Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Model kunstbeschouwen: beeldende vorming

Dovnload 18.95 Kb.

Model kunstbeschouwen: beeldende vorming



Datum17.09.2018
Grootte18.95 Kb.

Dovnload 18.95 Kb.

Model kunstbeschouwen: beeldende vorming

MODEL KUNSTBESCHOUWEN: beeldende vorming

Deze les heeft tot doel je te leren omgaan met het “model kunstbeschouwen”

Wat heb je aan zo’n model?


  1. Het model helpt je om kennis op te doen omtrent een kunstwerk.

Je zult merken dat je op een andere manier naar een kunstwerk kijkt/ luistert naarmate je

    1. meer achtergrondinformatie hebt over het kunstwerk (wanneer is het gemaakt, door wie, waar gaat het over enz.)

    2. het werk nauwkeuriger geanalyseerd hebt.



  1. Het model helpt je om een kunstwerk zo te beschrijven dat een ander het begrijpt.
    Hierdoor kun je gerichter over kunst praten en heb je ook daadwerkelijk iets te zeggen over een schilderij, een gebouw, een muziekstuk, een film enz.

Met de volgende opdracht zul je dit (hopelijk) ervaren. Het is een opdracht die betrekking heeft op beeldende vorming.

De opdracht (voor minimaal twee personen: A en B) bestaat uit volgende stappen:


  1. Persoon A bekijkt de afbeelding goed en beschrijft hetgeen hij/ zij ziet zo nauwkeurig mogelijk aan persoon B die de afbeelding niet mag zien . A geeft ook zijn/ haar mening over het kunstwerk.

B maakt over dit alles aantekeningen in telegramstijl.
In hoeverre kan B zich een voorstelling maken van het kunstwerk? (Geef aan op de schaal)
Ziet het helemaal voor zich Kan zich er niets bij voorstellen
1 2 3 4 5


  1. A leest de toelichting bij het kunstwerk en vertelt die, in eigen woorden aan B die weer aantekeningen in telegramstijl maakt. Ook nu geeft A zijn/ haar mening over het kunstwerk
    In hoeverre kan B zich nu een voorstelling maken van het kunstwerk? (Geef weer aan op de schaal)

    Ziet het helemaal voor zich Kan zich er niets bij voorstellen

    1 2 3 4 5

    A laat het kunstwerk zien aan B






  1. Lees nu samen het analyseschema “beeldende vormgeving” door (eerst de introductie, daarna het schema zelf). Waar nodig raadpleeg je de toelichting.
    Probeer nu alle aantekeningen van B onder te brengen in het schema.
    Je zult merken dat het schema je ook opmerkzaam maakt op zaken die je nog niet (bewust) had waargenomen. Z.O.Z.


  2. Lever in:
    Een analyse van het kunstwerk, gemaakt aan de hand van het kunstbeschouwingmodel. (ca. 1 A4)
    Let op: waarschijnlijk zijn niet alle genoemde onderdelen van toepassing op jullie kunstwerk. Sla die dus over. Het model is een hulpmiddel en niet een doel!


Introductie tot het analyseschema beeldende vormgeving

Globaal bestaat het schema uit drie delen:

Inhoud

Voorstelling: Waar gaat het over? Bijvoorbeeld: Zit er een verhaal achter?

Boodschap: Wat heeft de kunstenaar daarover te vertellen? Bijvoorbeeld: heeft hij een mening over dat verhaal, wat vindt hij ervan, toont hij ontzag of spot hij ermee enz.

Abstrahering: In hoeverre suggereert het kunstwerk de werkelijkheid? Bijvoorbeeld: heeft de kunstenaar zijn/ haar best gedaan om het “goed te laten lijken” of heeft hij/ zij juist expres de werkelijkheid vervormd. De twee uitersten hierin noem je “figuratief” (zoveel mogelijk de werkelijkheid benaderend) en “abstract” (het “stelt niets voor”, maar kan natuurlijk evengoed heel mooi zijn)

Vorm

Middelen: Waarmee is het kunstwerk gemaakt?

Bijvoorbeeld:

zijn er kleuren gebruikt, wat voor kleuren?

waar komt het licht vandaan?

is het een schilderij (tweedimensionaal) of een beeldhouwwerk (driedimensionaal)?

wat voor materiaal is er gebruikt?

hebben de vormen een duidelijke of een vage contour (omtrek)?

zijn het strakke, meetkundige figuren, of juist beweeglijke vormen?

Enz.

Samenhang: Hoe zijn de middelen geordend?

Bijvoorbeeld wat betreft de compositie:

Is er sprake van een duidelijk middelpunt? of

Is er sprake van een horizontale, diagonale of juist een verticale lijn? of

Zijn de onderdelen zo geordend dat ze als het ware een driehoek vormen? Of

Zijn de onderdelen verspreid over het hele vlak?

