Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Op 1 Januari schreef ik aan de Minister met bepaald verzoek my te benoemen,inaien de Heer van Leeuwen er geen bezwaar tegen had

Dovnload 2.62 Mb.

Op 1 Januari schreef ik aan de Minister met bepaald verzoek my te benoemen,inaien de Heer van Leeuwen er geen bezwaar tegen had



Pagina27/27
Datum28.10.2017
Grootte2.62 Mb.

Dovnload 2.62 Mb.
1   ...   19   20   21   22   23   24   25   26   27
32.03

32 oi

3 2 o


Op 6 Sept.maakte de Rechtbank de voordracht op en de keuze viel op Muntendam,de subst.griffier,Herman v.L. en Driessen,beiden pl.rech- ters$Bijleveld en Dijkers kwamen my condoleren en vertelden my dat ik by de le stemming slechts 4 stemmen kreeg in plaats van de 7,die my beloofd waren. Voor de 2e plaats kreeg ik eerst 7 en Herman 6 stemmen, doch by een herstemming Herman 7 en ik 6. Op my hadden behalve van Eijk Bi jleveld en Dijkers., Hartogh en Feith gestemd, doch Dedel en rloos eerst by de 2e stemming, de meesten stemden voor Muntendam. Nu was dit niet te verwonderen. Van iedere plaatsv.rechter hadden de rechters veel dienst,want zy geneerden zich niet hen om de nietigste reden te laten zitten. Maar er kwam nog iets anders by,en dit had ik myzelven te wijten. Ik was niet bemind by het college,omdat ik te scherp was en te crimineel. Hartogh feliciteerde my omdat ik myn avenir zou bedorven hebben,maar Schooneveld was zó boos dat men my gepasseerd had,dat hy er de Minister Olivier over schreef en my ried dit ook te doen. Ik gaf hieraan dan ook gevolg. Dat men Herman op de nominatie geplaatst had was dwaas,daar hy, zolang ik subst.Off.was,toch niet kon benoemd worden. En dat men my niet als 3e candidaat gekozen had,was om Muntendam van een gevaarlijke concurrent te bevrijden en te beletten dat ik benoemd werd. Op 1 Nov. werd dan ook Muntendam benoemd.

Ik vroeg aan Tante Antje of ons kind haar naam zou mogen dragen.

Zy antwoordde nogal koel dat het goed was,maar voegde er by dat zy al- tyd geweigerd had peettante te zyn,om vrij te wezen in haar giften.

Mocht het een jongen zyn dan wenste zy dat hy Anton Reinhard zou heten naar de grote Falck. Daar ik die namen lelijk vind zeide ik haar,dat er reeds een A.v.L. was,en wy liefst een voornaam gaven,waarvan de eerste letter niet dezelfde was als die van een ander kind v.L. Daarop stelde zy Zweder,Victor of Horman voor.

Maandag 9 Oct.keerde Lore voor goed in Amst.terug. Wy besloten Henk tekenles by Ueberfeld te laten nemen,omdat hy daar aanleg voor had. Miek sprak nu alles,maar toch nog enkele woorden gebrekkig. Daar Juffrouw Musquetier de jongens te lang liet leren,zowel vóór als na de middag,verzocht ik haar dit wat te matigen,maar daarop antwoordde zy op nogal brutale toon dat zy daarvoor gehuurd was en niet als bonne.

Zy had hoegenaamd geen trant om met hen te spelen als de eerste Juffr. Wellensiek.

Ter afwisseling wil ik hier nog iets uit myn strafjaar mededelen.

Een bejaard heer,die op de Oostenburgergracht woonde,deed aangifte dat hem een bankbillet van ƒ 1000- ontstolen was. Hy was ongetrouwd en woonde alleen met een dienstbode,die hy niet verdacht. Zyn geld bewaarde hy in een cassette,die in de zykamer stond en waarvan hy de sleutel steeds op zak had. By de Ned.Bank werd verzocht om acht te geven op het inwisselen van een Bankbillet van ƒ 1000-.Wel was het nummer niet bekend,maar voor het geval de diefstal by insluiping en met behulp van een valse sleutel gepleegd was,lag het vermoeden voor de hand dat de dader zich zo gauw mogelijk van het corpus delicti zou ontdoen en/P

het wellicht aan de Bank zou inwisselen. Geheel toevallig wandelde een der rechercheurs,Albertus de Bruyn, op de Oosterburgergracht,toen j %b 6 hy door het venster van een huis naar binnen kijkende,op de tafel in de voorkamer een grote taart zag staan,die zyn aandacht trok omdat zy zo mooi versierd was. Hy bleef staan en kwam plotseling op de gedachte dat hy die taart meer gezien had,en hoe nauwkeuriger hy die beschouwde des te sterker wies zyn overtuiging dat hem de taart niet onbekend voorkwam. Hy vroeg zich af waar hy ze gezien had maar kon het zich niet herinneren. Al peinzende liep hy verder,en plotseling schoot het hem te binnen; het was by een'banketbakker op de Haarlemmerdijk,en dus geheel aan het andere eind van de stad.

