Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Resoluties Raad van State 1672-1702 Rampjaar tot aan de Spaanse Successieoorlog toegangsnummer 178 inventarisnummer 243 dienstjaar 1696 36 microfiches

Dovnload 285.43 Kb.

Resoluties Raad van State 1672-1702 Rampjaar tot aan de Spaanse Successieoorlog toegangsnummer 178 inventarisnummer 243 dienstjaar 1696 36 microfiches



Pagina2/5
Datum28.10.2017
Grootte285.43 Kb.

Dovnload 285.43 Kb.
1   2   3   4   5

militaire geschiedenis nl. een lijst van Johan van Erp kapitein van de scheepsbruggen en ponten van oude staande goederen ‘so in het jaar 1693 verlooren in de slag bij Landen, als daar en elders in dienst van ’t land geconsumeert en versleten en genoemd worden met hun aantallen en vanwege de terminologie geven we de materialen hieronder weer:

blikke ponten, wielen, assen, lamoenstelen, balcken, stelhouten, kisten, gangen, lamoengareelen, lamoenbroeken, kusssens met ligten, lamoentoomen, lamoenrepen, trossen, enden van lijnen, dreggen, ankers met ijsere assen, ijsere hamers, vuijsten, ijsere handboom, sluijtbouten, ronde luuzen, vierkante luuzen, gekloofde spien, spijckers, sleggen, riemen, haeken, boomen, vlagh, hand oostvatten, lamoenstrengen, bladen blek, speerhaeck, sudeerbouten, schaeren, aenbreeld, hamers, lepel, veijlen, blaesbalck, spiegelharst, verff, olij en passer
hierna volgt een zéér indrukwekkende lijst over een 12-tal folio’s van artillerie en munitie die gereed zijn in de Hollandse magazijnen
folio 221 verso – zaterdag 10 maart 1696

Memorie van Cornelis de la Porte landsadvocaat over het waarnemen van ’s lands gerechtigheden tegen verschillende personen en corpora over gepleegde vuiligheden en kwade praktijken m.b.t. de gemene middelen.


folio 226 verso – maandag 12 maart 1696

Rekest van de regenten van het kwartier Peelland te kennen gevende dat de vijand met zijn troepen in augustus 1693 door het land van Luik op de Meierij komende aandringen ‘tot Helmont, Buel, Maarhese, in de heerlijkheijt van Heese ende Leende ende andere plaatsen van ’t voors. quartier was geweest drijgende alles met branden ende rooven te sullen verwoesten dat de gedeputeerden van de supplianten, die nae den vijand waren toegegaen om de voors. gedrijgde ellendige verwoestinge voor te komen [lees: te voorkomen] ende de verlegene ingezetenen soo veel mogelijk daar van tegens den opgevolgden winter en doenmaels gevreesden duuren tijd te bevrijden ook als gevangenen waren mede genomen end egeset op het casteel van Naamen, daar sijs eer miserabel getracteert en sedert het overgaan van die fortresse, waren gebracht tot Dinant, alwaar deselve nog gevangen saten, dat het jammerlijk gekerm onder de ingesetenen die de haren misten dagelijx meer en meer wierrde vernomen door dien de officieren van de respectieve plaatsen weijgerden de reeckeningen te teeckenen, daar enige posten waren ingebragt van penningen die betaelt wierden tot het noodig onderhout van de voors. gevangen[en], sonder welke penningen tot nodig onderhout nogtans, de voorn: gevangenen van honger ende kommer souden moeten vergaan, versoekende door dien haer Ho: Mo: bij speciale resolutie van den 2 januari 1694 aan de ingesetenen van de dorpen Heese, Leende, Ses Gehugten en Geldrop gelegen in deselve quartieren ende met de andere dorpen van een en deselve nature, hadden gelieven te gelasten aan de huijsgesinnen van de ostagiers [= gijzelaars] soo veel dagelijx te betalen als bij het 24e art. van haar Ho: Mo: reglement van den 22 ocrob: 1693 in sodanig geval, wierde toegelegt, dat haar Ho: Mo: geliefden derselver gemelte resolutie over het voorschreve quartier mede te extenderen en sulvc dat de ostagiers van nodig levensonderhout mogen werden versorgt, waarop gedelibereert zijnde is goedgevonden en verstaan dat copie van den voors. requeste gesonden sal worden aan den Raed van State om haar Hoo: Mo: derselver advis daar op te laten toecomen – F.Fagel.

