Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Op 1 Januari schreef ik aan de Minister met bepaald verzoek my te benoemen,inaien de Heer van Leeuwen er geen bezwaar tegen had

Dovnload 2.62 Mb.

Op 1 Januari schreef ik aan de Minister met bepaald verzoek my te benoemen,inaien de Heer van Leeuwen er geen bezwaar tegen had



Pagina5/27
Datum28.10.2017
Grootte2.62 Mb.

Dovnload 2.62 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   27
%1 Maart te Amst. aan en al ons goed werd in het koetshuis myner schoonmoeder in de Regu- liersdwarsstraat opgeborgen,de koffers en kisten in de paardestal en de meubelen,beddegoed enz.op de hooizolder. Ik behoef niet te zeggen hoe alles er uit zag toen het op 31 Mei weer te voorschijn kwam om naar ons huis vervoerd te worden.

Ook op 21 Maart legde ik voor ƒ 3- myn eed voor het Hof af en de volgende dag brachten wy in den Haag door,waar de meisjes v.d.Brug- "ghen by haar oom Jan Singendonck logeerden. Wy gaven haar een photo- album met onze portretjes; ik ging de Minister bezoeken en wy aten by Elout. Op 5 April werd myn opvolger de Meyier geïnstalleerd en by die gelegenheid hield Mr van Troyen een speech,waarin hy myner gedacht.

Ik werd op 25 Maart geïnstalleerd. Levendig staat het my voor,hoe Mr Hartogh,toen hy geroepen werd,my by de hand nam en moed insprak. Een ogenblik later kwam de oudste subst.griffier Harmen van de Poll my halen en trad ik de Eerste Kamer binnen,waar my een stoel vlak tegenover de President werd aangewezen. De zaal was stampvol,de gansche Rechtbank was fcijeen,de President en enige leden van het Gerechtshof, tal van advokaten,onder wie ik ook myn vader zag,procureurs en bedien- ^en bevonden zich ondet het gehoor

.

De President,Jhr Mr C.Dedel gaf het woord aan de Off.,die de voorlezing verzocht van het Kon.Besluit no.84,houdende myn benoeming en van de akte myner beëdiging. Beide stukken las de Griffier I.J.Rochussen, op zyn stotende wijze,telkens zyn keel schrapende,voor. Daarop nam Mr Hartogh het woord,herdacht Termaat en sprak my toe. Hy deed dit staande en sprak uit het hoofd terwijl hy eindigde met te requireren dat my rang en zitting als subst.Off.van J.zou verleend worden. De President las daarop zyn rede zittende voor. Het was,gelijk ik later bywoon- de,zyn gewoonte aldus .te beginnen:" Edel GrootAchtbare Heren (dit gold de leden van het Hof),WelEdelAchtbare Heren (die der Rechtbank),WelEdel- Gestr.Heren (de advokaten),WelEdele Heren (de procureurs). Zyn toespraak was niet byzonder hartelijk,want met ronde woorden kwam hy er voor uit dat het hem en der Rechtbank aangenaam zou geweest zyn indien Frits Schimmelpenninck benoemd ware.

Of de Deken na hem nog een woord sprak herinner ik my niet,maar ik sprak het laatst. Later vernam ik dat ik te zacht gesproken had en volgens de rechter Gülcher te nederig. Toen ik dezen later beerde kennen verwonderde^yn oordeel niet,want hy was even pedant als dom en toen Bram de Vries,Hartogh en ik ons op het voorbeeld van Papa en de "Schoolmeester" amuseerden om grafschriften te maken,vervaardigde een van ons het navolgende op Gülcher:

"Er is geen enkel rijmwoord dat op de naam van Gülcher past,

"Daarom staat zyn ongerijmdheid boven alle bedenking vast." als pendant op dat van de vice-president Penning:

" Niets strekt tot zyn byzondere onderkenning,

"Daarom schrijf ik eenvoudig: Hier ligt A.E.Penning."

Nadat de plechtigheid was afgelopen,begaven wy ons naar de kamer van de President, (een Raadkamer was er niet,de deliberatiën werden altyd in dezelfde kleine,dompige,donkere vertrekken gehouden,waar gepleit was en men kan zich voorstellen hoe het na afloop ener strafzitting stonk) en aldaar kreeg ik handjes en moest ik op chocolaat en sigaren tracteren en fooien uitreiken aan ieder der drie boden Mol,

Weys en Schreuder ƒ 5-,aan de bode Waldeck ƒ 2.50,aan de 1ste klerk van het Parket Kloermeyer ƒ 7- en aan de 2e klerk Brave (zoon van een predikant) ƒ 2,50,te zamen dus ƒ 27-,terwijl de chocolaat ƒ 12.50 kostte.

Toen ik in func tie trad had de oudste subst.Johan Bijleveld de strafzaken,terwijl C.H.Backer de le kamer,die de/ burgerl.rechtsgedingen behandelde,waarnam,zodat ik belast werd met de zogenaamde Donderd. strafzaken,appellen van de Kantongerechten,Stedelijke Accijnszaken en qlle wanbedrijven,die by andere wetten dan het Code Pénal waren strafbaar gesteld,b.v.by de Wet op de Nat.Militie,op de Waarborg,op de Geneeskunde,Loterijen enj terwijl ook op Donderdag de Rijksbelastingzaken werden behandeld,en het O.M.daarin conclusie moest nemen. Woensdag en Vrijdag moest ik aan de 2e Kamer zitten,waar uitsluitend handelszaken bepleit werden.

