook nog eens zo’n 8 procent van de stemmen gehaald.
Jatsenjoek wil een muur tussen Oost-Oekraïne en Rusland en vecht een gestage strijd uit met Porosjenko. Beiden zijn voorstander van het EU Associatieverdrag maar Porosjenko, wiens belangrijkste fabrieken in Rusland staan, wil natuurlijk niet meegaan in de anti-Russische politiek, dat zou onteigening kunnen betekenen. Het conflict kwam in februari tot een uitbarsting toen Porosjenko de regering-Jatsenjoek naar huis wilde sturen, maar het parlement verhinderde dit. Eerder al had Porosjenko de grote oligarch achter de anti-Russische politiek, Kolomoiskiy, als gouverneur van Dnepropetrovsk ontslagen, maar de macht van het anti-Russische blok, dat ook steunt op de gevaarlijke extremistische, deels fascistische milities die Kolomoiskiy financiert en die Jatsenjoek steunen is ongebroken.

3

Wie bedreigt nu wie? Opmars van de NAVO richting Rusland




  • Vanaf 1991 is het Westen, zowel de NAVO als de EU, gestaag opgerukt tot aan de Russische grenzen. In 2008 leidde dit tot een oorlog tussen Georgië en Rusland, in 2014 tot de burgeroorlog in Oekraïne.




  • Het Associatieverdrag schrijft voor dat Oekraïne haar defensie omschakelt op Westerse leest.

De toezeggingen die in 1990 door de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken James Baker en diverse andere Westerse politici waren gedaan aan Gorbatsjov en zijn minister van buitenlandse zaken Sjevardnadze, dat de NAVO na de Duitse eenwording niet verder zou uitbreiden, zijn door het Westen niet gestand gedaan. Vanaf 1994 maakten de Amerikanen bekend dat de NAVO zou gaan uitbreiden met staten uit het voormalige Warschaupact, het eerst met Polen, Tsjechië, en Hongarije. In datzelfde jaar voerde de NAVO een korte luchtoorlog tegen de Bosnische Serviërs. Daarmee gaf het bondgenootschap vooral aan dat voortaan ook buiten het oorspronkelijke verdragsgebied militair zou worden ingegrepen.


Voor Moskou was dit uiteraard allemaal slecht nieuws, maar er zou nog veel meer volgen.


  • Oekraïne als vooruitgeschoven post van de NAVO—nog vóór ‘Poetin’

In 1997 werd om Moskou gerust te stellen het NAVO-Rusland Grondslag-verdrag gesloten. Daarin werd bepaald dat in de nieuwe NAVO-lidstaten geen kernwapens en geen buitenlandse militairen zouden worden gestationeerd.




Niettemin werd Oekraïne een jaar later (met Georgië, Azerbeidzjan en Moldova) lid van GUAM, een veilig-heidsorganisatie onder auspiciën van de VS, Engeland en Turkije. In 1999 trokken Georgië en Azerbeidzjan zich daarom terug uit de militaire alliantie van het uit de USSR overgebleven Gemenebest van Onafhankelijke Staten. Tijdens de NAVO luchtoorlog tegen romp-Joegoslavië (Servië en Montenegro) over Kosovo in datzelfde jaar sloot Oekraïne zijn luchtruim voor Russische vliegtuigen die het detachement dat de luchthaven van Pristina had bezet, wilden bevoorraden. Nu was wel duidelijk dat de NAVO niet van plan was om bij de uitbreiding van de Baltische staten te stoppen, maar ook andere voormalige Sovjet-republieken in de strakker wordende ring om Rusland wilden opnemen.


Bron: Der Spiegel


Dit heeft ongetwijfeld bijgedragen tot de keuze voor Vladimir Poetin als vertegenwoordiger van de Russische nationale-veiligheidssector. Niettemin bood de nieuwe president na ‘9/11’ de Amerikanen aan om bij hun inval in Afghanistan gebruik te maken van Russische bases. Dit waren de jaren waarin de nieuwe president Poetin grote bereidheid toonde met het Westen te willen samenwerken mits ook Russische belangen gerespecteerd zouden worden. De Brits-Amerikaanse inval in Irak in 2003 leidde echter tot een verslechtering van de verhoudingen, zeker toen laat in dat jaar in Georgië de pro-Amerikaanse Mikheil Sakaasjvili door de ‘Rose Revolutie’, een popconcert-annex-staatsgreep aan de macht kwam. In 2004 volgde de ‘Oranje Revolutie’, weer volgens het in de VS door Gene Sharp ontwikkelde recept van protestkamp, popconcert, ‘exit polls’ die een verkiezingsuitslag aanvechten (al of niet terecht), en dan machtsovername.


  • De ‘kleurenrevoluties’ als opmaat voor NAVO-lidmaatschap

I


In 2004, net als tien jaar later, kwamen de mensen naar het Maidanplein in Kiev om te protesteren tegen het leegroven van het land door de oligarchen. Maar de VS drong vooral aan op een anti-Russische politiek
n 2004, net als tien jaar later, kwamen de mensen naar het Maidanplein in Kiev om te protesteren tegen het leegroven van het land door de oligarchen. In 2004 was de aanleiding de verkiezingsfraude die Janoekowitsj president had moeten maken, en dat werd nu verhinderd. Een Amerikaanse onderminister van buitenlands zaken reisde onmiddellijk naar Kiev om de nieuwe president Joesjtsjenko aan te sporen om net als Polen een anti-Russische politiek te voeren. De Oranje revolutionairen hadden andere prioriteiten, nl. de strijd om het gas, vooral nadat Julia Tymosjenko tot premier was benoemd in 2005 en opnieuw van 2007 to ’10. ‘Hoogtepunt’ van haar premierschap was de genoemde afsluiting door Gazprom van de gasaanvoer in januari 2009, als gevolg van de strijd binnen Oekraïne over de controle op het gas.
Vanaf 2003-’04 begonnen Poetins adviseurs zich uit te spreken voor een krachtiger opstelling tegenover de NAVO. Van de geplande diversificatie van de economie, dus niet alleen maar steunen op de export van gas en olie, was weinig terecht gekomen. De hoge energieprijzen en de duidelijke opmars van het Westen, dat ondanks protest van Moskou een plan aannam om een raketschild aan de Russische grenzen op te stellen (in Polen, Tsjechië, en Roemenië—zogenaamd ‘tegen Iran’), maakten dat Rusland zich meer op defensie ging richten.
De toezegging van George Bush op de NAVO-top in Boekarest in 2008 dat Oekraïne en Georgië lid van de verdragsorganisatie mochten worden, een toezegging die alleen dankzij Duitse en Franse druk werd integrokken, deed alle alarmbellen in Moskou afgaan. Maar toen Sakaasjvili zich later in het jaar door dit soort uitspraken en militaire steun gesterkt voelde om te proberen met geweld de opstandige provincie Zuid-Ossetië te heroveren, stond aan de andere kant van de tunnel onder Kaukasus het 58ste Russische leger klaar. De tijd van de uitgestoken hand van Moskou was voorbij. Poetin had al een jaar eerder op de veiligheidsconferentie van München gewaarschuwd dat Rusland niet langer door het Westen geïnstigeerde militaire avonturen aan zijn grenzen zou tolereren.


  • Amerikaanse plannen om Oekraïne op te delen

In Washington vierde na de inval in Irak het optimisme over ‘regime-wisseling’ hoogtij. Minister van buitenlandse zake Condoleezza Rice haalde nieuwe mensen, o.a. de voormalige Amerikaanse ambassadeur in Oekraïne, Carlos Pascual, naar haar departement om daartoe plannen uit te werken. Dit leidde tot gedetailleerde voorstellen om in landen die door etnische of religieuze scheidslijnen maar moeilijk bij elkaar te houden zijn, regime-wisseling tot stand te brengen door die verdeeldheid actief aan te moedigen.


