Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Persoonsgebonden competenties (stressbestendigheid, leren en reflecteren, flexibiliteit)

Dovnload 320.78 Kb.

Persoonsgebonden competenties (stressbestendigheid, leren en reflecteren, flexibiliteit)



Pagina1/3
Datum22.05.2018
Grootte320.78 Kb.

Dovnload 320.78 Kb.
  1   2   3













































1. Loyaliteit

2. Plichtsgevoel

3. Integriteit


4. Persoonsgebonden competenties (stressbestendigheid, leren en reflecteren, flexibiliteit)


5. Relationele competenties (inlevingsvermogen, communiceren, samenwerken)
6. Taakgerichte competenties (innoveren, resultaatsgerichtheid, daadkracht, accuraatheid, bevelvoering)
7. Management (plannen, organiseren en coördineren, analyseren, probleemoplossing, oordelen, onafhankelijkheid)
8. Kwaliteits- en veiligheidsbewustzijn.
9. Instructies geven en didactiek


Kerncompetenties











BIJLAGE 3 COMPETENTIEWOORDENBOEK


Kerncompetentie
Loyaliteit


Synoniem: Eerlijk, fideel, getrouw, trouw (vooral aan de organisatie).



Beschrijving: Op een gedisciplineerde manier te werk gaan, in overeenstemming met de verwachtingen van de zone door genomen beslissingen te ondersteunen en uit te voeren.


Niveau 1

  • Handelt zoals is afgesproken.

  • Gaat op een regelmatige manier te werk.

  • Gaat op een gedisciplineerde manier te werk.

  • Reageert correct en loyaal wanneer buitenstaanders kritiek uiten.







Niveau 2

  • Handelt in overeenstemming met de verwachtingen van de organisatie.

  • Zet ook collega’s aan hetzelfde te doen.

  • Heeft oog voor veiligheid, kosten, kwaliteit,…

  • Schat bij de eigen acties de ruimere gevolgen in voor de dienst en de organisatie.







Niveau 3

  • Stemt zijn gedrag af op de waarden en principes van de zone ook in complexe situaties.

  • Leg uit hoe men tot beslissingen is gekomen.

  • Praat over “wij” in plaats van over “zij” als het over de eigen organisatie gaat.

  • Neemt zelf verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de missie en doelstelling van de organisatie.

  • Staat achter beslissingen die goed zijn voor de organisatie, zelfs als ze op korte termijn een minder goed effect hebben.


Tips voor ontwikkeling:


  • Bij deze competentie is vooral de motivatie van belang.

  • Op zich is een loyale opstelling tegen de eigen organisatie niet moeilijk te realiseren. Dit is vooral een kwestie van de bereidheid om zich te schikken naar de verwachtingen van de organisatie.


Helpende overtuigingen:


  • Het belang van normen en waarden draag ik hoog in het vaandel.

  • De organisatie en het algemeen belang staan steeds voorop.

  • Ik kom steeds afspraken na, ook al is dat niet in mijn eigen directe belang.

  • Ik geef volledige inzet voor het gezamenlijke doel.



Belemmerende overtuigingen:


  • Mijn bijdrage stelt totaal niets voor.

  • Anderen zitten niet op mijn bijdrage te wachten.

  • Hardlopers zijn doodlopers.

  • Waarom zou ik mij inzetten?

  • Er zijn zoveel externe factoren van invloed.

  • Ervaringen uit het verleden geven geen garanties voor de toekomst.



Kerncompetentie
Plichtsgevoel


Synoniem: Inzet, doorgaan, werkzin, ijver, betrokkenheid, verantwoordelijkheidszin.

Beschrijving: Bereid zijn zich in te zetten. Zich betrokken voelen bij de voortgang.

Niveau 1

  • Toont zich bereid zich in te zetten.

  • Toont zich bereid tot extra inspanning.

  • Gaat door bij moeilijkheden.

  • Geeft niet op.

  • Werkt ook niet alledaagse taken af naar de kwaliteitsnormen.







Niveau 2

  • Is steeds bezig.

  • Zet ook collega’s daartoe aan.

  • Ziet en zoekt werk.

  • Doet uit eigen beweging meer dan gevraagd.

  • Geeft volledige support, ook als dat weerstand oplevert.







