Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Prinsjesdagspecial 2015 Fiscale tips voor belastingplannen 2016

Dovnload 46.6 Kb.

Prinsjesdagspecial 2015 Fiscale tips voor belastingplannen 2016



Datum05.12.2018
Grootte46.6 Kb.

Dovnload 46.6 Kb.

PRINSJESDAGSPECIAL 2015

Fiscale tips voor belastingplannen 2016 


1. Ondernemers
2. DGA en BV
3. Alle belastingplichtigen
4.Werknemer/werkgever
5. Eigen woning
6. Auto
7. Overige maatregelen

1. Ondernemers

RDA en S&O-afdrachtvermindering samengevoegd

Houdt u zich bezig met speur-en ontwikkelingswerk? Per 1 januari 2016 hoeft u nog maar gebruik te maken van één fiscale regeling voor al uw loonkosten, overige kosten en uitgaven. De extra fiscale aftrek voor research en development (RDA) wordt namelijk omgezet in de bestaande loonkostensubsidie van de afdrachtvermindering voor speur- en ontwikkelingswerk (S&O-afdrachtvermindering).

Dit heeft tot gevolg dat de S&O-afdrachtvermindering op de volgende vlakken gewijzigd wordt:


  • Het schijventarief en de schijfgrenzen worden aangepast.

  • Het starterspercentage in de eerste schijf gaat van 50% naar 40%.

  • Het plafond in de S&O-afdrachtvermindering vervalt.

  • Er wordt een forfait in de S&O-afdrachtvermindering geïntroduceerd.

  • Publieke kennisinstellingen worden uitgesloten van de regeling.

  • Er zijn enkele wijzigingen in subsidiabele werkzaamheden.

Tip

Voor S&O-uitgaven boven € 1 miljoen waarvoor al een RDA-beschikking is afgegeven, is er een overgangsregeling.  U kunt die uitgaven verwerken via een S&O-aanvraag voor de S&O-afdrachtvermindering. Vanaf uiterlijk eind november 2015 is bij RVO.nl daarvoor een aanvraagprogramma beschikbaar.

Let op: u doet straks maar 1 aanvraag bij RVO.nl.

Bestrijden besparing overdrachtsbelasting door erfpachtlease

In de praktijk wordt beleggingsvastgoed nog wel eens overgedragen in de vorm van erfpachtlease om overdrachtsbelasting te voorkomen. In deze variant van ‘sale-en-lease-back’ draagt de verkoper een onroerende zaak over, onder voorbehoud van een tijdelijk recht van erfpacht. Voor de berekening van de overdrachtsbelasting komt dan de gekapitaliseerde waarde van de erfpachtcanons in aftrek op de overdrachtsprijs. Die vermindering van de overdrachtsprijs is vanaf 1 januari 2016 niet meer mogelijk.

2. DGA en BV

Emigrerende directeur grootaandeelhouder (dga) harder aangepakt

U krijgt het als emigrerende aanmerkelijkbelanghouder zwaarder. Er komt en einde aan de conserverende belastingaanslag waarvoor uitstel van betaling wordt verleend. Zo zullen per 1 januari 2016 winstuitdelingen na emigratie in alle gevallen leiden tot belastingheffing of tot een (naar rato) intrekking van het uitstel. Ook zal de conserverende belastingaanslag niet meer na tien jaar wordt kwijtgescholden. Deze maatregelen hebben tot gevolg dat de conserverende belastingaanslag ook bij een winstuitdeling van minder dan 90% kan worden geïnd. Er zal dan ook geen verschil meer zijn in de afrekening van buitenlandsituaties en binnenlandsituaties.

Let op: de bovengenoemde maatregelen gaan met terugwerkende kracht gelden per 15 september 2015.

Tip


Indien u reeds in het buitenland woont, komt u de oude regeling blijven toepassen.

Einde aan constructies hybride leningen

In de regeling voor de deelnemingsvrijstelling wordt een wijziging aangebracht die ziet op  het tegengaan van hybride lening constructies waarbij een aftrekpost in het ene land ontstaat zonder dat daar in het andere land belastingheffing tegenover staat.

U kunt geen beroep meer doen op de  deelnemingsvrijstelling en –verrekening als het gaat om ontvangen vergoedingen en betalingen uit een deelneming indien deze vergoedingen of betalingen bij de moedermaatschappij aftrekbaar zijn voor de winstbelasting.