Waar op gedelibereert zijnde is goedgevonden en verstaan dat aan haar Ho: MO: geadviseert sal worden dat het versoek toegestaan soud ekonnen worden, behoudens dat de ingesetenen buiten hu nschuld door de vijand geweldelijk weggevoerd zijn

folio 229 verso – donderdag 15 maart 1696

Missive van rentmeester Frans van Heurn met het bericht dat hij een bestek heeft laten samenstellen van de nodige reparaties aan de korenwatermolen van Son waaronder is begrepen de schade veroorzaakt door het verzuim van de vorige aannemer en via twee zondagse publicaties heeft hij de aanbesteding bekend gemaakt op de 13e van deze maand; dezelfde rentmeester heeft aan Dirk Snoijen smid te Gemert aanbesteed het vernieuwen van de hals van de korenwatermolen te Son voor 40 gl. en de steenreep zal 25 gl. kosten.
folio 230 verso – donderdag 15 maart 1696

medische informatie: een lijst van de hospitaalmeubels en behoeften voor de hospitalen van o.a. Maastricht, Luik, Brussel en het veldhospitaal waarbij gesproken wordt over ‘hembden, scheurlakens, servetten, deekens, paljassen, slaapmussen, saaltenten, officierstenten, bortpampieren, werk, houte bakken, houte lepels, voor 100 gl. aan kleijnigheden so aen sij…naeldens, spelden, lint, touw als anders
folio 230 verso – donderdag 15 maart 1696

Akte m.b.t. vn de liquidatie tussen de staat en de abdij van Floreffe na verhoor van Hendrik van Winteroij – met nadere details in een zéér lange akte, gevolgd door een staat van hetgeen de abdij van Floreffe aan het land schuldig is wegens haar geannoteerde goederen boven de 900 gl. –de lijst wordt even onderbroken maar loopt op folio 233 verso weer door met informatie betreffende Helmond en Lieshout.


folio 237 verso – vrijdag 16 maart 1696

Rekest van de regenten van het kwartier Kempenland over de overlevering op 19 september 1695 van hun quohieren of attestaties betreffende de huizen en landerijen die verpondingvrij zijn.


folio 238 – vrijdag 16 maart 1696

Rekest van schepenen en regeerders van Bladel in het kwartier Kempenland over hun achterstallige verpondingen aan de toenmalige ontvanger Willem de Wildt.


folio 239 – vrijdag 16 maart 1696

Bericht over het overlijden van Willem van Voorst schoolmeester en voorlezer en koster te Goirle en in diens plaats is aangesteld Johan van Voorst.


MICROFICHE 243.9
folio 239 verso – zaterdag 17 maart 1696

Rekest van schepenen en regeerders van Bladel in kwartier Kempenland over de taxatie van de schade van 9 oktober 1694 geleden van de brand en plundering van vijandelijke troepen.


folio 239 verso – zaterdag 17 maart 1696

Rekest van Johan van Geffen gewezen pachter van bieren en wijnen in het kwartier Maasland over een proces tegen Leunis Johan Leunissen brouwer en tapper te Bladel waarin sprake is van attestaties van Dirck Claass. president, Roelof Joosten, Pieter Willems, Joost Claass., Jan Jooste, Adriaan Geurts schepenen als mede Jan Jooste een van de oude regenten en Jan Hesius een der zesmannen.


folio 241 – maandag 19 maart 1696

Rekest van Hendrik van Winteroij administrtaor van de goederen van de abdij van Floreffe met een verzoek uit zijn gijzeling ontslagen te mogen worden, sprekende ook over het slot van zijn ingediende rekening en het verlies van zijn functie. Men gaat binnen de Raad van State niet in op dit verzoek.


folio 241 verso – maandag 19 maart 1696

Rekest van Hendrik Jans en Lambert Alberts medestanders van Dirk van der Heiden pachter der bieren wijnen en brandewijnen te Woensel, Maarheeze, Soerendonk, Aalst en Stratum, aangevende dat de pachter in gebreke blijft en over wie men klachten uit dat hij dagelijks met de ingezetenen composeert en daardoor zowel het land als de supplianten benadeelt [lange akte].


folio 243 – maandag 19 maart 1696

Uitgegeven zijn de quohieren van de personele quotisatie van Eindhoven en omliggende gehuchten.


folio 243 – maandag 19 maart 1696

Rekest van Hendrik Hak uit Kessel in kwartier Maasland i.v.m. drie morgens land staande op naam van het St.Maria-altaar in de kerk van Geffen en gelegen onder Kessel.