Niveau 3

  • Toont zich enthousiast bij de gang van zaken.

  • Toont “ Hart voor de zaak”.

  • Is hierbij een voorbeeld voor anderen.

  • Toont volledige inzet voor het realiseren van een gezamenlijk doel ook in complexe situaties.


Tips voor het ontwikkelen:


  • Bedenk dat niet alles wat je aanpakt, succesvol kan zijn. Mislukkingen horen erbij en zijn niet erg. Je kunt er vaak veel van leren en het maakt je als persoon sterker. In die zin is ervaring de beste leermeester.

  • Wat je hierbij kan helpen is een mentor/coach zoeken, die vanuit zichzelf een sterke inzet laat zien en met jou kan spiegelen en tips kan geven voor het overwinnen van je eigen blokkades.

  • Verder kan het helpen om zelf duidelijke doelstellingen te formuleren en deze te delen met anderen. Onderzoek of je dingen doet die bij je passen en die je energie geven.

  • Realiseer hierbij echter wel dat het doen van vervelende klussen altijd onderdeel is van werk, deze zijn niet te voorkomen. Het kan echter wel helpen om deze eerst te doen of op te delen en jezelf te belonen als je het hebt gedaan.


Helpende overtuigingen:


  • Je hebt de goedkeuring van een ander niet nodig.

  • Je moet je niet steeds afvragen wat je terugkrijgt voor je inspanningen.

  • Inzet beloont zichzelf.

  • De aanhouder wint.

  • Het overwinnen van obstakels maakt je als persoon sterker.


Belemmerende overtuigingen:


  • Mijn bijdrage stelt totaal niets voor.

  • Anderen zitten niet op mijn bijdrage te wachten.

  • Hardlopers zijn doodlopers.

  • Waarom zou ik mij inzetten?

  • Er zijn zoveel externe factoren van invloed.

  • Ervaringen uit het verleden geven geen garanties voor de toekomst.



Kerncompetentie
Integriteit


Synoniem: Eerlijk, fideel, getrouw, trouw, consistent en congruent.



Beschrijving: Zich op een rechtschapen, eerlijke en onkreukbare manier gedragen, overeenkomstig de algemeen geldende sociale en professionele waarden en normen.

Niveau 1

  • Respecteert de vertrouwelijkheid van informatie.

  • Is eerlijk in de interacties met anderen.

  • Geeft aan wanneer verwacht gedrag buiten de eigen normen en/of beroeps- of organisatienormen valt.

  • Neemt verantwoordelijkheid op voor het eigen handelen.

  • Respecteert mening, normen en waarden van anderen.







Niveau 2

  • Gaat gepast om met vertrouwelijke gegevens en zet ook collega’s daartoe aan.

  • Behandelt anderen, in alle omstandigheden, op een respectvolle manier.

  • Houdt aan normen vast, ook wanneer dit voor zichzelf nadeel, spanning of conflicten met zich mee brengt.

  • Houdt geen relevante informatie achter.

  • Laat zijn gesprekspartner in zijn waarde, valt niet aan en beledigt anderen niet.







Niveau 3

  • Behandelt anderen, ook in complexe omstandigheden, op een eerlijke en rechtvaardige manier.

  • Maakt geen misbruik van macht, voorkennis of persoonlijke informatie.

  • Overziet bij machtsconflicten het geheel en handelt daarnaar; kiest daarbij niet automatisch partij.

  • Voorkomt belangenvermenging.

  • Toont zich hierbij een voorbeeldcollega.


Tips voor ontwikkeling:


  • Normen en waarden bespreekbaar maken binnen de organisatie.

  • Intervisie met daarin aandacht voor het vormen van een eigen mening vormen.

  • Bespreekbaar maken van “als-dan-kwesties”.

  • Integriteittraining.


Helpende overtuigingen:


  • Als ik er niets van zeg, doet misschien niemand dat.

  • Je bent zelf verantwoordelijk voor je eigen daden.

  • Regels en procedures zijn er niet om je achter te verschuilen maar om je richting te geven.

  • Blijf trouw aan jezelf.


Belemmerende overtuigingen:


  • We doen het altijd al zo.

  • Ik steek mijn hoofd liever niet boven het maaiveld uit.

