Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Praktische opdracht, Erfelijkheid. Kruisen van fruitvlieg-mutanten. Algemene inleiding: Doel praktische opdracht

Dovnload 251.46 Kb.

Praktische opdracht, Erfelijkheid. Kruisen van fruitvlieg-mutanten. Algemene inleiding: Doel praktische opdracht



Pagina1/3
Datum25.10.2017
Grootte251.46 Kb.

Dovnload 251.46 Kb.
  1   2   3

Praktische opdracht, Erfelijkheid.

Kruisen van fruitvlieg-mutanten.
Algemene inleiding:
Doel praktische opdracht: Je gaat in het kader van het uitvoeren van enkele praktische opdrachten als eerste p.o. een kruisingsexperiment met fruitvliegen voorbereiden en uitvoeren.
Voorbereiding: Uiterlijk een week nadat de oudervliegen zijn ingezet, moet er een werkplan

ingeleverd zijn. In het werkplan moeten de volgende onderdelen staan:



  1. wat je gaat kruisen

  2. je vraagstelling daarbij (hoe ziet mijn………en……….er uit, als ik …..met ….ga kruisen).

  3. wat je verwacht dat uit de kruising komt in de F1 en in de F2. Die verwachting (=hypothese) baseer je op kruisingsschema’s van de proef die uitgevoerd wordt (P-> F1-> F2), met vermelding van de verwachte feno- en genotypen. Ook in welke verhouding (apart voor mannetjes en wijfjes!!). Voor de gegevens raadpleeg het boek.

  4. een globale tijdsplanning (gebaseerd op ontwikkelingstijd van eieren, larven en vliegen; ca. een 14-daagse cyclus naar weer een nieuwe generatie)

Na afloop van het practicum moet een volledig verslag van deze opdracht worden ingeleverd (zie voor datum het PTA), dus uiteraard met resultaten en conclusies. Zie voor de opzet van dit volledige verslag blz. 8 en 9.

Via biologietccl.nl bij het thema erfelijkheid bij downloads is dit document te downloaden als Worddocument
Je krijgt van je docent te horen om welke kruising het gaat (zie blz. 5). De gegevens hiervoor haal je uit de tekst. Het practicum voer je gedeeltelijk uit in een I-uur of tijdens een 7de uur.
Werkwijze:


  1. Je kiest een partner met wie je samen de opdracht uitvoert. Samen leveren jullie aan het eind één verslag in.

  2. om kennis te maken met de vliegen en de technieken houden we eerst een gemeenschappelijk oefenpracticum en bepalen we welke kruising je krijgt.

  3. een les daarna worden de oudervliegjes ingezet. Rob roept de verschillende vliegjes om en jij zorgt dat de juiste vliegen in de kweekbuis komen.

  4. daarna moeten we proberen de planning aan te houden, maar soms worden vliegen wat eerder geboren, zodat we een gepland practicum moeten verschuiven.


Algemene informatie over de fruitvlieg.
Het fruitvliegje {= bananenvlieg = Drosophyla melanogaster} leent zich bijzonder voor ons genetisch onderzoek, omdat:

a. het zich bijzonder snel voortplant,

b. één paartje een groot aantal nakomelingen oplevert,

c. het makkelijk te kweken is,

d. de mannetjes makkelijk van de vrouwtjes te onderscheiden zijn,

e. vele mutanten {erfelijke veranderingen} bestaan, waarvan bekend is op welk chromosoom de mutaties gelokaliseerd zijn (zie blz. 4).


De vliegjes komen voor overal waar fruit te vinden is en zijn ook buiten gemakkelijk te vangen.

Drosophyla’s reageren negatief geotactisch {zij kruipen omhoog} en reageren positief fototactisch {zij kruipen naar het licht toe}.




1


De levenscyclus van Drosophyla melanogaster (niet opnemen in je verslag !!).
De hele levenscyclus {ei - larve - pop - imago} neemt ongeveer 10 dagen in beslag bij een temperatuur van 25°C, terwijl bij 20°C. hiervoor 15 dagen nodig zijn. Tijdens de ontwikkeling vindt een volledige metamorfose plaats. De onderstaande gegevens gelden bij een temperatuur van 25°C. {de temperatuur, waarbij op school de vliegen gekweekt worden}.

a. het eistadium van 0 tot 24 uur.

b. het larve-stadium van 24 tot 120 uur.

Tijdens de larvale periode zijn de larven zeer vraatzuchtig en doorboren de voedingsbodem met gangen. Hun donkere "kaken" zie je voortdurend bewegen (kleine, donkere streepjes). Aan het einde van het larvale stadium kruipen de larven tegen de wand van het kweekbuisje omhoog en gaan verpoppen.


Zo bereiken ze:
e. het popstadium van 120 - 216 uur.

Op het einde van dit laatste stadium wordt het "poppentonnetje" donkerder en beginnen de organen als poten, ogen enz. door te schijnen. Na ongeveer 9 dagen is de volwassen toestand bereikt en kruipt de vlieg uit haar cocon.


d. Imago {volwassen beest}.

Onmiddellijk na het uitkomen is de vlieg nog licht gepigmenteerd en zijn de vleugels nog opgevouwen. Als men op dit moment een vlieg verdooft met ether wordt het nog zachte chitine van de vleugels hard, waardoor plooien in de vleugels blijven bestaan: de vleugel kan zijn normale vorm niet meer verkrijgen. Dit geeft aanleiding tot verwarring, omdat er een mutant bestaat {vestigial}.die zijn vleugels niet kan opblazen (erfelijk bepaald). Ongeveer 3 tot 4 uur na het uitkomen zijn de Drosophyla’s in staat zich voort te planten. Wanneer virginale {=maagdelijke} vrouwtjes nodig zijn {b.v. voor het inzetten van een kruising} moeten deze vrouwen dus binnen 4 uur na het uitkomen uit de flesjes geïsoleerd worden, omdat ze anders reeds door de "verkeerde mannetjes" bevrucht zijn. Dit is een behoorlijke klus voor onze T.O.A., die hier vele uren insteekt! Logisch dat hij zuinig is op zijn vliegen.


Afbeeldingen van de vliegen die wij gebruiken.

Wild type (lange vleugels, rode ogen en beige lichaamskleur)



Vestigial (korte vleugel, rode ogen en beige lichaamskleur)

White (lange vleugels, witte ogen en beige lichaamskleur)

Ebony (lange vleugels, rode ogen en zwarte lichaamskleur)












  1   2   3

  • Voorbereiding
  • Algemene informatie over de fruitvlieg.
  • Afbeeldingen van de vliegen die wij gebruiken.

  • Dovnload 251.46 Kb.