Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Ouders en lezen

Dovnload 20.98 Kb.

Ouders en lezen



Datum12.05.2019
Grootte20.98 Kb.

Dovnload 20.98 Kb.

OUDERS EN LEZEN

Dr. Kees Vernooy



De leesontwikkeling van een kind begint al snel na de geboorte. Door de interactie tussen kinderen en volwassenen in hun omgeving, ontwikkelt het kind taalvaardigheden, die van groot belang zijn voor het latere lezen. Zo heeft bijvoorbeeld de woordenschat die het kind verwerft een grote invloed op het latere begrijpend lezen. Als ouders al op jonge leeftijd met hun kinderen praten over geschreven taal leren zij woorden en ervaren zij dat hun ouders (voor)lezen en boeken belangrijk vinden.
Omdat ouders veel invloed hebben op de leesresultaten en leesattitude van hun kind, is het van belang om ouders al vroeg actief bij de leesontwikkeling van hun kinderen te betrekken, met name als het gaat om risicokinderen, die extra oefening nodig hebben (Snow e.a. 1998). Al in de voorschoolse periode kunnen ouders worden gewezen op het belang van bepaalde activiteiten voor de toekomstige leesontwikkeling van hun kind. Steeds meer onderzoek toont aan dat een sterke betrokkenheid van de ouders bij de leesontwikkeling van hun kinderen een positieve invloed heeft op de leesprestaties. Interesse en betrokkenheid van de ouders hebben hierop zelfs meer invloed dan het inkomen en de opleiding van de ouders.
Ouders die denken dat de taalontwikkeling van hun kind niet goed verloopt, kunnen gebruikmaken van het door Margreet Luinge ontwikkelde screeningsinstrument SNEL, waarmee zij door het beantwoorden van 14 vragen (in 3 minuten) kunnen nagaan of hun kind een taalontwikkelingsstoornis heeft. De online SNEL-test is te vinden bij TESTEN op de website www.kindentaal.nl. De uitslag wordt automatisch door de computer berekend.


LEESTIPS voor ouders
Algemeen
- Thuis lezen moet leuk zijn voor uw kind. Vermijd dwang en de nadruk op goed presteren. Het gaat erom samen met uw kind op een ontspannen manier bezig te zijn.
- Blijf uw kind óók voorlezen in groep 4 en 5. Kinderen vinden voorlezen fijn én het is goed voor de ontwik­keling van de luistervaardigheid en de woorden­schat;
- Het is belangrijker voor de leesontwikkeling van uw kind dat u dagelijks - bijvoor­beeld voor het naar bed gaan - 10 minuten met hem leest, dan dat u daar één keer per week een uur aan besteedt.
- Toon belangstelling voor wat uw kind op school doet en leert. Laat uw kind bijvoorbeeld thuis nog eens voordoen welke nieuwe letters en woorden hij alweer kan lezen.
- Als u denkt dat de taal-/leesontwikkeling van uw kind niet goed verloopt, neem dan contact op met zijn groepsleerkracht.
Tips voor groep 1 en 2
- Lees uw kind veel voor. Let erop of uw kind begrijpt wat het hoort.
- Lees eerder voorgelezen boeken nog eens. Kinde­ren vinden dit leuk en gaan daardoor het boek of verhaal beter begrijpen.
- Laat uw kind zien dat je met lezen iets kunt doen; bijvoorbeeld door in zijn aanwezigheid een gebruiksaanwijzing, spoorboekje of een recept te lezen.
- Doe met uw kind spelletjes die goed zijn voor zijn taal-/leesontwikke­ling. Denk aan lotto's, puzzels, rijm- en raadspelletjes.
- Geef uw kind eigen schrijfspullen, zoals potlood, pennen en papier. Stimuleer het (na)schrijven van woord­jes, zoals zijn eigen naam, of de namen van broertjes en zusjes.
Tips voor groep 3
Op de meeste basisscholen leren kinderen in groep 3 lezen. Veel ouders willen thuis met hun kind daarop inspelen. Houd daarbij rekening met de volgorde waarin uw kind op school de letters leert. Belangrijk is ook de manier waarop u de letters uitspreekt. Spreek bij het lezen met uw kind letters niet uit zoals u dat doet wanneer u het alfabet opzegt, maar als in onderstaande voorbeelden:

a : geen aa, maar als in tak

aa : als in maan

b : niet bee, maar bu, met een bijna onhoorbare u

e : geen ee, maar als in zes

ee : als in teen

f : geen ef, maar fff

h : geen haa, maar hu, met een bijna onhoorbare u

ie : als in fiets

z : geen zet, maar zzz


Als uw kind moeite heeft met een bepaald woord, kunt u vragen om eerst de letters van dat woord afzonderlijk te lezen, bijvoorbeeld b - oe - k en daarna de letters 'aan elkaar te plak­ken' en het hele woord vloeiend te lezen: boek.
Er zijn in de boekhandel en de bibliotheek veel boekjes die u helpen om thuis in te haken op het leeson­derwijs in groep 3. Op de boekjes staat dikwijls vermeld ‘geschikt voor na 3 weken, 6 weken, 9 weken leesonderwijs’. Ook wordt het niveau van boekjes vaak met een AVI-niveau aange­duid. Houd rekening met die aanduidin­gen: In het algemeen geldt dat boekjes met de aanduiding AVI-1 rond Kerstmis geschikt zijn, AVI-2 rond Pasen en aan het einde van groep 3 kunnen de meeste kinderen AVI-3 lezen.
Tips voor groep 4 t/m 8
Vanaf groep 4 staat vooral het begrijpend en studerend lezen centraal. Begrijpend lezen is eigenlijk ‘snappen wat er staat’. Studerend lezen gaat nog verder. Daarbij is het de bedoeling dat de kinderen de informatie uit een tekst gebruiken, bijvoorbeeld voor proefwerken, spreekbeurten of werk­stuk­ken.

Het is voor het begrijpend lezen van uw kind van belang dat het, naast verhalen, ook regelmatig informatieve teksten leest, zoals tijdschriften en de krant. U kunt samen met uw kind teksten lezen over onderwerpen die uw kind interesseren. U kunt het begrip van de tekst bevorderen door vragen te stellen voor, tijdens en na het lezen.


Voor het lezen:

· Waar denk je dat de tekst over gaat als je kijkt naar de titel en de plaatjes?

· Wat weet je al van dit onderwerp?

· Wat wil je te weten komen?


Tijdens het lezen:

· Klopt je voorspelling over de inhoud van de tekst?

· Wat zijn hoofdzaken en wat zijn bijzaken?

· Hoe zal de tekst verder gaan?


Na het lezen:

· Ben je te weten gekomen wat je wilde weten?

· Kun je de inhoud van de tekst samenvatten?
Voor het aanschaffen en lenen van boeken kunt u gebruik maken van de AVI-aanduidingen. Kinderen in groep 4 zonder leesproblemen kunnen meestal teksten lezen van het moeilijk­heidsniveau AVI-4 tot AVI-6. Kinderen zonder leesproblemen in groep 5 kunnen teksten lezen van niveau AVI-6 tot AVI-9. Vanaf groep 6 moeten de meeste kinderen boeken kunnen lezen met een moeilijkheidsni­veau van AVI-9 en hoger. Vraag aan de leerkracht op welk AVI-niveau uw kind het beste kan lezen.
Als uw kind moeite heeft met lezen.

Als een kind moeite met lezen heeft, is het belangrijk u thuis samen met het kind leest. Lezen leer je door te lezen en bovendien hebben sommige kinderen meer tijd nodig om een goede lezer te worden. Een ouder zou dagelijks 10 minu­ten met het kind moeten lezen. Naast teksten over onderwerpen die uw kind interessant vindt, is het goed als u:

- met het kind een tekst herleest die op school aan de orde is geweest;

- met het kind een tekst leest die de volgende dag op school aan de orde komt.


Het is belangrijk dat het lezen thuis in een ontspannen sfeer gebeurt en dat het kind complimentjes krijgt als het goed gaat. Daardoor krijgt het kind meer zelfvertrouwen.

Als het lezen heel moei­zaam gaat, kunt u samen-lezen met het kind, bijvoorbeeld door om de beurt een zin te lezen. Verder is het van belang dat u regelmatig met de leerkracht praat over de leesontwikkeling van uw kind. Als het kind te weinig vorderingen maakt bij het lezen, dan is het nodig dat de interne begeleider van de school of een leesdeskundige wordt ingeschakeld.






  • LEESTIPS voor ouders Algemeen
  • Tips voor groep 1 en 2
  • Tips voor groep 3
  • Tips voor groep 4 t/m 8

  • Dovnload 20.98 Kb.