Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Preek over 1 Koningen 10 : 7 midden

Dovnload 105.71 Kb.

Preek over 1 Koningen 10 : 7 midden



Pagina1/2
Datum10.01.2019
Grootte105.71 Kb.

Dovnload 105.71 Kb.
  1   2





Preek over 1 Koningen 10 : 7 midden


1. Votum


2. Groet

3. Psalm: 56 : 4

4. Wet des Heeren / Apost.gel.

5. Psalm: 25 : 3 / 27 : 7

6. Schriftlezing: 1 Koningen 10 : 1 – 29; Matth. 12 : 38 - 45

7. Gebed


8. Tekst( thema): 1 Koningen 10 : 7 midden:

‘En zie, de helft is mij niet aangezegd’.

Verdeling van de preek


  1. De zoektocht van de koningin van Scheba

  2. Haar ontmoeting met Salomo/ zijn geheim

  3. De meerdere Salomo en hoe Hij levensraadselen oplost

9. Inzameling der gaven

10.Psalm: 119 : 7, 64

11.Prediking

12.Psalm: 72 : 8, 9 en 10

13.Dankgebed

14.Psalm: 86 : 5, 6

l5. Zegenbede


* * *
Heb je het al gehoord? Er stond een politiewagen voor de deur. Twee politiemannen kwamen even later naar buiten met een jongen van 18 jaar. Opgepakt. Van zijn bed gelicht.Wat zou die knaap nu weer hebben uitgehaald? ‘Het is zo’n beste niet’, zegt iemand. Het zal wel wat te maken hebben met die inbraak waar de krant gisteren over schreef. ‘Ja, en die inbrekers hadden een vuurwapen bij zich’, zegt een ander.

En zo is binnen de kortste keren die jongen in de volksmond een dief en moordenaar geworden. De mensen maken er soms maar wat van. De straat praat. Het gerucht snel voort. Maar van wat de mensen zeggen, kan men meestal de helft niet geloven. Ze maken het vaak veel mooier of veel erger dan het is. Ze praten graag anderen naar beneden (in het Grieks heet dat: ‘katalalein’).


Wanneer wij op geruchten afgaan, krijgen we in de regel geen goed beeld van iemand.

1 De zoektocht van de koningin van Scheba

Zo is het. Maar bij de koningin over wie het gaat in 1 Koningen 10, is het precies omgekeerd. Ze hoort een verhaal (van kooplieden wellicht) over een koning in het land van Israël, Salomo. Rijk dat die koning is en wijs…! Onvoorstelbaar, ongelofelijk. ‘Het zal allemaal wel heel erg overdreven zijn’, zegt iemand. ‘Maar ik ga er eens op af’, zegt die koningin. ’Dat wil ik met mijn eigen ogen zien.’ Als de helft van al die verhalen over Salomo’s rijkdom en wijsheid waar is, is het de moeite van een verre reis al waard.


Wat doet ze? Ze pakt haar koffers. Ze trekt langs karavaanwegen, helemaal uit het zuiden van Arabië vandaan, waar zij de scepter zwaait; vermoedelijk het land dat we vandaag Jemen noemen (Saba of ook Scheba); aan de Rode Zee.
De oude culturen van het Midden-Oosten zijn in die periode (+950 jaar v. Chr.) van grote betekenis geweest.
{Regeringsperiode van Salomo is van 972 tot 932 vChr.}

Het land Jemen kent nu nog bouwstijlen die gemengd Joods-Arabisch zijn.


Vóór de komst van de Islam was Jemen een gechris

tianiseerd land.



Uit Online Bijbel (comm.op basis van Leidraad – 1998; 1 Kon.10:1).
Dat Salomo al eerder contac-ten had met die verre kustlan-den in het Zuiden, bewij-zen de verzen die aan ons hoofdstuk voorafgaan. Vgl. ook 2 Kron.9 : 10. Daarin (1 Kon.9 : 26 –28) wordt ons verteld van Salomo’s vloot te Ezeon Geber bij Eilath aan de Schelfzee, waarvoor de Tyrische koning Hiram hout en wellicht ook personeel (zeeverkenners) had geleverd. En met die schepen haalde men veel goud uit Ofir (vgl. Ps.45 : 10; Jes.13 : 12). Leest u ook nog maar eens vers 22 van 1 Koningen 10 dat ons vertelt, dat Salomo met zijn schepen (schepen van Tharsis) niet alleen goud en zilver, maar ook elpenbeen, apen en pauwen ophaalde.
Nu goed, we kunnen ons afvragen, waarom deze koningin van Scheba zo’n verre reis onderneemt, dwars door hete woestijnen. Doet ze het, omdat ze denkt: Met zo’n machtige vorst als Salomo kan ik mooi handelsverdragen afsluiten? Zijn het politieke redenen die haar bewegen om naar Jeruzalem te reizen? Komt zij de hulp inroepen van Salomo bij de bestrijding van een vijand? Of is haar bezoek aan Salomo soms een huwelijksaanzoek? Wat betekent het, als er aan het eind van haar bezoek aan Salomo geweldige geschenken worden uitgewisseld tussen die twee? Tot versterking van de banden tussen haar volk en het volk van Israël in ieder geval.
Qf wordt deze vorstin gedreven door een diep respect voor de God van Salomo Die hem en Zijn volk zo begunstigt? In vers 1 van 1 Koningen 10 lezen we immers reeds over de Naam van de Heere. Is deze koningin dan misschien vooral op zoek geweest naar wijsheid en waarheid, een houvast voor haar en voor haar volk? Wie zal de diepste motieven van haar tocht naar het volk van Israëls God peilen?
In elk geval moeten we maar steeds bedenken, dat er in het hart van een blinde heiden, ook vandaag, ook bij ons in de straat, een onbestemd heimwee kan leven naar God en het geheim van Gods genade en wijsheid. Duidelijk is ook, dat er aantrekkingskracht uitging van Salomo en van zijn godvruchtig leven. Tot in de wijde omgeving. En zo is het gelukkig nog steeds met allen die de Heere vrezen, groten of kleinen, rijken of armen. Het zijn mensen met een uitstraling. En de vraag mag wel gesteld worden: Zijn wij mensen met zo’n uitstraling?


