Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Oost-vlaams diversiteitscentrum

Dovnload 78.83 Kb.

Oost-vlaams diversiteitscentrum



Datum04.04.2017
Grootte78.83 Kb.

Dovnload 78.83 Kb.



Nieuwsbrief nr. 9 – Jg. 10

Juni 2010







OOST-VLAAMS DIVERSITEITSCENTRUM






Nieuwkomers, Vluchtelingen, Mensen zonder papieren en Woonwagenbewoners


Aan alle geïnteresseerden …

Deze elektronische nieuwsbrief is een gemeenschappelijk initiatief van het team rechtspositie van ODiCe en van vzw Intercultureel Netwerk Gent (ING). Het juridische nieuws wordt samengesteld door een gemeenschappelijk redactieteam bestaande uit medewerkers van het Vlaams Minderhedencentrum vzw en van een aantal regionale en stedelijke integratiecentra. Met deze nieuwsbrief willen wij in Oost-Vlaanderen de aandacht voor de rechtspositie van etnisch-culturele minderheden op specifieke beleidsdomeinen versterken.

Wij hopen dat deze beknopte bundeling van nieuwe wetgeving, beleidsmaatregelen en relevante actualiteit, een aanvullende ondersteuning kan bieden om uw dienstverlening ten aanzien van etnisch-culturele minderheden te optimaliseren. Het archief van de nieuwsbrieven kan u raadplegen op www.odice.be.

Beste groeten

ING vzw en ODiCe vzw



INHOUD

1.

Wetgeving




Blz. 1

2.

Actualiteit en beleid




Blz. 5

3.

Vorming, studiedagen, bezoeken




Blz. 5

4.

Activiteitenkalender




Blz. 6

5.

Publicaties en websites




Blz. 6

6.

Vacatures




Blz. 7

7.

Varia




Blz. 7



1.

WETGEVING

Geen uitwijzingsbevel tijdens hangende regularisatie-aanvraag

Volgens Franstalige rechtspraak van de Raad van State mag de Dienst Vreemdelingenzaken geen uitwijzingsbevel (BGV) afleveren aan een vreemdeling met een hangende aanvraag om machtiging tot verblijf, zolang DVZ niet eerst een beslissing neemt over de aanvraag (voor een machtiging tot verblijf). De Nederlandstalige rechtspraak laat dat soms wel toe. In de praktijk komt deze situatie het meest voor bij afwijzing van een asielaanvraag terwijl er ook een aanvraag om machtiging tot verblijf op basis van artikel 9bis, 9ter of het oude 9 lid 3 van de Verblijfswet ingediend is. De DVZ maakt in de praktijk het volgende onderscheid:



  • 9ter (of het oude 9 lid 3 om medische redenen): DVZ geeft sinds kort geen BGV (bijlage 13quinquies) meer voor DVZ beslist over de 9ter aanvraag.

  • 9bis (of het oude 9 lid 3 om humanitaire redenen): DVZ geeft geen BGV (bijlage 13quinquies) als de 9bis aanvraag lijkt te voldoen aan de criteria van de instructie van 19/7/2009, of als een repatriëring een schending zou kunnen uitmaken van artikel 3 of 8 EVRM.

De oude, gecasseerde RvV (Fr) rechtspraak:

In de twee Franstalige arresten casseert de Raad van State principearresten van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen van 31 juli 2008, die we eerder in nieuwsbrief 2008/12 bespraken. Volgens die oude arresten RvV 31/07/08, nrs. 14.727 en 14.731, sluit een hangende aanvraag artikel 9, derde lid van de Verblijfswet de afgifte van een BGV in principe niet uit, tenzij de vreemdeling elementen heeft aangebracht waaruit een mogelijke schending van een fundamenteel recht blijkt met directe werking in België. Alleen wanneer de aangehaalde schending van fundamentele rechten op precieze en gemotiveerde wijze zijn uiteengezet, is de overheid volgens de RvV verplicht deze eerst te beoordelen vooraleer de aanvrager uit te wijzen.