Voor Oekraïne was dat de scheiding tussen west en oost.
S
Om democratische en op de markt georiënteerde staten te creëren’ moet een van te voren opgesteld contract worden uitgevoerd, wat soms alleen maar mogelijk is na het ‘uit elkaar scheuren van de oude staat’

amuel Huntington had in zijn beroemde artikel over de Botsing der Beschavingen in 1993 de lijn tussen het Westen en de Slavische civilisatie al dwars door Oekraïne getrokken; zijn patroon, de van oorsprong Poolse aristocraat Zbigniew Brzezinski, adviseur van verschillende Democratische presidenten in de VS, berekende in zijn
Het Grote Schaakbord uit 1997 dat Oekraïne tussen 2005 en 2010 klaar moest zijn om zowel met de NAVO als de EU onderhandelingen te beginnen over lidmaatschap. Brzezinski legt hier uit hoe Oekraïne met Polen, Duitsland en Frankrijk een militair-strategisch blok kan vormen met voldoende diepte (om Rusland te verslaan). Voor Rusland had hij een plan in petto om het na de instorting van de USSR nog eens in drie republieken op te delen. In Moskou kent men deze plannen natuurlijk ook, net als de uitspraken van Pascual dat ‘om democratische en op de markt georiënteerde staten te creëren’ een van te voren opgesteld contract moet worden uitgevoerd, wat soms alleen maar mogelijk is na het ‘uit elkaar scheuren van de oude staat’.

Het EU Associatieverdrag is zo’n contract. Enerzijds is het vergelijkbaar met de voorwaarden die het IMF oplegt aan landen waaraan het leningen verstrekt—dus privatisering, liberalising, afbouw van subsidies, flexibilisering van de arbeid (doorhalen wat niet verlangd wordt). Maar daarnaast heeft het Associatieverdrag een ‘veiligheids’-component waarin Oekraïne opnieuw tot een springplank voor de NAVO wordt gemaakt.


  • EU-‘Veiligheids’-politiek in het Associatieverdrag

In 2005 werd het project voor een Europese Grondwet in Frankrijk en Nederland afgestemd (Achteraf een general repetitie voor het referendum van 6 april).


De grondwet werd vervolgens, met weglating van enkele versierselen zoals het volkslied (het volk had tenslotte niet mee willen zingen) in 2007 omgezet in een vorm waarbij men van de democratie minder last heeft—het Verdrag van Lissabon, van kracht sinds 2009. Vanaf dat moment werd iedere pretentie dat de EU iets anders is of wil dan de Verenigde Staten losgelaten.
Net als in de ontwerp-grondwet wordt in het verdrag geëist dat nieuwe lidstaten niet alleen hun economiën onderwerpen aan die van de EU, maar ook hun defensie- en veiligheidspolitiek aanpassen aan de eisen van de NAVO.
Voor associatie hoeft dit niet noodzakelijk het geval te zijn maar ten aanzien van Oekraïne is in het Associatieverdrag deze component weer opgenomen dus opnieuw wordt Oekraïne ingeschaald als springplank voor de NAVO-opmars. In het Associatieaccoord dat met Georgië en Moldova is gesloten, ontbreekt deze voorwaarde maar Oekraïne moet eraan voldoen.




Artikel 4 spreekt van een ‘geleidelijke convergentie op het punt van internationale en veiligheidszaken met als doel de steeds verdergaande invoeging van Oekraïne in de Europese veiligheidszone’ waarmee de intentie om Oekraïne dichter bij het NAVO-verdragsgebied te trekken evident is. En maar klagen over het Russische streven een eigen veiligheidszone te bewaren—dan is het ‘invloedssfeer’.
Artikel 7 roept op tot convergentie van EU en Oekraïne op het gebied van buitenlandse zaken, veiligheid en defensie.
Artikel 10 gaat over ‘Conflictpreventie, crisis-management en militair-techno-logische samenwerking’ en stelt in sectie 3 dat ‘de partijen het potentieel van militaire en technologische samenwerking onderzoeken. Oekraïne en het Europees Defensie-Agentschap zullen nauwe contacten aangaan om de verbetering te bespreken van militair vermogen, inclusief technologische onderwerpen’. Dat betekent standaardisering en wapenorders.
Richard Sakwa schrijft hierover in zijn Frontline Ukraine,


  • “De EU werd het pad opgestuurd van de geopolitieke competitie, iets waarvoor de organisatie noch institutioneel noch intellectueel klaar was. Niet allen was het Associatieverdrag strijdig met de bestaande vrijhandelsovereenkomsten tussen Oekraïne en Rusland, maar bovendien speelde hier de eis van ‘Lissabon’ om de Oekraïense defensie- en veiligheidspolitiek onder één noemer met de EU te brengen. Dit was een buitengewone omkering van zaken: in plaats van het overwinnen van de logica van het conflict werd de EU een instrument om het in nieuwe vormen te reproduceren”.

Dit is de eerste keer, schrijft Sakwa, dat uitbreiding van de EU plaatsvindt tegen de uitdrukkelijke wil van een andere mogendheid, die zich zoals hier-boven is uiteengezet, terecht bedreigd voelt door de bijna naadloze invoeging van de EU in de NAVO.


Daarmee is de EU uitvoerder geworden van de in de VS ontwikkelde plannen om Oekraïne in een Westers blok op te nemen, tègen Rusland—en daarmee ook neemt Europa de taak over om zoals Pascual het formuleert, het land ‘uit elkaar te scheuren’. Alles om een nieuw neoliberaal wingewest te creëren.
4

Staatsgreep in Kiev. Oekraïense nationalisten en fascisten aan de macht met Westerse steun




  • Toen Janoekowitsj in plaats van het EU Associatieverdrag het tegenbod van Rusland accepteerde, kwam het tot een uitbarsting van volkswoede tegen zijn wanbeleid.




  • Terwijl EU-ministers met Janoekowitsj onderhandelden over een accoord, besprak de Amerikaanse ambassadeur met de aanvoerder van de fascistische milities, Paroebiy, het plan om de president met geweld af te zetten.

Wat was de aanleiding voor de staatsgreep? Het EU Associatieverdrag. Het uiteindelijk niet tekenen daarvan door de ditmaal wettig gekozen maar inmid-dels zeer impopulaire president Janoekowitsj werd de aanleiding voor demonstraties, hardhandig politieoptreden, hernieuwde, veel grotere demonstraties en vervolgens de staatsgreep.


Voor het Westen was de Maidan-opstand een moment van ‘Umwertung aller Werte’, nl. wat vroeger fascistische partijen waren die volgens het Europees parlement en het Joods Wereldcongres verboden moesten worden, werden nu ‘democraten’, het Oekraïense fascisme afgedaan als ‘Russische propaganda’. Bij de schending van de Oekraïense grondwet om Janoekowitsj af te zetten werd de andere kant opgekeken; msst de EU liet zich ook gewoon opzij zetten toen de Amerikanen met de fascisten van Paroebiy het scenario voor de staatsgreep bespraken. Nog steeds wordt bij ons gesproken over de doden die op het Maidanpplein vielen alsof de oproerpolitie geschoten had, de moordpartij in Odessa wordt nooit genoemd. In de propaganda voor het JA wordt dat allemaal nog eens dunnetjes overgedaan.


    • Janoekowitsj voor het blok

De opstand op het Maidan-plein was net als in 2004 een uitbarsting van oprechte verontwaardiging over het leegplunderen van het land, waarbij Janoekowitsj zelf en met name zijn zoon, alle remmen hadden losgegooid. ‘Europa’ werd in deze uitbarsting het symbool (‘Euromaidan’) voor het verlangen om uit de greep van de systematische corruptie van het post-Sovjet-kapitalisme te worden bevrijd. De kans dat Janoekowitsj in de voor 2015 geplande presidentsverkiezingen herkozen zou worden, was uitermate klein—al moet gezegd dat hij zelfs toen nog meer populariteit over had dan Porosjenko nu!


