Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Preek over 1 Koningen 10 : 7 midden

Dovnload 105.71 Kb.

Preek over 1 Koningen 10 : 7 midden



Pagina2/2
Datum10.01.2019
Grootte105.71 Kb.

Dovnload 105.71 Kb.
1   2
Niemand kan het precies vertellen. Maar de geschiedenis van 1 Koningen 10 laat ons in elk geval zien, dat Salomo’s wijsheid een groot goed is en dat Salomo’s God een dienenswaardige God is. En dat niet alleen onder het volk van de Joden, maar ook onder de volkeren, onder blanken en zwarten, onder mannen en vrouwen, onder jongeren en ouderen.
Dan zal na zoveel gunstbewijzen

’t gezegend heidendom

’t geluk van deze Koning prijzen,

die Davids troon beklom.

(Ps.72 : 10a ber.)


  1. De meerdere Salomo en hoe Hij levensraadselen oplost

En of die koningin van Scheba toen ook met heel haar hart Salomo’s God is gaan dienen, weet ik niet. Eén ding weet ik wel. U en ik zullen haar een keer tegenkomen. Zeker, ze 1igt al eeuwen in het graf. En toch zult u haar een keer ontmoeten.

Dat heeft Jezus gezegd. We hebben het gelezen uit Mattheüs 12 : 38 - 45. Zij zal opstaan Op de dag waarop Jezus wederkomt om de wereld te gaan oordelen. En dan zal zij zeggen: ‘Ik heb er een wereldreis voor overgehad om Salomo te zien en te spreken.. En wat hebt u gedaan?’
U zegt: Salomo leefde lang voordat ik geboren werd. Hoe kan ik hem gezien en gehoord hebben? Zeker, maar wat denkt u dan van Jezus Christus, antwoordt Scheba’s koningin. Hij is meer dan Salomo. En heeft Hij dan wel ooit door Zijn Woord en Geest uw hart in beweging gebracht?
‘Meer dan Salomo is hier’, zei Jezus. Welnu, is Zijn gerucht nooit tot u doorgedrongen? Hebt u niet veel meer van Hem gehoord dan de koningin van Scheba van Salomo hoorde? Zeker meer dan de helft van wat er aan schatten van wijsheid en rijkdom van genade in Hem te vinden is, is u ter ore gekomen. In één woord: de volle waarheid.
Hoe geweldig is Hij?! Hij is rijker dan Salomo. Heel het heelal is Zijn koninklijk grondgebied. ‘Hem is gegeven alle macht in hemel en op aarde’ (Matth.28 : 18b). Als u Hem dienen mag, bent u welgelukzalig. Als u voor Zijn rekening ligt, bent u in de beste handen.
Opent uwe mond,

eist van Hem vrijmoedig

op Zijn trouwverbond.

Al wat u ontbreekt,

schenkt Hij, zo u ’t smeekt,

mild en overvloedig.

(Ps.81 : 12 ber.)
Hoe gelukkig bent u, als u iets van Zijn liefde proeft. Hoe rijk zult u zijn, als u straks bij Zijn wederkomst een plaats krijgt in Zijn Koninkrijk. Als u dan mag aanzitten aan Zijn tafel. Nooit meer honger of dorst. Geen traan meer in uw ogen. Geen vrees meer in uw hart. Voor altijd verzekerd van Zijn liefde en trouw.
Hij is meer dan Salomo. Hij is rijk en Hij maakt rijk. Hij is wijs en Hij maakt wijs.

De koningin van Scheba stond versteld, dat Salomo overal een antwoord op wist. Salomo sprak vaak het verlossende woord, ook als iemand verstrikt zat in de problemen. Hij wist de oplossing.