De nieuwe RvS (Fr) arresten:

Volgens de Franstalige kamers van de Raad van State (RvS 1 oktober 2009, nr. 196.577 en RvS 3 december 2009, nr. 198.507) is die rechtspraak van de RvV te restrictief. Elke afgifte van een BGV aan een vreemdeling met een hangende regularisatieaanvraag houdt een schending in van de formele motiveringsplicht (los van de vraag of er een fundamenteel recht met directe werking aangehaald werd). Op grond van de beginselen van behoorlijk bestuur moet de overheid een beslissing nemen op basis van alle elementen in het dossier. Hiermee herbevestigen de Franstalige kamers van de Raad van State hun oude, vaststaande rechtspraak.



De Nederlandstalige rechtspraak?

De Nederlandstalige kamers van de Raad van State namen echter vaak afstand van dit standpunt, waardoor er geen eenheid van rechtspraak is (zie L. DENYS, Van artikel 9, lid 1, 2 en 3 Vw naar artikelen 9, lid 1 en 2, 9bis en 9ter Vw, T.Vreemd. 2007, afl. 3, voetnoot 43). 

Zo oordeelde de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen in een recent, Nederlandstalig, arrest (RvV 26 maart 2010, nr. 40.913, dus NA de cassatierechtspraak) dat een aanvraag om machtiging tot verblijf (in casu ging het om een medische aanvraag artikel 9ter Vw) niet verhindert dat “na het indienen ervan nog een bevel om het grondgebied te verlaten kan worden gegeven”. De RvV verwijst in dit arrest naar Nederlandstalige rechtspraak van de Raad van State, en overwoog dat de verzoeker geen concrete, op haar persoonlijke situatie betrokken feiten had aangebracht om de ingeroepen schending van artikel 3 EVRM te staven.

De praktijk van DVZ:

Op de contactvergadering van het BCHV van 8 juni 2010 lichtte de DVZ haar huidige praktijk toe wanneer een asielaanvraag wordt afgewezen terwijl er nog een andere aanvraag om machtiging tot verblijf is ingediend. De asielprocedure voorziet dat DVZ, na beëindiging ervan, een BGV (bijlage 13quinquies) aflevert. Maar de motiveringsplicht en het behoorlijk bestuur verzet zich daartegen. DVZ handelt als volgt:



  • Als een 9ter aanvraag is ingediend (medische verblijfsaanvraag), geeft DVZ geen uitwijzingsbevel af voor DVZ een beslissing neemt over de 9ter aanvraag

  • Als een 9bis aanvraag is ingediend (regularisatie-aanvraag) geeft de DVZ enkel in de volgende gevallen geen uitwijzingsbevel af: 

    • Er zijn duidelijke aanwijzingen dat een persoon zal worden geregulariseerd (bv persoon voldoet aan de regularisatiecriteria ivm lange procedure of andere criteria die toegelicht zijn in de instructie van 19/7/2009): het bureau asiel van DVZ vraagt aan het bureau humanitaire regularisaties van DVZ om de regularisatie-aanvraag prioritair te behandelen.

    • Er zijn concrete aanwijzingen dat repatriëring een schending zou uitmaken van fundamentele rechten zoals artikel 3 of 8 van het EVRM: het bureau asiel van DVZ vraagt aan het bureau humanitaire regularisaties van DVZ om de regularisatie-aanvraag prioritair te behandelen.

  • In andere gevallen waarbij een 9bis aanvraag is ingediend (zonder aanwijzingen dat de criteria van de instructie van 19/7/2009 voldaan zijn en zonder dat art. 3 of 8 EVRM zou kunnen geschonden worden) geeft de DVZ wél nog een uitwijzingsbevel af. Deze praktijk lijkt dus in strijd te zijn met arresten nr. 196.577 en nr. 198.507 van de Raad van State.

Let op: Het kan voorkomen dat de aanvraag om machtiging tot verblijf nog niet elektronisch verwerkt is door de DVZ, waardoor de behandelende ambtenaar bij DVZ niet op de hoogte is dat een aanvraag om machtiging tot verblijf is ingediend, en om die reden een BGV afgeeft na afwijzing van de asielaanvraag. In zo'n geval kan de aanvrager best snel contact nemen met DVZ: de DVZ kan het BGV intrekken of direct een nieuwe beslissing nemen die rekening houdt met de gegevens van de aanvraag om machtiging tot verblijf.