De Rechtbank was toen als volgt samengesteld: Jhr Mr C.Dedel,president, Antonie Backer (bijgenaamd me lieve man,een oud,dik,dom kereltje dat zonder overjas maar in zemeleer liep,altyd winterhanden had,en schoon getrouwd met Juffr.Bierens,vriendin van Mam$L,bleek een huishouden met kinderen by zyn maitres te hebben) vice-president; A.E.Penning,

2e vice-president,onbetekenend; A.Dronsberg,die in 1838 zyn carrière ook als subst.Off te Amst.was begonnen,een door en door welwillend doch onbekwaam man,maar desniettemin in 1842 tot rechter benoemd; P.J.Teding van Berkhout,in '62 benoemd tot Lid van het Hof,niet onbekwaam; A,de Vries,kundig jurist; J.Heemskerk Azn,in '64 tot Raadsheer benoemd,buitengewoon knap,een wonderkind met een verbazend sterk geheugen; Gülcher, reeds door my beschreven; A.van Eyk Byleveld,bekend om zyn enorme voeten,alleen overtroffen door die van Pauw,ijverig en knap; Wildschut idem; Boudewijn Ploos van Amstel,pedant en niet knap; van Wensen,Rooms en grenzeloos dom; Suringar vroeger rechter te Hoorn,vrij onbeduidend, wiens ouders de onhandigheid begingen hem de voornaam Petrus Johannes te geven zodat hy nooit zyn naam P.J.Suringar kon tekenen zonder twee vieze dingen in 't Hollands en in 't Frans neer te schrijven, berucht evenals zyn broer de Professor om zyn vuile moppen; E.Lintelo de Geer, dommer dan een eend,en z<5 onverschillig dat hy onder de pleidooien romans las. Men beweert dat toen hem eens het stellen van een vonnis was opgedragen,hy dit door zyn broer,de buitengewoon begaafde Prof de Geer van Jutphaas heeft laten doen. Ten slotte Maurice Luden,de enige die nog in leven is,maar sinds lang zyn ontslag had moeten nemen.Men ziet dat het College bestond uit een President,twee vice- Presidenten en twaalf rechters. In elk van de drie kamers waren er vier toegevoegd,maar daar er slechts drie behoefden te zitten,had ieder op zyn beurt een gansche week vrij.
JiïVo


Hoofd der Griffie was J.J.Rochussen,berucht om zyn domheid en schraapzucht. Substituten waren Harmen van de Poll,schier even dom als Rochussen,maar een werkezel,terwijl Rochussen niets uitvoerde dan hoesten,knorren en geld verdienen, Muntendam,die krankzinnig gestorven is en Frits Schimmelpenninck,die het ook zou geworden zyn indien hy niet bytyds zyn ontslag had genomen. Hansje hielp hem aan het stellen der strafvonnissen en het redigeren der proc.verb.voor de terechtzitting.

De respectieve Voorzitters Dedel,Penning en Backer stelden nooit een vonnis. Dedel presideerde met veel deftigheid en dicteerde de getuigenverhoren,maar daar bleef het by. Hy zat slechts tweemaal in de week,Maandag en Dinsdag,want Woensdag gaf hy audiëntie en na afloop daarvan reed hy 's zomers terstond met zyn eigen paarden naar buiten, waar hy tot Maandagochtend 7 uur bleef,op welk uur hy weer naar de stad sukkelde. Woensdag presideerde dus het oudste lid. Penning heeft eens een prodeo echtscheiding vonnisje gesteld.Verder werden alle vonnissen door de subst.Griffier gemaakt. Zy waren echter in myn tyd uiterst sober en beknopt. Eerst toen de Hooge Raad zulke vonnissen by gebrek aan motieven gecasseerd heeft,zyn zy beter en uitvoeriger gemotiveerd og,gelijk het in de lelijke taal der Wet heet,met redenen omkleed,en toen zyn ook de rechters begonnen de strafvonnissen,althans de moeilijke,zelf te stellen,met dat gevolg dat zy toen weer veel te lang en te soeperig zyn geworden.
18 V/


StfL Half April kreeg Johan Bijleveld de mazelen en moest ik de straf—

'zaken van hem overnemen,terwijl van Hees met de Donderd.zaken belast werd. Toen bemerkte ik vooreerst hoe druk het aan de winkel was en ten andere hoe slordig Bijleveld de zaken behandelde.

Eer ik verder ga keer ik nog terug naar N^megen. In April *61 stierf Willemine Singendonck aan de angina. Gedurende de laatste maanden van ons verblijf te Njnnegen had ik my bezig gehouden met de statistiek, Drooger,dorder studie bestaat er niet,maar zy amuseerde my.

De Rechtbank te Nymegen was namelijk gerangschikt onder die van de derde of laagste klasse,en nu was het my gebleken dat zy meer zaken, zowel civiele als correctionnele,behandelde dan ettelijke Rechtbanken van de tweede klasse. Ik onderzocht nauwkeuriger en kreeg steeds het-
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   27

  • JiïVo
  • V/ StfL

  • Dovnload 2.62 Mb.