Maar Jezus is meer dan Salomo. Hoeveel levensraadselen zijn er niet waar u en ik niet uitkomen. Ik noem een paar dingen. Je bent blijven zitten in klas vier van de Havo. En je ziet er vreselijk tegen op om het jaar over te doen. Waar haal je de moed vandaan om straks weer aan een nieuw schooljaar te beginnen? Mag ik vragen: zou de Heere Jezus hier niet het verlossend woord kunnen spreken? Hij lost raadsels op. Hij legt je vanmorgen de arm om de schouder en zegt: ‘Kom, mijn kind, Ik geef je moed en kracht en verstand om met je studie door te gaan. En straks zal je zien, dat zelfs een jaar van zitten blijven geen verloren jaar is geweest’.
Of: het gaat niet zo goed in je verloving. Jij en je verloofde verstaan elkaar niet meer. Je ligt er soms van wakker. Je gaat immers niet zo maar uit elkaar. Of weet Jezus hier dan soms een oplossing? Kan Hij het verlossend woord spreken? Wat denk je ervan, als Hij je een spiegel voorhoudt? Kijk eens goed naar jezelf. Heb jij aan haar, heb jij aan hem met wie je verloofd bent, wel die liefde gegeven waarop zij/ hij recht heeft? Kan het misschien tussen jullie weer goed komen, als ieder van jullie beiden zijn veeleisend karakter prijsgeeft en in zelfverloochenende liefde voor de ander klaar staat?
Wij zitten vaak met de handen in het haar. Er zijn duizend en één grote en kleine, voor ons gevoel onoplosbare levensraadsels. Maar zou Jezus geen oplossing weten? Buig je knieën en vraag Hem om raad.

Ja en dan het grootste levensraadsel dat er is. Zit u daar soms ook mee? Het raadsel van uw leven. De vraag naar de zin van het bestaan? Waar ben ik voor op aarde?


Ik noem weer een paar dingen. Je hebt jarenlang gestudeerd en je bent eindelijk klaar met de studie, maar er is geen werk voor je. Of: je bent al wel tien jaar getrouwd en je krijgt geen kinderen. Of je bent weduwe geworden op je 35e-jaar. Of: je staat voor een ingrijpende operatie; er is een kwaadaardig gezwel bij je ontdekt.
Wie weet de oplossing? Wie weet het tegenwoordig nog waar het leven goed voor is, als hij afgaat op wat de krant vertelt. Over al die gruwelen die mensen elkaar aandoen. Over rampen en oorlogen.
Vertwijfeld tasten velen vandaag rond in het duister van hun ontgoochelde bestaan. Wanhopig klemmen zij zich vast aan de laatste strohalmen van een gouden tijdperk na de tweede wereldoorlog.Velen storten zich in de roes van sterke drank, van steeds weer nieuwe seks - belevingen, van drugs…Maar of zij het naakte lijf waarmee zij onbeschaamd aan het strand flaneren, zullen redden, dat valt te betwijfelen. Nooit heeft de wereld zichzelf meer in een verdwaasd avontuur van machtswellust gestort, dan in onze dagen.
Wie weet de oplossing? U niet. Salomo zelfs ook niet.Maar zie, meer dan Salomo is Jezus.

De vraag, waar mijn leven goed voor is, hangt samen met een andere vraag: Waar is God? Waar is God in mijn bestaan? Ben ik een mens zonder God? Ja, ik ben van huis uit een mens zonder God. Ik heb God vaarwel gezegd. Al in het paradijs. Ik heb genoeg aan mijzelf. Ik heb geen behoefte aan leiding. Ik maak zelf uit wat goed en kwaad is. Ik leef voor ’t vaderland weg. Of ik geef iedereen het zijne. Maar ik voel me in elk geval best in staat om er wat van te maken. Als er een heleboel misgaat in de wereld en in mijn eigen leven, dan zal dat niet aan mij liggen.