Documentatieverplichtingen verrekenprijzen

Verrekenprijzen binnen concern worden aan banden gelegd. Standaard documentatieverplichtingen worden geïntroduceerd voor verrekenprijzen die binnen concern worden gehanteerd. U kunt straks verplicht worden een landenrapport (‘country-by-country report’), een groepsdossier (‘master file’) en een lokaal dossier (‘local file’) bij te houden. De verplichting tot het opstellen van een landenrapport geldt voor boekjaren die beginnen op of na 1 januari 2016.

Let op: heeft u een kleine onderneming? Dan ontspringt u mogelijk de dans. MKB-ondernemingen met een omzet tot € 50 miljoen worden gespaard. Voor deze ondernemingen blijft de bestaande documentatieverplichting gehandhaafd.

Step-up regeling straks ook bij grensoverschrijdende juridische fusie en splitsing

De step up regeling zal ook gaan gelden voor een grensoverschrijdende juridische fusie en juridische splitsing zoals nu al het geval is bij een grensoverschrijdende aandelenruil. De step up regeling heeft tot gevolg dat in de dividendbelasting het gestorte kapitaal op de toegekende aandelen gesteld wordt op de waarde in het economische verkeer van het vermogen dat als gevolg van de fusie of splitsing overgaat. Dit vermogen dient wel te bestaan uit aandelen in een Nederlandse vennootschap.

Einde aan handel in fiscale en stille reserves vennootschappen

U kunt zich als DGA straks niet zonder meer disculperen van aansprakelijkheid bij de verkoop van aandelen in een lichaam met stille of fiscale reserves. De disculpatiemogelijkheid wordt aangescherpt. Disculpatie zal straks niet langer mogelijk zijn in geval van aansprakelijkheid voor vennootschapsbelasting die is verschuldigd over een herinvesteringsreserve en over een (stille) reserve die samenhangt met activa die binnen 6 maanden na de aandelenoverdracht in andere handen overgaan.

Tip


U kunt kan nog wel aansprakelijkheid voorkomen door zekerheid ten behoeve van de koper te stellen. U kunt bijvoorbeeld zekerheid eisen in de vorm van een bankgarantie of een hypotheekrecht ten behoeve van de koper.

3. Alle belastingplichtigen

Vanaf 1 januari 2017 heeft de vermogensrendementsheffing een ander uiterlijk

De vermogensrendementsheffing gaat beter aansluiten bij de werkelijk behaalde rendementen op het vermogen in box 3. Het kabinet is nog niet zo ver dat de werkelijk behaalde rendementen  zullen worden belast. Daar is het nog te vroeg voor. Het kabinet geeft aan  ergens in  te bezien of kan worden overgestapt naar het belasten van werkelijk behaalde rendementen.

U krijgt meer mogelijkheden om te sparen want het heffingsvrij vermogen gaat naar € 25.000. Het forfaitaire rendement wordt vastgesteld op basis van de werkelijk behaalde rendementen over spaargeleden en beleggingen. Jaarlijks wordt dit aangepast, vandaar dat sprake is van een voortschrijdend rendement. Voor 2017 zijn de werkelijk gerealiseerde marktrendementen over 2015 bepalend. Het voordeel uit sparen en beleggen op spaargeld is voor 2017 vastgesteld op 1,63% en op beleggingen 5,5%.

U krijgt te maken met een vermogenmix

Voor het box-3-vermogen komen drie schijven, met in iedere schijf een andere vermogensmix. In de eerste schijf wordt box-3-vermogen verdeeld op basis van een vermogensmix van 67% spaargeld en 33% overige bezittingen (beleggingsdeel). In de tweede schijf is het aandeel spaargeld 21% en in de derde schijf 0%. Het heffingsvrij vermogen wordt verrekend in de eerste schijf.



Inkomstenbelastingtarieven middeninkomens omlaag

De inkomstenbelastingtarieven in de tweede en derde schijf gaan omlaag. In de eerste schijf stijgt het tarief minder dan voorzien. En de inkomensgrens naar het 52%-tarief wordt verlengd van € 57.585 naar € 66.421. In 2017 zullen de percentages in de tweede en derde schijf stijgen met 0,2%-punt.

Let op: de algemene heffingskorting over het belastbaar inkomen uit box 1 boven de eerste schijf wordt sneller afgebouwd. Hierdoor wordt het reële tariefvoordeel ongedaan gemaakt.