Bericht van Vlaams Minderhedencentrum



Verlenging uitwijzingsbevel om medische redenen

De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen oordeelde recent in verschillende arresten dat een uitwijzingsbevel aan een medische verblijfsaanvrager (artikel 9ter Verblijfswet) niet onwettig is, ondermeer omdat de 9ter verzoeker toch nog bij DVZ een verlenging kan vragen van de uitvoeringstermijn van het uitwijzingsbevel. In de praktijk blijkt dat echter niet steeds iets op te leveren. We willen daarom even stilstaan bij de praktijk van DVZ in verband met verlengingen van een 'bevel om het grondgebied te verlaten' (BGV).



De procedure voor verlenging van BGV is nergens wettelijk voorzien of omschreven. Het is een administratieve praktijk van DVZ, die zoals elke administratieve overheid een 'willig beroep' kan toestaan. Aangezien DVZ bevoegd is om een uitwijzingsbevel (BGV) af te leveren en een termijn daarop te voorzien, wordt aangenomen dat DVZ ook de termijn van een BGV kan verlengen. Het beleid van DVZ inzake verlenging van een BGV om medische redenen blijkt enkel uit een interne dienstnota van 13/12/2007. Voor tuberculose geldt een aparte interne dienstnota van 13/8/2008

  • De DVZ staat geen verlenging van BGV toe aan mensen die een 9ter aanvraag hebben ingediend. Bij een 9ter aanvraag oordeelt DVZ eerst over de ontvankelijkheid van de 9ter aanvraag. Pas daarna, als de 9ter aanvraag onontvankelijk of ongegrond is, oordeelt DVZ eventueel over een verlenging van BGV. Maar in principe doet DVZ dat alleen als het medisch attest een onmogelijkheid tot reizen aantoont voor maximum drie maanden:

  • DVZ verlengt alleen een BGV om medische redenen als de aanvrager een medisch attest voorlegt dat een onmogelijkheid tot reizen aantoont gedurende maximaal 3 maanden. In geval van tuberculose moet het medisch attest een onmogelijkheid tot reizen aantonen van maximaal 6 maanden.

  • Als het medisch attest een onmogelijkheid tot reizen aantoont van meer dan 3 maanden (bij tuberculose: voor meer dan 6 maanden) of voor een onbepaalde duur, dan verlengt DVZ het BGV niet. Voor een onmogelijkheid tot reizen van meer dan 3 maanden (bij tuberculose: voor meer dan 6 maanden) verwijst DVZ standaard naar de 9ter procedure (ook als de aanvrager niet aan alle voorwaarden daarvan voldoet).

Het komt vreemd over dat de RvV verwijst naar dit niet-georganiseerd, willig beroep dat geen enkel recht inhoudt. De RvV overwoog dat ondermeer in de volgende arresten:

  • RvV 26 maart 2010, arrest nr. 40.913: In dit geval ging het om een afgewezen asielzoeker die een BGV bijlage 13quinquies kreeg terwijl er nog een art. 9ter aanvraag hangend was (zie vorig bericht in deze nieuwsbrief). Zoals blijkt uit het vorig bericht in deze nieuwsbrief zou de DVZ nu geen BGV meer afgeven voor de beslissing over de 9ter aanvraag.

  • RvV 28 januari 2010, arrest nr. 37.710 en RvV 25 februari 2008, arrest nr. 7.802: In deze twee gevallen ging het om een onontvankelijk verklaarde 9ter aanvraag waarin de DVZ zelf de mogelijkheid opperde om een verlenging van BGV te vragen. Nochtans blijkt uit de interne dienstnota's van DVZ dat de verlenging niet wordt toegestaan als het medisch attest een onmogelijkheid tot reizen voor meer dan drie maanden aantoont (bij tuberculose: vooor meer dan 6 maanden).

