Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Medische vaardigheden II samenvatting

Dovnload 64.32 Kb.

Medische vaardigheden II samenvatting



Datum25.10.2017
Grootte64.32 Kb.

Dovnload 64.32 Kb.

MEDISCHE VAARDIGHEDEN II SAMENVATTING

Rol tolk in relatie hulpverlener – allochtone pt


  • Gebrek aan goede communicatie  frustraties

  • Interculturele communicatie door

    • Preceptie: betekenis toekennen aan gedrag

bv jas uitdoen ~ tijd maken

    • Verbale processen: taal  doorgeven cultuur, denkpatroon

bv N-Afrika: mythisch, Europa rationalistisch

    • Non-verbale processen: ongeschreven codes

bv geen oogcontact bij Marokkaanse vrouw

  • Communicatieproblemen:

    • Kennis taal door patiënt, en hun taal door arts

    • Houding hulpverlener

    • Vaardigheden omgang migranten

  • Oplossen probleem:

    • Probleem erkennen

    • Invloed veronderstelling: over/onderschat taalprobleem

    • Culturele aanpassing: enkele woorden van hun taal en goed uitspreken

    • Taboe leren bespreken  zijdelings, opbouwen, minder beladen woorden

  • Zonder tolk

    • Korte zinnen

    • Herhalen

    • Articuleren

    • Begrepen?

    • Oogcontact minimaal

    • Non-verbale communicatiemiddelen gebruiken

  • Met tolk

    • Geen familie(zwijgplicht), geen kind(foute vertaling, snel beu)

    • Vast: belangen pt vertegenwoordigen  niet letterlijk vertalen met waardeoordeel

    • Horizontaal werken  als gelijke met pt, problemen toevertrouwen

    • Verticaal werkt omgekeerd  onzekere pt

    • Kritische evaluatie

 verschillende opstelling, openheid tussen verschillende culturen

Interculturele bemiddeling in de gezondheidszorg


  • Multiculturele samenleving

  • Anderstaligen klacht niet goed formuleren

  • Kennis culturele achtergrond nodig  interculturele bemiddelaar

  • Interculturele bemiddelaar:

    • Brugfunctie

    • Vlotte communicatie

    • Cultuurbekendheid

    • Tussenkomst conflicten

Islam

  • Verschillende strekkingen: verschillende gebruik rituelen afh klasse en herkomst

    • Traditioneel

    • Orthodox

    • Fundamentalistisch

    • Modernist

  • Overgave, gehoorzaamheid, onderwerpen aan wil God

  • Geen sacramenten, priesters, kerk, hiërarchie

  • Grote persoonlijke vrijheid: verboden, plichten en nuanceringen

  • Voorschiften

    • Geloven in islamitische geloofsleer

    • 5 keer per dag op vaste tijd en volgens ritueel bidden

    • Jaarlijks vasten(ramadam maand 9)

    • Betalen armenbelasting

    • 1 keer pelgrimstocht naar Mekka

  • Rituele reinheid:

    • Onrein: lichaamsvochten  urine, kaka, bloed, sperma

    • Grote reiniging bij seks, kraambed en maandstonden

    • Enkel moslim kan reiniging uitvoeren

  • Voeding: geen varken, bloedbevattende gerechten, alcohol, niet-ritueel geslacht vlees

  • Ramadam: maand 9

    • Lichamelijke en geestelijke training

    • Zuiveren ziel, gelijk arm en rijk, soevereiniteit Allah en totale gehoorzaamheid

    • Niet eten, drinken, seks, medicatie tussen zonsopgang- en ondergang

    • Kind pas wanneer rijp

    • Niet verplicht, kan je uitstellen

  • Overlijden:

    • Familie, vrienden, imam waarschuwen

    • Gezicht naar Mekka, koran citeren

    • Wassen door geloofs/geslachtsgenoten

    • In wit laken naar rouwkapel, aula, moskee

  • Autopsie: verboden behalve bij wettelijke of medische noodzaak

  • Kindersterfte: miskraam  geen rituele begraving, geen islamitische begraafplaats

  • Euthanasie en zelfmoord: verboden  door God leven en dood bepaald

  • Transplantatie mag, = dienst aan zieke, geen verminking

 leven = dood  zelfde respect, waardigheid, ontastbaarheid, bezit, eer

  • Abortus provocatus: wanneer vrouw in gevaar is (tot maand 4, dag 40-50)


Relatie arts - verpleegkundige


  • Doel relatie:

    • Evolutie: patiënt centraal en deelnemen aan ziekteproces

    • Multidisciplinair team: samenwerken, aanvullen




  • Vroeger patriarchaat

    • volgens socioloog: man competitief, besluitvaardig

    • vrouw passief en zorgzaam  voor kinderen zorgen, afhankelijk van man

    • dokter: echt belangrijk werk = curing

    • verpleegster: niet-professioneel onderworpen houding = caring




  • Werkverdeling vroeger: man – vrouw verpleegkunde

    • Verpleger bij psychiatrie

    • Verpleegster bij algemene ziekenhuizen (verpleger hier ~ watje)

  • Geneesheer en verpleger: conflict  meer assertief, gelijk, niet onderdanig




  • 1970 Stein: geneesheer-verpleegkunde spel

    • Initiatief verplegers subtiel aanbrengen, dokter indruk zijn idee

 onderworpen opstellen om conflict te vermijden

 slechte communicatie



  • 1990 Stein: evolutie, toch nog werk aan de winkel

  • Nu: verpleger vaak hogere functie verpleegster; bij dokters ook hoge opkomst vrouwen

 Dokter + verpleger  kwaliteit gezondheidszorg verbeteren



Opvang agressiviteit en geweld binnen gezondheidszorg


  • Agressie = elk vorm van geweld, bedreiging, intimidatie, verbale agressie, diefstal, actie die schaadt, angst of andere emotionele gevolgen  subjectief

  • Reactie op wat andere zeggen, doen, macht verwerven, verdedigen

  • Meer agressie bij psychiatrie

  • Gekoppeld aan ontwikkeling grootsteden

    • Verdwijning ruimere families, in de plaats zeer fragiele 1oudergezinnen

    • Minder strakke sociale banden  tolerantiedrempel t.o.v. anderen daalt

    • Minder invloed stadshuidsarts  groot aanbod

    • Socioculturele reactie pt t.o.v. spoedeisend probleem

    • Geen stedelijk beleid van ghetto’s en krottenwijken

    • Verwijzen probleemgevallen en drugsverslaafden naar de spoed

    • Verergering geweld door drugs(canabis, XTC)

  • Agressie op spoed stijgt door:

    • Lange wachttijden

    • Alcohol

    • Te kleine staf, kan het niet aan

    • Andere pt onder druk zetten

    • Enige toegangspoort in avond en nacht

    • Opvang alcoholvergiftiging en toxicaties

    • Toegankelijkheid

    • Fysieke omgeving: onrustig

    • Meer jongerenbendes

    • Geen opvangplaats voor gevallen tussen psychiatrie en spoed

  • Studie:

    • 12% niet in contact met agressie

    • 30%: >5 keer per jaar

    • 48% nacht

    • 30% avond

    • 20% overdag

    • Man = vrouw

    • 60% alcohol

    • 30% drugs

    • 30% psychologisch

    • 15% organisch: bv glycemie

  • Onvoldoende bescherming er tegen

  • Gevolg: verwerking kan pathologisch worden

 stress, slaapprobleem, hoofdpijn, droef, zelfcontrole daalt, hyperventilatie, lusteloos

  • Aanpak:

    • Voorkomen dr:

      • Risicofactoren door situatie en eigen aan pt

      • Goed onthaal, veilige omgeving

      • Afspraken, materiële middelen

      • Privacy, tijd, rust, zachte kleurtinten

      • Gestructureerde omgeving

      • Sociaal klimaat door personeel

      • Middelen voor veiligheid

      • Personeel voorbereiden, risico’s, handelen




    • Hantering

 gedragsfactoren voor aanval opsporen

      • Houding

      • Motorische activiteit

      • Schelden

      • Hyperactief

      • Ijsberen

      • Angst

      • Roepen

      • Opwinding

 opmerken en verminderen

      • Verbaal: wat is er?

      • Als team: waarschuwen, machtvertoon

      • Farmacologisch

    • Opvang slachtoffers: fysiek, materieel, emotionele schade

      • Dark number: verbergen

      • Symptomatisch: angst, paniek, onveilig

      • Post-tramatische stres stoornis: slaapproblemen, prikkelbaar, concentratiestoornis

 critical incident: herevaluatie onmiddellijk, nabij, eenvoud, eenheid, verwachting