Deze zelfde Porosjenko (het wordt wel eens vergeten dat hij mede-oprichter van de Partij van de Regio’s was) had Janoekowitsj bij diens aantreden als president overgehaald om zijn eerste buitenlandse bezoek aan Brussel te brengen, niet aan Moskou.


    • Er wordt voortdurend gesproken over de ‘pro-Russische’ Janoekowitsj, maar in werkelijkheid was hij een vertegenwoordiger van de Donetsk-clan van Akhmetov en zijn vrienden en van Firtasj, en van het op Rusland georiënteerde zuiden en oosten dat een federatief Oekraïne wil. Janoekowitsj streefde naar een tussenpositie tussen de EU en Rusland—maar dat zou het Westen hem niet toestaan. In september 2013 verklaarde de president van de Amerikaanse National Endowment for Democracy dat Oekraïne de grote prijs was waarom werd gestreden. Door Oekraïne los te koppelen zou Poetin de grote verliezer worden, niet alleen in de voormalige Sovjet-republieken maar ook in Rusland zelf.


Nu had Poetin weinig op met Janoekowitsj als persoon. Maar wel liet hij zijn adviseurs aan de Oekraïense president voorrekenen wat de gevolgen zouden zijn, m.n. voor het industriële oosten, van het EU Associatieaccoord en daarin opgenomen voorwaarden voor een ombouw van de Oekraïense economie naar EU-model. Niet dat de EU niets te bieden had: er zat aan tekening van het Associatieverdrag een IMF-lening vast, maar de voorwaarden daarvan waren onuitvoerbaar. Wéér vermindering van subsidies en afbouw van sociale bescherming: zo moest de pensioenleeftijd van 55 naar 60, terwijl de levensverwachting in Oekraïne tien haar onder die van Europa ligt.


Moskou daarentegen bood goedkoop gas en $15 miljard, alsmede opname in de Euraziatische Economische Unie, de vrijhandelszone van Rusland. Op het laatst koos Janoekowitsj voor het Russische alternatief. Oekraïne is tenslotte, als we het JA-kamp mogen geloven, soeverein.
Daarop stroomde de eerste groep demonstranten naar het Maidan-plein.


    • De staatsgreep van februari 2014

Door hard politieoptreden eind november provoceerde de regering een terugkeer van de demonstranten, die zich eerder van het plein leken terug te trekken. Maar nu kwamen ze terug met een half miljoen. Ze werden snel versterkt door anti-Russische extremisten uit het westen van het land.


De politici die een bondgenootschap hadden gesloten voor de verkiezingen van 2015 verschenen ook op het plein om de beweging achter zich te krijgen. Tymosjenko, die in de gevangenis zat wegens fraude en die vandaaruit opriep het EU-verdrag te tekenen; Klitsjko, de voormalige bokser; Jatsenjoek, ooit medestander van Tymosjenko maar nu met zijn eigen partij, en Tyagnybok, de leider van de fascistische partij Svoboda.
Toen de regering en het parlement waar de Partij van de Regio’s sinds 2012 de meerderheid had, midden-januari een wet aannam die strenge straffen voor het ‘organiseren van onrust’ in het vooruitzicht stelde, kreeg het verzet een gewelddadig karakter en er viel een dode op de 22ste. Maar in Lviv in het uiterste westen werd het stadhuis bestormd, nazivlaggen gehesen en een militair arsenaal geplunderd. In Lviv en twee andere provincies werden nieuwe besturen gevormd die milities naar Kiev stuurden. Daar werden ze omgevormd tot Maidan zelfverdedigingsgroepen. Onder hun commandant Andriy Paroebiy (ooit een van de oprichters van wat inmiddels Svoboda was) veranderde hun optreden de protestdemonstraties in straatgevechten met de oproerpolitie. De fascisten van Rechtse Sector onder hun aanvoerder Dmitro Jarosj, maar ook strijders van buitenlandse neo-nazi groepen zoals de Partij van de Zweden, Nordisk Ungdom en anderen, voegden zich bij de Oekraïense ultra’s. EU-politici zoals Barroso, Verhofstadt en uit Nederland, Van Baalen en de PvdA’er Monash, spoorden de demonstranten aan om vol te houden. Naast fascistenleiders staan was geen probleem meer, want zoals de Zweedse politicus Carl Bildt voor de radio verklaarde, Svoboda (waarvan het Europees Parlement en Joodse groepen in 2012 nog het verbod hadden geëist) was een partij van ‘Europese democraten die de waarden nastreven die ook de onze zijn’.
Dit bleef ook niet bij woorden. Brussel gaf een half miljard euro aan groepen die bij de demonstraties betrokken waren, Nederland was de belangrijkste financier van Hromadske TV, een internetstation dat een grote rol speelde in het dirigeren van groepen demonstranten naar bepaalde locaties, in Kiev en elders.
Dit was nog wisselgeld vergeleken bij de $5 miljard die de VS volgens onderminister Victoria Nuland, die voortdurend in gesprek was met Janoekowitj en op het Maidan-plein broodjes uitdeelde voor de camera, aan Oekraïense organisaties had geschonken. In een berucht geworden, afgeluisterd telefoongesprek met ambassadeur Geoffrey Pyatt eiste Nuland dan ook het recht op, de nieuwe regering te mogen kiezn. Klitsjko, de favoriet van Merkel, mocht er niet in; Jatsenjoek (‘Jats’ in het telefoongesprek) moest premier worden en dat werd hij ook, wat de EU ook verder nog mocht tegensputteren (‘Fuck the EU’).
Het optreden van ultra-nationalistische en fascistische milities werd intussen steeds gewelddadiger, en we weten inmiddels dat zij ook gericht gingen schieten op politie en bepaalde demonstranten. Ivan Katchanovski, de meest gezaghebbende onderzoeker hiervan, schrijft in een paper voor de American Political Science Association dat


    • Het bloedbad een ‘false flag’ operatie was, die met koele berekening geplandn en uitgevoerd werd met als doel de omverwerping van de regering en de greep naar de macht. Er was uiteenlopend bewijs voor de betrokkenheid van een bondgenootschap van uiterst rechtse organisaties, in het bijzonder Rechtse Sektor en Svoboda, en oligarchische partijen zoals Vaderland [partij van Tymosjenko]. Scherpschutters en spotters waren verborgen opgesteld in tenminste 20 gebouwen of locaties in handen van de Maidan.

Nadat de eerste doden gevallen waren, besloot de EU in te grijpen. Drie ministers van buitenlandse zaken (Steinmeier, Sikorski en Fabius) vlogen naar Kiev om met Janoekowitsj een staakt het vuren te onderhandelen. In de nacht van 20 op 21 februari slaagden ze erin hem te overtuigen van grondwettelijke veranderingen, nieuwe verkiezingen, amnestie en afzien van verder geweld. Jatsenjoek, Klitsjko en Tyagnybok waren bij dit accoord aanwezig, net als een Russische diplomaat.


Maar geen Amerikanen, want na het afgeluisterde gesprek van Nuland, de commotie over het afluisteren door de NSA van Europese politici, was de ‘Atlantische’ gezindheid wel bekoeld. Bovendien wisten de EU-politici uiteraard welke krachten op het Maidan-plein aanwezig waren. De Estlandse minister van buitenlandse zaken legde aan Catherine Ashton, de buitenland-vertegenwoordiger van de EU, per telefoon uit wie er geschoten had (ook afgeluisterd en openbaar gemaakt).

