Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Neonatologie – K. De winter Vroedkundige aspecten Mogelijke examenvragen

Dovnload 0.54 Mb.

Neonatologie – K. De winter Vroedkundige aspecten Mogelijke examenvragen



Pagina7/7
Datum29.07.2018
Grootte0.54 Mb.

Dovnload 0.54 Mb.
1   2   3   4   5   6   7

Lichaamsverhoudingen

  • Naarmate lichaam groeit is middelpunt van lengte niet meer navel maar schaambeen

  • Puberteit  volwassen verhoudingen worden bereikt

  • Verschilt van individue tot individu




  1. Skelet

  • Botweesel = meest ingrijpende veranderingen

  • Botweefsel  bindweefsel  kraakbeen  been

  • Verbeningskernen = kalk en mineralen zetten zich af

  • Overgang diafyse  epifyse = Epifysaire schijf

  • Lengtegroei van bot in epifysaire schijf

  • Sluiten van schijf = stop lengtegroei

  • Skeletleeftijd = gemiddelde botontwikkeling bij kinderen van bep leeftijd

  • Röntgenonderzoek voor skeletleeftijd




  1. Gebit

  • Bij geboorte: melktanden en eerste blijvende kiezen bedekt met tandvlees in de kaak

  • 20 tanden van melkgebit

  • 32 blijvende tanden


    1. Psychomotorische ontwikkeling




      1. Motorische ontwikkeling

  • Kind leert spieren beheersen en gebruiken

  • Grof motorische vaardigheden (rollen, zitten, kruipen, stappen, lopen)

  • Fijn motorische vaardigheden (grijpen, perifere hand- en vingergrepen)


Verloop motorische ontwikkeling

Geboorte:



  • Ongecoördineerd

  • Aangeboren reflexen (zuig, grijp, stap, schrik refex)

Redelijk snel:

  • Aangeleerde willekeurige bewegingen (rollen, zitten, staan, stappen)

Cefaal-caudale richting = begint bij hoofd  in richting stuit

Proximaal distale richting = motoriek vanuit lichaamsas  ledematen




      1. Psychische ontwikkeling




  1. Cognitieve ontwikkeling

Intelligentie

  • Niet ‘verstand’

  • Maar samenwerking tussen vele begaafdheden

    • Logisch redeneren

    • Taalbeheersing

    • Ruimtelijk inzicht

  • Verhinderen te ontwikkelen: bij verwaarlozing

  • Beschadigd raken: hersentrauma


Theorie van Piaget

• Intelligentie is iemand vermogen om te zorgen voor een evenwichtige verhouding tussen hemzelf en zijn omgeving

• Intelligentie doordat het kind steeds beter de informatie uit zijn omgeving leert ontvangen, verwerken en zijn gedrag daarop aanpassen
4 stadia

• Sensomotorisch stadium (0-2 j)

• Preoperationeel of prelogische of symbolische stadium (2-7 j)

• Stadium van het concreet-causaal of concreet-operationeel denken (7-11 j)

• Stadium van het abstract- hypothetisch of formeel- operationeel denken (11-15 j)
Milieufactoren

Geestelijke ontwikkeling meeste kans in leefsituatie waar kennis gerespecteerd wordt

• Experimenteren

Fouten mogen maken

Voeding: eiwitten

• Geestelijke retardatie




  1. Emotionele ontwikkeling

  • Gevoelens tgo andere mensen

  • Spanningen in contacten met groter wordende wereld

  • Belangrijkste factoren die emotionele ontwikkeling kan beïnvloeden:

    • Bevrediging van elementaire emotionele behoeften

    • Gezin

    • Ziekte en andere traumatische ervaringen


Bevrediging elementaire emotionele behoeften:

  1. Liefde en warmte = opgroeien tot volwaardig social persoon dat zelf in staat is om liefde te geven

  2. Geborgenheid = tegen dreigingen vanuit buitenwereld (honger,vreemden,..)

  3. Aanvaarding = gerespecteerd zoals het is

  4. Zelfrespect = bevestigd worden in doen en laten

  5. Prestatiedrang = afremming door kriteiek en overbezorgdheid

  6. Erkenning = wanneer goed en fout

  7. Onafhankelijkheid = onafhankelijke ontplooiing

  8. Orde en regelmaat = duidelijke grenzen

  9. Gezin = hechting, broertjes en zusjes spelen belanrijke rol

  10. Traumatische ervaringen = echtscheiding, sterfgeval kunnen emotionele ontwikkeling remmen




      1. Sociale ontwikkeling

  • Bij geboorte: lust en onlustgevoelens door huilen  verzorgers in actie

  • Ouders leren kennen

  • 9 maanden: bekende personen herkennen en vreemdenangst

  • 2-3 j samenspelen met andere kinderen




    1. Factoren die groei en ontwikkeling beïnvloeden

  • Erfelijkheid = op chromosome fundamentele eenheden

  • Intra-uteriene omstandigheden = afwijingen placenta, geneesmiddelen

  • Geboorte = eventuele gevolgen van tijdelijke aard

  • Milieu = alles wat kind omringt

  • Voeding = voldoende voedingsmiddelen moeten alle benodigde

voedingsstoffen bevatten




    1. Het spel in de ontwikkeling van het kind

  1. Lichamelijke en motorische ontwikkeling

= spieren oefenen en motorische coördinatie leren

= hele lichaam wordt betrokken

= spelactiviteiten  goede gezondheid


  1. Sociale ontwikkeling

= kind dat met ander kind spelt = social opzicht

= leert samen delen, beurt wachten, met andere omgaan

= ondervindt vriendschap


  1. Uiting van gevoelens

= boosheid afreageren

= wedstrijdsport = uitlaatklep

= spel bidet vele mogelijkheden


  1. Geestelijke ontwikkeling

= leren (informative uit omgeving verwerken)

= cognitieve vaardigheden

= zintuigen wordne betrokken


  1. Ontwikkeling van morele waarden

= bewust van morele waarden tijdens spelen

= anderen plezier of pijn bezorgen

= verschil tussen waarheid zeggen en liegen



  1. De groei van de ontwikkeling van de pasgebore




    1. Verhouding jongens/meisjes

  • Sexratio = volgens statistieken op ierde 100 meisjes, 600 jongens geboren

  • Geen redden

  • Mannelijke baby’s blijken zwakker en sterftecijfer ligt hoger




    1. Vorm en groeiparameters van het lichaam

  • Jongens zijn lager en zwaader dan meisjes

  • Eerst geboren kind is meestal kleiner da broertjes en zusjes

  • Gemiddelde lichaamsmaten van pasgeborene:

    • schedelomtrek: 35 – 37 cm

    • lengte: 46 – 54 cm

    • gewicht: 3000 – 4000 gr




    1. Motorische ontwikkeling

Fysiologische veerkracht

= weerstand voor inwendige spanningen

= beschermt baby gedurende eerste uren en dagen tegen hevige reactive op nieuwe vijandige buitenwereld

= preterme neonaat heeft geen veerkracht  niet tegen al deze invloeden beschermd

= week na geboorte  lichaamsfunctie biginnen goed te werken

baby reageert meer op koude, warmte en verstoord evenwicht

= spieren zijn stevig en veerkrachtig


Reflex

Beschrijving

Tijdstip en duur

Afweerreflexen







Schrikken (Moro-reflex)

