Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Op 1 Januari schreef ik aan de Minister met bepaald verzoek my te benoemen,inaien de Heer van Leeuwen er geen bezwaar tegen had

Dovnload 2.62 Mb.

Op 1 Januari schreef ik aan de Minister met bepaald verzoek my te benoemen,inaien de Heer van Leeuwen er geen bezwaar tegen had



Pagina11/27
Datum28.10.2017
Grootte2.62 Mb.

Dovnload 2.62 Mb.
1   ...   7   8   9   10   11   12   13   14   ...   27
q jv/ "gen heid gehad om Eveline alleen te spreken en toen haar definitief / "jawoord gekregen. Zy gaan morgen met de Bibens naar Utrecht voor een

"dagje en dan zal het engagement publiek worden. Ik denk heden avond "by de Bibens myn compliment te gaan maken en Cees eet heden by my. "Vertel het nu maar aan de familie en troost Maria. Ik schrijf onder "het geleuter der getuigen en moet dus eindigen,maar wilde je het "grote nieuws toch even mededelend

Woensdag 18 Juni moest ik de zaak van Hinsbeek behandelen.

Enige maanden tevoren kwam de Heer Mees,Pres.der Ned.Bank,op het Parket aan Hartogh en my vertellen,dat men sedert enige tijd de Gen. Kassier Hinsbeek gewantrouwd had,daar hy meer verteringen maakte dan hy van zyn traktement doen kon. Hy was weduwnaar en had één dochter, doch hield op de Weesperzijde een maitresse,by wie hy een kind had.


Tot nu toe was by de verificatie der kas altyd alles am orde bevonden,maar de vorige dag was de kas opnieuw nagezien en een deficit ontdekt van ƒ 200.000-. De Directeuren hadden daarop besloten de Bfficier daarvan kennis te geven en van die taak kwam Mees zich nu kwijten. " En waarom hebt gy my niet terstond reeds gisteren gewaarschuwd ?" vroeg Hartogh op vrij scherpe toon,"want nu heeft de "man de tijd gehad om weg te komen." - "Ja,"hernam Mees,"dat vermoed "ik ook,want heden is hy niet aan de Bank geweest."- " 't Is een schan- "de!" riep Hartogh uit,stond op,maakte een buiging,gelijk hy gewoon was te doen ten teken dat men kon vertrekken en Mees ging heen.

Onmiddellijk werd de politie gewaarschuwd,maar de vogel was gevlogen. De Heren van de Bank hadden hem de tijd gelaten om naar Engeland te ontsnappen. Ik geloof dat de Rechter Suringar met de instructie belast werd,waarby bleek dat Hinsbeek al sinakjaren had gestolen, zonder dat dit ontdekt was omdat de verificatie zo oppervlakkig geschiedde. Telkens werd het deficit groter en ten laatste moest hy zich tegen de dag der visitatie voor die éne dag geld zien te verschaffen ten einde het gat te stoppen. Het waren zyn neef Hinsbeek en de notaris Brunó Tideman,die hem hetzy van Wertheim en Gompertz of van de Heren Leembrugge,vader en zoon,aan de vereiste som wisten te helpen,maar ditmaal had de verificatie onverwachts plaats gehad en had hy dus de tijd niet gehad om voor dekking te zorgen en zo kwam de misdaad aan het licht.

Het spreekt van zalf dat de geldschieters best wisten waartoe het dienen moest en op die grond eisten zy dan ook voor die éne dag een hoge rente. Het geluk wilde dat Heemskerk niet in de Staten-Gen. behoefde te zyn en dus op de zaak kon zitten,en daar((me lieve man*' nooit iets van enige zaak begreep,vroeg ik Heemskerk om de lijvige instructie eens in te zien. Hy deed dit en gaf my de goede raad om nog enig bewijsmateriaal over Hinsbeeks verteringen by te brengen.

Ik dagvaardde Hinsbeek,maar die verscheen natuurlijk niet,en 17 getuigen,onder wie zyn maitresse,een beeldschone vrouw in een elegant costuum,die met een blond krullekopje,haar kind,aan de hand binnentrad.

Mees en de Directeuren der Bank,tot wie onder meer de Heren van Heukelom en Insinger,de vader van myn zwager,behoorden,werden het eerst gehoord en ik herinner my dat Mees er onder het kruisvuur van Heemskerk niet gemakkelijk afkwam. Hy zette hem vooral de duimschroeven aan omtrent de oppervlakkige wijze waarop de Kas werd nagezien.

Ook herinner ik my dat de verklaringen der Heren Leembrugge zé verdacht voorkwamen,dat Heemskerk na afloop der zitting uitriep:" Die "hebben een valse eed gedaan,".

