Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Overzicht aanpassingen toetsen en examens in het vo auditief en communicatief beperkte leerlingen Versie juni 2016 Inleiding

Dovnload 86.98 Kb.

Overzicht aanpassingen toetsen en examens in het vo auditief en communicatief beperkte leerlingen Versie juni 2016 Inleiding



Datum01.08.2017
Grootte86.98 Kb.

Dovnload 86.98 Kb.

simea-logo-1[1]


Overzicht

aanpassingen

toetsen en examens

in het VO


Auditief en communicatief beperkte leerlingen

Versie juni 2016
Inleiding
In dit overzicht aanpassingen zijn mogelijke aanpassingen bij toetsen en examens in het VO weergegeven voor leerlingen die doof of slechthorend zijn en/of een taalontwikkelingsstoornis hebben.

Het biedt de mogelijkheid om in een vroeg stadium noodzakelijke aanpassingen te inventariseren, deze schriftelijk vast te leggen en in te dienen/aan te vragen bij de examencommissie.


Het overzicht aanpassingen is beschikbaar op www.simea.nl, evenals informatie over toekomstige wijzigingen in wet- en regelgeving of anderszins.

Het is ontwikkeld door ambulant begeleiders van de werkgroep VO-MBO Siméa in samenspraak met de cluster 2-instellingen en in overleg met het ministerie van OCW, het College voor Examens en de ouderorganisaties.


In deze inleiding én in de bijlagen van dit document is informatie opgenomen over de doelstelling, de uitgangspunten, de reikwijdte en de werkwijze van het overzicht aanpassingen toetsen en examens in het VO.
Dit document en informatie over mogelijke wijzigingen vindt u op de website van Siméa.


Uitgangspunten

  1. De voorgestelde aanpassingen tasten het niveau van het examen niet aan.

  2. De voorgestelde aanpassingen conflicteren niet met de eisen die aan het functioneren op stage worden gesteld.

  3. Alleen die aanpassingen die noodzakelijk gebleken zijn vanwege de auditieve en/of communicatieve beperking van de betreffende leerling worden toegepast.



Werkwijze

In dit overzicht zijn mogelijkheden tot aanpassingen in toetsen, het schoolexamen, centraal schriftelijk examen en centraal praktisch examen (CSPE) opgenomen.

De aanpassingen van de schoolexamens zijn onderverdeeld in de wijzen waarop de examinering plaats zal vinden; lezend, schrijvend of mondeling. (luisterend, presenterend of in gespreksvorm). Dit geldt voor alle vakken.
Per individuele leerling wordt bij aanvang van de VO-opleiding beoordeeld welke aanpassingen bij toetsen en examens noodzakelijk zijn. Deze aanpassingen kunnen vervolgens in de lijst worden aangevinkt.

 

Dit document kan deel uit maken van het overdrachtsdossier als de leerling naar een andere school of opleiding gaat.



 
Nadere informatie in de bijlage

Bijlage 1:

Regelgeving omtrent examinering.


Bijlage 2:

Nadere informatie over auditieve beperkingen en/of taalontwikkelingsstoornissen in het onderwijs.


Bijlage 3:

Werkwijze van de tolk Nederlandse Gebaren Taal en/of Nederlands Met Gebaren en de schrijftolk.


Bijlage 4:

In deze bijlage zijn een aantal links opgenomen van websites met belangrijke informatie over o.a. wet- en regelgeving toetsen en examens.




Overzicht aanpassingen onder redactie van: M. Verwoert, M. de Nooy, J. van Duijn

Overzicht aanpassingen toetsen en examens voor auditief en/of communicatief beperkte leerlingen
Naam: Klik hier als u tekst wilt invoeren.
Geboortedatum: Klik hier als u een datum wilt invoeren.
Beperking: Auditieve en/of communicatieve beperking

☐ Doof ☐ TOS ☐ Slechthorend




Algemene aanpassingen bij de afname van toetsen en examens:

*Aanvinken wat van toepassing is

☐ Verlenging van de toets- of examentijd met 30 minuten, voor die onderdelen waar

taal of tekst een rol speelt. Dit geldt ook voor digitaal afgenomen examens.