Snellere afbouw algemene heffingskorting

De algemene heffingskorting wordt meer inkomensafhankelijk gemaakt. De middeninkomens en hogere inkomens  worden geraakt door de snelle afbouw. Het basisbedrag van € 2.230 wordt in 2016 afgebouwd met 4,796% (2015: 2,32%) van het belastbaar inkomen in box 1 boven de eerste tariefschijf. Het minimum van € 1.342 wordt afgeschaft. De afbouw loopt vanaf een belastbaar inkomen uit box 1 van € 19.922 tot € 66.419.



Verhoging arbeidskorting voor lage en middeninkomens

Werkenden gaan er fors op vooruit. De maximale arbeidskorting wordt namelijk verhoogd naar € 3.103. Deze wordt afgebouwd met 4% over het arbeidsinkomen boven € 34.000. De lagere en vooral middeninkomens kunnen straks profiteren van een hogere arbeidskorting.

Let op: bij een arbeidsinkomen van € 111.600 is de arbeidskorting nihil.

Verhoging inkomensafhankelijke combinatiekorting

Werkenden met gezinnen gaan er ook op vooruit. De inkomensafhankelijke combinatiekorting wordt  voor huishoudens met kinderen tot 12 jaar bij een arbeidsinkomen boven het drempelbedrag flink verhoogd. Vanaf een arbeidsinkomen  van € 4.881 bedraagt de inkomensafhankelijke arbeidskorting in 2016 € 1.039. Het basisbedrag wordt vermeerderd met 6,159% van het arbeidsinkomen tussen €4.881 euro en € 32.970. Dit resulteert in een maximale inkomensafhankelijke combinatiekorting van € 2.769. Dit is een verhoging ten opzichte van 2015 met € 617.



Verhoging ouderenkorting

Ook ouderen die het niet zo breed hebben, krijgen een meevaller. De koopkracht van gepensioneerden met een verzamelinkomen tot circa € 35.000 wordt gerepareerd door een verhoging van de ouderenkorting tot een bedrag van € 1187. Voor hogere inkomens wordt de ouderenkorting juist verlaagd tot € 70.



Afschaffen minimumwaarderingsregel bij afkoop lijfrenten

Bij afkoop van een lijfrente die dient ter compensatie van een pensioentekort en zich in de opbouwfase bevindt, wordt de inkomstenbelasting berekend over het bedrag van de betaalde premies (minimumwaarderingsregel). Inkomstenbelastingheffing bij afkoop van lijfrenten in de uitkeringsfase wordt berekend over de afkoopwaarde (waarde in het economische verkeer) van de lijfrente. Om te voorkomen dat bij tegenvallende rendementen een afkoop in de opbouwfase te zwaar wordt belast, vervalt de minimumwaarderingsregel. De inkomstenbelastingheffing grijpt vanaf 2016 aan bij de waarde in het economische verkeer, ongeacht de fase waarin de polis zich bevindt.



Tip

Voor afkopen vóór 2016 waarbij de minimumwaarderingsregel is toegepast, kan nog binnen de daarvoor geldende vijfjaarstermijn worden verzocht om ambtshalve vermindering van de aanslag. Hierover volgt nog een beleidsbesluit.



Kinderalimentatieverplichtingen niet meer aftrekbaar in box 3

U kunt vanaf 2017 kinderalimentatieverplichtingen niet meer als schuld in box 3 opvoeren. Ook andere rechtstreeks uit het familierecht voortvloeiende verplichtingen aan bloed- of aanverwanten in de rechte lijn (bijvoorbeeld kleinkinderen) of in de tweede graad van de zijlijn (broers, zussen) en aan personen die behoren tot het huishouden van de alimentatieplichtige, vallen onder deze uitsluiting.



Tip

Maak nog wel gebruik om de kinderalimentatieverplichting op te voeren in de aangifte 2015 en 2016 als schuld in box 3.



Wat verandert er op het gebied van toeslagen?

  • Schorsende werking hoger beroep bij toeslagen

In de praktijk komt het voor, dat de Belastingdienst/Toeslagen een toeslag moet uitbetalen van de rechtbank, terwijl de Belastingdienst/Toeslagen tegen de uitspraak van de rechtbank in hoger beroep is gegaan. Na succesvol hoger beroep door de Belastingdienst/Toeslagen moet de Belastingdienst/Toeslagen vervolgens het uitbetaalde bedrag zien terug te halen bij de toeslaggerechtigde. Dat levert uitvoeringsproblemen op. Om dat tegen te gaan wordt ook aan hoger beroep schorsende werking toegekend, ook als de burger in hoger beroep gaat. 

