Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Onderzoeksopdracht Vlaams wetenschappelijk onderzoek

Dovnload 0.74 Mb.

Onderzoeksopdracht Vlaams wetenschappelijk onderzoek



Pagina16/27
Datum04.04.2017
Grootte0.74 Mb.

Dovnload 0.74 Mb.
1   ...   12   13   14   15   16   17   18   19   ...   27

E. Steekproef


Uiteindelijk kwamen we uit op een bestand van 1083 projecten. Wegens de hierboven geschetste obstakels in de uitvoering van onze methodologie kunnen we zeker niet ambiëren dat dit een inventaris is van alle Vlaamse projectwerk in / met / voor ontwikkelingslanden.

We hebben hier dus een steekproef van researchprojecten in / met / voor ontwikkelingslanden, die niet volledig representatief is in de betekenis dat de werkelijke activiteiten verhoudingsgewijs op een gebalanceerde wijze aan bod komen, er is zeker sprake van een aantal scheeftrekkingen (zie ook hoofdstuk 7).



Dit probleem werd in juni 2003 met de stuurgroep van het project besproken, met de expliciete vraag of het niet beter was het project een andere richting te geven of te wachten tot er meer betrouwbare en complete informatie beschikbaar zou zijn. De stuurgroep kwam echter tot de conclusie dat

  • de moeizame beschikbaarheid van gegevens op zich reeds een interessante bevinding is

  • de steekproef, met inachtname van de beperkingen, toch bruikbare informatie kon opleveren voor de uiteindelijke doelstellingen van de opdracht 1) in kaart brengen van de Vlaamse expertiseniches en 2) identificeren van de voornaamste teams. (wie doet wat).

De gegevens van de steekproef werden dus gebruikt voor 2 analyses:

  • de expertiseniches in kaart brengen per domein van de wetenschap. Dit gebeurde door elk project toe te wijzen aan een zeer specifieke niche binnen een model met tot zes hiërarchische niveaus. Zo werden de projecten aan elkaar geclusterd, wat een visuele voorstelling mogelijk maakt (zie hoofdstuk 6)

  • een (rudimentaire) selectie van researchteams die waarschijnlijk een rol van een zeker belang spelen, op basis van het aantal projecten van dit team in onze steekproef (cutoff: 5 recente projecten). Dit leverde 60 teams op, die elk een korte vragenlijst kregen (model in annex) en ook gevraagd werden de lijst van hun projecten (zoals per ons databestand) te verifiëren, te valideren en aan te vullen. De antwoorden werden deels verwerkt in hoofdstuk 6 (als correctie op het databestand) en in hoofdstuk 7 (antwoorden op de questionnaire, reciprociteit van de erkenning als belangrijk team op een vakgebied)

F. Ontwikkelingsrelevant ?


Voor het gegevensbestand werden alle projecten geselecteerd die in/met/voor ontwikkelingslanden plaatsvinden. Binnen de stuurgroep, de promotoren- en teamvergaderingen kwam initiëel voortdurend de vraag aan bod: ja, dit project is nu wel in een ontwikkelingsland, maar is het wel ontwikkelingsrelevant ? Na rijp beraad en overleg kwamen we tot het volgende beleid:

  1. alle projecten werden geïncludeerd, ontwikkelingsrelevantie is geen criterium voor opname in de steekproef

  2. uit de vaststelling dat ontwikkelingsrelevantie wel als een beoordelingscriterium gebruikt wordt (ook in allerlei selectieprocedures) maar dat iedereen er iets anders onder verstaat, bleek dat het nuttig is om een state-of-the-art overzicht te geven, en dat is het hoofdstuk 3 van dit rapport geworden. Dit kan aanleiding geven tot gefundeerde operationele beoordelingscriteria die, naast even belangrijke wetenschappelijke beoordelingscriteria, gebruikt kunnen worden door de administraties en door selectiepanels bij het vastleggen van hun beleid terzake.

G. Workshop


Hoe passen we ontwikkelings- en wetenschappelijke relevantiecriterie in de praktijk toe op het rijk geschakeerde landschap van expertise in Vlaanderen ? Het leek de moeite om beleidsmensen samen te brengen met wetenschappers in een workshop om hier enkele vragen, conclusies en aanbevelingen op te sporen.