☐ Afname vindt plaats in een voor de leerling geschikte omgeving, te weten;

Klik hier als u tekst wilt invoeren.


☐ Bij de toetsen en examens is een ☐ gebarentolk of ☐ schrijftolk (aanvinken wat van toepassing is) aanwezig voor instructie vooraf en/of de communicatie tijdens het examen (aanduidingen, aanwijzingen etc.)
☐ Gebruik soloapparatuur is toegestaan.
☐ Kijk- en luisterfragmenten zijn voorzien van ondertiteling.

(deze examens worden voor het vak Nederlands automatisch geleverd)


☐ Gebruik maken van visuele ondersteuning bij algemene instructie rondom de gang

van zaken tijdens het examen.


☐ Duidelijk de context aangeven tijdens de algemene instructie rondom de gang

van zaken tijdens het examen.


☐ In bijzondere gevallen kunnen maatwerkaanpassingen in overleg met het CvTE

worden gedaan. Nadere omschrijving: Klik hier als u tekst wilt invoeren.


Aanpassingen bij de afname van Centraal Schriftelijke Examens

*Aanvinken wat van toepassing is


Bij een auditieve beperking:
☒ Algemene aanpassingen aangegeven bij 1 (ALTIJD aanvinken)
☐ De gebarentolk / schrijftolk functioneert als woordenboek, woorden mogen verduidelijkt worden maar er mogen vanzelfsprekend geen oplossingsrichtingen gegeven worden.
☐ De gebarentolk / schrijftolk of chatfunctie wordt ingezet bij luister- en

spreekvaardigheid.




Bij een taalontwikkelingsstoornis (TOS) voorheen ESM
☒ Algemene aanpassingen, aangegeven bij 1 (ALTIJD aanvinken)
☐ Toestaan van gebruik van koptelefoon.

☐ Audio of Spraakondersteuning


Inoefenen examenafname
Aanpassingen bij de afname van schoolexamens en toetsen:
*Aanvinken wat van toepassing is
Bij een auditieve en/of communicatieve beperking:
☒ Alle hierboven aangevinkte aanpassingen(algemeen en CSE) zijn ook van toepassing op schoolexamen en toetsen.
Lezen; geldt voor alle toetsen waarbij gelezen moet worden








Aangepaste lay-out. Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.



Gebruik steunkaarten en/of een stappenplan .

Toelichting als bijlage bij dit overzicht.






Gebruik losse koptelefoon/oordopjes.




Gebruik passend woordenboek. (tenzij woordenboek niet is toegestaan) Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.




Tekst en opdrachten worden voorgelezen door een persoon of spraak-/dyslexiesoftware, de leerling leest mee.

Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.






Vervangende opdracht of rekening houden bij correctie wanneer er sprake is van figuurlijk taalgebruik in de tekst (bijv. bij een poëzie en/of fantasieopdracht) Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.






Toelichting van de gemaakte afspraken en/of opmerkingen:
Klik hier als u tekst wilt invoeren.

Schrijven; geldt voor alle toetsen waarbij geschreven moet worden








Gebruik steunkaarten en/of een stappenplan.

Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.






Gebruik spraak-/dyslexiesoftware. Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.



Gebruik losse koptelefoon/oordopjes.



Gebruik passend woordenboek.

(tenzij woordenboek niet is toegestaan) Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.






Gebruikmaken van computer met spellingcontrole. (tenzij spelling getoetst wordt)




Gebruik van korte, eenvoudige zinnen wordt goedgekeurd.




Bij werkstukken gebruik maken van een beeldpresentatie.




Bij vakinhoudelijke opdrachten niet beoordelen op spelfouten/zinsbouw, het gaat om de inhoud (tenzij het een essentiële beroepsvaardigheid is)




Bij schoolexamens: aangepaste beoordeling t.a.v. het verwoorden van gevoelens en benoemen van sociale contexten. Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.