  • Kinderopvangtoeslag omhoog

Vanaf 2016 wordt de kinderopvangtoeslag voor iedereen verhoogd. In beide tabellen worden de toeslagpercentages opgehoogd met 5,8 procentpunt. De maximale toeslagpercentages zijn 93% (1 kind) en 94% (2 of meer kinderen).

  • Kindgebonden budget omhoog

Gezinnen met een (relatief) laag inkomen en meer kinderen ontvangen meer kindgebonden budget. Het kindgebonden budget voor het tweede kind wordt in 2016 met 33 euro verhoogd. Dit bedrag zal in 2017 weer met hetzelfde bedrag verlaagd worden. Het bedrag voor derde kinderen wordt per 2016 structureel verhoogd met 100 euro en voor vierde kinderen met 177 euro.

  • Stiefkinderen op verzoek geen toeslagpartner

Ouders kunnen geen fiscaal partner of toeslagpartner zijn van hun eigen kinderen die jonger zijn dan 27 jaar. Ook voor stiefkinderen jonger dan 27 jaar op hetzelfde woonadres wordt mogelijk gemaakt, dat zij geen fiscaal partner van elkaar zijn. Stiefouder en stiefkind kunnen daar dan voor kiezen.

Let op: stiefouders met stiefkinderen ouder dan 27 jaar op hetzelfde woonadres kunnen wel verplicht toeslagpartner zijn.



  • Zorgpremies stijgen, zorgtoeslag licht verhoogd

De gemiddelde nominale zorgpremie neemt toe van 1.158 euro naar 1.243 euro. De lage inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet gaat van 4,85% naar 5,5%. In 2016 wordt de zorgtoeslag ten opzichte van 2015 licht verhoogd door verlaging van de normpremies voor zorgpremies. Het normpercentage voor eenpersoonshuishoudens daalt van 2,395% in 2015 naar 2,380% in 2016. Het normpercentage voor meerpersoonshuishoudens daalt van 5,265% in 2015 naar 5,220% in 2016.

Aftrek uitgaven monumentenpanden binnen EU

U krijgt straks onder voorwaarden ook aftrek voor een monumentenpand binnen de EU gelegen. Het pand moet een element vormen van het Nederlands cultureel erfgoed. Hetzelfde geldt voor rangschikking onder de Natuurschoonwet 1928 van binnen de EU gelegen onroerende zaken.

4.Werknemer/Werkgever

Betere aansluiting loonbelasting en inkomstenbelasting bij bijzondere beloningen

De verwerking van de inkomensafhankelijke arbeidskorting in de tabel bijzondere beloningen wordt zodanig aangepast dat de loonheffing en inkomstenbelasting beter bij elkaar aansluiten. Niet alleen de afbouw van de arbeidskorting, maar ook de afbouw van de arbeidskorting wordt verwerkt.



Gebruikelijkheidscriterium werkkostenregeling aangescherpt

Het gebruikelijkheidscriterium wordt aangescherpt om te voorkomen dat allerlei als loonvoordeel ervaren beloningsbestanddeel, worden aangewezen als eindheffingsbestanddeel. Er wordt een maximum gesteld aan de omvang van de vergoedingen, door deze te vergelijken met vergoedingen en verstrekkingen die in gelijke gevallen worden aangewezen. aangewezen vergoedingen en verstrekkingen mogen niet in belangrijke mate (30%) groter zijn dan de omvang van de vergoedingen en verstrekkingen die in de regel in overeenkomstige omstandigheden als eindheffingsbestanddeel worden aangewezen.



Wel of niet gebruikelijk?

Waar moet u op letten? Niet gebruikelijk is om het maandloon, vakantiegeld, hoge bonussen of vergoeding van vermogensschade bij indiensttreding als eindheffingsloon aan te wijzen.

Wel gebruikelijk is een kerstpakket, ook al is dat een puur beloningsbestanddeel. De waarde van het kerstpakket speelt wel een rol.

Het aanwijzen van een jubileumuitkering kan gebruikelijk zijn, maar het aanwijzen van een jubileumuitkering van € 1 miljoen is niet gebruikelijk. Ook is maatschappelijk ongebruikelijk dat bij een werknemer in totaal per jaar € 100.000 aan vergoedingen wordt aangewezen.



