Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Opdrachtenblad 3 De reacties op de beschuldigingen1 Belgen in de tegenaanval

Dovnload 0.52 Mb.

Opdrachtenblad 3 De reacties op de beschuldigingen1 Belgen in de tegenaanval



Datum25.10.2017
Grootte0.52 Mb.

Dovnload 0.52 Mb.

Opdrachtenblad 3

De reacties op de beschuldigingen1

Belgen in de tegenaanval
De reacties op de kritiek van Morel en zijn medestanders waren uitgesproken vijandig. Allerlei kwade bedoelingen werden hen toegeschreven. Hieronder vind je enkele voorbeelden. Vooral de Boerenoorlog waarbij de Britten Transvaal hadden veroverd werd meermaals uitgespeeld.
C’est l’histoire du Transvaal qui recommence. Il s’agit de préparer, de justifier une nouvelle annexion. (Matin, 5 maart 1903)
L’exemple du Transvaal est trop récent pour qu’il nous soit permis d’oublier comment les Boers ont perdu leur nationalité (Petit Bleu, 28 september 1903)
Je ne puis admettre que l’État du Congo soit mis spécialement en suspicion. Je ne puis surtout m’associer à une campagne dont le dernier mot semble être: Ôte toi de là que je m’y mette (Paul Janson, Discours parlementaires, 1906)
Les Aglais veulent gagner de l’argent au Congo et trouvent qu’ils ne sont pas en mesure de le faire sous le régime actuel” (Comte Lalaing, minister van buitenlandse zaken, 1906)

Ook de tekening hiernaast uit 1909 kan gelden als een antwoord op de beschuldigingen.


Waarvan worden Morel en de Engelsen beschuldigd? Wordt hun aanklacht weerlegd?
Hoe stellen de Belgen zelf de houding van de Congolezen voor?

Belgen verdedigen Morel
Quel cauchemar que ce Congo léoplodien et combien souvent j’ai du ronger mon frein! Vous avez combattu avec grande noblesse et une infatiguable vaillance en faveur de la cause de la liberté et de l’humanité! Permettez à un confrère qui vous a souvent admiré en silence de vous dire ici son admiration (A.J. Wauters, directuer van Mouvement Géographique, in een biref aan Morel)

Je le dis très haut, si faible que puisse être man espoir de détruire une légende devenue, avec le temps, presque indéracinable, je tiens pour une calomnie atroce d'avoir prétendu, ou de prétendre, comme d'aucuns le font encore en Belgique, que Morel ne poursuivait pas des fins désinté­ressées. ( Memoires van Emille Vandervelde)
Wat antwoorden Morels Belgische sympathisanten?
Morel, antikoloniaal? Mensenrechtenactivist?
In 1919 bezetten Franse troepen delen van Duitsland. Daarvoor weden ook koloniale troepen ingezet. De internationale verontwaardiging was enorm. Ook Morel kroop in zijn pen.
In maart 1920 stuurde Morel een brief naar The Nation. Daaruit komt volgend citaat: de Afrikanen mogen niet in Duitsland ingezet worden want het zijn “barbarians – barbarians belonging to a race inspired by Nature … with tremendous sexual instincts” (brief van 27 maart 1920)2.

Een jaar later publiceerde hij een pamflet onder de titel “The Horror on the Rhine”. Het werd wereldwijd gebruikt in een anti-Franse campagne.


Probeer de figuur van Morel, in het bijzonder zijn opvatting over Afrikanen hier te definiëren.

Het resultaat van de campagne.
Uiteraard vonden de beelden van Morel de weg naar de internationale pers. Een (eerder extreem) voorbeeld is het onderstaande fragment uit een Amerikaanse krant:
If a father or a mother failed to pick the amount of rubber required, the plan was to take one of the chil­dren in the family and cut an arm or a leg from that child as a warning. They cut the arms and legs from the children first, hoping that this abominable brutality would make it unnecessary to mutilate the full-grown, valuable rubber-pickers. If the mutilation of the children did not suffice as a lesson, then the next year, or the year after, an arm of the father would be cut off...» (Evening Journal, 20 may 1909)
Hoe worden de afgehakte handen in de Amerikaanse pers voorgesteld?

Uiteindelijk stuurde de Belgische overheid onder internationale druk een onderzoekscommissie naar Congo. Over het rapport ontspon zich een hevig debat in het parlement. Daarbij stonden onder andere de socialist Vandervelde en de Katholiek Woeste lijnrecht tegenover elkaar.