Bij plotse prikkel arm omhoog, beven, langzaam ontspannen

Bij geboorte: verdwijnt bij +- 2 maanden

Tonische nekreflexen

Houdingsafweerreactie, hoofd, arm en been naar een kant, langzame ontspanning

Bij geboorte: verdwijnt bij +- 2-3 maanden

Grijpen

Grijpt naar ieder voorwerp met kracht van lichaamsgewicht, ontspant

Bij geboorte: verdwijnt bij +- 2-3 maanden

Knipperen met ogen

Bij aanraking of licht sluiten en openen de oogleden

Bij geboorte: verdwijnt bij +- 2 maanden

Huilen

Bij plotselinge pijn, koude, honger stroomt lucht door de stembanden

Bij geboorte: levenslang

Voedingsreflexen







Zuigen

Lippen plooien zich, tong rolt op, zuigbewegingen bij honger en prikken van lippen

Bij geboorte: verdwijnt bij 6-8 maanden

Zoekreflex

Bij aanraking van wang of lippen draait het hoofd naar zeide van aanraking

Bij geboorte: verdwijnt bij 6 maanden

Slikreflex

Luchtwegen worden afgesloten, slokdarm gaat open, zodra veel voedsel

achter in mond komt




Bij geboorte: levenslang

Kokhalsreflex

Bij aanraking van huig gaat slokdarm open en treedt antiperistaltiek op

Bij geboorte: levenslang

Ademhalingsreflexen







Adembewging

Borst-en buikspieren veroorzaken in en uitademhalingsbewegingen

Bij geboorte: levenslang

Niezen

Krachtig terugstromen van lucht door neus en keel

Bij geboorte: levenslang

Hoesten

Krachtig terugstromen van lucht door neus en keel

Bij 1 jaar: levenslang

Geconditioneerde reflex

Aangeleerde reacties op verschillende prikkels, zoals ophouden met huilen als moeder komt

2 maanden: kana an en afgeleerd worden




    1. Psychische en emotionele ontwikkeling

Kind in Sensomotorische stadium  kind kan psychisch welbevinden en gevoelens uiten met ganse lichaam


15.4.1 Zintuiglijke ontwikkeling


Zintuigen







Tastzin, huid

Aanraking, pijn, druk, lippen van de zuigeling zijn meest gevoelig

Bij geboorte: levenslang

Reuk

Gewaarwording van geuren, herkenning van geur van moeder

Bij geboorte: levenslang

Smaak

Zoet, anijs en zuur, andere smaken later

Bij geboorte: levenslang

Gehoor

Gewaarwording van harde geluiden, herkennen van stem van de moeder

2-3 dagen als buis van Eustachius doorgankelijk is

Gezicht

Zwart/wit contrasten

Gevoelig voor licht

Volgt een lichtje

Kan fixeren: produceert tranen



Bij geboorte: levenslang




    1. Sociale ontwikkeling

  • Pasgeborene leeft in symbiose met zijn moeder

  • Voor primaire behoeften = totaal afhankelijk

  • Huilen

= vorm van communiceren

= baby huilt niet zomaar



= leren observeren waarom baby huilt
Slaapbehoefte

  • 20 uur/etmaal

  • wakker = honger

  • slapen = honger gestild

  • afwisselend op linker en rechter zijde

  • rugliggen aangewezen houding
1   2   3   4   5   6   7

  • Psychomotorische ontwikkeling Motorische ontwikkeling
  • Verloop motorische ontwikkeling • Geboorte
  • Proximaal distale richting
  • Emotionele ontwikkeling Gevoelens
  • Ziekte en andere traumatische ervaringen Bevrediging elementaire emotionele behoeften: Liefde en warmte
  • Prestatiedrang
  • Factoren die groei en ontwikkeling beïnvloeden Erfelijkheid
  • Voeding
  • Geestelijke ontwikkeling
  • De groei van de ontwikkeling van de pasgebore Verhouding jongens/meisjes
  • Vorm en groeiparameters van het lichaam
  • Motorische ontwikkeling Fysiologische veerkracht
  • Reflex Beschrijving Tijdstip en duur
  • Voedingsreflexen Zuigen
  • Psychische en emotionele ontwikkeling
  • Zintuigen Tastzin, huid

  • Dovnload 0.54 Mb.