Nu, daar hebt u het. De fatale vergissing. De bron van alle ellende. Wij zijn zonder God en zonder hoop in de wereld.; Wij redden het zelf. Daarom zijn we zo verloren. Daarom weten we vaak helemaal geen raad meer. En als we daar dan maar op tijd erg in krijgen. Op sommige afritten op onze dubbelbaans -autowegen staat een bord. Het is te lezen door ieder die van die afrit een oprit maakt. Als hij dat doet, gaat hij spookrijden. Dwars tegen de stroom van het verkeer in. Vandaar dat bord met twee woorden erop: GA TERUG.
Die twee woorden zijn ook goed voor u en voor mij. Terug op die weg die ten dode voert.Terug van die zelf gekozen weg van de mens die het allemaal beter weet, die alles zelf kan, die genoeg heeft aan zichzelf. Ga terug op die eigenwijze weg.
Als Gods Geest ons daarvoor de ogen opent, wordt dit ons grootste levensraadsel: Waar is God in mijn leven? Wat heb ik afschuwelijk voor mijzelf geleefd en daarmee volstrekt zinloos. Ik krijg een heimwee naar God. Ik zou Hem graag leren kennen, dienen, volgen. Ik hunker naar een houvast. Maar daar ik zo dwaas, zo eigenzinnig, zo blind ben, ben ik mijzelf volkomen een raadsel.
En wie kan daarop dan het rechte antwoord geven? Wie weet de oplossing? Opnieuw wijs ik u op Jezus Christus. Meer dan Salomo. ‘Gisteren en heden Dezelfde en in der eeuwigheid’ (Hebr.13 : 8). Hij spreekt het verlossende Woord. Hij lost het raadsel op. O, zo wijs. Weet u, hoe?
Door aan een kruis te gaan hangen. Door in onze plaats te gaan staan en al onze dwaasheid, eigenzinnigheid, schuld, voosheid, leegheid, zinloosheid voor Zijn rekening te nemen. Hoor, hoe Hij het uitschreeuwt: ‘Mijn God, mijn God waarom hebt Gij Mij verlaten?’ (Matth.27 : 46b). Hij was van God gescheiden. Hij heeft onze nood tot op de bodem gepeild.
En dan, na drie dagen staat Hij op uit Zijn graf. Hij heeft de straf van God op de zonde gedragen. Hij heeft al de Zijnen in Zijn hart. Hij neemt hen mee, als Hij naar het Vaderhuis gat en legt hen aan Gods Vaderhart. ’Vader’, zegt Hij, ‘wees nu maar nooit meer boos op hen. Ik heb voor hen betaald’.
Salomo had een opgang, van zijn huis (paleis) naar Gods huis. We lazen ervan. Hier hebt u Jezus’ opgang. Zijn diepste geheim. Zo lief had Hij zondaars, dat Hij voor hen stierf. Zo lief had Hij Zijn Vader, dat Hij alles deed wat Deze van Hem vroeg.
Zit hier soms iemand met een vraag? Is hier soms iemand die zichzelf een raadsel is? Voor het eerst of opnieuw? Hunkert u ook naar een houvast? Hoe word ik met God verzoend? Hoe krijg ik vrede? Van de Koningin van Scheba lezen we, dat ‘zij tot Salomo sprak al wat in haar hart was’ (1 Kon.10 : 2). Zo mogen wij het ook doen tegenover de meerdere Salomo. Niets achterhouden. Hem alles vertellen wat ons dwars zit.
Vertrouw op Hem, o volk in smart.

Stort voor Hem uit uw ganse hart.

God is een Toevlucht t’ allen tijden.

(Ps.62:5 ber.)