Myn taak was niet Moeilijk,maar onaangenaam,omdat ik de Heren Bruno Tideman,Leembruggen en de neef Hinsbeek de mantel moest uitvegen en de Heren van de Bank moest berispen omdat zy Hinsbeek hadden laten ontvluchten. Tideman stond als notaris toch al slecht bekend. De maitresse had een verklaring afgelegd omtrent het geld dat zy de Beklaagde kostte.

Aan Lore schreef ik:" Ik heb heden de zaak van Hinsbeek behan- "deld en ben nogal goed van myn speech verlost. Ik denk dat de Heren van de Bank,Tideman en Leembruggen wel boos op my zullen wezen,ofschoon ik,gedachtig aan je goede lieve raad,niet scherp geweest ben. "Maar ik moest er wel wat van zeggen. Er waren veel rechters en advocaten,maar weinig publiek."

Lore had my namelikk geschreven:" Ik zal morgen ochtend zé om "je denken en je in myn hart feliciteren als het over zal zyn die ver- "velende zaak. Wees nu maar niet al te scherp en te mordant; je weet "dat je toon de woorden dikwijls erger maken dan ze zyn en dat men "daarom van jou minder kan velen dan van anderen."

Hinsbeek liet zyn dochter in Engeland overkomen en stierf een paar jaar later. Toen ik drie jaar later op nieuw de strafzaken had, stond op zekere dag een man ter zake van mishandeling te recht en had ik o.a. een smidsvrouw als getuige gedagvaard,die het feit had zien plegen. Toen zy binnenkwam herkende ik haar niet terstond,maar al spoedig,vooral toen ik haar hoofde spreken,zag ik wie zy was,namelijk Hinsbeeks maitresse,sed quantum mutata ab illa. De weelderig opgemaakte blonde lokken waren nu onder een muts verborgen,de elegante kleding door een jak en rok vervangen en de blanke hand,waar-aede zy 3 jaar vroeger de eed had afgelegd,was nu grof geworden. Zy had een smid weten te behagen en was met hem getrouwd

.Lore schreef my in datzelfde briefje o.a.,:... "Le voyage d'hier "se fit passablement bien. Henkie ne fit que demanderZyn wy er haast? "mais il se tint très tranquille et fut très sage ainsi que Mak,qui "s'amusa de tout ce qu'il vit pendant la route et ne languit pas du "tout d'arriver. Zus zoog eerst en sliep toen tot Weesp‘em wy aten "kersen onderweg. Jansje est naturellement en admiration,mais en même "temps très voortvarend,car hier soir elle avait déjà tput déballé.

"Le petit trio a parfaitement bien dormi et Zus ne s'est pas aperçue "qu'elle dormait dans un petit lit,mais les garçons s'en sont fort "amusés. Hier au diner Willem a demandé à Max:"Wie moet nu nog op het "dessert komen?" sur quoi il a répondu:" Papa!". En voiture il a aussi "exprimé le désir de te revoir et de te ravoir et moi je ne fais que "languir et que soupirer après toi. Marietje krijgt vandaag voor het "eerst koemelk en dan zal ik haar maar tweemaal daags voeden. Zeg "aan Betje,dat alles goed overgekomen is en niet gekreukeld,cela lui "fera plaisir." (Betje was de derde meid,want nu wy al drie kinderen hadden,konden twee het niet af. Anna van Eeghen,die een jaar later met neef Henrick S.trouwde (Leyduin) had haar aanbevolen,en zy stond bekend onder de naam van "het ding".

Ik antwoordde dezelfde dag:" Je brief was my onbeschrijflijk "welkom,maar minder welkom is het my dat ik eigenlijk geen minuut de "tyd heb om je te antwoorden door de massa zaken waaronder ik bedol- "ven ben. Toch wil ik je even zeggen dat ik gisteravond om 8 uur by "de Bibens geweest ben en dus Eveline gezien heb. Zy ziet er beeldig "uit,veel liever dan op haar portret en gelijkt precies op Cees,wat "mevrouw Biben ook vond. Zy waren allen zeer minzaam,gemakkelijk en "spraakzaam. Cees zat een uur ver van haar,maar sprak druk met haar,

"en na myn vertrek en dat van Biben zal hy wel dichter bygeschoven "zyn. Hy zeide my althans heden ochtend dat hy lang gebleven was.

"Zy heeft een magnifieke Franse brief aan Augustus (Mebr.Hartsen) geschreven, zé mooi dat Cees er over verbaasd was en my zeer naief zei- "de dat hy zulks van haar niet verwacht had. Ik heb haar gezegd dat "het je zeer speet dat ze Cees niet een paar dagen vroeger had aange- "nomen,dewijl je dan met my mee had kunnen komen. Heden avond zyn zy "met de Heer en Mevr.Biben naar Utrecht gespoord. Cees zag zeer tegen "de ontmoeting met zyn moeder op en had Eveline omtrent zyn moeder "enigszins ingelicht."