Maar terwijl de EU onderhandelde, vond in de Duitse ambassade een ander overleg plaats, waarbij de Amerikanen wel aanwezig waren in de persoon van ambassadeur Pyatt. In de New York Times werd dit later gereconstrueerd. Paroebiy, het hoofd van de gewapende opstand, dreigde de zware wapens van een geroofd arsenaal naar Kiev te brengen als Janoekowitsj niet de volgende dag zou zijn afgezet (Ook de NYT is natuurlijk anti-‘Poetin’ enz., maar wil toch nog wel eens jonge journalisten op pad sturen—en dan krijg je wat bij ons alleen nog bij Follow the Money of 925.nl naar buiten komt).


Toen een van Paroebiy’s commandanten op het Maidan-plein opriep het accoord met Janoekowitj te verwerpen (de oppositiepolitici deden alsof ze er niet bij waren geweest) en de oproerpolitie zich terugtrok om het vege lijf te redden,was de staatsgreep een feit. Janoekowitsj had zijn bezittingen al in veiligheid gebracht, vluchtte naar Rusland en riep Moskou op hem in zijn ambt terug te zetten. Dus als Poetin zo graag Oekraïne had willen annexeren, zoals de JA-campagne niet moe wordt te beweren (daarna Polen, enz.), dan was dat zijn kans geweest, want Janoekowitsj was de wettige president.


    • Onze nieuwe bondgenoten in Kiev aan het werk

In een lezing voor studenten van de TU Delft verklaarde voormalig NRC-redactrice Laura Starink in november 2014 dat de demonstraties, het geweld en de staatsgreep, gevolgd door de inlijving van de Krim en de burgeroorlog in het oosten, allemaal terug te voeren zijn op het EU Associatieverdrag. ‘Er was niets aan de hand in Oekraïne vóórdat het krankzinnige scenario rond het associatieverdrag begon’, verklaarde ze bij die gelegenheid. ‘De EU is er met open ogen ingetuind’. ‘Als er geen verdrag was gesloten, waren er geen 5000 mensen gestorven’ (inmiddels bijna 10.000). ‘Het associatieverdrag is idioot.’



Gelukkig is Starink met een subsidie van de regering van 3 ton weer op het rechte pad teruggebracht want inmiddels pleit ze met mede-begunstigde Hubert Smeets die de anti-Poetin-campagne in de NRC voert, voor een JA in het referendum. ‘Idioot’—maar nu toch ‘Ja’. In Oekraïne zou je het corruptie noemen.
De coupregering die op 22 februari aantrad, markeert het moment waarop het westen van Oekraïne de macht geheel naar zich heeft toegetrokken, daartoe aangemoedigd door de VS, NAVO en EU. In het 21 hoofden tellende kabinet waren twee plaatsen gereserveerd voor het traditioneel federalistische zuiden en oosten van het land. Sleutelposities daarentegen voor Svoboda en Rechtse Sektor, zoals het defensiebeleid, de nationale veiligheid en de procureur-generaal. Paroebiy werd secretaris van de belangrijke Nationale Veiligheids- en Defensieraad en hoewel Svoboda maar 8 procent van de zetels in het parlement bekleedt kreeg het vijf van de 21 ministersposten, en bvijf governeurschappen (over een gebied van in totaal een-vijfde van Oekraïne).


    • De afzetting van Janoewitsj zonder de vereiste driekwart meerderheid (en dat terwijl met kalasjnikovs bewapende Maidanstrijders door de gangen van het parlement patrouilleerden, de eveneens ongrondwettige afzetting van het Hooggerechtshof, niets leidde tot protest van de EU. Dat op de vrijlating van Tymosjenko, een voorwaarde voor het EU Associatieverdrag, niet echt werd aangedorngen zolang Janoekowitsj maar bereid was te tekenen, geeft het morale gehalte van de ‘Europese waarden’ goed weer. Ook het feit dat de EU geen bezwaar aantekende bij het uiblijven van onderzoek naar de schietpartijen op Maidan (in plaats daarvan zagen we Frans Timmermans bloemen leggen), is van heltzelfde kaliber.


De machtsgreep in Kiev hief de nationale tegenstellingen, dus het feitelijke bestaan van twee naties binnen Oekraïne uiteraard niet op, en daarom trokken fascistische militias het zuiden en oosten binnen om orde op zaken te stellen. De Krim was daarbij een voor de hand liggend doelwit.


Op 1 maart riepen drie voormalige Oekraïense presidenten, Kravtsjoek, Koetsjma en Joesjtsjenko, de coupregering bovendien op om het door Janoekowitsj gesloten accord van Kharkov (waarin de huur van Sebastopol tot 2042 werd verlengd in ruil voor goedkoop gas en kredieten) op te zeggen. Voormalig geheime-dienstchef Toertsjinov, die als president was aangesteld, gaf een verklaring uit dat Oekraïne overwoog de status van niet-gebonden land op te geven; bij het parlement werd tegelijkertijd een wetsontwerp in behandeling genomen dat aansluiting bij de NAVO mogelijk moest maken.
Het vooruitzicht dat de Krim toneel van gevechten zou worden, en dat gebruik van de marinehaven van Sebastopol zowel praktisch als formeel in het geding zou worden gebracht, leidde tot het referendum, tot de bezetting door Russiche militairen (er waren in de Krim 12.500 van de toegestane 25.000 Russische militairen) van strategische posities op het schiereiland, en uiteindelijk tot de terugkeer van de Krim in de Russische Federatie.


    • Ditmaal was er wèl grote verontwaardiging in Westerse hoofdsteden en media. Als het niet om zulke ernstige zaken ging, dan kunnen de gehanteerde verklaringen de lachlust opwekken bij wie terugdenkt aan Joegoslavië en Kosovo, Irak en Libië, om niet te spreken van Vietnam en Indonesië.

In het oosten en zuiden van Oekraïne was intussen ook onrust ontstaan bij het vooruitzicht van het verschijnen van fascistische milities, die soms ook een beroep deden op voetbal-hooligans de Oekraïense zaak ter hand te nemen. Op 1 maart 2014 ging een grote menigte in Donetsk over tot bezetting van regeringsgebouwen, waarbij Russische vlaggen en de vlag van een nieuwe Volksrepubliek Donetsk werden gehesen.


Na de schok van de terugkeer van de Krim in de Russische Federatie liet men in het Westen deze ontwikkelingen niet lange r op hun beloop. In de loop van maart brachten Amerikaanse politici en militairen bezoeken aan Kiev en in het weekend van 13 en 14 april bracht de directeur van de CIA, John Brennan, een geheim (later uitgelekt) bezoek aan de Oekraïense hoofdstad. De volgende dag begon de ATO, de Anti-Terroristische Operatie, zo genoemd omdat volgens de Oekraïense wet geweld tegen eigen burgers alleen mag worden gebruikt als het om terrorisme gaat.


    • De grote financier achter de ATO is Kolomoiskiy die volgens Wikipedia Kolomoiskiy die $10 miljoen heeft besteed aan uitrusting van de Aidar, Azov, Dnepr 1, Dnepr 2, en Donbas bataljons. Volgens andere bronnen subsidieert hij ook Rechtse Sector. Daarnaast steunt Kolomoiskiy de Oekraïense luchtmacht door brandstof te leveren zonder betaling, waardoor hij een stem heeft in de operaties. Door geld uit te loven voor wie ‘Russische spionnen’ weet te vangen, heeft Kolomoiskiy vreselijke wreedheden uitgelokt, bovenop de slachting die so-wie-so al is aangericht door de strijd in het oosten. Natuurlijk is de burgeroorlog niet echt een strijd tussen fascisten enerzijds en communisten anderzijds, al zijn dit de banieren waaronder de strijdende partijen zich hebben geschaard. Geen partij in een burgeroorlog moet worden geromantiseerd, ook al kan in dit geval de Russisch-georiënteerde Oekraïeners het recht om hun eigen taal en gewoontes te bewaren niet worden ontzegd. Dat recht wordt niet gesteund door het EU-Associatieaccoord dat immers is getekend door het coupregime dat de zegen van het Westen heeft gekregen.