  1. Haar ontmoeting met Salomo/ zijn geheim


Hoe dan ook, na haar vermoeiende reis trekt zij weldra met een stoet van rijk beladen kamelen Jeruzalem binnen. Daarna volgt er de lang gewenste ontmoeting met Salomo. En wat zij daar te zien en te horen krijgt, overtreft haar stoutste verwachtingen. Het lijkt een droom. Het is niet minder dan de helft van wat ze gehoord heeft; zwaar overdreven. Nee – omgekeerd - de helft is

17e eeuws Frans schilderij


haar niet aangezegd.
Wat een paleis bewoont die man! Welk een prachtige troonzaal en schitterende troon van elpenbeen, met zes treden; aan weerskanten van elke trede een leeuw, twaalf in totaal. En dan die eetzaal met de kostelijkste spijzen op 1ange tafels, vol gouden schalen. En een garderobe waar zij als vrouw niet van durft te dromen. En wijnkelders met de meest uitgelezen wijnsoorten. En een keur van hovelingen en paleispersoneel. Wat een gezegend mens is die Salomo. En een wagens en ruiters dat hij heeft: 1400 wagens en 12.000 ruiters (1 Kon.10 : 26).
Toch is het dat allemaal nog niet eens, dat Salomo zo roemrijk maakt, dat de koningin van Scheba er versteld van staat. Salomo is niet alleen wat wij zouden noemen: steenrijk. Er is iets dat nog veel geweldiger is: zijn spreekwoordelijk geworden wijsheid. Rijke mensen zijn niet altijd ook wijze mensen en zeker niet ook steeds godvrezende mensen. Maar bij Salomo gaan die dingen hand in hand. De hele wereld komt erop af.
Lees 1 Koningen 10 : 24: ‘En de ganse aarde zocht het aangezicht van Salomo, om zijn wijsheid te horen, die God in zijn hart gegeven had’. Daar had Salomo bij de inwijding van de tempel ook om gevraagd (1 Kon.8 : 41vv): ‘…Dat zelfs ook de vreemdeling, die van Uw volk Israël niet zal zijn, maar uit verren lande om Uws Naams wil komen zal; (want zij zullen horen van Uw grote Naam en van Uw sterke hand en van Uw uitgestrekte arm) als hij komen en bidden zal in dit huis (de tempel); hoor Gij dan in de hemel (Heere), de vaste plaats van Uw woning, en doe naar alles, waarom die vreemde tot U roepen zal; opdat alle volken der aarde Uw Naam kennen, om U te vrezen, gelijk Uw volk Israël….’ .
Het is die verbazingwekkende wijsheid van Salomo die de koningin van het Zuiden versteld doet staan. Die man heeft op de moeilijkste vraag een antwoord. Zij legt hem ingewikkelde raadselspreuken voor, ‘verborgen redenen’, (aldus het Hebreeuwse woord), gezegden met een diepe verborgen zin die men alleen op het spoor kan komen, als men heel kien is. Vgl. Num.12 : 8. Diepzinnige uitspraken waar levenswijsheid in opgeborgen ligt. Denkt u maar aan Spreukenboek dat wij in de Bijbel hebben. Het staat op naam van Salomo. Denkt u ook eens aan de raadselspreuk die op Simsons huwelijksdag aan de Filistijnen werd opgegeven: ‘Spijze ging uit van de eter en zoetigheid ging uit van de sterke’. Simson gaf tenslotte zelf het antwoord: ‘Wat is zoeter dan honing? En wat is sterker dan een leeuw?’ Daarmee doelde Simson op de leeuw die hij gedood had en in wiens open gereten lichaam de bijen hun zoete honing hadden verzameld. Zie Richt.14 : 12vv
Die raadsels van de koningin van Scheba, waarmee zij Salomo’s wijsheid testte, zullen niet als onze raadsels zijn geweest: ra, ra, wie weet het (en uit het antwoord moet dan blijken, of men goed kan nadenken en of men veel weet).
Uit de antwoorden die koning Salomo aan de koningin van Scheba geeft, moet haar duidelijk geworden zijn, dat hij een geestelijk geoefende man was, dat hij de dingen doorzag en dat hij raad wist in moeilijke kwesties. Salomo beschikte over een enorme levenswijsheid. Herinner u zich maar zijn eerste rechtsspraak waarin hij moest uitmaken, wie de moeder van een levend en wie van een dood kind was. Het was met die raadsels van Salomo als met de gelijkenissen van de Heere Jezus; daarin immers lag ook goddelijke wijsheid verscholen. En die kon men er alleen uithalen, als men er een antenne voor had; door het geloof. Vgl. Matth.13 : 35.
Salomo kon diepe antwoorden geven, omdat hij haarfijn kon luisteren. Dat vooral moet die koningin opgevallen zijn. En is het haar ook duidelijk geworden, waar Salomo die wijsheid vandaan haalde?