Bij schoolexamens: Aangepaste beoordeling t.a.v. het omschrijven van begrippen (de leerling moet er blijk van geven dat de inhoud van het begrip hem of haar duidelijk is) Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.




Toelichting van de gemaakte afspraken en/of opmerkingen:
Klik hier als u tekst wilt invoeren.

Luisteren; geldt voor alle toetsen waarbij geluisterd moet worden







Luistertoetsen met koptelefoon.




Luistertoetsen met solo-apparatuur.




Gebruik steunkaarten en/of een stappenplan.

Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.






Gebruik passend woordenboek, nl (indien toegestaan) Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.




Leerling mag bij een mondeling examen om herhaling vragen.




Beeld- en geluidsfragmenten kunnen herhaald worden.




Mogelijkheid bieden tot vragen stellen in het geval van misverstaan of niet verstaan.




1 op 1-afname luistertoets met bekende examinator met goed te volgen mondbeeld.




Luistertoets met tolk, m.u.v. vreemde talen. Tolk kan (indien mogelijk) de toets vooraf beluisteren.




Beeld- en geluidsfragmenten zijn ondertiteld.




Alternatieve opdracht waarin je luistervaardigheid toetst i.p.v. luistertoets bij vreemde talen. Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.





Toelichting van de gemaakte afspraken en/of opmerkingen:
Klik hier als u tekst wilt invoeren.

Spreken; geldt voor alle toetsen waarbij gesproken moet worden







Leerling krijgt extra tijd om tot verwoording te komen.




Gebruik steunkaarten en/of een stappenplan.

Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.






Geen beoordeling op tempo, zijnde niet de beroepskwalificatie.




Docent stelt verhelderingvragen aan de leerling.




Spreken met (stem-)tolk.




Bij moderne vreemde talen kan de tolk NGT niet worden ingezet. Daarbij gebruik maken van schriftelijke directe communicatie (social media)




Visuele/tekstuele ondersteuning (bijv. powerpoint of ondersteunende tekst op papier)




Aangepaste beoordeling oogcontact.

Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.





Aangepaste beoordeling t.a.v. het verwoorden van gevoelens en benoemen van sociale contexten. Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.




Aangepaste beoordeling t.a.v. het omschrijven van begrippen. (Context is van belang, techniek zoals grammatica minder) Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.



Vervangende opdracht bij vreemde taal. Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.





Toelichting van de gemaakte afspraken en/of opmerkingen:
Klik hier als u tekst wilt invoeren.

Gesprek voeren; geldt voor alle toetsen waarbij een gesprek gevoerd moet

worden









Gebruik steunkaarten en/of een stappenplan.

Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.





Leerling wordt niet beoordeeld op tempo, zijnde niet de beroepskwalificatie.




Docent stelt verhelderingvragen aan de leerling




Leerling krijgt voldoende tijd om te begrijpen en om antwoord te formuleren.




Gesprek voeren in het Nederlands, met behulp van tolk.



Aangepaste beoordeling oogcontact. Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.




Gesprek (vreemde) taal schriftelijk bijv. via social media, msn, chat bericht, op inhoud beoordelen.




Bij de mondelinge examens/proeve van bekwaamheid is de ab-er of begeleider vanuit de opleiding aanwezig ter ondersteuning van het communicatieproces.




Vervangende opdracht. Beschrijf aanpassing in de toelichting hieronder.




Toelichting van de gemaakte afspraken en/of opmerkingen:
Klik hier als u tekst wilt invoeren.