verantwoordelijkheid opnemen



Relatie arts – kind


  • Geen 2persoonsrelatie  driehoek + ouders

  • Afh ouders mindert met stijgende leeftijd

    • Kind kan zelf geen medicatie nemen

    • Geen therapeutische schema beoordelen

  • Preventielcurve: grootte, gewicht

  • Anamnese

    • Veel info

    • 1ste zo volledig mogelijk

    • 1ste indruk algemene toestand

    • Elk eigen karakter afh ernst, langdurigheid, aard, klachten, leeftijd

  • Passief begin: kennismaken

    • Klachten spontaan vertellen

    • Kind op schoot ouder, of spelen bij ouderen leeftijd

    • Ouder kind, ook anamnese kind

  • Afweer of afleidingsreacties: ernstige aandoening eerst verbergen via algemene klachten

 vermoedens en ongerustheid opsporen

  • Familiale anamnese en stamboom: gezondheidstoestand andere kinderen gezin

  • Ontw-anamnese: mijlpalen  lopen, zitten, staan, zindelijk

    • Achterstand? Nauwkeurige anamnese

  • Sociale anamnese

  • Lichamelijk onderzoek: nauwkeurig en klinische relevante lichaamsfuncties

  • Advies:

    • kind bang stethoscoop  met beer spelen en stethoscoop

    • Pijn laten aanwijzen

    • Naar gezicht kijken bij palpatie

    • Vriendelijk praten

    • Uitkleden door moeder, baby naakt, adolescent zelf zonder ouders erbij

  • Leeftijd:

    • Zuigeling op arm moeder  wenen: honger

    • 1jaar: bang dokter, tegenpruttelen, niet liggen enkel rechtop of schoot ouder

    • 2-3j: verzetten

    • School: coöperatief (6j: begrijpen behandeling)

    • Ouder: schaamte

  • Therapietrouw

    • Respect

    • Toestemming onderzoek

    • Behandeling via arts en ouders beslist

    • Therapeutische vertrouwensrelatie

    • Arts: kennis, vaardig, creativiteit, attitude

    • Ouders aarzelen ontrouw behandeling toegeven

 Behandeling opschrijven: smaak, vorm medicijn en wanneer innemen

 Gelijktijdig beperkt aantal medicijnen



  • Slecht nieuws bij jong kind: ouders verwittigen en overleggen wie wat bekendmaakt

  • Vertrouwelijkheid:

    • Belang ouder soms anders dan kind

    • Kind is niet autonoom, heeft wel belangen

    • Rechten en plichten van ouders om welzijn kind te dienen,

    • niet belang arts, verzorger, ouder

Houding jodendom t.o.v. geneeskunde


  • Joodse wet: wet kan evolueren afh vd situatie

Bv harttransplantatie: dubbele moord  aanvaardbaar  probleem donor

Geen probleem met hersendood



  • Geest en lichaam zijn 1 geheel

 behandelen als ziekte, karakter, kenmerken, milieu

  • Leven primeert: leven boven religie, leven boven alle waarden

  • Hoop op leven:

    • terminaal  behandeling niet stoppen

  • Arts: ingaan tegen religie

 leven redden, bescheiden, respect tov leven, grote kennis

  • Euthanasie:

    • Actief(pt beslist): niet  geen zelfmoord, eigen leven niet in handen

    • Passief(voor pt beslissen): leven niet verkorten  niet lijden

    • Arts: hulp bieden comfort, psychische hulp bij euthanasie

    • Houding tov euthanasie opschrijven is gevaarlijk

    • Waardigheid mens respecteren

  • Hersentumor:

    • Pt over interventie beslissen

    • Arts kan overtuigen bij slaagkans

    • Toch interventie indien kans op handicap

    • Arts kan buitenstaander vragen om mening te wijzigen

  • Ziekte = straf God door gevolg levenswijze

  • Dood: wat erna?

    • Leven na dood

    • Voorbereiden, geen taboe

    • Erna wassen en bidden

    • Lichaam ontvangt ziel

    • Geen autopsie tenzij gerecht

    • Begraven in laken in eenvoudige kist(arm=rijk)

    • Verbranding is volgens religie verboden

  • Rouw: fasen  terug integratie in gemeenschap

    • 7d: niet werken, geen vermaak

    • 1maand

    • 1jaar

  • Voeding = kosher

    • Geen varken, vleesmengsel met melk, bloed

    • Wijzigen indien levensgevaar pt

    • Sabbat respecteren: verpleger niet roepen, 3x/dag bidden

  • Tolk:

    • naam, voornaam

    • wat wil pt?

    • Hulp, leven vergemakkelijken

  • Interculturele bemiddeling in de gezondheidszorg
  • Relatie arts - verpleegkundige
  • Opvang agressiviteit en geweld binnen gezondheidszorg
  • Relatie arts – kind
  • Houding jodendom t.o.v. geneeskunde

  • Dovnload 64.32 Kb.