Lees meer info over kort uitstel van vertrek (wegens ziekte)

Lees meer over de 9ter procedure (machtiging tot verblijf voor meer dan 3 maanden, om medische redenen)

Bericht van Vlaams Minderhedencentrum - Steunpunt Gezondheid & Vreemdelingenrecht



Ouder soms toch "ten laste" van een Belgisch minderjarig kind

Eind 2009 oordeelde het Grondwettelijk Hof dat een illegaal verblijvende ouder soms toch beschouwd moet worden als “ten laste” van zijn Belgisch minderjarig kind, in het kader van een aanvraag gezinshereniging (oud) artikel 40 Vw. De Raad van State volgt die redenering in twee arresten van 12 maart 2010 (arresten nrs. 201.849 en 201.854) en casseert arresten van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen die de gezinshereniging weigerden omdat de ouder, volgens de RvV, niet ten laste was van zijn minderjarig kind.

Tot vorig jaar was de meerderheidsstrekking in de rechtspraak dat illegaal verblijvende ouders niet ten laste konden zijn van hun minderjarig Belgisch kind. In een arrest van 3 november 2009 stelde het Grondwettelijk Hof echter dat de voorwaarde van “ten laste” zijn, in het geval van vreemde ouders van een minderjarige Belg, zo moet geïnterpreteerd worden dat de ouders (en dus niet het kind) over toereikende bestaansmiddelen beschikken voor zichzelf en hun kind:


  • de bedoeling van de wetgever was immers te vermijden dat de staat de financiële last moet dragen van vreemdelingen die op zijn grondgebied verblijven na gezinshereniging met hun meerderjarige Belgische kinderen, terwijl laatstgenoemden niet zelf kunnen instaan voor die last;

  • minderjarigen daarentegen zijn, alleen al vanwege hun burgerlijke onbekwaamheid, niet in staat aan die voorwaarde te voldoen. Die moet bijgevolg, in het geval van de vreemde ouders van een minderjarige Belg, worden geïnterpreteerd rekening houdend met de minderjarigheid en met zijn juridische en feitelijke onbekwaamheid om zijn ouders ten laste te nemen.

Zolang de vreemde ouders geen last worden voor de overheidsfinanciën van de Belgische Staat, is het doel van de wetgever bereikt, aldus het Grondwettelijk Hof.

Ouders die niet over voldoende bestaansmiddelen beschikken voor zichzelf en hun kinderen, kunnen volgens het Grondwettelijk Hof niet ten laste zijn van hun minderjarige kinderen en hebben geen verblijfsrecht op basis van gezinshereniging. De discriminatie die op die manier tot stand komt ten aanzien van minderjarige Belgische kinderen van Belgische ouders vindt het Hof niet onevenredig, aangezien de ouders een verblijfsrecht kunnen bekomen op basis van artikel 9bis Vw en de (intussen vernietigde) instructie van 19 juli 2009 over de toepassing van artikel 9bis Vw.

Het Grondwettelijk Hof beoordeelde in zijn arrest vestigingsaanvragen op basis van (oud) artikel 40 § 6 Verblijfswet. Toch lijkt de redenering van het Hof ook van toepassing te zijn op aanvragen gezinshereniging gebaseerd op artikel 40ter Vw. (zie L. DENYS, noot onder GwH 3 november 2009, nr 174/2009, T.Vreemd. 2010, 47).

In twee arresten past de Raad van State de redenering van het Hof toe op arresten van de RvV waar het recht op gezinshereniging geweigerd werd aan illegaal verblijvende ouders die over toereikende bestaansmiddelen beschikten voor zichzelf en hun kinderen. De Raad van State verwijst daarbij uitdrukkelijk naar het arrest van het Grondwettelijk Hof.

Bericht van Vlaams Minderhedencentrum

Nederland mag Somalische asielzoekers niet meer terugsturen naar Griekenland

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens besliste donderdag 3 juni 2010 dat Nederland geen Somalische asielzoekers uit Centraal- en Zuid-Somalië mag terugsturen naar Griekenland.

De asielzoekers hadden in Nederland een asielverzoek ingediend en na onderzoek bleek Griekenland het bevoegde asielland te zijn op basis van de Dublin II Verordening.  Er werd een verzoek ingediend bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens tegen de overname naar Griekenland door de verzoekers. In de zaak werd dan door het Hof een gemotiveerde interim measure (voorlopige maatregel of 'rule 39') afgeleverd. Het gebeurt niet vaak dat dergelijke maatregelen gemotiveerd worden. 

