Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Onderzoeksopdracht Vlaams wetenschappelijk onderzoek

Dovnload 0.74 Mb.

Onderzoeksopdracht Vlaams wetenschappelijk onderzoek



Pagina8/27
Datum04.04.2017
Grootte0.74 Mb.

Dovnload 0.74 Mb.
1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   ...   27

4. DE ACTUELE GRAMMATICA VAN ONDERZOEK
VOOR ONTWIKKELING: POTENTIES EN
STRUCTURELE AANDACHTSPUNTEN


In de zoektocht naar een betere aanpak van onderzoek in, voor en met ontwikkelingslanden maken enkele termen opgang die de actieve betrokkenheid van het zuiden bij het opzetten, uitvoeren en evalueren van onderzoek beklemtonen. We schenken beknopt aandacht aan deze begrippen om twee redenen. Ten eerste zijn ze inherent of expliciet aanwezig in de Vlaamse onderzoekspolitiek en – praktijk in ontwikkelingslanden maar wordt vaak onvoldoende geduid voor welke inhoud ze precies staan. Ten tweede, en aansluitend, nemen we de begrippen op omdat ze het reële gevaar inhouden van het fenomeen van oude wijn die in nieuwe zakken wordt verkocht. De politieke betekenis van capaciteitsopbouw, partnerschap en vraaggestuurd onderzoek wordt nog te veel overschaduwd door de diverse invullingen die aan de begrippen worden gegeven, gepaard gaand met een meervoudige praktijk waarin de context van ongelijkheid niet doorbroken maar bestendigd wordt.

4.1. Capaciteitsopbouw


In een ruime definitie van capaciteitsopbouw- die het veld van onderzoek overstijgt- staat het begrip voor ‘het proces waarbij individuen, groepen, organisaties, instituties en gemeenschappen hun mogelijkheden vergroten om (1) sleutelfuncties uit te voeren, problemen op te lossen, doelen te definiëren en te bereiken en (2) hun ontwikkelingsnoden te begrijpen en aan te pakken in een globale context en op duurzame wijze (UNDP, 1997). Algemeen is men het erover eens dat capaciteitsopbouw in het zuiden een voorwaarde is om de bestaande kloof inzake onderzoek en technologie tussen HICs en LICs werkbaar en duurzaam evoluerend te dichten. Overheden, civiele organisaties, de private sector en donoren erkennen allen de noodzaak van capaciteitsopbouw als eerste bekommernis of belangrijk neveneffect van onderzoekssamenwerking tussen noord en zuid (UNDP, 2001; Wereldbank, 2002, 1999; VLIR, 2002)10. Op basis van een evaluatie van bestaande praktijken inzake capaciteitsopbouw en de hierin waargenomen gemeenschappelijke uitgangspunten omschrijft de UNDP de principes van capaciteitsopbouw nader als (1) capaciteit is even noodzakelijk voor ontwikkeling als economische doelstellingen, (2) capaciteit verwijst niet enkel naar individuele mogelijkheden maar is tevens institutioneel en gemeenschappelijk en (3) kennis kan niet worden getransfereerd maar moet worden aangeleerd.

We menen deze uitgangspunten te kunnen onderschrijven vanuit de vraagstelling naar criteria voor ontwikkelingsrelevant onderzoek. Meerbepaald zijn aandachtspunten voor onderzoek in ontwikkelingslanden in dit licht (sommige haalden we reeds aan):



  • Sluit men aan bij de aanwezige capaciteiten en

  • worden onderzoeksprojecten voldoende ingebed in de lokaal aanwezige kennis?

  • Wordt in de evaluatie van onderzoeksprojecten ruimte gelaten voor de inbreng van de zuidelijke partners –instituties, civiele organisaties en de doelgroepen zelf?

  • Heeft men aandacht voor de doorgroei van onderzoeksresultaten in de zuidelijke context – zodat de ‘wetenschappelijke lift’ ook na de feitelijke samenwerking betekenisvol blijft?

  • Worden machtsongelijkheden aangekaart? Capaciteitsopbouw is geen machtsneutrale zaak en vergt moedige dialoog en een transparante onderzoekscultuur.

  • Ademt het onderzoeksproces een fundamenteel respect uit voor de lokale waarden?

  • (Lopez & Thieson, 2003)

4.2. Partnerschap


Partnerschap tussen onderzoekseenheden in het noorden en het zuiden wint aan interesse als instrument voor capaciteitsopbouw (zie o.m. VLIR, 2002). Het is een valide methode om de overdracht van kennis en bronnen te faciliteren en in het zuiden de opbouw van een onderzoekscultuur te faciliteren. Toch zijn de valkuilen ook hier niet gering en beklemtoont de literatuur rond partnerschap de noodzaak meer aandacht te schenken aan een uitklaring van de verantwoordelijkheden en rechten van de betrokken partners (James, 2000; Mohiddin, 1998). Precondities voor een duurzaam partnerschap als staf-opleiding in het zuiden (om brain-drain tegen te gaan), de aanwezigheid van een kwalitatief ICT-netwerk en de ontwikkeling van lokale kennis moeten ernstig worden genomen (Nwamuo, AAU, 2002) wil men niet verzanden in traditionele afhankelijkheidsrelaties. De 11-principes voor onderzoekspartnerschap met ontwikkelingslanden opgesteld door de Zwitserse Commissie voor onderzoekspartnerschap met ontwikkelingslanden11 vormen een goed kader en reflectiegrond voor reeds bestaande en nog op te zetten partnerrelaties.

Veel Noord-Zuid onderzoekspartnerschips worden vandaag gedomineerd door de Noordelijke partners, die dikwijls de onderzoeksagenda bepalen en analytische en methodologische parameters hanteren die gebaseerd zijn op Noordelijke expertise eerder dan zich te baseren op de condities in het zuiden (Jones, 2000). Nog te vaak heeft men enkel aandacht voor wetenschappelijke relevantie waardoor het project aan ontwikkelingsrelevantie inboet. Vermeldenswaardig in dit vraagstuk zijn de Multi-Annual Multidisciplinary Research Programmes (MMRPs) die in de vroege jaren ’90 werden opgezet door het Nederlandse Directoraat Generaal voor Ontwikkelingssamenwerking. Vertrekkend vanuit de erkenning dat de meeste onderzoekssamenwerkingen getypeerd worden door een asymmetrische relatie verleent DGIS in deze nieuwe programma’s lange-termijn ondersteuning en zijn de zuidelijke partners autonoom in termen van programma-management, het bepalen van de onderzoeksagenda en de implementatie van onderzoek. Hoewel de MMRP’s bepaalde intenties niet hebben gehaald (voornamelijk netwerking bleef beperkt), hebben ze substantieel bijgedragen tot een cultuur van vraaggestuurd onderzoek en demonstreren ze dat onderzoekers in het Zuiden in staat zijn hun eigen capaciteiten op te bouwen, zonder overkoepelende ‘intellectuele transfer’ vanuit het noorden maar met gerichte samenwerking.


1   ...   4   5   6   7   8   9   10   11   ...   27

  • 4.1. Capaciteitsopbouw
  • 4.2. Partnerschap

  • Dovnload 0.74 Mb.