H. Eindrapport


Dit alles is verwerkt in een eindverslag..

6.Expertisegebieden


We hebben getracht om de resultaten van onze studie zo overzichtelijk mogelijk voor te stellen. Eerst bekijken we op welke gebieden expertise aanwezig is in Vlaamse onderzoeksteams. Elk onderzoeksproject in de steekproef werd geklasseerd volgens het meest specifieke expertisegebied (de 'niche') dat van toepassing is. Vervolgens werden gelijkaardige expertises samengevoegd in steeds grotere clusters die uiteindelijk in de CORDIS-classificatie pasten. We stellen deze 'clustergrammen' voor in 8 kaarten, waarin we het relatieve belang van elke expertise-niche aangeven door het aantal projecten dat we hierbij in de steekproef onderverdeelden, en een benadering van het onderzoeksbudget voor elke cluster18.

A. Natuurwetenschappen:



  • Clustergram 1: Landbouw (Landbouwkunde, Bodemkunde, Teelttechnieken, Bosbouw, Dierlijke productie) 102 projecten, ongeveer € 12,7M (budget beschikbaar voor 89% van de projecten)

  • Clustergram 2: Biologie (Biologie, Plantkunde, Dierkunde, Bio-engineering): 140 projecten, ongeveer € 14,4M (budget beschikbaar voor 79% van de projecten)

  • Clustergram 3: Milieu (Aardwetenschappen, Water, Beheer natuurlijke rijkdommen, 'Global change', Ecologie): 144 projecten, ongeveer € 12,2M (budget beschikbaar voor 80% van de projecten)

B. Exacte wetenschappen: Clustergram 4 (Scheikunde, Fysia, Wiskunde, Sterrenkunde, Informatica):
37 projecten, ongeveer € 3,6M (budget beschikbaar voor 89% van de projecten)

C. Technologie: Clustergram 5 (Technologie, Engineering): 60 projecten, ongeveer € 8,7M (budget


beschikbaar voor 88% van de projecten)

D. Menswetenschappen: Clustergram 6 (Geschiedenis, Literatuur, Taalwetenschappen, Kunst,


Informatiewetenschappen, Religieuze wetenschappen): 109 projecten, ongeveer € 13M (budget
beschikbaar voor 79% van de projecten)

E. Sociale wetenschappen: Clustergram 7 (Politieke wetenschappen, Juridische wetenschappen,


Economie, Pedagogiek, Cultuurstudies, Antropologie, Sociologie, Communicatiewetenschappen)
229 projecten, ongeveer € 19M (budget beschikbaar voor 95% van de projecten)

F. Gezondheidswetenschappen: Clustergram 8 (Diergeneeskunde, Capaciteitsondersteuning, Humane


gezondheidswetenschappen (Volksgezondheid, Parasitologie, Virologie, Bacteriologie, Niet
overdraagbare aandoeningen, Farmacologie/diagnostica)): 262 projecten, ongeveer € 56M (budget
beschikbaar voor 92% van de projecten)

Elk clustergram is tot op vier niveau's onderverdeeld, en op elk niveau worden twee gegevens symbolisch weergegeven: aantal projecten (cirkels) en geschat researchbudget (vierkanten). Kleur en grootte van de symbolen geven de onderlinge verhoudingen weer. In sommige clusters worden een aantal projecten die niet in een van de subclusters vallen, apart weergegeven, buiten de subclusters maar binnen de ruimte van de cluster.

Per cluster wordt in dit hoofdstuk ook een korte uitleg / verantwoording gegeven. Bij de omvangrijke clusters worden ook de voornaamste actoren en de geografische focus weergegeven.

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de proporties tussen de verschillende hoofddomeinen voor wat betreft de projecten (totaal 1083) en de (geëxtrapoleerde) budgetten (totaal 159 M€) die in de steekproef opgenomen zijn.







1   ...   12   13   14   15   16   17   18   19   ...   27

  • F. Ontwikkelingsrelevant
  • G. Workshop
  • H. Eindrapport Dit alles is verwerkt in een eindverslag.. 6.Expertisegebieden

  • Dovnload 0.74 Mb.