Suggesties voor vervangende opdrachten bij toetsen/schoolexamen:
Alternatieven vormen voor het toetsen van luistervaardigheden, bijv. bij Nederlands de inzet van een tolk, bij MVT toetsing middels social media.
“Luisteren” beoordelen als onderdeel van gespreksvoering.
Engels: ondertitelde BBC-documentaire of speelfilm gebruiken.
Spreekvaardigheid (vreemde) talen schriftelijk bijv. via social media.
PowerPoint of filmpje voor werkstuk of boekverslag.
Presentatie verzorgen in Nederlandse Gebaren Taal eventueel met behulp van een stemtolk of een Powerpointpresentatie.
Werkstuk maken als vervangende opdracht voor spreek-/luistervaardigheid.
Bij digitale toetssystemen (bijv. TOA) is er 25% tijdsverlenging in te stellen per gebruiker.
Inzet van spraaksoftware; controleer of deze binnen het les-/toetsprogramma beschikbaar is. Is dit niet het geval dan een ander spraaksoftwareprogramma installeren.
Als er geen ondertiteling van geluidsfragmenten mogelijk is dan inzet van tolk of een vervangende opdracht.





Toelichting afspraken t.a.v. van stage / Centraal Praktisch Examen:
Klik hier als u tekst wilt invoeren.




Aanvraag aanpassingen toetsen en examens voor de Examencommissie:
Naam: Klik hier als u tekst wilt invoeren.
Geboortedatum: Klik hier als u een datum wilt invoeren.
Beperking: Auditieve en/of communicatieve beperking

☐ Doof ☐ TOS ☐ Slechthorend




Algemene aanpassingen:
Klik hier als u tekst wilt invoeren.


Aanpassingen Centraal Schriftelijke Examens:
Klik hier als u tekst wilt invoeren.


Aanpassingen toetsen en Schoolexamens:
Klik hier als u tekst wilt invoeren.


Aanpassingen Centraal Praktisch Examen/stage:
Klik hier als u tekst wilt invoeren.
Bijlage 1:

Regelgeving
Examenreglement:

Het formele examenreglement gaat boven dit overzicht, het overzicht sluit hier op aan en geeft richting aan de mogelijkheden die binnen het examenreglement vallen.

Door het overzicht te gebruiken is voor iedere leerling duidelijk wat wel en niet is toegestaan en welke aanpassingen voor de betreffende leerling uiteindelijk noodzakelijk zijn.
Schoolexamen:

Het overzicht sluit aan bij de mogelijkheden die de directie van de VO-school heeft om de omstandigheden bij formele toetsen bij het schoolexamen aan te passen. (Examenbesluit VO, artikel 55)

Binnen het schoolexamen is er ruimte om vervangende opdrachten te geven.
Centraal examen:

Bij het centraal examen heeft de directie ook de mogelijkheid om noodzakelijke aanpassingen in de omstandigheden toe te staan.

Zie hiervoor de richtlijnen die het CvE jaarlijks publiceert. (“Kandidaten met een beperking”)

In deze regeling is tevens de bepaling opgenomen dat als een adequaat hulpmiddel niet wordt genoemd, de school met het College van Examens contact dient op te nemen. De Wet Gelijke Behandeling op grond van handicap of chronische ziekte, het Eindexamenbesluit VO en de regelingen van het CvE zijn de grondslagen voor aanpassing.

De school kan aangepaste toetsen aanvragen bij het college van examens.

(examens@duo.nl) Voor 1 november!

Voor het VO geldt:

De beslissing over aanpassing wordt genomen door de directeur en gemeld aan de inspectie. Dit geldt voor zowel school- als centraal examen. Als de volgens de directeur noodzakelijke aanpassing verder gaat dan in artikel 55 of de regelingen van het CvE aangegeven, wendt de directeur zich tot het CvE.

De maatregelen in schoolexamen kunnen afwijken van die in het centraal examen. De leerling moet hiervan tijdig op de hoogte zijn. Het overzicht kan hierin voorzien.
Wie komen in aanmerking voor aanpassingen:

De leerlingen hebben een onderwijsarrangement voor extra ondersteuning door een instelling cluster 2 dan wel in een eerder stadium ondersteuning vanuit cluster 2 ontvangen of een verklaring van een audioloog dan wel GZ-psycholoog/ orthopedagoog waaruit blijkt dat aanpassing noodzakelijk is voor deze leerling.