  • Ik wil geen klikspaan zijn.

  • Over formele regels is vast goed nagedacht, dus hoef ik hier zelf niet over na te denken.

  • Iedereen heeft z´n prijs.



Persoonsgebonden competenties


Stressbestendigheid, leren en reflecteren, flexibiliteit


Synoniemen:

Stressbestendigheid:

Niet snel in paniek slaan, goed bestand zijn tegen spanningen


Leren en reflecteren :

Aanleren, bekwamen, zich eigen maken, beschouwen


Flexibiliteit:

Soepelheid, aanpasbaarheid






Beschrijving:

Stressbestendigheid:

Kalm, objectief en effectief blijven functioneren bij tijdsdruk, tegenslag, teleurstelling of weerstand.


Leren en reflecteren:

Terugkijken op het eigen functioneren en het gedrag daaraan aanpassen of het ondernemen van ontwikkelacties om tot verbetering van het eigen functioneren en de eigenvaardigheden te komen

Actief werken aan zelfontwikkeling.

Zich kwetsbaar durven opstellen en fouten durven maken.


Flexibiliteit:

Aanpassen van de eigen stijl, benadering en gedrag aan wisselende eisen en omstandigheden.



Openstaan voor nieuwe ideeën en actief zoeken naar alternatieven om het gestelde doel te bereiken.


Niveau 1

Stressbestendigheid:

  • Geeft bij (tijds-)druk voorrang aan de dringende en/of belangrijke zaken in het eigen werk.

  • Blijft onder tijdsdruk doeltreffend handelen.

  • Bewaakt de eigen grenzen van kennen en kunnen.

  • Accepteert tegenwerpingen als onvermijdelijk en ziet het betrekkelijke ervan in.


Leren en reflecteren:

  • Stelt zich vragend op.

  • Toont de wil om te leren.

  • Vraagt feedback op het eigen functioneren .

  • Luistert actief en vraagt door.

  • Zet concrete feedback om in acties.

  • Volgt (nieuwe) ontwikkelingen in het eigen vakgebied.


Flexibiliteit:

  • Pakt nieuwe zaken snel op, ook bij aangrenzende werkzaamheden.

  • Interpreteert regels en richtlijnen en richt zich daarbij op de uiteindelijke bedoeling van de vastgestelde regels.

  • Accepteert dat werkzaamheden door omstandigheden bepaald worden en handelt daarnaar.

  • Staat open voor veranderingen en verbeteringen.

  • Past het eigen gedrag aan bij veranderende omstandigheden.

  • Schakelt snel tussen verschillende werkzaamheden.










Niveau 2

Stressbestendigheid:

  • Stelt anderen gerust met het eigen kalme optreden.

  • Zorgt bij (tijds-)druk dat het team doeltreffend blijft werken door te bepalen welke zaken voorrang hebben.

  • Houdt onder druk vast aan het eigen oordeel.

  • Luistert naar de kritiek van anderen, erkent reële punten en gebruikt deze.


Leren en reflecteren:

  • Doorziet de eigen leerstijl en herkent andere mogelijke leerstijlen.

  • Ziet sterke en zwakke kanten in eigen functioneren.

  • Leert van en met anderen

  • Formuleert leerdoelen en zet deze om in acties

Vertaalt ontwikkelingen in het vakgebied naar de praktijk.
Flexibiliteit:

  • Improviseert bij onvoldoende of onduidelijke informatie en past daarbij de eigen stijl en gedrag aan.

  • Verbetert zijn werkwijze door te anticiperen op veranderende omstandigheden en wisselt van methode of aanpak.

  • Schakelt gemakkelijk tussen het eigen werk en het werk van anderen.










Niveau 3

Stressbestendigheid:

  • Houdt onder grote druk en bij complexe situaties vast aan het eigen standpunt.

  • Past bij problemen of tegenstand de aanpak aan.

  • Herkent stressfactoren en maakt deze bespreekbaar door het proces te analyseren.

  • Presteert langdurig goed onder tijdsdruk, tegenslag en complicaties.

  • Schermt anderen af van stress door (tijds-)druk en zorgt dat het werk hier geen schade van ondervindt.

  • Zoekt actief naar systemen die de stress in het team of de afdeling kunnen verminderen.