Zie hier Jezus. Hij is meer dan Salomo! Hij lost het grootste raadsel op, als Hij u, zo schuldig, verloren en wanhopig als u bent, in Zijn armen neemt en u meeneemt naar Zijn Vader. Als Hij met Zijn bloed uw zondig leven bedekt. Als Hij met Zijn liefde uw koude hart verwarmt. Als Hij met Zijn Geest u rust, vrede en vrolijkheid geeft. En dat is Zijn liefste werk.
U mag niet rusten, voordat deze grote levensvraag voor u is opgelost. Weet U het al? Mag Hij uw Toevlucht zijn, elke dag? Dan bent u niet alleen de koning te rijk, dan maakt dat ‘dwaze’ kruis van Golgotha u ook wijs. Midden in al die andere levensraadselen waarover ik zojuist met u sprak.
Dan hoeft een werkeloze niet met de handen in de schoot te zitten. ‘Maak mijn uren en mijn tijd tot uw lof en dienst bereid.’ En iemand die geen kinderen heeft, hoeft niet te denken: ‘Ik deug toch nergens toe’. Je kunt als pleegvader en –moeder of als zondagsschoolonderwijzer(es) ook tot rijke zegen gesteld worden. En een weduwe van 35 jaar zal in al haar verlies en gemis, zich door de Heere gesterkt weten om een lieve, voorbeeldige moeder te zijn in haar gezin. Mijn moeder zei wel eens bij al de moeilijkheden die zij had bij de opvoeding van haar kinderen: ‘Je hebt Salomo’s wijsheid en Jobs geduld nodig.’ Inderdaad en die heeft zij ook altijd gekregen. ‘Indien iemand van u wijsheid ontbreekt, dat hij ze van God begere, Die een ieder mildelijk geeft en niet verwijt; en zij zal hem gegeven worden’ (Jak.1 : 5).
En wie met de gevreesde kwaal rondloopt, hoeft niet te denken: Met de dood is alles afgelopen. Gelukkig als wij weten op doorreis te zijn, op reis naar het Vaderland. En bij al die andere, al die grote en kleine ‘waaroms’ van het leven, vestigen wij toch immers het oog op Hem, de meerdere Salomo. De wereldgeschiedenis lijkt een groot raadsel. Wie weet de oplossing? Wie anders dan Hij, het Lam van God, dat het boek met de zeven zegels in Zijn hand heeft. ‘Ween niet’ (Openb.5). Roep maar mee, met heel uw hart: ‘Heere Jezus, kom toch gauw’.
Wij zijn nu bijna aan het eind van de preek. Ik heb u gewezen op Jezus Christus als een Vredevorst Die rijk maakt en wijs. Hij weet de oplossing. Toch heb ik niet voor de helft kunnen zeggen, wie Hij is. Alles aan Hem is zo begeerlijk, dat mensentongen dat nooit volkomen beschrijven kunnen.
Laat de koningin van Scheba onze gids zijn. Er zijn mensen die het welletjes vinden, als zij slechts een gerucht van Jezus hebben gehoord. Een keer per zondag naar de kerk is voor hen genoeg. Ze weten ook heel veel uit de Bijbel. Ze nemen het alles voor waar aan. Maar ze verlangen niet naar God. Ze kennen Hem niet. Ze zijn ook nooit bang om eens verloren te moeten gaan. Ze bidden wel, maar zoals Augustinus het in zijn jonge jaren deed: ‘Heere, bekeer mij, maar vandaag a.u.b. nog niet’.
Nog eens, gemeente, het is niet genoeg, dat u slechts bij geruchte van Jezus hebt gehoord. Laat de koningin van Scheba u bij de hand nemen. Het moet tot een ontmoeting komen met Hem van Wie u nu al zoveel hebt gehoord. U moet er achter komen, hoe armzalig u eraan toe is, als u deze Zaligmaker niet kent. Hij moet voor u steeds onmisbaarder worden, hoe langer hoe geweldiger. U komt toch immers in Hem nooit uitgestudeerd? De helft is u niet eens aangezegd. Hij is altijd groter, altijd rijker, altijd heerlijker dan ik u kan vertellen.
Maar wat Hij voor u in het geloof betekent, is wel genoeg om mee te leven en om mee te sterven. Kom, geef uw zaken maar in Zijn handen. En ervaar het, dat er geen ding in uw hart is, wat deze meerdere Salomo niet kan verklaren. Hij spreekt verlossende woorden. Hij staat voor geen onmogelijkheden.