Rusland steunt de rebellen in het oosten, d.w.z. toen het er in de zomer van 2014 op leek dat dezen het gingen afleggen tegen de milities van Kiev, zijn Russische troepen te hulp geschoten. Aan de zijde van Kiev strijden fascisten uit Europa (in de documentaire van Paul Moreira spreekt hij met een Fransman) en de Duitse pers rapporteerde het meevechten voor Kiev van enkele honderden huurlingen van het voormalige Blackwater, berucht vanwege hun moordpartijen in Irak.

5

Het EU Associatieverdrag economisch. Hebben we het echt over ‘alleen maar handel’?




  • De voorstanders van het EU Associatieaccoord bagatelliseren het verdrag als een economische overeenkomst. Met hoeveel andere landen hebben we tenslotte geen handelsovereenkomsten!




  • In werkelijkheid gaat het over een volledige omschakeling van de Oekraïense economie en samenleving, zowel binnenslands als inzake de betrekkingen met het buitenland.

De economie van Oekraïne is door de staatsgreep, burgeroorlog die erop volgde en de absurde politiek om alle banden met Rusland te verbreken, volledig aan de grond geraakt. In 2013 was het nationaal inkomen per hoofd nog 4435 dollar, in 2015 volgens het IMF 2108 dollar. De levensstandaard is dus met meer dan de helft gedaald, de munt heeft 350 procent van haar waarde verloren en inflatie staat op 43 procent.




  • Inzet van het EU Associatieverdrag

A


C. Bildt: naast vrijhandel gaat het om wetgeving inzake eigendom en concurrentie die ‘op langere termijn een werkelijk fundamentele transformatie teweeg zal brengen’
l vanaf de jaren negentig waren er gesprekken gaande over een vrijhandelszone tussen de EU en Oekraïne en in mei 2008 kwamen de sinds een jaar lopende onderhandelingen over associatie in een stroomversnelling. De Poolse minister van buitenlandse zaken Sikorski lanceerde toen het plan voor een Oostelijk Partnerschap (OP) met de vier GUAM-staten dus Georgië. Oekraïne, Azerbeid-zjan en Moldova; plus Belarus en Armenië. Tot die tijd had Moskou geen bezwaar aangetekend tegen EU-associatie van voormalige Sovjet-republieken; maar door ‘Lissabon’ en de daarin opgenomen defensieparagrafen werd dat anders.
Sikorski kreeg de Zweedse politicus Carl Bildt mee om het initiatief meer ‘Europees’ te maken. Het idee van het OP was dat de afzonderlijke landen (de EU doet nooit zaken met een groep, altijd apart!) een associatie-overeenkomst zouden tekenen waardoor ze in een ‘Diepgaand en Omvattend Vrijhandelsgebied’ (Engels, DCFTA) zouden worden opgenomen.
Bildt wees erop dat het niet zomaar om vrijhandel ging. Met zo’n overeenkomst werd een heel bouwwerk van wetgeving inzake eigendom en concurrentie ingevoerd dat ‘op langere termijn een werkelijk fundamentele transformatie teweeg zou brengen’.
Toen Georgië onder Sakaasjvili in augustus 2008, ondanks waarschuwingen van Moskou, de aanval inzette op Zuid-Ossetië, werd de Russen duidelijk dat de opmars van de NAVO en er nu aan ondergeschikte EU-associatieplannen een directe bedreiging vormden voor de Russische veiligheid. Vanuit het Westen werd de agressie alleen maar aangemoedigd.


  • De Britse minister van buitenlandse zaken David Miliband bracht tijdens de Georgische oorlog een bezoek aan Kiev om president Joesjtsjenko Westerse steun toe te zeggen—tegen Rusland? Joesjtsjenko reisde vervolgens af naar Tblisi en verzekerde Sakaasjvili, voor het geval de Russen de boodschap nog niet begrepen hadden, dat Kiev de huur van Sebastopol op de Krim, thuishaven van de Russische Zwarte-Zeevloot, in 2017 zou laten aflopen. Hoe Sikorski en Bildt hieruit de conclusie konden trekken dat Rusland poogde de USSR weer in ere te herstellen is een raadsel maar feit is dat sindsdien de door Georgië begonnen oorlog (op de openingsdag van de Olympische Spelen in Beijing zodat de aandacht van de wereld was afgeleid) in onze media als ‘de Russische inval’ wordt aangeduid. Net zoals nu de opstand in het oosten van Oekraïne.




  • Niet met Rusland praten

In november 2013, nadat Janoekowtsj het EU Associatieverdrag had aanvaard en kort voordat hij naar Vilnius zou afreizen om het formeel te tekenen, stelde Poetin voor om een drie-partijenoverleg tussen de EU, Oekraïne en de Eurazia-tische Unie te beginnen om de verschillen en de problemen van een éénzijdige associatie van Oekraïne met de EU glad te strijken. Janoekowitsj accepteerde, maar de EU weigerde. Sakwa concludeert dat als men toen bereid was geweest te praten (de ‘samenwerking’ waar de JA-campagne in ons referendum maar niet over kan ophouden gold daar kennelijk niet) dan had de Maidan-opstand en de burgeroorlog, inclusief de incorporatie van de Krim in de Russische Federatie, voorkomen kunnen worden. De EU is echter zoals gezegd niet uit op vrijhandel maar op volledige omvorming van de Oekraïense economie en maatschappij, inclusief militaire binding aan het Westen.




  • De Euraziatische Unie is een poging van Rusland om met Kazakstan en Belarus, en natuurlijk ook graag met het economisch belangrijke Oekraïne, een eigen vrijhandelszone te vormen. Deze economieën hebben nog altijd veel gemeen en hebben oude banden. ‘Eurazië’ is ook een soort ideologie van een eigen beschaving terwijl er ook een poging in schuilt om een nieuw type economie te ontwikkelen. Deze zou in de grote, onderbevolkte en open ruimtes van Kazakstan en Zuid-Rusland nieuwe steden moeten creëren, verbonden door (energie- en transport-) ‘supersnelwegen’. Voor dit project is in Japan, Duitsland en Italië ook belangstelling, maar Hillary Clinton verklaarde toen ze ervan hoorde dat de VS geen nieuwe Sovjet-Unie zal tolereren.

Of dit aspect van de Euraziatische Unie de corruptie in Rusland overleven kan (er wordt nu al land langs de supersnelwegen verkocht via een kantoor in Londen), is nog maar de vraag. Zeker is dat het afkoppelen van Rusland catastrofale gevolgen zal hebben voor Oekraïne, naast grote schade voor Rusland natuurlijk.


Nu gaat het al heel slecht met Oekraïne.