Leren en reflecteren:

  • Reflecteert op eigen ervaringen

  • Herkent verbeterpunten en verbetert het eigen gedrag in latere situaties.

  • Doorziet de eigen leerprocessen.

  • Herkent bevorderende factoren voor leren.

  • Herkent belemmerende factoren voor leren.

  • Stelt een eigen ontwikkelplan op met langere termijn doelstellingen.

  • Onderneemt gerichte acties.


Flexibiliteit:

  • Verandert in geval van kansen of problemen de eigen gedragsstijl om het gestelde doel te bereiken.

  • Brengt afhankelijk van de situatie variatie in de eigen gedragsstijl aan.

  • Balanceert tussen diverse belangen en partijen.






Tips voor het ontwikkelen:
Stressbestendigheid:

  • Situaties in een zakelijk perspectief plaatsen, is een groot deel van de oplossing bij het ontwikkelen van persoonsgebonden competenties.

  • Door meer rationaliteit toe te laten kunnen emoties worden getemperd.

  • Wanneer situaties niet te beïnvloeden zijn, kan men leren minder last te hebben van de situatie.

  • Stress door tijdsdruk kan worden beïnvloed door beter te plannen en organiseren.

Leren en reflecteren:

  • Ontdek je leerstijl en focus je op leeractiviteiten en omgevingen die het beste bij je passen.

Flexibiliteit:

  • Door te investeren in coaching en training zijn deze competenties te ontwikkelen.

  • Hierbij dient de nadruk te liggen op het oefenen met verschillende gedragsstijlen.



Helpende overtuiging
Stressbestendigheid:

  • Men krijgt mij er niet onder.

  • De situatie kan ik niet veranderen: ik moet mijn zienswijze veranderen.

  • Iedereen is verantwoordelijk voor zichzelf.

  • Mensen kunnen meer stress aan dan ze denken.


Leren en reflecteren:

  • Leren is te leren.

  • Leren vraagt veel oefening.

  • Je bent pas expert als je 10.000 uur hebt geoefend.

  • De aanhouder wint.

  • Je bereikt meer met stroop dan met azijn.


Flexibiliteit:

  • Je gedrag aanpassen aan de omgeving is een kwestie van kracht.



Belemmerende overtuiging
Stressbestendigheid:

  • De situatie is niet te veranderen.

  • Ik ben altijd verantwoordelijk voor het welbevinden van anderen.

  • Ik ben nou eenmaal gevoelig voor stress.

  • Alles moet tot in de puntjes geregeld zijn, anders heb ik gefaald.

  • Ik ben de enige die zich verantwoordelijk voelt.

  • Angst om fouten te maken.


Leren en reflecteren:

  • Je moet me nemen zoals ik ben.

  • Het zijn alleen de feiten die ertoe doen.


Flexibiliteit:

  • Gedragsverandering is een teken van zwakte.



Relationele competenties


Inlevingsvermogen, communiceren, samenwerken


Synoniemen:
Inlevingsvermogen:

Voelen, meeleven, invoelen


Communiceren:

Informatieoverdracht, overleg, uitwisselen van gedachten


Samenwerken:

Samendoen, coöpereren, empathie





Beschrijving:
Inlevingsvermogen:

Zich verplaatsen in anderen en zich bewust tonen van de invloed van het eigen handelen


Communiceren:

Tactvol en effectief reageren op behoeften en gevoelens van anderen.

Ideeën, meningen en informatie aan anderen overdragen in voor de ontvanger begrijpelijke taal, gebaren en andere non-verbale signalen.
Samenwerken:

Zich inzetten om met anderen resultaten te bereiken en daarmee bij te dragen aan een gezamenlijk doel. Denken en handelen vanuit gemeenschappelijke belangen.




Niveau 1

Inlevingsvermogen:


  • Beïnvloedt het gesprek en de sfeer door gevoelens te benoemen.

  • Stuurt het gesprek in de juiste richting en houdt de relatie goed.

  • Toont belangstelling, luistert actief, vraagt door, houdt rekening met eigen emoties en die van anderen en reflecteert hierop.


Communiceren:

  • Communiceert open en durft eigen vragen, zorgen en leerpunten bespreekbaar te maken.

