Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Nota aan oc kleine Nete Zitting 1 december 2015 – agendapunt 5 Inleiding

Dovnload 1.8 Mb.

Nota aan oc kleine Nete Zitting 1 december 2015 – agendapunt 5 Inleiding



Pagina5/6
Datum05.12.2018
Grootte1.8 Mb.

Dovnload 1.8 Mb.
1   2   3   4   5   6

Biotoop voor verlandingssoorten van stilstaand water compenseren

De vegetatie in de huidige oude meander werd op de BWK als  AEV (stilstaande wateren) of sbbsf (wilgenstruweel) geïnventariseerd. Deze vegetaties zijn niet habitatwaardig, zoals uit de overlay van de habitatvertaling en de BWK2 blijkt hieronder. Enkel de loofbosbestanden in deze omgeving zijn habitatwaardig (9120 en 9190), die worden maximaal behouden bij de inrichting. Na de inrichting zal er voor de vegetaties van stilstaande wateren (AEV) een verschuiving optreden vanuit de bestaande oude meander  naar de afgegraven zones. Zelfs al staan de laagtes in open verbinding met de Kleine Nete en de nieuwe meander, dan nog stroomt het grootste deel van deze oppervlakte niet mee met de stroming van de rivier. Zowel voor de stilstaande wateren als voor het wilgenstruweel zal het areaal duidelijk uitbreiden, NAAST het nieuwe vegetatietype van stromend water in de aangesloten meander en de stroomgeultjes doorheen de laagtes.



  1. Geen aantasting van de verlandingssoorten van stilstaand water

Indien hier het verlandingsstadium met wilgenstruweel wordt bedoeld kan gesteld worden dat er een aanzienlijke areaaluitbreiding wordt vooropgesteld na uitvoering van het project. Actueel is dit verlandingsstadium enkel minimaal aanwezig net ten westen van de N19g.

Het meest uitgesproken deel van de historische meander met stilstaand water, wordt aangesloten zonder omvangrijke vergraving (zie hierboven).


De inrichtingswerken aan de Kleine Nete ter hoogte van de N19g (en bij uitbreiding over het grondgebied Geel) zijn niet gelegen in een speciale beschermingszone (SBZ-H of SBZ-V) en de betrokken biotopen zijn niet ingedeeld als habitat. Een minieme oppervlakte (100den m²) wilgenstruweel net ten westen van de peilerbrug kan als RBB (regionaal belangrijk biotoop) beschouwd worden, maar in slechte toestand door de uiterst beperkte omvang. Na de inrichting zal een veel grotere oppervlakte wilgenstruweel (1000den m²) ontstaan in de afgegraven delen buiten de nieuwe loop.  Dit belet niet dat VMM zich volledig inschrijft in alle noodzakelijke compensaties in uitvoering van de EU richtlijnen of Vlaamse wetgeving. Cfr de projectMER ontheffing zijn geen compensaties opgelegd. Volgend schema geeft schematisch aan wat het eindresultaat is:


vóór


1   2   3   4   5   6

  • Geen aantasting van de verlandingssoorten van stilstaand water

  • Dovnload 1.8 Mb.