"Van Eyk Bijleveld heeft my daar weer schromelijk opgehouden, "terwijl hy niets meer te vertellen had dan dat hy de man had gearresteerd, by wie wy verleden ter zake van brandstichting huiszoeking "gedaan hadden."
XXXVII


553



Uit deze brief blijkt dat van Eyk Bijleveld destijds een der drie Rechters van instructie was. Dit was my heel aangenaam,daar hy ijverig was en scherpzinnig,maar de keerzijde wasjdat hy my schier elke avond kwam storen,enkel en alleen om my te vertellen wat de verdachten of getuigen die dag hadden verklaard. Ik geloof dat de brandstichter van wie hy sprak,Miltenburg was,een welgestelde boer,wiens mooie grote hofstede te N.Amstel op zekere nacht totaal was afgebrand. Ofschoon er hoegenaamd geen verdenking tegen M.bestond,was van Eyk B. er op een Zondagmiddag op zyn grote voeten heengewandeld en had hy met M. die met zyn twee zoons en de meid (hy was weduwnaar) in een naburige woning aan de Amstelveense weg huisvesting gevonden had,een praatje gemaakt. De man huilde bitter dat alles verbrand was,maar erkende dat hy tegen brandschade was verzekerd. Huiswaarts kerende was v.E.B.in het voorbygaan over de puinhopen van het verbrande huis gelopen en had hy o.a. op de werf met zyn stok in de as gemorreld. Daar- by stuitte hy op iets hards; hy ontdeed dit van de as en verbrande stukken hout,waaronder het bedolven lag en werd een hangklok gewaar, die by nadere beschouwing bleek volkomen ongeschonden en gaaf te zyn, •zonder dat er iets aan te ontdekken viel,waaruit blijken kon dat het voorwerp met het vuur in aanraking geweest was. Daar de klok voorts niet lag daar waar de boerderij gestaan had,maar op enige afstand van daar,kreeg v.E.B. het vermoeden dat die er véér de brand begraven was en deelde hy my dit mede met verzoek hem naar de boerderij te vergezellen.

Ik reed er toen met hem heen en hy nam een klerk van de Griffie mee. Terwijl hy in de puinhopen snuffelde,waar de klok nog op dezelfde plaats lag,nam ik de dienstmeid à faite,die hoogst zwanger was,volgens haar zeggen van de boer,en ondervroeg ik haar naar de oorzaak van de brand.Haar antwoorden waren zeer verward en zy deed niets als bijten op de punt van haar boezelaar. Wy vonden daarna in de lade der kast, welke stond in de boerderij,die hun ten gebruike was afgestaan,tal van gouden voorwerpen,horlogekettingen,halssnoeren en 4 horloges benevens een vrij grote som gelds,en daar zy niet konden oplossen hoe dit alles had kunnen gered worden,terwijl zy beweerden dat zy alles verloren hadden,in verband met hetgeen v.E.B.was te weten gekomen dat Miltenburg elke avond vóór de brand met een boerewagen beladen met goed de Leidse poort was binnengereden,gaf dit ons aanleiding om hem en de meid mee naar Amsterdam te nemen.

V.E.B.gaf zich daarop de moeite van de meest beruchte opkopers als getuigen te dagvaarden en vernam allengskens van hen,dat de een meubelen,de ander beddegoed,een derde kleren van M.gekocht had,al hetwelk v.E.B.voor zoveel het nog aanwezig was,in beslag nam. Zo kwam va^n lieverlede M's inboedel byna geheel voor de dag,zodat er niet veel meer in huis kon geweest zyn toen het verbrandde. Eindelijk ter elfder ure doken twee Duitse hannekemaaiers op,die verklaarden gezien te hebben dat een man * s nachts het strooien dak der boerderij aan de vier hoeken in brand stak. Toen kon Miltenburg niet langer ontkennen en beleed hy zelf de brand gesticht te hebben om de assurantie machtig te worden,na zyn inboedel deels verkocht,deels b# kennissen in bewaring gegeven te hebben. De zaak werd toen na de|mstructie ten criminele verwezen,maar het Hof beging de domheid van de meid buiten vervolging te stellen. Miltenburg werd ter dood veroordeeld,welke straf door hechtenis vervangen werd.