De motivering  van het Hof hield onder andere volgende overwegingen in:



  • de stelling dat verzoekers naar Somalië kunnen uitgezet worden zonder een grondige beoordeling door Griekenland;

  • het risico op uitzetting door Griekenland;

  • de huidige veiligheidssituatie in Zuid- en Centraal Somalië.

Wat voor België?

In het verzoekschrift van de advocaat tot aanvraag van de rule 39 werd geen melding gemaakt van bijzonderheden eigen aan het profiel van de asielzoeker waardoor deze zaak van belang kan zijn voor alle asielzoekers afkomstig uit Zuid en Centraal Somalië met een Dublinclaim naar Griekenland wegens een mogelijke schending van artikel 3 EVRM, aldus ook voor de Belgische asielzoekers.

Inmiddels werd door de Nederlandse regering een uitzettingsstop afgekondigd voor die personen afkomstig uit Zuid en Centraal Somalie waarvoor Griekenland het bevoegde asielland is. 

Bron: brief EHRM met de interim measure, en Update 2010 nr 24 van Vluchtelingenwerk Nederland

Bericht van Vluchtelingenwerk Vlaanderen


2.

ACTUALITEIT EN BELEID

Klacht Ombudsdienst tegen Fedasil zorgt voor opvang

De Federale Ombudsman deelde op een studiedag mee dat er een afspraak is gemaakt tussen de Ombudsman en Fedasil over de opvang van gezinnen met minderjarige kinderen zonder wettig verblijf.

Die afspraak houdt in dat voortaan een klacht bij de Ombudsman ingediend tegen Fedasil wegens het niet toekennen van opvangplaats op basis van het KB van 24/6/2004, gelijkgesteld wordt aan een veroordeling van de Arbeidsrechtbank om dezelfde reden. Dit houdt in dat de gezinnen dus in principe onmiddellijk opvang moeten krijgen en bespaart de procedure bij de Arbeidsrechtbank, gerechtskosten, zoeken van advocaat, en dergelijke.

Let wel: de gezinnen met minderjarige kinderen zonder wettig verblijf moeten de procedure bij het OCMW goed doorlopen vooraleer zij een klacht kunnen indienen tegen Fedasil:



  1. Het gezin met minderjarige kinderen zonder wettig verblijf dient een aanvraag tot steun en opvang in bij het bevoegde OCMW (van de feitelijke gewoonlijke verblijfplaats). Let op: sommige OCMW's nemen zelfs geen akte van steunaanvragen van gezinnen met kinderen zonder wettig verblijf. Als het OCMW geen enkele beslissing neemt binnen de 30 dagen na de steunaanvraag komt dat neer op een impliciete weigering door het OCMW. Tegen dergelijke impliciete weigering is alleen een beroep bij de Arbeidsrechtbank mogelijk. (De Federale Ombudsman is niet bevoegd ten opzichte van OCMW's).

  2. Het OCMW stelt de behoeftigheid vast, en stuurt de aanvraag door naar Fedasil (cel Dispatching).

  3. Fedasil zal meestal de opvang weigeren wegens overbezetting van het opvangnetwerk (overmacht), en deelt dat mee aan het OCMW. Fedasil gebruikt daarvoor het volgende typedocument.

  4. Het OCMW deelt de weigering van Fedasil binnen de 30 dagen mee aan de betrokkenen.

  5. De betrokkenen (het gezin met minderjarige kinderen zonder wettig verblijf) hebben een keuze:

    1. Ofwel leggen ze zich neer bij de weigering van opvang. Fedasil sluit het dossier af en zoekt niet verder naar opvang voor deze mensen.

    2. Ofwel dienen ze een beroep in bij de Arbeidsrechtbank. De Arbeidsrechtbank kan eventueel de overheid tot opvang of steun veroordelen, en kan eventueel een dwangsom opleggen om deze veroordeling ook in de praktijk af te dwingen.

    3. Ofwel dienen ze een klacht in bij de Federale Ombudsman. Let op: de Ombudsman is niet bevoegd als er ook een beroep bij de Arbeidsrechtbank is ingediend!

  6. Na 5, bij keuze 3: De Federale Ombudsman onderzoekt het dossier en roept (als dat positief is) Fedasil op om onmiddellijk opvang toe te staan.