De teruggang van de handel met Rusland, de belastinginkomsten die worden misgelopen doordat de oligarchen hun kapitaal in Cyprus, Nederland, de Maagdeneilanden (waar Firtasj’ DF holding is gevestigd), enz. en de kosten van een burgeroorlog hebben een zware tol gelegd op het overheidsbudget. De regering van Porosjenko heeft alleen door in het wilde weg te lenen een bankroet van de Oekraïense staat weten te voorkomen. Daarbij is ze geholpen door Westerse financiële instellingen, die vaak in vertreding van de eigen regels, bijvoorbeeld dat geen leningen mogen worden verstrekt in een land waar een burgeroorlog woedt en de noodtoestand heerst, lang zijn doorgegaan met de financiering van het coup-regime, al wordt langzamerhand wel de rem aangetrokken want het is een bodemloze put. Afgelopen winter heeft Oekraïne het voor het eerst zonder gas uit Rusland kunnen stellen (dankzij levering van—uiteraard—Russisch gas via oostelijke EU-landen). Wel voor een 30 procent hogere prijs. Dat is wat je noemt onafhankelijkheid.
De schulden die Oekraïne inmiddels heeft gemaakt, zullen tot 2041 terugbetaald moeten worden. Gesteld dat de Oekraïense economie al die jaren 4 procent groeit er er geen nieuwe schulden worden gemaakt, dan is de helft van die groei voor de schuldeisers, jaar in, jaar uit.
Iedereen weet dat het zo niet werkt. Schulden worden geherfinancierd met nieuwe leningen, tot het bankroet erop volgt. Het negen maal zo welvarende Griekenland mag hier als voorbeeld dienen van ‘samenwerking’ met de EU inhoudt. Al is Europa hier ook wel weer selectief: waar Griekenland alsmaar dieper door het stof moet en de Eurozone de vaststelling van het IMF dat de Griekse schuld nooit terugbetaald kan worden, naast zich neerlegt, is Oekraïne een pion in de anti-Russische politiek. In oktober 2015 mocht Kiev daarom 20 procent van de uitstaande schuld aan de EU afschrijven.
Tegen de zeven miljoen Oekraïeners werken in Rusland. In 2014 maakten ze 9 tot 10 miljard dollar over naar hun moederland, drie maal zoveel als er buitenlandse investeringen binnen kwamen, 4 procent van het nationaal inkomen maar door het bankverkeer met Rusland te blokkeren heeft Kiev deze inkomstenbron afgesneden.


  • Verbreken van de economische relatie met Rusland: instorting van de sectoren die voor de Russische markt werken

Door het EU Associatieverdrag te tekenen zet Kiev het proces van omvorming van de buitenlandse oriëntatie van de economie versneld voort. Van een onderdeel van de Sovjet-economie (een arbeidsdeling met de uit de USSR gevormde staten, op de eerste plaats Rusland) wordt Oekraïne een randgebied in een door de EU gedicteerde arbeidsdeling.


Vanaf de onafhankelijkheid in ’91 ging het aandeel van de handel met voormalige Sovjetrepublieken gestaag achteruit. In 1994 ging nog twee-derde van de Oekraïense export daarheen; in 1996 nog maar éénderde.
In de oude situatie leverde Oekraïne aan Rusland rollend materieel voor de spoorwegen, machines, buizen en allerlei soorten metalen. De helft van de productie aan machines en electrische machines van Oekraïne gaat naar Rusland. Daarnaast een scala aan landbouwproducten zoals zuivel. Driekwart van de uitgevoerde melk uit Oekraïne gaat naar Rusland. De complete export van vlees is richting Rusland
Met het EU Associatieverdrag wordt Oekraïne geopend voor concurrentie uit de EU. Europese producten kunnen vrij Oekraïne in, een aantal Oekraïense producten kunnen de EU in. Door de EU-regulering (produktienormen en andere standaarden) die door het verdrag worden voorgeschreven zullen Oekraïense industrieproducten zoals staal of spoorwegmaterieel niet meer voldoen aan Russische technische normen en regels van de Euraziatische douaneunie.
Oekraïne was tot 2013 afhankelijk van importen uit de EU en uit Rusland (ieder rond de 30 procent) en exporteerde naar deze economieën resp. 28 en 24 procent. Maar sindsdien is de waarde van de Oekraïens-Russische handel nog maar een-vijfde van wat het was.
Kan de Europese markt dat goedmaken?
Doordat de oligarchen niet hebben geïnvesteerd is er niet één tak van industrie in Oekraïne meer die de concurrentie met de EU aankan. Als de Russische markt, waar de kwaliteitseisen van een andere orde zijn, wegvalt, zal dit tot een schade van naar schatting 33 miljard dollar leiden, voor de periode tot 2018 zelfs 100 miljard.
Ook de kwaliteit van het vlees en de zuivelproducten voldoet niet aan de Europese standaarden, die ook nog eens dienen om de EU-producenten te beschermen door middel van de Europese landbouwpolitiek.

Oekraïne moet onder het Associatieverdrag de integrale EU-regelgeving in de wetgeving opnemen. Dat betekent onder andere dat de Oekraïense overheid niet meer sturend mag optreden.




  • Een belangrijk deel van de industriële productie is onderdeel, ook al weer als gevolg van het Sovjet-verleden, van de Russische defensieindustrie. Poetin heeft verklaard dat 245 bedrijven in Oekraïne voor Rusland werken. Een deel daarvan is omgeschakeld naar produktie voor het leger en de milities die de burgeroorlog in het oosten uitvechten. Bij elkaar hebben de Oekraïense defensie en luchtvaartindustrie sinds 2014 80 procent van hun inkomen verspeeld.




  • De Antonov-fabrieken bij Kiev, die onder andere de AN-225, het grootste bestaande transportvliegtuig, maken waarmee de Russische space shuttle worden vervoerd, beëindigde in het voorjaar van 2015 op last van de regering in Kiev de vijf jaar eerder gesloten joint venture met het Russische UAC. Kort daarop werd Antonov zelf opgeheven en in een nieuwe Oekraïense staatsonderneming ondergebracht. Er zouden orders uit Saoedi-Arabië zijn maar inmiddels is Antonov failliet.




  • De raketfabrieken van Joezjmasj, die de SS-18 intercontentale raketten van de Sovjet Unie maakte en onderhoud verzorgde, hebben de werktijd verkort tot nog maar één dag per week (ooit was Leonid Koetsjma de baas van Joezjmasj).

Een Oekraïne in crisis, waar een burgeroorlog woedt, dat is losgekoppeld van Rusland, is economisch ten dode opgeschreven. Wat zoekt de EU daar dan nog om ‘samen te werken’?




  • Omschakeling naar export van primaire goederen

De oproep van Laura Starink om de geest van de Verenigde Oostindische Compagnie weer te laten herleven (als argument om JA te stemmen in het referendum) is geen slechte vergelijking. Volgens progressieve economen in Kiev volgt het Associatieverdrag het patroon van de overeenkomsten met derde-wereldlanden. ‘De EU ontwikkelt in het land die sectoren die ze nodig heeft en staat de import toe van producten die voor hen geen bedreiging vormen.’ De Duitse Spiegel spreekt zelfs van regelrecht kolonialisme. En Porosjenko levert op bestelling. Door zijn belangen in de voedingsmiddelensector werd hij in een Pools rapport uit 2013 al getipt als een van de grote winnaars van een eventueel EU Associatieverdrag. In zijn eerste toespraak van 2016 kondigde hij dan ook aan dat de subsidies aan de industrie zullen worden stopgezet en dat Kiev gaat inzetten op informatietechnologie en landbouw.




Een vrijhandelsverdrag? Oekraïne’s landbouw en voedselverwerkende industrie zullen de grootste moeite hebben om aan de Europese kwaliteitseisen te voldoen. Wèl wordt door het Westen geëist dat het land genetisch gemanipuleerde landbouw toestaat, wat nu nog bij de Oekraïense wet verboden is. Zowel in de voorwaarden van het IMF voor leningen als in het EU Associatieverdrag (artikel 404) is GM-landbouw opgenomen in het wensenlijstje. In december 2013, toen de demonstranten het Maidanplein bezetten, sprak een vicepresident van Monsanto zijn vertrouwen uit dat de Oekraïense landbouw in de toekomst de voordelen van biotechnologie zou benutten. 36 procent van het Oekraïense bouwland was al verpacht in 2013, waarvan twee-derde aan Amerikaanse bedrijven. Monsanto, Cargill, en Du Pont hebben na de staatsgreep allemaal hun aanwezigheid in Oekraïne versterkt, Duitse en Nederlandse bedrijven waren er al. De GM- zonnebloemolie komt eraan!