U denkt misschien: ‘Ik ben de koningin uit het Zuiderland niet’. Zij was een welgestelde vrouw. Zij bracht rijke geschenken mee. We lezen in 1 Koningen 10 : 10: ‘En zij gaf de koning 120 talenten gouds en zeer veel specerijen en kostelijk gesteente; als deze specerij, die de koningin van Scheba de koning Salomo gaf, is er nooit meer in menigte gekomen.’ En ook van de Wijzen uit het Oosten lezen we, dat zij voor de pasgeboren Koning der Joden, Salomo’s grote Zoon Jezus Christus’ geschenken meebrachten: ‘Goud en wierook en mirre’ (Matth.2 : 11). Maar u zegt wellicht: ‘Als ik tot Jezus kom, kan ik Hem niets aanbieden dan armoede?’
Nu, als u tot Jezus komt, kom dan met lege handen. Alles wat u meer hebt dan lege handen, is te veel. Hij zit niet verlegen om wat u Hem eventueel zou kunnen geven. Hij popelt om u wat te geven. Hij maakt maar het liefste doodsschuldigen zielsgelukkig in de gemeenschap met Zijn Vader. U weet trouwens, dat bij Salomo niet alleen een welgestelde koningin, maar ook een arme vrouw met een dood kind in de armen welkom was. Denkt u maar aan Salomo’s eerste rechtsspraak. Overigens is het waar wat iemand (M. Henri) schreef: ‘Laat hen, die van God geleerd zijn, Hem hun hart geven, en dit geschenk zal aangenamer zijn, dan dit van het goud en de specerijen van de koningin van Scheba.’
Laat de koningin van Scheba uw gids zijn. Als zij kwam op het horen van geruchten die misschien niet voor de helft waarheid bevatten, moet u dan niet komen, als wij u van Christus de volle waarheid vertellen? Als zij kwam uit een zeker respect voor de Naam van Salomo’s grote God, moet u dan niet komen, waar u weten kunt, dat Jezus Christus al uw levensraadselen oplost? Misschien is die koningin over wie we vanmorgen spreken, onbekeerd gestorven. ’t Kan zijn. Een mens kan in aanraking gekomen zijn met de volle waarheid en toch weer terugkeren tot zijn oude leven in het heidendom. Maar hoe het ook innerlijk met die koningin gesteld is geweest, zij wijst ons vanmorgen wel de weg.
Ga, kom. U hoeft er geen wereldreis voor te maken. U hoeft er niet voor naar Jeruzalem. Nabij ons is Christus, in het Woord, dat we u verkondigen.
Eenmaal, op de grote dag van Christus’ wederkomst zult u in elk geval met de koningin van Scheba zeggen: ‘De helft is mij niet aangezegd’. ’O zaligheid, niet af te meten.’ Jezus zien in de heerlijkheid bij de Vader. Nooit meer zondigen. Nooit meer vrezen: ‘Heere, waarom verbergt Gij Uw Aangezicht voor mij?’ Nooit meer sterven. Nooit meer pijn lijden. Nooit meer huilen. ‘Hetgeen het oog niet heeft gezien en het oor niet heeft gehoord en in het hart des mensen niet is opgeklommen, hetgeen God bereid heeft dien die Hem liefhebben’ (1 Kor.2 : 9).
En als wij bij minder dan de helft van deze dingen, ons hier op aarde aangezegd, al zo gelukkig kunnen zijn, hoe zal het dan wezen, als wij daar mogen zijn?!

Of zal die koningin op Jezus’ grote dag naar ons toekomen en zeggen: ‘Ik ben gekomen van de einden der aarde om te horen de wijsheid van Salomo. En u hebt geen voet verzet in de richting van Salomo’s grote Zoon, Jezus Christus, Die alle verwachtingen ver overtreft?’


Laat de koningin van Scheba uw gids zijn. Dan zal zij straks niet uw rechter zijn. Ga, kom. U bent hartelijk welkom. En zing het met heel uw hart mee:
‘Zo moet de Koning eeuwig leven’,

bidt elk met diep ontzag.

Men zal Hem t’ goud van Scheba geven,

Hem zeeg’nen dag bij dag.



(Ps.72 : 8a ber.)

Amen.
1   2


Dovnload 105.71 Kb.