Van Salomo’s paleis naar Salomo’s prachtige tempel liep een koninklijke opgang, een soort statieweg. Salomo zocht het vaak hogerop, bij zijn God, de bron van alle wijsheid. Vooral naar Hem luisterde hij. Toen Salomo nog moest beginnen, had hij in een droom te Gibeon zijn God gevraagd om wijsheid, om een echt luisterend hart, waardoor hij kon regeren, rechtvaardig, wijs en zacht.


Salomo had een geheim. Hij vreesde God. En dat is het dan ook vooral geweest, dat die hooggeplaatste koninklijke vrouw uit het heidendom zo roemt, als zij met Salomo heeft kennis gemaakt. Het moet wel een buitengewone God zijn, die God van koning Salomo, een God Die zo’n gunsteling heeft, zegent in hem Zijn volk heel in het bijzonder. Hij moet dat volk wel heel erg liefhebben. Salomo zal zeker van die heerlijke God in Wiens Rijk hij mocht dienen, hebben verteld. Hij zal zeker ook van de heilrijke bevelen van Zijn God hebben verteld (God liefhebben boven alles en de naaste als zichzelf),
Scheba’s vorstin prijst tenslotte het welbehagen van Israëls God. ‘Geloofd zij de Heere, uw God Die behagen in u heeft gehad om u op de troon van Israël te zetten! Omdat de Heere Israël in eeuwigheid bemint, daarom heeft Hij u tot koning gesteld, om recht en gerechtigheid te doen’ (1 Kon.10: 9). Nee, zij heeft er geen spijt van, dat zij de verre reis naar het land van koning Salomo heeft ondernomen.
Werkelijk, de helft is haar niet aangezegd. In haar tast het blinde heidendom iets van Salomo’s grote God: het antwoord op het grootste levensraadsel, het enige houvast voor de mens in leven en sterven.
Straks gaat zij weer naar huis, beladen met geschenken. Naar het Zuiden van wat thans Saudi-Arabië heet (Jemen? zie boven). Was zij de koningin van de Sabeeërs, een volk van zeeverkenners, van handelaren en rovers?
De Sabeeërs waren een belangrijk volk in Arabië en samen met de Phoeniciërs het grootste handelsvolk van Voor-Azië (vgl. Ez. 38:13).Zij woonden in het zuidwesten van het Arabische schiereiland. De karavanen (Job 6:19) van de Sabeeërs brachten artikelen uit "Gelukkig Arabië" naar het noorden, vooral naar Tyrus (Ez.27 : 22vv; Joël 3 : 8) en naar Egypte, Syrië en Mesopotamië. Hun koopwaar was vooral goud, edelstenen en wierook (1 Kon.10 : 2,10; Jes.60 : 6; Jer.6 : 20; Ez.27 : 22; Ps. 72 :10, 15).Daarnaast mirre, balsem, kassia, kalmus en kaneel. Sommige van deze artikelen, zoals edelstenen en kaneel, kwamen uit Indië, waarmee Zuid-Arabië in relatie stond. Ook dreven de Sabeërs handel met de Ethiopiërs. Uit :Online Bijbel (Bijbels Woorden boek, s.v. Scheba. Zie verder C. H. Spurgeon, De Psalmen Davids; Engelse vert. van El.Freystadt; tweede deel (van Psalm 42 – 73; blz. 535v). Ook Spurgeon verwijst bij Psalm 72 : 10 (Scheba) naar de Sabeeërs (volgens de Griekse aardrijkskundigen, o.a. Agatharchides: Abessinië = Jemen); een zeer rijk volk.
  1   2

  • 1 De zoektocht van de koningin van Scheba

  • Dovnload 105.71 Kb.