  • Bovendien is de markt niet open. Er zijn nog maar 72 Oekraïense bedrijven die gecertificeerd zijn om naar de EU te mogen exporteren. En zoals Nikolai Petro schrijft in The Guardian, 39 licenties zijn voor ... honing. De hoeveelheid honing die naar de EU mag worden uitgevoerd is echter gebonden aan een quotum, dat in de eerste zes weken van 2016 al werd bereikt. Wordt hier soms al rekening gehouden met het feit dat door de zware bespuiting die met GM-gewassen mogelijk is, er straks ook minder bijen zullen zijn?




  • Geen wonder dat de Oekraïense minister van landbouw bekend heeft gemaakt dat 4 van de 5 landbouwbedrijven in het land failliet zijn, en waar de landbouwmachines, waarvan 80 procent wordt geïmporteerd, mee moeten worden verdiend is dus onduidelijk.

6

Het geheime wapen: Poetin komt eraan !




  • Als we werkelijk geen argumenten meer hebben vóór het EU Associatieverdrag, hebben we altijd ‘Poetin’ nog.




  • MH17: een tragedie die door het Westen wordt misbruikt om de druk op Rusland te houden.

Een van de technieken die de propaganda van het Westen de laatste jaren heeft ontwikkeld om interventies en sancties (ook een vorm van interventie) goed te praten, is het demoniseren van leiders. Wie bezwaar had tegen de Amerikaans-Britse invasie van Irak , kreeg de vraag voorgelegd: maar ben je dan voor Saddam Hoessein? Tegenstanders van het ‘ruim’ interpreteren van het VN-mandaat voor een ‘no-fly’-zone in Libië, die in de praktijk uitdraaide op NAVO-luchtsteun voor de gewapende opstand, werd gevraagd of ze soms ‘vrienden van Gaddafi’ waren. Dat er nog maatschappijen waren die door deze dictators werden geregeerd, en wat er dan met die samenlevingen moest gebeuren als de gevreesde, vleesgeworden duivel zou zijn verwijderd… Over die vraag is duidelijk te weinig nagedacht.


We hebben het Midden Oosten en Noord-Afrika in brand gestoken en zijn vervolgens weggelopen.
Ook in Europa is de demonisering van leiders toegepast. Milosevic, die het Servische nationalisme mobiliseerde toen Joegoslavië in de crisis begon uiteen te vallen, werd het mikpunt van haat en spot in de Westerse media en stierf uiteindelijk in een Scheveningse cel. In De Volkskrant verscheen al een fotomontage waarin tussen de bewakers die de Joegoslavische leider naar de cel voerden, ‘Poetin’ was ingemonteerd.
Dat bepaalt ook de campagne rond het EU-Associatieverdrag. Want wie wil er een ‘vriend van Poetin’ zijn? Die zal immers lachen bij een Nee!


  • De Russische dreiging

Is Poetin dan geen autoritaire president? Zeker, Poetin heeft het centrale staatsgezag hersteld om het uiteenvallen van het land tegen te gaan. Er wordt echter wel eens vergeten dat tijdens de oorlog over Kosovo, toen onze grote vriend Jeltsin nog president was, Rusland de strategische kernraketten op hun lanceervoertuigen uit de hangars liet rijden. Dat was om de verontwaardiging te uiten over de bombardementen op Servië en Montenegro, waarbij burgerdoelen zoals bruggen en TV-studio’s doelwit waren. Een machteloos gebaar, want Jeltsin zou die raketten gelukkig niet afvuren.


Het was slechts te danken aan de Britse commandant die de order van de NAVO om de aanval in te zetten op het Russische detachement dat de luchthaven van Pristina had bezet, naast zich neerlegde, waardoor Moskou nòg een vernedering werd bespaard. Want ook daar zou Rusland toen niet op hebben kunnen antwoorden. Eerder werd al gememoreerd dat Oekraïne er in het Kosovo-conflict toe werd aangezet om het luchtruim voor Russische vliegtuigen te sluiten—dat was in 1999.
Het aan de macht komen van Vladimir Poetin en zijn entourage uit de nationale veiligheidssector in Rusland moet tegen deze achtergrond worden bezien. Hij is als je het goed bekijkt in belangrijke mate een product van het rücksichtlose opdringen van het Westen richting de Russische grenzen. En ondanks dat begon hij, zeker na 9/11, met de politiek van de uitgestoken hand.
Dat hij in 2003 met Duitsland, Frankrijk, België en het overgrote deel van de wereldopinie verzet aantekende tegen de Amerikaans-Britse plannen voor de invasie van Irak (die overigens ook de steun van Nederland kreeg), is hem echter niet vergeven. Toen begon immers duidelijk te worden dat de nieuwe machthebbers in Moskou stappen ondernamen om opnieuw een sterke staat met een krachtig maatschappelijk draagvlak te creëren en dat was dringend nodig wilde Rusland als maatschappij overleven.
Aan de uitverkoop van grondstoffen werd een eind gemaakt en oligarchen die daaraan meewerkten, zoals Khodorkovsky, onteigend. Net als Tymosjenko in Oekraïne was een gevangenisstraf daarbij eenvoudig te regelen omdat er geen oligarchen zijn bij wie géén lijken in de kast liggen, vaak letterlijk.
In de loop van het eerste decennium van de nieuwe eeuw werd Poetin daarom de nieuwe haatfiguur in het Westen. Kwesties zoals de conservatieve onderstroom in de Russische samenleving, die onder zijn bewind de bovenstroom is geworden (m.n. de Russisch-orthodoxe kerk), de voortgaande privatiseringen waarbij oligarchen die het nieuwe staatsgezag accepteren, meestal profiteren, worden daarbij ondergeschikt gemaakt aan het (over-) belichten van die ene figuur. Dat Poetin naast de al genoemde belangen ook de machthebbers in het roerige Tsjetsjenië en andere moslimgebieden te vriend moet houden om niet te maken te krijgen met jihadistische stromingen die daar na twee oorlogen met bijbehorende harde repressie voet aan de grond hebben gekregen, komt daar ook nog eens bij.
Grote commotie ontstond bij ons toen Moskou de benoeming van provinciale gouverneurs weer naar zich toetrok, alsof dat niet sinds jaar en dag in Frankrijk het gebruik is, net zoals bij ons commissarissen des konings en burgemeesters door de regering benoemd.
Het onderwijs is in Rusland weer waar het was en Poetin geniet grote steun onder de bevolking, nog meer dan Medvedev, die als tussenpaus fungeerde om Poetin weer president te kunnen laten worden. Hoe diep die populariteit gaat is een andere vraag, maar de incorporatie van de Krim na het referendum daar heeft zijn aanzien versterkt, ook al was dat van Moskou uit gezien, een noodgreep, geen plan dat al lang in de kast lag. Het plan dat al lang in de kast lag is de Euraziatische Unie en daarvoor zou een intact Oekraïne een belangrijke bouwsteen zijn geweest.
De bekwame buitenlandse politiek van Lavrov vertaalt de wil om niet door het Westen te worden gekoeioneerd, in praktische stappen, zoals Assad redden in Syrië en hem vervolgens, na het tot stand brengen van een staakt-het –vuren, het stokje teruggeven. Het is de traditie van de behoedzame, in wezen conservatieve diplomatie van de Sovjet-Unie onder minister Gromyko.
Kortom, dat er een groot plan zou zijn om bijv. het vroegere Warschaupakt of zelfs de voormalige Sovjetrepublieken weer in te lijven is op z’n minst onwaarschijnlijk. Dat het in de Krim en in het oosten van Oekraïne tot een opstand kwam nadat bij de staatsgreep de Oekraïense nationalisten de macht naar zich toe trokken met steun van fascistische milities, kan moeilijk als een ‘inval van Poetin’ worden gepresenteerd.