Bijlage 2

Nadere informatie over de beperking en de consequenties daarvan in de onderwijspraktijk.
A. Auditief beperkt (doof en slechthorend)
Omschrijving beperking/problematiek
Er is sprake van doofheid bij een minimaal gehoorverlies van 80 dB gemeten aan het beste oor.

Er is sprake van slechthorendheid bij een gehoorverlies tussen 35 dB en 80 dB aan het beste oor.

Afhankelijk van het verlies hoort een leerling minder of niet, worden bepaalde klanken niet/anders waargenomen, wat ernstige gevolgen heeft voor het spraakverstaan.

De problematiek is per leerling verschillend, een leerling kan slechthorend of doof functionerend zijn. Dit is afhankelijk van verschillende factoren zoals de leeftijd waarop het gehoorverlies is ontstaan, de omgeving, de opvoeding en hulpmiddelen.

Hulpmiddelen kunnen het spraakverstaan verbeteren, maar bijvoorbeeld een cochleair implantaat maakt een dove leerling niet per definitie slechthorend functionerend.

Leerlingen zijn voor hun communicatie afhankelijk van spraakafzien (liplezen), hulpmiddelen (hoortoestel, cochleair implantaat, solo-apparatuur), en/of een tolk Nederlandse Gebarentaal (NGT), een tolk Nederlands ondersteunt met gebaren (NmG) of een schrijftolk.

Wanneer een leerling vooral communiceert middels gebarentaal dan is dit veelal de moedertaal, het gesproken Nederlands is dan de tweede taal. NGT heeft een eigen grammatica, lexicon (=gebaren), zinsbouw en kent geen vervoegingen en lidwoorden.

Bij auditief beperkte leerlingen is er veelal sprake van een geringe communicatieve redzaamheid.



Gevolgen voor het schoolse leren

Doof- en slechthorendheid resulteren in een ernstige achterstand in de taalverwerving en daarmee in de taalontwikkeling. Zo is er veelal sprake van een beperkte woordenschat, moeite met begrijpend lezen en figuurlijk taalgebruik. Moeite met abstracte begrippen en een achterblijvende/afwijkende conceptuele ontwikkeling.

Taal vormt een belangrijke basis voor het schoolse leren, het omgaan met anderen en het kunnen meedoen in de samenleving.

Taal geeft toegang tot informatie die nodig is voor een goede sociaal-emotionele ontwikkeling.

Leerlingen zijn afhankelijk van gebaren (Nederlandse gebarentaal en/of Nederlands ondersteund met gebaren) en/of afhankelijk van auditieve hulpmiddelen (hoorapparaten, soloapparatuur, cochleair implantaat (CI). Dove en slechthorende leerlingen zijn over het algemeen sterk visueel ingesteld.

Als er sprake is van een auditieve beperking, is het verwerven van kennis en (sociale) vaardigheden niet vanzelfsprekend. Zo is het moeilijk om instructie te volgen, samen te werken en nuances in taal op te merken. Ook is er een effect op de sociaal-emotionele

ontwikkeling. Omdat leerlingen zich voortdurend extra moeten inspannen om de communicatie en instructie te kunnen volgen, zijn zij veel sneller vermoeid.

Mogelijk bijkomende problematiek:

- dyslexie en dyscalculie

- progressief gehoorverlies

- tinnitus (oorsuizen)

- oververmoeidheid

- psychische problemen, sociaal isolement



Problemen en knelpunten bij examens en toetsmomenten:
Nederlands:

  1. Voor leerlingen die zijn opgegroeid met NGT is het Nederlands de eerste “vreemde” taal.

  2. Zich begrijpelijk uitdrukken; problemen op het gebied van grammatica.

  3. Tekstbegrip; moeite om teksten te begrijpen, kernbegrippen uit de tekst te halen.

  4. Beperkt auditief geheugen, moeite met langere, samengestelde zinnen.

  5. Werktempo, meer tijd nodig om informatie te verwerken.

  6. Moeite met verhaalopbouw, verwoorden, beperkte woordenschat, juist gebruik van lidwoorden.

  7. Hanteren van de juiste grammaticale regels.

  8. Luistertoetsen.

  9. Akoestische omgevingsaspecten.

  10. Verstaanbaarheid bij mondelinge toetsen.

Daarnaast bij vreemde talen:



  1. Spreken en verstaan.

  2. Nieuwe woorden leren met als basis een beperkte Nederlandse woordenschat.

  3. Klank-tekenkoppelingen zijn zeer complex om te leren, met name in het Engels. Het aanleren van een (vreemde) taal gebeurt immers veelal auditief.


Toelichting:

De leerling met een auditieve beperking kan niet horen maar wel luisteren. De leerling maakt daarbij gebruik van een andere techniek. Een ontheffing of vrijstelling voor het toetsen van deze vaardigheid in het Nederlands is niet aan de orde. Het gaat erom dat een aangepaste wijze van examinering wordt ontwikkeld die rekening houdt met de beperking. De standaard luistertoets of kijk-luistertoets voldoet niet. Leerlingen met een auditieve beperking gebruiken hulpmiddelen om te luisteren, zoals ondertiteling, een tolk Gebarentaal of schrijftolk, liplezen of technische hulpmiddelen als ‘’chatten’’; of vaak een combinatie van deze. Welke van de hulpmiddelen wordt of worden gebruikt, verschilt van leerling tot leerling en kan ook verschillen tussen Nederlands en de moderne vreemde taal.

B. Communicatieve beperking: Taal Ontwikkelings Stoornis (TOS)
Omschrijving beperking/problematiek
Een ernstige stoornis in de moedertaalverwerving die niet te verklaren is vanuit intelligentie (de non-verbale intelligentie is gemiddeld of zelfs bovengemiddeld), neurologische problemen, gehoorproblemen of omgevingsfactoren. Als gevolg hiervan is er sprake van (zeer) geringe communicatieve redzaamheid.

Gevolgen voor het schoolse leren

Taal is één van de ontwikkelingsaspecten en vormt een belangrijke basis voor het schoolse leren, het omgaan met anderen en het kunnen meedoen in de samenleving.

Taal geeft toegang tot informatie die nodig is voor een goede sociaal-emotionele ontwikkeling.

Als er sprake is van TOS, is het verwerven van spraak en/of taal, kennis en (sociale) vaardigheden niet vanzelfsprekend.



Kenmerken van TOS:

  1. Ernstig beperkt vermogen om wederkerig te communiceren.

  2. Vertraagde verwerking van informatie en instructie en een zwak taalbegrip.

  3. Moeite zich begrijpelijk uit te drukken.

  4. Beperkt inzicht in alle aspecten van taal en het vermogen dit te kunnen toepassen.

  5. Achterblijvende/afwijkende conceptuele ontwikkeling.

  6. Oververmoeidheid.


Mogelijk bijkomende problematiek:

- dyslexie en dyscalculie.

- autisme spectrum stoornis.

- oververmoeidheid.

- psychische problemen, sociaal isolement.
Problemen en knelpunten bij examens en toetsmomenten:


  1. Zich verstaanbaar maken bij mondelinge toetsen.

  2. Zich begrijpelijk uitdrukken; problemen op het gebied van woordvolgorde en zinsbouw, beperkte woordenschat.

  3. Beantwoorden van vragen, juist formuleren van antwoorden, woordvindings-problemen.

  4. Luisteren, verwerken van auditief aangeboden informatie.

  5. Tekstbegrip; moeite om teksten te begrijpen, kernbegrippen uit de tekst te halen.

  6. Geheugen, moeite met langere, samengestelde zinnen.

  1. Werktempo, meer tijd nodig om informatie te verwerken.

  2. Moeite met verhaalopbouw, verwoorden.

  3. Hanteren van de juiste grammaticale regels.



Bijlage 3
Nadere informatie over de aanwezigheid van tolken Nederlandse Gebarentaal / Nederlands met Gebaren en/of schrijftolken, tijdens toetsmomenten en examens.