(Vandervelde) Men heeft zich met recht beroemd op wat er gedaan is voor het verbod van de verkoop van alcohol, en, wat nog belangrijker is en het meest essentiële, voor de afschaffing van de slavenhandel. Toch, mijne heren, constateren we dat er na vijf jaar, hoewel er een einde gemaakt is aan de oorlogen tussen de volksstammen, hoewel de Arabische slavenhandelaars het land uitgejaagd zijn, hoewel er in het hele uitgestrekte gebied van de kolonie veiligheid heerst, de bevolking er minder talrijk is dan tevoren. Tot staving van de bewering dat de ontvolking van Congo voor een groot deel te wijten is aan het afpersingssysteem waarvan de inheemsen het slachtoffer zijn, heb ik het recht me te beroepen op het rapport van de commissie...i3

(uit het rapport) “Er is nauwelijks betwist dat op de verschillende posten van d ABIR die door ons (de commissie) bezocht zijn, gevangenneming van vrouwen als gijzelaar, onderwerping van stamhoofden aan slafelijke werkzaamheden, vernederingen die hun zijn aangedaan, afstraffing van opstandigen door middel van de chicotte [zweep met meerdere riemen], mishandeling door negers die waren aangesteld om toezicht te houden op gevangenen, een heel gewone regel vormden…

Voeg hierbij nog de strafexpedities, het inbrandsteken van dorpen, slachtingen van mannen, vrouwen en kinderen, verkrachting van vrouwen, plundering en de vele handen die door schildwachten zijn afgehakt, of van de lijken of van de mensen die nog in leven waren, en u zult de bronnen kennen van de rijkdom van de aandeelhouders en bestuurders van ABIR”.
Het antwoord kwam van de katholieke volksvertegenwoordiger Charles Woeste:
[De tegenstanders van het Congobeleid] begaan de vergissing te denken dat men een barbaars land bestuurt met de methoden die in een beschaafd land gebruikelijk zijn. Dergelijke methoden zouden daarginds tot volledige mislukking gedoemd zijn. In vergevorderde beschavingen moet me zoveel mogelijk afzien van alle vormen van dwang. Maar in barbaarse landen, bij kinderlijke volkeren, is dwang soms noodzakelijk. De overheid moet zich laten gelden, wil ze eerbied afdwingen. Ik ontken niet dat er betreurenswaardige dingen zijn gebeurd, hoewel het moeilijk valt te bedenken hoe het anders had moeten zijn. Maar als we het werk in zijn geheel beschouwen, dan moeten we erkennen dat het lof en aanmoediging verdient en geen afkeuring en veroordeling.



Welke resultaten ziet Vandervelde in de kolonie?

Waarom wegen deze resultaten niet op tegen de negatieve kenmerken van het koloniale systeem?


Hoe verantwoordt Woeste de aanpak van de Congolezen?


De afgehakte handen? Mythe of realiteit?

Enkele auteurs aan het woord.
Vergelijk bovenstaande fragmenten met de commentaren van twee historici en een antroploog.
De eerste analyse is van Jean Stengers in zijn boek Congo, mythes et réalités. Hij maakt gebruik van de bevindingen van de internationale onderzoekscommissie van 1904.
La main coupée, en principe, devait l' être à un ennemi mort. Bien entendu, il arrivait qu'un soldat, pour faire plus vite, tranche la main à un blessé. Il arrivait aussi que des soldats gaspillent effectivement des cartouches, et doivent ensuite se justifier. « Sometimes», expliquait un officier qui, sans le savoir, parlait devant un missionnaire protestant, « they shot a cartridge at an animal in hunting; they then cut off a hand from a living man»

Tout cela était suffisamment horrible. Mais l'horreur était, fondamen­talement, non dans les mutilations, maïs dans les expéditions militaires au cours desquelles elles avaient lieu. Ces expéditions étaient nombreuses et elles étaient dirigées le plus souvent non contre des populations hostiles, maïs contre des villages dont le crime était de n'avoir pas fourni une quantité suffisante de caoutchouc. L'horreur était que l’on tue pour obtenir du caoutchouc.

Les mains coupées, on le notera, n' out jamais constitué une forme de chätiment. La Commis sion d'Enquête de 1904-1905 a consacré à ce sujet une attention particulière, et son rapport est formel : Jamais le Blanc n'a infligé ou fait infliger, à titre de chatiment, pour manquement dans les prestations ou pour foute autre cause, pareilles mutilations à des indigènes vivants. Des faits de ce genre ne nous out été signalés par aucun témoin el, malgré toutes nos investigations, no us n'en avons point découvert.( Bulletin officiel de I'État Indépendant du Congo, septembre-octobre 1905, p. 226.)
In de catalogus van de tentoonstelling Het geheugen van Congo (Tervuren 2005) stond de foto hiernaast met een onderschrift van professor Vellut afgedrukt.4

De auteur van Rood Rubber Daniël Vangroenweghe reageerde op de foto en het onderschrift met de volgende woorden :“In de tentoonstelling en in de catalogus toonde Vellut een foto van Congolezen met afgehakte handen en schreef daarbij ‘twijfel’ (zie vorige bladzijde) en dat zulke beelden ‘deel zijn gaan uitmaken van de media-industrie van emotionele foto’s. Ze zouden stuk voor stuk aan een kritisch wetenschappelijk onderzoek onderworpen moeten worden. ’ Sorry,’ aldus Vangroenweghe, ‘maar daar zet hij zijn wetenschappelijke reputatie, die ik zeer hoog acht, op het spel. Zulke uitlatingen neigen naar revisionisme.”5



Wat was de toedracht van de afgehakte handen als je de drie bovenstaande auteurs met elkaar vergelijkt?