Belonen werkgevers

U wordt als werkgever beloond om werknemers met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt in dienst te nemen. Denk aan ouden en mensen met een arbeidsbeperking. Er komt een nieuw systeem met tegemoetkomingen in de vorm van loonkostenvoordelen (LKV). Het wetsvoorstel introduceert verder het zogenoemde lage-inkomensvoordeel (LIV). Dit is een tegemoetkoming in de loonkosten voor werkgevers die mensen met een salaris tot 120% van het wettelijk minimumloon in dienst hebben. De invoering gaat in fases; eerst het LIV in 2017, waarna de LKV’s volgen in 2018. Het maximale LIV is € 2.000 per werknemer per jaar, het maximale LKV € 6.000.



5. Eigen woning

Schenkingsvrijstelling eigen woning blijft interessant

De vrijstelling voor een eenmalige schenking voor de eigen woning wordt verhoogd en verruimd. In de eerste plaats wordt de vrijstelling structureel verhoogd van € 53.016 (bedrag 2016) tot € 100.000 (bedrag 2017). Daarnaast komt de beperking te vervallen dat de schenking moet zijn gedaan van een ouder aan een kind. U kunt straks ook buiten de gezinssituatie gebruik maken van de vrijstelling. Wel blijft de beperking van kracht dat de begunstigde tussen 18 en 40 jaar moet zijn.

Let op: u kunt pas per 1 januari 2017 gebruik maken van deze uitgebreide schenkingsvrijstelling.

Tip

U dient de schenking te gebruiken voor de eigen woning. Hieronder valt ook de verwerving of verbouwing van een eigen woning, de afkoop van rechten van erfpacht, opstal of beklemming met betrekking tot die woning en ook op de aflossing van de eigenwoningschuld of een restschuld van de vervreemde eigen woning.



Sanctie bij aflossingsachterstand afgezwakt

Heeft u een aflossingsachterstand op uw eigenwoningschuld? Dan is u eigenwoningschuld waarschijnlijk overgeheveld naar box 3. Goed nieuws voor u want die overgang is niet langer permanent. U zult hierdoor (eventueel) slechts tijdelijk geen recht hebben op renteaftrek binnen de eigenwoningregeling. De schuld die is overgegaan naar box 3 of een nieuwe, opvolgende schuld kan op enig moment weer wel tot de eigenwoningschuld gerekend worden indien voor deze bestaande of nieuwe schuld (weer) aan de eisen voor het aanmerken als eigenwoningschuld is voldaan (volledig en ten minste annuïtair aflossen binnen 30 jaar/360 maanden).



Tip

U kunt de eigenwoningschuld die eventueel tijdelijk naar box 3 is overgeheveld, wel meenemen bij het bepalen van de rendementsgrondslag.

Let op: de milde sanctie zal met terugwerkende kracht tot en met invoering van de aflossingseis (1 januari 2013) worden aangepast.

WOZ waarde straks ook relevant in de huursector

De WOZ-waarde zal medebepalend zijn voor de vaststelling van de maximale huurprijs van een woning in de sociale huursector. Huurders en verhuurders zullen daarom tegengestelde belangen hebben als het gaat om de WOZ waarde. Om die reden wordt voorgesteld het regime voor de behandeling van bezwaren in het kader van de Wet WOZ zodanig te wijzigen dat bij de heroverweging in bezwaar met de mogelijk tegengestelde belangen rekening kan worden gehouden.



Informatieplicht eigenwoningschuld voortaan in de aangifte

Indien u een eigenwoningschuld heeft bij een ander dan een aangewezen administratieplichtige dan moet u voldoen aan de informatieplicht. Denk aan bijvoorbeeld een schuld van de belastingplichtige bij de eigen BV of bij een familielid. Voortaan wordt het proces met betrekking tot de informatieplicht geïntegreerd in het aangifteproces. De huidige procedure komt dus te vervallen.

Let op: u dient de informatie te verstrekken in de aangifte en daarin ook de renteaftrek te claimen. Met het doen van de aangifte voldoet u dus automatisch steeds aan de betreffende informatieplicht.

Verlaging tarief energiebelasting voor lokaal opgewekt duurzame energie

Het energiebelastingvoordeel van een duurzame lokale energiecoöperatie wordt verhoogd van 7,5 eurocent per kWh, naar 9 eurocent per kWh. Deze korting verlaagd de energienota van mensen die elektriciteit van een duurzame lokale energiecoöperatie via het net geleverd krijgen. De maatregel is bedoeld om de investering in de energie-installatie eerder rendabel te maken.