  7. Fedasil roept de betrokken mensen op om zich opnieuw aan te melden. Fedasil staat de opvang onmiddellijk toe (als er opvangplaatsen zijn).

Lees meer over het recht op opvang in nieuwsbrief 2010 nr. 8 en op de website van VMC onder wegwijs opvang en steun.

Bron: email Beweging voor Kinderen zonder Papieren, en telefonisch onderhoud Federale Ombudsdienst.

Bericht van Vluchtelingenwerk Vlaanderen en Vlaams Minderhedencentrum


3.

VORMING, STUDIEDAGEN, BEZOEKEN




4.

ACTIVITEITENKALENDER

Zondag 4 juli Eetfestijn Vluchtelingenwerkgroep Wetteren

Vluchtelingenwerkgroep Wetteren vzw nodigt u van harte uit op zijn eetfestijn in de refter van het Sint Gertrudiscollege vanaf 11.30 tot 13 uur. Inschrijven kan tot 29 juni bij Jo De Winter, Herdershoekstraat 80, Hilde Bossaer, Stationsstraat 38

of telefonisch 09/369 23 60

Videoconferentie rond vrijwillige terugkeer

30 Juni 14-17u

The Internationale Organisatie voor Migratie (IOM), in samenwerking met de Stad Gent en Fedasil, nodigt u uit om deel te nemen aan een videoconferentie over Vrijwillige Terugkeer van migranten in België. U verneemt er in eerste instantie meer over Vrijwillige Terugkeer, maar krijgt ook de kans met migranten te spreken die terugkeerden naar Rusland, live vanuit Rusland.

Deze conferentie richt zich in eerste instantie tot organisaties die in hun dagelijkse werking geregeld in contact komen met migranten. Echter, ook migranten geïnteresseerd in het onderwerp Vrijwillige Terugkeer (al dan niet naar Rusland) zijn hier van harte welkom.

Gelieve uw aanwezigheid te confirmeren op: svanhaasen@iom.int , of op 02 287 74 33



Somalische Culturele Avond

Vrijdag 2 juli, 19u in de Centrale

Lees meer

5.

PUBLICATIES EN WEBSITES

Nota UNHCR over soevereiniteitsclausule Dublin (asielbevoegdheid)

Artikel 3 (2) van de Dublin II Verordening bevat de mogelijkheid voor een land om een asielaanvraag zelf te behandelen, zelfs indien op basis van de criteria voorzien in de Dublin II Verordening een andere lidstaat bevoegd is voor de aanvraag. Het UNHCR heeft informatie verzameld over de toepassing van deze 'soevereiniteitsclausule' door de verschillende EU lidstaten.

De nota van UNHCR focust zich voornamelijk op die dossiers waarvoor Griekenland aangeduid werd als het bevoegde asielland. Het UNHR onderzocht:


  • het beleid van bepaalde landen,

  • de beslissingen van rechtbanken die de overdrachten naar Griekenland hebben stopgezet,

  • alsook de beslissingen van rechtbanken van die lidstaten waar veelal wel wordt overgegaan tot een overdracht naar Griekenland (waaronder België).

Uit de informatie blijkt dat artikel 3 (2) voornamelijk aangewend werd voor kwetsbare groepen zoals niet-begeleide minderjarige asielzoekers, alleenstaande vrouwen, ouderen, gezinnen met minderjarige kinderen en asielzoekers met een zware medische problematiek.

Op de BCHV contactvergadering van 8/6/2010 verklaarde de Dienst Vreemdelingenzaken dat ze reeds, op eigen initiatief, zijn overgaan tot de toepassing van de soevereiniteit- of humanitaire clausule. Het zou  gaan om 166 dossiers in 2009 en 87 tot nog toe in 2010.