folio 246 – woensdag 21 maart 1696

Missive van ontvanger Gerard van Hoeij i.v.m. de executie van Christoffel van Beugen, Maria Zeelst weduwe van wijlen Jacob de Bakker, en Udo de Bakker, pachters, burgers en medestanders van het gemaal wijnen brandewijnen, turf en kolen over stad en vrijdom van ’s-Hertogenbosch i.v.m. achterstallige bedragen [lange akte].


folio 250 – donderdag 22 maart 1696

Rekest van Johan de Rijk president te Helmond te kennen gevende dat hij op de 17e, toevallig in ’s-Hertogenbosch zijnde, ‘geinsinueert is een mandement van dagvaarding in persoon dat dienen sal op den 4 der toekomende maand en versoeken dat den regtdag gecontinueert moge worden voor drij weken wanneer den suppliant sonder delaij in persoon sal compareren’. De Raad gaat op dit verzoek niet in.


folio 254 – vrijdag 23 maart 1696

Missive van ontvanger van Cornelis van Vrijbergen betreffende het overbrengen van zijn rekeningen.


folio 259 – zaterdag 24 maart 1696

Rekest van Cornelia van Schooten weduwe van wijlen de procureur Willem van de Cruk waarna is besloten aan de suppliante te verlenen exexcutoriaal op de akte van taxatie aan gemelde procureur op 18 november 1694 verleend op en jegens Abraham Verster wonende te Oisterwijk.


folio 260 verso – maandag 26 maart 1696

Rekest van drossaard schepenen der vrijheid Hilvarenbeek in het kwartier van Oisterwijk inhoudende dat zij supplianten op order van Zijne Majesteit van Groot Brittannië volgens de kwartierstax van 1 juli 1695 te Eindhoven hadden geleverd 10 karren en 24 pioniers om tot de belegering van Namen gebruikt te worden waarna sommigen 20, anderen 25 of 40 dagen waren uitgeweest hetgeen dezelfden verdiend hadden een bedrag van 1435 gl. , maar dat op 5 mei 1695 in de vrijheid Hilvarenbeek zijn ingekwartierd geweest het regiment ruiters van de baron de Steijn met nog verschillende partijen zo gaande als komende uit Brabant waarvan de onkosten met de karren kwamen te belopen een bedrag van over de 1000 gl. tot welkers betaling de supplianten gestaag werden gemaand etc. [lange akte].


folio 267 – dinsdag 27 maart 1696

Missive van ontvanger Cornelis van vrijbergen op een rekest van de gecommitteerden van het kwartier Peelland die verzoeken om alteratie van art. 25 van de ordonnantie van 24 december 1695 op het middel van de 40e penning en authorisatie op de gerechten van de andere kwartieren om ieder in haar eigen district de 40e penning provisioneel te ontvangen volgens de genoemde ordonnantie en de ontvangen penningen van jaar tot jaar zoals voorheen over te brengen aan de ontvanger van genoemd middel naast de staten en verklaringen van de secretarissen, mits dat de gerechten altijd aansprakelijk zouden zijn over de ontvangsten. Dit bericht wordt doorgestuurd naar de thesaurier generaal.


folio 268 – dinsdag 27 maart 1696

Rekest van Johan de Rijk president-schepen van Helmond die in Den Haag is i.v.m. een proces dat tegen hem wordt gevoerd met een verzoek dat hij gehoord mocht worden door advocaat de la Porte ten overstaan van de heren Jaarsveld en Van Burg [zie ook elders].


MICROFICHE 243.10
folio 270 – woensdag 28 maart 1696

Memorie van de landsadvocaat Cornelis de la Porte over de gepleegde vuiligheden en kwade praktijken in de Meierij van ’s-Hertogenbosch waaraan diverse personen zich schuldig hebben gemaakt m.b.t. de gemene middelen. Hij verzoekt de regenten van plaatsen en dorpen, die hij zelf zal aangeven, om ter secretarie van de Raad over te brengen de omslagen en borgemeestersboeken over 1694 en 1695 waar op de reële en personele omslagen ‘gecollecteert, gegaart en opgebeurt zijn’. De Raad van State stemt in met dit verzoek en ordonneert de regenten het geschrevene op te volgen. [zie ook folio 279 verso]


folio 273 verso – donderdag 29 maart 1696

Missive van rentmeester Johan van Leefdael Heer van Liessel in verband met het bericht van de vorige maand dat Hendrik van Winteroij administrator van de goederen van de abdij van Floreffe te Helmond een huis en hof voor enige jaren geleden heeft gekocht van Mathijs Coolen 2200 gl. doch bij octrooi van de Raad van Brabant belast met fidei communis [dubieus] in plaats van een zekere hoeve in Princeland door genoemde Winteroij vrij verkocht, welk huis nog 1400 gl. waard zou zijn, idem de pastorie te Asten omtrent 600 gl. waard; een klein erfje gelegen te Mierde en van geringe waarde; en ten slotte een boomgaard in Gelderland.