    • De JA-campagne weet wie de schuldige is van MH17

De woordvoerder van de JA-campagne in het referendum van 6 april, van Hulten, heeft er al op gewezen dat als ‘we’ Oekraïne laten vallen, ‘Polen het volgende slachtoffer van Poetin’ kan zijn. Ook heeft hij het ‘in de steek laten’ van Oekraïne (door NEE te stemmen) vergeleken met het hypothetische geval dat Engeland in mei 1940 tegen Nederland zou hebben gezegd, zoek het maar uit (met die Hitler). Ook de eerste officiële voorzitter van de EU, de Belg Herman van Rompuy, verklaarde dezer dagen dat ‘nu Oekraïne in de steek laten’ erop zou neerkomen dat het land ‘verloren’ is.


Ja, voor het Westen misschien!
En als alle argumenten zijn uitgespeeld is er altijd nog de ramp met Malaysian Airlines vlucht MH17 op 17 juli 2014. 80 tot 90 procent van de Nederlandse bevolking gelooft in de schuld van Poetin dus je zou wel gek zijn als je niet zou proberen om van het referendum een voor of tegen de Russische president te maken, en dan is MH17 de troefkaart.
De ramp is onderdeel van twee onderzoeken. Eén is afgerond, dat van de Raad voor de Veiligheid. Nouja, afgerond... Er zijn conclusies getrokken waarvoor de belangrijkste gegevens, nl. de primaire radargegevens (grondradar, satelliet, scheepsradar...) ontbreken. De VS wil ze niet geven, de Oekraïense radar ‘stond uit voor onderhoud’, resp. ‘was uitgeschakeld’, de Russen hebben alleen de bewerkte radargegevens overhandigd (dus als van de primaire gegevens beelden zijn gemaakt voor presentatiedoeleinden, met bv. een aantal lijnen met een vliegtuigicoon staat). Daarnaast heeft de RVV niet de banden met de gesprekken tussen de verkeersleiding en het ramptoestel gehoord. Toch zit daar belangrijke informatie in, bv. de instructie van de verkeersleiding aan het vliegtuig om een kilometer lager te gaan vliegen, en de vraag waarom het vliegtuig uit de koers raakte, iets wat een modern passagiersvliegtuig normaal niet overkomt.
Er is van alles te zeggen over de toedracht van de ramp. De belangrijkste verschillen zijn dat de Russen spreken over een aanval met een Oekraïens SU-25 jachtvliegtuig. Dit zou eerst het toestel met het boordkanon de cockpit hebben beschoten en toen het zelf hoogte verloor (zo’n straaljager kan nl. niet zo lang op de hoogte van de burgervliegtuig blijven vliegen, i.t.t. andere straaljagers in de Oekraïense luchtmacht) heeft het een raket afgevuurd die eveneens de cockpit heeft getroffen. Die is afgebroken, daarop is het vliegtuig in de lucht in stukken gebroken die over een gespreid gebied zijn neergekomen.
De RVV heeft geconcludeerd dat er met een zware Buk-luchtafweerraket op het toestel is geschoten vanuit gebied dat door de rebellen in het oosten werd gecontroleerd. De raket zou boven de cockpit zijn ontploft maar het vliegtuig is ondanks de doorboring met grote aantallen metalen deeltjes niet in brand geraakt, wat normaal is bij de inzet van zo’n raket. De officiële positie van het Westen is dat we het weten, dus zoals minister van buitenlandse zaken Kerry het formuleerde, ‘we hebben de lancering gezien, we weten wie de raket heeft afgevuurd, we kennen de locaties en het traject’. Maar na die eerste dreigende uitspraak heeft men er het zwijgen toe gedaan en verwezen naar… sociale media. Dit is vervolgens opgepakt in alle media voor een campagne die er weer toe heeft geleid dat 9 van de 10 Nederlanders denken dat het vliegtuig is neergehaald door ‘Poetin’.


    • In een van de meest wilde verhalen zou een enkel Buk-lanceervoertuig, dus zonder radar- en commandovoertuig, vanuit Rusland op instructie van ‘Poetin’ naar Oekraïne zijn gereden om MH17 neer te schieten, om daarna weer snel terug te rijden. Het bijzondere is echter dat er legio amateurvideo’s (meest montages overigens) bestaan van het Buk-lanceervoertuig, maar niet één van de lancering, behalve dan een foto van een wit rookspoor tegen een smetteloos blauwe hemel (het was die dag bewolkt). Ook is door de Nederlandse veiligheidsdiensten, die in nauw overleg met NAVO-diensten opereren, herhaaldelijk geconcludeerd dat de enige Buk-installaties die operationeel waren in oost-Oekraïne die dag, onder commando van Kiev stonden. Maar ook de lancering van een Kievse ‘Buk’ is door niemand gezien laat staan vastgelegd.

O


Door de onzekerheid en onduidelijkheid over de ramp met MH17 te laten voortbestaan, blijft de verdenking op ‘Poetin’ rusten, en dat is gunstig voor de NAVO en voor een JA in het referendum.

orlogIsGeenOplossing heeft ook geen oplossing voor dit raadsel, al zal uit bovenstaande wel duidelijk zijn dat wij het oordeel van de RVV sterk in twijfel trekken. Daar komt nog eens bij dat ondanks indianenverhalen over de bemanning van de Buk-eenheid die met een ‘sterk Moskous-accent’ een praatje met dorpelingen zou hebben gemaakt, ja, de namen van alle individuele leden van die eenheid, ieder motief voor deze misdaad (als het niet een ongeluk was) aan Russische zijde ontbreekt: Poetin was immers vergevorderd in onderhandelingen met Porosjenko en Merkel over een omvattend vredesaccoord. En dan zou hij die onderbroken hebben om het bevel te geven een burgervliegtuig neer te halen—gevolg, afbreken van de onderhandelingen en nieuwe sancties.


De kern is deze. Door de onzekerheid en onduidelijkheid over de ramp met MH17 te laten voortbestaan, blijft de verdenking op ‘Poetin’ rusten, en dat is gunstig voor de NAVO en voor een JA in het referendum.
En tja, dat hij eraan komt... Je weet het niet. In ieder geval hebben de Russen, geplaagd door sancties en de lage olieprijs, zich genoodzaakt gezien om voor 2016 het defensiebudget met 5 procent te verlagen.
Zal Polen echt ‘de volgende’ zijn, zoals Van Hulten beweert? Of zullen we om te beginnen Oekraïne nu eens met rust laten?


1   2

  • Joegoslavië gedwongen te kiezen tussen Oost en West—een burgeroorlog met 200,000 doden
  • Hoe om te gaan met multi-nationaliteit
  • Oekraïens zuiden en oosten wil federatie
  • Vervlechting van politiek en economie
  • Nog steeds de oligarchen aan de macht
  • Oekraïne als vooruitgeschoven post van de NAVO—nog vóór ‘Poetin’
  • De ‘kleurenrevoluties’ als opmaat voor NAVO-lidmaatschap
  • Amerikaanse plannen om Oekraïne op te delen
  • Om democratische en op de markt georiënteerde staten te creëren’ moet een van te voren opgesteld contract
  • EU-‘Veiligheids’-politiek in het Associatieverdrag
  • Janoekowitsj voor het blok
  • De staatsgreep van februari 2014
  • Onze nieuwe bondgenoten in Kiev aan het werk
  • Inzet van het EU Associatieverdrag A C. Bildt: naast vrijhandel gaat het om
  • Verbreken van de economische relatie met Rusland: instorting van de sectoren die voor de Russische markt werken
  • Omschakeling naar export van primaire goederen
  • De JA-campagne weet wie de schuldige is van MH17
  • Door de onzekerheid en onduidelijkheid over de ramp met MH17 te laten voortbestaan, blijft de verdenking op ‘Poetin’ rusten, en dat is gunstig voor de NAVO en voor een JA in het referendum.

  • Dovnload 0.96 Mb.