De aanwezigheid van een tolk tijdens het School- en/of Centraal Examen is noodzakelijk en gebeurt met toestemming van de examencommissie zoals is vastgelegd in het overzicht aanpassing in omstandigheden toetsen en examens.


In het kader van de examens zijn de volgende punten van belang:




  • De tolk heeft zwijgplicht/plicht tot geheimhouding. Dit wil zeggen dat de tolk aan niemand informatie zal geven over de tolksituatie. Deze tolksituatie zal ook niet met anderen besproken worden.




  • De tolk vertaalt de instructies en de aanwijzingen van het gesprokene voor de leerling in gebaren of tekst.




  • De tolk vertaalt, als dat nodig is, wat de dove of slechthorende leerling zegt in gesproken Nederlands.




  • De tolk zal zich altijd beperken tot vertalen van de (schriftelijke) vraagstelling in Nederlandse Gebarentaal. Toelichting op of uitleg van de vraagstelling is (zoals bij alle kandidaten) niet toegestaan.

In geval van twijfel wendt de tolk zich tot een (docent)surveillant of de secretaris eindexamen/zijn vervanger.

Bovenstaande punten sluiten aan bij de beroepscode van de tolken. Voor de beroepscode wordt verwezen naar de websites van de beroepsverenigingen (zie ook bij links)



Bijlage 4
Links:
www.Siméa.nl
www.kentalis.nl
www.viertaal.nl
www.auris.nl
www.vituszuid.nl
https://www.examenblad.nl/
https://www.hetcvte.nl/
www.steunpunttaalenrekenen.nl
www.steunpuntdyslexie.nl

www.tolknet.nl

www.nbtg.nl
www.schrijftolk.org
www.fodok.nl
www.stichtinghoormij.nl
www.dovenschap.nl
http://www.steunpuntvo.nl/

  • Versie juni 2016 Inleiding
  • Uitgangspunten De voorgestelde aanpassingen tasten het niveau van het examen niet
  • Nadere informatie in de bijlage Bijlage 1
  • Overzicht aanpassingen toetsen en examens voor auditief en/of communicatief beperkte leerlingen Naam
  • Aanpassingen bij de afname van Centraal Schriftelijke Examens
  • Bij een taalontwikkelingsstoornis (TOS
  • Toelichting van de gemaakte afspraken en/of opmerkingen: Klik hier als u tekst wilt invoeren. Schrijven;
  • Toelichting van de gemaakte afspraken en/of opmerkingen: Klik hier als u tekst wilt invoeren. Luisteren;
  • Toelichting van de gemaakte afspraken en/of opmerkingen: Klik hier als u tekst wilt invoeren. Spreken;
  • Toelichting van de gemaakte afspraken en/of opmerkingen: Klik hier als u tekst wilt invoeren. Gesprek voeren;
  • Toelichting van de gemaakte afspraken en/of opmerkingen
  • Toelichting afspraken t.a.v. van stage / Centraal Praktisch Examen
  • Beperking
  • Aanpassingen Centraal Praktisch Examen/stage: Klik hier als u tekst wilt invoeren. Bijlage 1: Regelgeving
  • Wie komen in aanmerking voor aanpassingen
  • Bijlage 2 Nadere informatie over de beperking en de consequenties daarvan in de onderwijspraktijk. A. Auditief beperkt (doof en slechthorend)
  • Problemen en knelpunten bij examens en toetsmomenten
  • Bijlage 3 Nadere informatie over de aanwezigheid van tolken Nederlandse Gebarentaal / Nederlands met Gebaren en/of schrijftolken, tijdens toetsmomenten en examens.
  • Bijlage 4 Links

  • Dovnload 86.98 Kb.