  • Stelt zich open en onbevooroordeeld op in een gesprek, interpreteert verbale en non-verbale signalen en vraagt na of de boodschap goed begrepen is.

  • Stelt open vragen en vraagt door.

  • Geeft feedback wanneer daar om wordt gevraagd.


Samenwerken:

  • Draagt bij tot gemeenschappelijk doel.

  • Komt afspraken na.

  • Informeert het eigen netwerk over eigen activiteiten.

  • Houdt zich op de hoogte van activiteiten in het eigen netwerk.

  • Toont belangstelling voor collega’s.

  • Helpt collega’s op hun verzoek.

  • Vraagt collega’s naar hun mening.










Niveau 2

Inlevingsvermogen:


  • Is zichtbaar beschikbaar en aanwezig als leider en/of expert.

  • Is in die context op het juiste moment op de juiste plaats.

  • Stimuleert en helpt anderen om meningen en gevoelens bespreekbaar te maken.

  • Maakt ruimte voor emoties binnen de organisatie en kalmeert als emoties de overhand dreigen te krijgen.

  • Spreekt anderen aan op hun ontwikkeling en bijdrage.

  • Stelt zich kritisch op vanuit een begripvolle houding.

  • Heeft oog voor gevoeligheden ten aanzien van het eigen gedrag.


Communiceren:

  • Formuleert complexe vraagstukken en ‘slechte boodschappen’ helder, eenduidig en gestructureerd.

  • Verzorgt samenhangende presentaties voor de hulpverleningsdiensten.

  • Houdt bij contacten van verschillend niveau rekening met afwijkende behoeften en belangen.

  • Herkent tegenstellingen en kiest een geschikt communicatiekanaal/middel.

  • Neemt het initiatief en stuurt in gesprekken.

  • Houdt rekening met de invloed van wat hij zegt.

  • Redigeert interne documenten en schrijft documenten voor extern gebruik.


Samenwerken:

  • Wisselt actief informatie en ideeën uit en geeft en vraagt reacties.

  • Biedt gevraagd en ongevraagd hulp aan en vraagt zelf om hulp.

  • Maakt klare (en liefst meetbare) afspraken.

  • Doet zelf concessies om tot een gezamenlijk doel of resultaat te komen.

  • Stuurt op basis van meningen van anderen eigen gedachten en/of handelingen bij.










Niveau 3

Inlevingsvermogen:

  • Creëert veiligheid in de organisatie waardoor anderen zich durven uiten.

  • Spreekt medewerkers aan authentiek gedrag te tonen.

  • Onderkent rollen en posities en respecteert deze door de anderen hierop te benaderen zonder de strijd aan te gaan.

  • Wisselt van stijl en/of gedrag om bewustwording bij de ander te realiseren of om gedragspatronen te doorbreken of te versterken.


Communiceren:

  • Voert complexe gesprekken met personen op strategisch niveau over gevoelige onderwerpen met tegenstellingen in belangen.

  • Herkent persoonlijke belangen en kiest een geschikte manier om de ander te beïnvloeden.

  • Zet verschillende invloedstijlen effectief in.

  • Beïnvloedt en stuurt het gesprek en de sfeer door gevoelens te benoemen, ook wanneer bij de ander geen respect lijkt te bestaan.


Samenwerken:

  • Zoekt actief samenwerking op en stuurt daarbij op gemeenschappelijke belangen.

  • Betrekt anderen in besluitvorming en komt met hen tot gemeenschappelijk doel en collegiale aanpak.

  • Doet actief aan kennisoverdracht door eigen kennis en ervaringen te delen.

  • Motiveert anderen hun expertise in te brengen.

  • Zorgt ervoor dat het resultaat wordt ervaren als een gezamenlijke verantwoordelijkheid.

  • Zet systemen op om het samenwerken te bevorderen.




  1   2   3

  • Loyaliteit 2. Plichtsgevoel
  • 7. Management
  • BIJLAGE 3 COMPETENTIEWOORDENBOEK
  • Belemmerende overtuigingen
  • Plichtsgevoel Synoniem
  • Tips voor het ontwikkelen
  • Helpende overtuigingen
  • Integriteit Synoniem
  • Persoonsgebonden competenties
  • Belemmerende overtuiging
  • Relationele competenties

  • Dovnload 320.78 Kb.