Bron: UNHCR nota 16/6/2010 soevereiniteitsclausule Dublin ivm Griekenland, en BCHV contactvergadering 8/6/2010

Bericht van Vluchtelingenwerk Vlaanderen



FAQ Fedasil over einde materiële opvang en overdracht naar OCMW's

Fedasil maakte een document met veelgestelde vragen (FAQ) over het einde van het recht op materiële opvang en de overdracht naar OCMW's voor financiële steunverlening. De Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten verspreidt deze info:

Op 6 april 2010 verstuurde Fedasil een reeks instructies m.b.t. de recente wijzigingen van de Opvangwet. Deze instructies zijn omvangrijk en behoorlijk complex. Vandaar dat Fedasil een document met veelgestelde vragen heeft opgesteld. Dit is een handig instrument voor de praktijk. Wel jammer dat een paar antwoorden niet helemaal correct zijn. Zo staat er voor de ontvankelijk verklaarde aanvragen 9ter ten onrechte dat deze vreemdelingen een verblijfsrecht van meer dan 3 maanden hebben. Het klopt ook niet dat de erkenning als staatloze door de rechtbank van eerste aanleg recht opent op financiële steun door het OCMW. Daartoe is immers ook de toekenning van een verblijfsrecht door de DVZ nodig en dat laat vaak op zich wachten. Alternatief is een veroordeling van het OCMW door de arbeidsrechtbank uitlokken maar ook dat vraagt tijd. Ten slotte blijven er nog heel wat vragen onbeantwoord over hoe de opvangstructuren de nodige informatie kunnen verzamelen om de vertrekdag te kunnen bepalen (bijv. datum betekening bevel, beslissing 9ter ontvankelijk, enz.).

Voor meer informatie verwijzen we naar de nieuwe nota die de VVSG heeft opgesteld waarin alle wijzigingen werden doorgevoerd.

Lees meer:


  • VVSG website over materiële opvang

  • Fedasil instructies en bijlagen in rechterkolom (zie ook website VMC)

  • Fedasil FAQ

  • VVSG nota 'Instructies Fedasil gewijzigde Opvangwet'

Bericht van VVSG M-Weter 2010 nr. 6

6.

VACATURES

CAW Artevelde zoekt

Een halftijdse hulpverlener Begeleid Wonen Jongeren



Lees meer

Huis van het Nederlands zoekt

Een voltijdse Intaker

Solliciteren kan tot 28 juni, contacteer: koen.vandekerckhove@hvngent.be


7.

VARIA

VDAB Gent/Provincie Oost-Vlaanderen - Nieuw project voor toekomstige ondernemers

In 2010-11 is er een intensief traject met Nederlands voor de ondernemer in spé. In een jaar kan een anderstalige werkzoekende (zonder kennis Nederlands) intensief opleiding volgen en met zijn attest bedrijfsbeheer zijn eigen zaak starten

Het traject start in Antwerpen en Gent in september en loopt maximum tot juni.

Daarna zijn er nog twee instapmomenten: voor mensen met kennis Nederlands A1 (oktober) en B1 (februari).

Inschrijven kan bij Lieve Van Der Roost (provincie Oost-Vlaanderen / Gent) 09 265 48 62 lieve.vanderroost@vdab.be

Foto-expositie door Pieter Verbruggen: Chikhawo village

Van 19 juni tot 9 juli, in de Centrale, Kraankindersstraat 2, 9000 Gent

Organisatie vzw Kwasa Kwasa









Oost-Vlaams Diversiteitscentrum vzw

Dok Noord 4 (Hal 25) - 9000 Gent

T 09 267 66 40

F 09 267 66 44

E rechtspositie@odice.be

W www.odice.be



Team Rechtspositie

Geert Matthys

Annika Waag

Lieve Vandekerckhove

Elke Van De Cotte


T 09 267 66 47

T 09 267 66 47

T 09 267 66 45

T 09 267 66 47




geert.matthys@odice.be

annika.waag@odice.be

lieve.vandekerckhove@odice.be

elke.vandecotte@odice.be


Oriëntatiepunt Gezondheidszorg Oost-Vlaanderen Kim Verschueren

T 09 267 66 46

F 09 267 66 44



www.orientatiepunt.be

info@orientatiepunt.be


Intercultureel Netwerk Gent

Cel Mensen zonder Papieren

Heidi Savels, Sofie Van Houdt, Odette Soens

Naïma Elbazioui, Josefien Goethals


Koopvaardijlaan 3, 9000 Gent

T 09 224 17 18

F 09 224 17 08


E mensenzonderpapieren@ingent.be

W www.ingent.be









  • Dok Noord 4 (Hal 25) - 9000 Gent
  • T 09 224 17 18 F 09 224 17 08

  • Dovnload 78.83 Kb.