Bijvoorbeeld wat betreft de tijd:

Beeldende kunst speelt zich niet af in de tijd. Toch kan het kunstwerk de indruk wekken dat er “iets aan het gebeuren is”. Dit is bijvoorbeeld het geval bij een schilderij waarop iemand wordt afgebeeld op een galopperend paard. Er is dan sprake van “bewegingssuggestie”.

Een stilstaande ruiter te paard wekt niet de indruk dat hij beweegt: het beeld is statisch.

Functie

Met welk doel wordt het kunstwerk gebracht?

Wat wil de maker (of opdrachtgever) ermee bereiken?

Bijvoorbeeld:

Het heeft een religieus doel

Het heeft een esthetisch doel (gewoon omdat het mooi is, of juist lelijk, vervreemdend, of juist herkenbaar enz.)

Het heeft een politiek doel (bijvoorbeeld: protest)

Het heeft een economisch doel (werk, reclame)

Het heeft een educatief doel (bijvoorbeeld: het kunstwerk moet mensen iets duidelijk maken)

Het heeft vermaak tot doel (bijvoorbeeld: het is bedoeld als amusement)

Autonoom ↔ toegepast


Autonome kunst is kunst die op zichzelf staat en verder geen functie heeft. Toegepaste kunst is een vorm van kunst met een praktische functie, bijvoorbeeld: affiches, kleding, meubels, architectuur, serviesgoed enz.

DE EXTASE VAN DE H. TERESIA

Het kunstwerk bevindt zich in de kerk: “Santa Maria della Vittoria” te Rome. Het is gemaakt door de kunstenaar Bernini in 1652 in opdracht van de familie Cornaro. De kapel waar het hangt, heet dan ook de “Cornaro kapel”.

Zoals dat wel vaker gebeurde in die tijd, wilde de familie graag ook zelf afgebeeld worden op het kunstwerk. Bernini heeft dat op een originele manier opgelost:

Het beeld is opgehangen boven een altaar in een soort omlijst toneeltje. Op de zijwanden van de kapel heeft hij de hele Cornaro familie afgebeeld (op deze afbeelding dus niet zichtbaar). Zo lijkt het net alsof zij een toneelstuk bekijken over de heilige Teresia.

Teresia van Avila (1515-1582), beter bekend als de heilige Teresia had visioenen en extatische ervaringen. Zo vertelt zij ergens in haar geschriften dat tijdens een visioen een engel haar hart doorboorde met een vlammende pijl: “De pijn was zo fel dat ik het uitriep, maar tegelijk voelde ik een zaligheid die ik eeuwig wilde behouden. Het was de zachtste streling van de ziel door God”.

Dat moment heeft Bernini vastgelegd.

Het is een werk uit de barok en het vertoont ook duidelijk de kenmerken daarvan: er is sprake van een enorme hang naar overweldigende emoties, dynamische bewegingen en een grootse presentatie. Het werk was dan ook vooral bedoeld om indruk te maken op de kerkgangers.

Dat was nodig nadat de katholieke kerk zware verliezen had geleden als gevolg van de reformatie (denk aan de beeldenstorm). Na een periode van bezinning heeft de katholieke kerk zich weer hersteld en om uiting te geven aan de herwonnen levenskracht stimuleert de kerk de bouw van nieuwe kerken en kloosters. De stijl die daarvoor gebruikt wordt is feestelijk, groots en uitbundig. Met deze bijna overdonderende stijl wilde de kerk indruk maken en de kerkgangers overtuigen van de kracht van het ware geloof, oftewel, met veel spektakel diende het eenvoudige volk de moederkerk (weer) binnengelokt te worden.

De Teresia van Bernini moet in die zin ook betoverend gewerkt hebben : het licht komt van boven en lijkt daarmee rechtstreeks uit de hemel te komen. Dat wordt nog eens bevestigd door de gouden stralen en het feit dat de gehele compositie de vorm van een driehoek heeft. De uitdrukking op het gezicht van Teresia is vol emotie en het gehele tafereel drukt een sterke beweging uit: de engel kan elk moment toesteken met de pijl der liefde.

Een eenvoudige kerkganger moet bij de aanblik van dit kunstwerk het gevoel hebben gekregen dat hij getuige was van een wonder en kon derhalve niet veel anders dan in stille aanbidding neerknielen……


Bron: “Kunst met voetnoten” – Ad de Visser



  • Introductie tot het analyseschema beeldende vormgeving
  • Functie
  • Autonoom ↔ toegepast

  • Dovnload 18.95 Kb.