Lore schreef my opnieuw: " Ik wil je een paar woorden door tussenkomst van Willem zenden,daar je zo alleen zyt en dus wel een praatj "verdient. Henkie heeft my gezehd dat hy je morgen een briefje wil "schrijven en vanochtend heeft ‘Dansje my verteld dat Henk en Max beide "naar huis wilden gaan om Papa te zien. Is dat niet sterk? Zy amuse- ''ren zich overigens dol en Max vindt dat de tuin zo groot is en er zo- "veel bomen in zyn. Hy is the general favorite en iedereen crispeert

"als hy een historie begint te vertellen Anna heeft Eveline te

"Grafrath gezien en vond haar heel lief; aan Michon heeft zy zich van t voorjaar laten presenteren,maar die vond haar geaffecteerd." (Natuurlijk,want Maria was jaloers dat Cees Eveline boven haar verkoren had.)

Ik antwoordde dat Cees natuurlijk niet meer te spreken,maar hoogst gelukkig was,gelijk hy my Donderdag avond te elf uur kwam vertellen.

Ik vroeg aan Hartogh of ik Zaterdagmiddag naar S.en B.kon gaan,maar dit stond hy niet toe,daar ik 's nachts in Amst.moest zyn. Ik reed dus Zondagochtend met Hendrik naar buiten en keerde 's avonds naar stad terug.

Op 20 Juni schreef Lore My: ...."J'ai lu dans deux gazettes ton "speech Hinsbeek. Le Handelsblad dit que tu as in een nette en sier- "lijke rede de zaak duidelijk voorgesteld; ’ t is toch wel pleizierig "om een knappe man te hebben."

Buiten en behalve het verdriet dat ik had van L°re en de kinderen te missen kwam er nog een groot inconvenient bij,te weten dat Lore my zelden een brief schreef zonder my de een of andere boodschap op te dragen,welke ik niet aan Legras kon overlaten maar zelf moest doen,of te verzoeken het een of ander naar buiten te zenden. En ik had waarlijk geen tijd om uit te lopen of pakjes te maken,en was al blij als ik tussen de druppeltjes door een gehqast briefje kon pennen.

Zo was ik niet weinig verveeld van een opdracht my namens Oom Piet door Lore gedaan om papier,waarvan zy my een staal zond,in Amst. op te schommelen,daar het in Utrecht niet te krijgen was,en het kostte my heel wat geloop eer ik het vond. Even lastig was een verzoek van Lore om my zo spoedig mogelijk te laten photograferen. Tane had voor haar moeders verjaardag te Frankfort een_^root album gekocht en nu wilde zy dat met de portretten van al de kinderen en behuwdkinderen vullen. Lore zou er voor in Amsterdam komen en er was grote haast by, want zy schreef het my 26 Juni en Mama van Loon was 6 Juli jarig.

Ik moest dus hetzy by Wegener of by Remink vragen wie van hen de photos het ppoedigst kon gereed hebben en er zelf ook voor poseren. Enfin ! het gelukte. Wegener had de tijd niet maar Remink deed het.Dinsdag 1 Juli '62 kreeg ik vacantie en kon ik naar S.en B.gaan, Daar Lore die dag by Remink geweest was reden wy samen naar buiten.

Het was de laatste maanden met myn kwaal weer allerellendigst gesteld. Niet alleen staken de hemorrhoïden weer horribel,maar ook de ascariden vertoonden zich wegr by duizenden. Toevallig sprak ik Frederik Hartsen, tweede broeder van Cees,een buitengewoon bekwaam man,die dokter was geworden. Hy schreef my een middel tegen de vermes voor en dit is het eerste en enige geweest dat my er van verlost heeft.

Tegen de hemorrhoïden wist hy echter geen raad maar hy sprak er Prof Donders te Utrecht over en deze vermoedde dat zy een gevolg waren van de vernauwing van de grote darm,en ried my daarom Prof Langen- beck te Berlijn te gaan raadplegen,voor wie hy my een aanbevelingsbrief zou zenden. Lore engageerde my niet erg om die raad op te volgen, daar zy vreesde dat het niet geven zou en haar voorgevoel heeft zich bewaarheid,maar zy stemde tenêlotte toch toe.

Maandag 7 Juli moest ik nog voor een ander zitten,de volgende dag kreeg ik myn buitenlands verlof,dat ƒ 2,79 kostte,en een briefje van Fred.Hartsen,om my te zeggen dat Prof Donders het te druk had om zyn brief aan Langenbeck te schrijven. Die Fred.Hartsen was een rare snuiter. Hy leefde later met een meid,by wie hy een kind verwekte en toen zy bevallen was,plaatste hy deze advertentie in de Couranten:" Myn "vriendin (volgden naam en voornaam) beviel heden voorspoedig van een "welgeschapen zoon. get.Fred.Hartsen." Men kon nagaan dat zyn moeder en broeders dit even onbeschaamd als onaangenaam vonden.

Dinsdag 8 Juli vertrok ik per trein van
1   ...   7   8   9   10   11   12   13   14   ...   27


Dovnload 2.62 Mb.