Tip

De energiebelastingkortingregeling geldt voor woningeigenaren die bijvoorbeeld geen zonnepanelen op eigen dak willen of kunnen hebben en voor huurders. Ook kunnen VVE’s gebruik maken van de energiebelastingkortingregeling voor lokaal opgewekte duurzame energie.

6. Auto

Gunstige maatregelen autobelastingen

Bijtelling

U  krijgt als automobilist met gunstige maatregelen te maken. De eerste maatregel ziet op de bijtelling. Het aantal bijtellingscategorieën gaat van vier naar twee. Daarnaast zal het algemene bijtellingspercentage voor nieuwe auto’s verlaagd worden van 25% naar 22%. De fiscale stimulering van nulemissievoertuigen blijft in stand. De fiscale stimulering van plug-in hybridevoertuigen wordt echter wel verminderd. Voor elektrische nulemissiepersonenvoertuigen gaat een aftopping in de bijtelling gelden.



MRB

De motorrijtuigenbelasting (MRB) gaat per 2017 gemiddeld met 2% omlaag voor reguliere personenvoertuigen. Automobilisten van vervuilende dieselauto’s krijgen per 2019 juist met een verhoging te maken.

Let op: MRB kan straks niet meer per jaar vooruit worden betaald. U heeft dan nog alleen de keuze de MRB per tijdvak van drie maanden ineens of via maandelijkse automatische incasso te betalen. Indien u reeds vooruit heeft betaald tot 30 juni 3016 ondervindt u geen nadeel door deze wijziging.

BPM

Daarnaast zullen de tarieven van de belasting van personenauto’s en motorrijwielen (BPM) tot 2020 geleidelijk omlaag gaan met gemiddeld 12%. Het vaste bedrag per verkochte auto, dat niet aan de CO2-uitstoot gekoppeld, gaat juist omhoog. 



7. Overige maatregelen

  • De accijns op frisdranken (alcoholvrije dranken) en bier gaat omhoog.

  • Herintroductie vrijstelling kolenbelasting voor opwekking van elektriciteit in combinatie met verhoging energiebelastingtarieven.

  • Het verlaagde btw-tarief voor geneesmiddelen gaat alleen gelden voor geneesmiddelen waarvoor een handelsvergunning in de zin van de Geneesmiddelenwet is verleend, of op grond van die wet daarvoor zijn vrijgesteld.

  • Afvalstoffenbelasting gaat worden geheven op afvalstoffen die niet worden verbrand in een afvalverbrandingsinrichting in Nederland, maar worden geëxporteerd om in het buitenland te worden verbrand.

  • Growkits en kweekvloeistoffen worden onder het algemene tarief voor de btw (21%) gebracht.

  • Er komt een teruggaafregeling voor aardgas dat is geleverd om te worden gebruikt als brandstof voor beroepsvaartuigen op zee (met inbegrip van de visserij).

  • De ontvanger krijgt de mogelijkheid tot toepassing van lijfsdwang bij civiele vorderingen tot betaling van een belastingschuld.             

  • U krijgt te maken met een vermogenmix
  • Inkomstenbelastingtarieven middeninkomens omlaag
  • Snellere afbouw algemene heffingskorting
  • Verhoging arbeidskorting voor lage en middeninkomens
  • Verhoging inkomensafhankelijke combinatiekorting
  • Verhoging ouderenkorting
  • Afschaffen minimumwaarderingsregel bij afkoop lijfrenten
  • Kinderalimentatieverplichtingen niet meer aftrekbaar in box 3
  • Kindgebonden budget omhoog
  • Stiefkinderen op verzoek geen toeslagpartner
  • Zorgpremies stijgen, zorgtoeslag licht verhoogd
  • Aftrek uitgaven monumentenpanden binnen EU
  • Werknemer/Werkgever Betere aansluiting loonbelasting en inkomstenbelasting bij bijzondere beloningen
  • Gebruikelijkheidscriterium werkkostenregeling aangescherpt
  • Wel of niet gebruikelijk
  • 5. Eigen woning Schenkingsvrijstelling eigen woning blijft interessant
  • Sanctie bij aflossingsachterstand afgezwakt
  • WOZ waarde straks ook relevant in de huursector
  • Informatieplicht eigenwoningschuld voortaan in de aangifte
  • Verlaging tarief energiebelasting voor lokaal opgewekt duurzame energie

  • Dovnload 46.6 Kb.