Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Modellen jaar 2 Administratieve organisatie

Dovnload 9.53 Mb.

Modellen jaar 2 Administratieve organisatie



Pagina4/63
Datum05.12.2018
Grootte9.53 Mb.

Dovnload 9.53 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   63

Beheersing van processen



Administratieve organisatie

Gaat over hoe je een organisatie moet inrichten zodat je fouten kunt voorkomen. Dit aan de hand van het drie-W model:



  1. Waarom bestaat AO: wat is het doel?
    Voorkomen dat het een puinhoop wordt! Dit door middel van:

    1. Besturen – gewenste richting geven (dagelijkse activiteiten)

    2. Doen functioneren – de tent moet draaien (dagelijkse activiteiten)

    3. Beheersen van een organisatie – feilloos kunnen uitvoeren of toepassen (dagelijkse activiteiten)

    4. Verantwoording afleggen – verschil tussen intern en externe verantwoording afleggen (gebeurd periodiek)

  2. Waarmee kunnen doelstellingen bereikt worden: wat staat centraal?
    Twee woorden: betrouwbare informatie. Welke informatie nodig is, hangt af van de activiteiten van de organisatie en van de functionaris waar we het over hebben. Onderscheid tussen:

    1. Strategische informatie – van belang voor topleiding; gaat om het sturen van de organisatie: het bepalen van de doelstellingen. zowel interne als externe informatie is van groot belang.

    2. Tactische informatie – gericht op het beheersen van de organisatie. De strategie, bepaalt vanuit de top, wordt vertaald naar doelstellingen.

    3. Operationele informatie – alle informatie die nodig is om de organisatie dagelijks te doen functioneren.

Betrouwbaarheid van informatie hangt af van de juistheid, volledigheid en tijdigheid!!!

  1. Wat moet daarvoor gebeuren: hoe kan het doel bereikt worden?

Organisatie en processen zodanig inrichten dat op een systematische wijze gegevens verzameld, vastgelegd en verwerkt worden. verschil gegevens en informatie:

    1. Gegevens – betreffen puur de vastlegging van iets

    2. Informatie – heeft betekenis voor de gebruiker


Interne controle

Toetsen van werkelijkheid aan de norm; verweven in processen. Drie vormen van controle:



  1. Zelfcontrole – eigen werk controleren; nadelen – over eigen fouten heen lezen; eigen fouten niet toegeven.

  2. Interne controle – controle door of namens leiding; kan preventief (voorkomend) dan wel repressief (onderdrukkend).

  3. Externe controleexterne accountants, belastingdienst, etc.


Functiescheiding = organisatie en processen worden zo ingedeeld dat bij handelingen en transacties meerdere functionarissen betrokken zijn. Hieruit blijkt dat er automatische controles in het proces zitten omdat de diverse functionarissen tegengestelde belangen hebben.

Dus, er is sprake van een essentiële maatregel van interne controle tussen de beherende functie, bewarende functie en de registrerende/controlerende functie.


Beheersing van processen, management control

Het systeem van management control valt sterk vereenvoudigd te definiëren als ‘het proces om de bedrijfsactiviteiten te beheersen.


In de balanced scorecard worden zaken gerapporteerd die ‘kritische succesfactoren’ zijn voor de organisatie om doelen te behalen. Dit gebeurd vanuit vier perspectieven:

  1. Financieel perspectief (financiën)

  2. Klantenperspectief (klanten)

  3. Intern perspectief (efficiency)

  4. Innovatieperspectief (vernieuwing)

Vanuit problemen in het internationale bedrijfsleven is op een gegeven moment in de Verenigde Staten het COSO –rapport gepubliceerd. Hierin is een internal control framework gepresenteerd dat verder gaat dan het traditionele management control 


De bovenzijde van de kubus geeft de doelstellingen aan waar internal control zich op richt.

De rechterzijde geeft het concept van internal control voor alle organisatie-eenheden weer.

De voorzijde van de kubus geeft de essentiële gedachte van COSO weer. Belangrijkste toevoegingen:


  • Interne omgevingcultuur binnen onderneming

  • Risicobeoordeling – controle vooral gericht op risicogebieden; doel: maatregelen nemen waar mogelijke risico’s het grootst zijn = risicomanagement.


Methoden en technieken van administratieve organisatie

Kan op twee niveaus: hoofdlijnen (kort weergegeven) en handelingsniveau (uitgebreid); maar ook op twee manieren: beschrijvingen en (stroom)schema’s.


1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   63

  • Interne controle
  • Functiescheiding
  • Beheersing van processen, management control
  • COSO –rapport
  • Interne omgeving

  • Dovnload 9.53 Mb.