Dit vond hy zó vreemd dat hy moeite had om het te geloven en daar er meer soortgelijke taarten in Amst.zouden gebakken zyn,begreep hy dat hy zich vergissen moest. Het was toch niet aannemelijk dat iemand, die op Oostenburg woonde,de klant was van een banketbakker by de Haarlemmerpoort. En toch liet de eenmaal opgevatte dwaling hem niet los. De Haarlemmerdijk behoorde tot zyn sectie en de banketbakker zou er dus niets vreemds in vinden indien hy een praatje met hem ging maken. Zo gezegd zo gedaan. Hy sprak eerst over onverschillige zaken en zeide toen:" He,waar is die mooie taart gebleven,die ik verleden voor je glazen gezien heb? Was die besteld?" - "Neen,"antwoordde de confi- seur,"dat was ie niet,maar ik heb hem verkocht." - "Zoo? Aan wie?" - J20^ " Ja! dat weet ik niet,dat wil zeggen,ik ken de koper niet,maar ’ t was

een heer,die binnenkwam en vroeg of de taart te koop was. Ik zei van ja en daarop heeft hy hem betaald en hem meegenomen. Ik vroeg nog of ik hem niet zou bezorgen,maar dat hoefde niet. Hy nam hem in de doos mee en die heeft hy me teruggebracht."- "En wat kostte hy wel ?" - "Ja,het was een dure,en toen hy betalen wou,zei hy dat hy niet passen kon,en niets by zich had dan een bankje van duizend gulden. Nou,daar had ik niets tegen. Ik wisselde dat hier in de buurt,hield er het geld dat de taart kostte af en gaf hem de rest terug." - "Zou je hem herkennen?" vroeg de Bruyn. "Ja vast en zeker." - "Nou dankje wel " en de Bruyn vertrok.

Een rechercheur heeft dikwijls een fijne neus,die behoort hy althans te hebben,en de Bruyn had onmiddellijk de overtuiging dat de taart met het gestolen bankbillet betaald was,hoe onwaarschijnlijk het ook scheen dat een welgezeten heer zulk een misdaad zou plegen. Het eerste wat de Bruyn deed,was in overleg met zyn Commissaris de banketbakker over te halen om zich met een loze boodschap tot de koper van de taart te vervoegen. Dit gebeurde en de persoon,ten wiens huize de Bruyn de taart gezien had,werd als de koper herkend. Daarna bezocht p de Bruyn de bestolene,en vroeg hy hem of hy de heer,die een paar hui- •3V ö 6 zen verder woonde,kende? " Niet alleen ken ik hem,maar hy is een goed vriend van my en bezoekt my dikwijls. Daags voor dat ik de vermissing ontdekt heb,heeft hy nog 's middags by my zitten praten." - " Is hy soms een ogenblik alleen in de kamer geweest?" - "Ja! terwijl ik een \ flesje madeira uit de kelder haalde." Nu wist de Bruyn genoeg en was de zaak rijp voor nader onderzoek. Ware hy nu in handen van een ongeschikt R.C. gesteld dan zou er allicht niets van terecht gekomen zyn,maar het geluk wilde dat hetzy Bijleveld of Dijkers met de instructie belast werd. Deze liet de bestolene zyn cassette overleggen en dagvaardde de verdachte als getuige,waarna hy hem zyn sleutels deed afgeven,met een waarvan het hem gelukte de cassette te openen.

lieer byzonderheden herinner ik my niet,maar wel dat de man vroeg of laat bekende het ogenblik te hebben waargenomen dat de bestolene de kamer verlaten had om diens cassette met een zyner eigen sleuteltjes te openen en het billet van ƒ 1000- te ontvreemden. Daar het feit met behulp van een valse sleutel bedreven was,stond hy crimineel te recht. Het onderzoek had nog aan het licht gebracht dat de dief een niet onvermogend man was en o.a.Oostenrijkse effecten bezat. Schoone- j2 0Cj veld kon dan ook niet nalaten om by de toelichting van zyn requisitoir ' met pathos uit te roepen:" Een dief,die Metallieken rijk was !". Welke straf de man beliep is my ontgaan.