Urome, de koepel van verenigingen van oud-kolonialen.6
Op haar website geeft Urome een overzicht van de verwezenlijkingen van de koloniale periode. Voor hen wordt de aandacht teveel toespitst op de periode van Leopold II waardoor alle positieve verwezenlijkingen uit het oog worden verloren.

En het passief van de kolonisatie

“De negatieve kanten van de kolonisatie, die voor het grootste deel van de voor-koloniale periode en de eerste koloniale tijd dateren,l worden onophoudelijk op de voorgrond geplaatst en opgeblazen om zo de positieve inbreng van de Belgische periode te verbergen. Het gaat erom het effect van de vergelijking met de rampzalige situatie van Congo van vandaag aldus te verminderen. Men zal hieronder geen loocheningen vinden, maar de feiten die door cijfers worden ondersteund.


De rekrutering van de arbeidskrachten noodzakelijk voor de start van de moderne economie wordt door bepaalde critici als dwangarbeid van de autochtone bevolking bestempeld. In elke traditionele gemeenschap kon slechts 10% van de gezonde volwassen mannen door de buitenlandse ondernemingen worden tewerkgesteld. Dit gebeurde met het akkoord van het stamhoofd, en in aanwezigheid van een officiële vertegenwoordiger van het bestuur. De wettelijke arbeidsovereenkomst legde minimale lonen, evenals de volledige kosteloosheid van de huisvesting, de geneeskundige zorgen en de andere sociale uitkeringen op.

Als voorbeeld van dwangarbeid haalt men de oogst van het wilde rubber onder de regering van Leopold II aan: met een rendement van 0,350 kg per oogster per dag (in hetzelfde tijdperk was de oogst 0,5 kg in Brazilië en 0,3 kg in Frans Equatoriaal Afrika), stemde het gemiddelde van de uitvoer van 3.363.208 kg overeen met het werk van 26.871 oogsters, gezonde volwassen mannen. Dit betekent twee man per duizend inwoners. In hetzelfde tijdperk in Europa, werden de mijnwerkers, kinderen inbegrepen, en waarvan de werktijd niet zoals in Congo werd beperkt, in veel groter aantal aan veel meer van risico's en ziekten.”


Urome heeft het moeilijk met de huidige beeldvorming over de kolonisatie. Wat zegt Urome over:


  • de beschuldiging van wandaden?



  • De beschuldiging van dwangarbeid bij de rubberexploitatie.



BESLUIT
Blader nog even door de voorgaande pagina’s en lees nog even je antwoorden.


    • Welke feiten, gebeurtenissen, omstandigheden kunnen we met zekerheid voor waar aannemen.



    • Welke voorstelling is zeker fout?


    • Waarover wordt nogal wat twijfel gezaaid?


    • Vind je het gemakkelijk om zelf een oordeel te vellen?



1 de teksten zijn overgenomen uit J. Stengers, Congo. Mythes et Réalités, Brussel, 2005.

2 Citaat overgenomen uit Keith L. Nelson, The “Black Horror on the Rhine: Race as a Factor in Post-World War I Diplomacy”, in The Journal of Modern History, Vol.42, nr.4, deccemberr 1970, p.615.

3


4 Jean-Luc Vellut, “Beelden van de koloniale tijd”, in Jean-Luc Vellut, red., Het geheugen van Congo. De koloniale tijd, Tervuren, 2005, p.13.

5 A. Plottier, o.c.

6 www.urome.be


i


  • Waarvan worden Morel en de Engelsen beschuldigd Wordt hun aanklacht weerlegd Hoe stellen de Belgen zelf de houding van de Congolezen voor
  • Wat antwoorden Morels Belgische sympathisanten Morel, antikoloniaal Mensenrechtenactivist
  • Probeer de figuur van Morel, in het bijzonder zijn opvatting over Afrikanen hier te definiëren. Het resultaat van de campagne.
  • Hoe worden de afgehakte handen in de Amerikaanse pers voorgesteld
  • Welke resultaten ziet Vandervelde in de kolonie Waarom wegen deze resultaten niet op tegen de negatieve kenmerken van het koloniale systeem
  • Vellut
  • Wat was de toedracht van de afgehakte handen als je de drie bovenstaande auteurs met elkaar vergelijkt Urome, de koepel van verenigingen van oud-kolonialen. 6
  • En het passief van de kolonisatie
  • Urome heeft het moeilijk met de huidige beeldvorming over de kolonisatie. Wat zegt Urome over
  • BESLUIT Blader nog even door de voorgaande pagina’s en lees nog even je antwoorden.
  • Waarover wordt nogal wat twijfel gezaaid Vind je het gemakkelijk om zelf een oordeel te vellen

  • Dovnload 0.52 Mb.