Vrijdag 10 Nov. kreeg Lore te 7 uur * s ochtends een alerte. Ik liet Baker Huisman uit de leliestraat en Dr Verboom komen,maar het bleek een vals alarm te zyn. Precies 14 dagen later,24 Nov. wekte Lore my opnieuw te 7 uur,en deze keer was het menens. Te 8 uur zetten de weeën door,zodat zy naar het andere bed gedragen en Verboom gehaald werd. Inmiddels at Lore een droge boterham met koek en dronk zy eenkop thee,maar terwijl zy het tweede kopje wilde ledigen,kreeg zy een vlaag en daar kwam Frank ter wereld. "Wat is het?" vroeg Lore. "Alweer een jungsken!" antwoordde Bach. Verboom kwam dus te laat en rammeide tegen het hekje van de boventrap,dat hy niet kon openkrijgen en hy was woedend,want de baker had Lore al ingespeld. Godlof ! dat alles zo spoedig was afgelopen. Ik had er weer tegen opgezien,maar met myn God spring ik over een muur. De jongen scheen my toe op Max te gelijken,toen deze geboren werd. Donker haar,dik vel,brede omgekrulde bovenlip,grote platte neus,vooral breed tussen de ogen.

De kuur te Pyrmont en het Malzextract had dus wonderen gedaan.

Lore was wel dat de baker haar toestond de visites te ontvangen van haar moeder,van Anna,Agnes,Henriette,Hendrik en Maria,maar daar zy de volgende dag wat hoofdpijn had,werd toen iedereen afgewezen.

De eerste nacht kon de baker niet slapen van blijdschap dat alles zo snel was afgelopen,want Lore had nog lang kunnen lijden omdat het kind zulk een groot hoofd had en zo breedgeschouderd was. Hy was fors gespierd,maakte allerlei geluiden en schreeuwde ontzettend. De tweede nacht was nog beter dan de eerste en Frank zoog magnifiek,maar kreeg nog weinig,doch dit ging spoedig beter,want hy opende de kanalen.

Ik kreeg vele visites,maar geen enkel lid der Rechtbank kwam my feliciteren,zelfs Hartogh niet,wat my zeer griefde. Ik schreef vele brieven,o.a.aan Christiaan,die naar Dgocjocarta verhuisd was om Dorre- paals bezittingen,fabrieken en landen te kunnen surveilleren. Die correspondentie kwam overigens zeer ongelegen daar ik verdiept zat in een moeilijke conclusie,waarby de kwestie liep over het verschil tussen Maatschap en Zedelijk lichaam. Meer dan eens heb ik moeten concluderen in zaken,die het recht van successie betreffen.

Zo herinner ik my een proces tegen de firma Jantzen,die een te lage opgave gedaan had van een erfenis. De firma bestond eenvoudig uit een vereniging van papen,die millioenen in de dode hand bezaten,doordat zy de domme leden hunner kerk wisten te beduiden dat zy hun vermogen aan de firma moesten nalaten.
JZ/I

kUf


Zaterdag 25 Lov.'65 stierf de Heer $an van Eeghen plotseling.

Dit was een immens verlies zowel voor zyn vrouw en kinderen als voor de gehele maatschappy,en voor de Kerk,want hy was niet alleen een knap, maar ook een gelovig,weldadig en hoogst beminlijk man. Het was een overgang uit dit aardsche,vergankelijke,voorbygaande leven in het he- melsche leven,dat onvergankelijk,eeuwig blijvend is.

Op 5 Dec.vierden wy enkel St.Hicolaas voor de kinderen en gaf ik een flacon aan Lore. Hendrik zond ons een anker wijn. Hy had nu een rytuig van van Haren in huur voor ƒ 180- in de maand; Louky wilde dat hy eigen rytuig hield,maar dit weigerde hy zolang hy zyn moeder en zyn schoonvader het voorgeschoten geld niet had afbetaald.

Op 18 Dec.kwam Lore voor het eerst weer beneden.

Einde
18 6 5
1   ...   19   20   21   22   23   24   25   26   27

  • /P
  • j %b 6
  • 20^
  • ö
  • \
  • j2 0Cj
  • JZ/I kUf

  • Dovnload 2.62 Mb.