folio 274 verso – donderdag 29 maart 1696

Rekest van Johan van Geffen pachten van verschillende imposten in het kwartier Peelland over het in gebreke blijven van zijn bedienden Godert van Ewijk en Hendrik Huibrechts. Hen wordt geordonneerd aanstonds aan de suppliant de staat van hun ontvangsten te overhandigen en ook de boeken en aantekeningen die ze in dat kader hebben gemaakt.


folio 274 verso – donderdag 29 maart 1696

Rekest van Arnoldus van Roestel [vgl. Roessel] pachter van de bezaaide landen en hoorngeld binnen het kwartier Oisterwijk 1692-1693. Hem wordt verleend executoriaal in ordinis forme op de sententie van de Raad in de zaak tegen Anthoni Versteinen.


folio 278 – zaterdag 31 maart 1696

Missive van rentmeester Johan van Leefdael Heer van Liessel met een bericht dat de predikant te Rosmalen die 60 gl per jaar heeft genoten voor het waarnemen van de dienst op het fort Orthen, is overleden en geeft de Raad de overdenking meer om t.a.v. die dienst te letten op het verlenen van een akte van traktement aan een eventuele opvolger, want het fort is enige jaren geleden geslecht en de gereformeerde godsdienst wordt aldaar niet beleden. Men besluit de volgende beroepen predikant te Rosmalen deze 60 gl. niet te geven.


folio 281 verso – maandag 2 april 1696

Missive van rentmeester Johan van Leefdael Heer van Liessel met het bericht dat de pastoor van het Groot Begijnhof te ’s-Hertogenbosch is overleden en besloten is hem erop te wijzen dat hij waakzaam is en toeziet dat de magistraat van de stad niets onderneemt tot nadeel van ’s lands recht op genoemd begijnhof, aan de voorlezer van de grote kerk toegestaan heeft het begijnhof provisioneel te bewonen zodat het huis niet leeg zou staan, maar de magistraat heeft de voorlezer in dit verband een reprimande gegeven en hem tot driemaal toe aangezegd het huis te moeten ontruimen en verlaten met de dreiging hem anders zijn voorlezersambt te ontnemen ofschoon het traktement wordt betaald uit de generaliteitskas. Bij de 3e aanmaning heeft men hem laten weten dat het huis aan iemand anders is verhuurd. De voorlezer heeft zich gewend tot heren van de Raad van State die in de Meierij kwamen . Die hebben de rentmeester gezegd dat hij zich punctueel moet reguleren naar de verschenen resoluties en de rentmeester vraagt zich af hoe hij moet handelen want het is inmiddels genoegzaam bekend dat de magistraat zich niet alleen meester wil maken van het begijnhof maar ook van het inkomen ervan, te meer omdat ze tegelijk met de aanzegging aan de voorlezer ook hebben laten aanzeggen aan de gewezen rentmeester der overleden begijn, dat hij zo spoedig mogelijk aan de magistraat zijn rekening zou moeten indienen.


folio 283 verso – maandag 2 april 1696

Rapport na een onderzoek van een remonstrantie door ’s-Hertogenbosch en Grave als ook Bergen op Zoom i.v.m. het plakkaat van 24 december 1695 betreffende de personele quotisatie.


folio 285 verso – zaterdag 3 april 1696

Serie kortere berichten w.o.: het opmaken der borstweren aan de halve bolwerken aan de Hinthamerpoort en van de courtine tussen beide te ’s-Hertogenbosch aangenomen door Mathijs Smits voor 48 gl. de strekkende roede; opzetten van de borstweren aan weerszijden van de Grote Hekel aangenomen door Geurt Geurts voor 120 gl.; het maken van 7 houten secreten aan de wallen der stad aangenomen door Aart van den Heuvel ieder secreet voor 226 gl..


folio 287 verso – woensdag 4 april 1686

Rapport n.a.v. een onderzoek van een missive van rentmeester Johan van Leefdael Heer van Liessel betreffende de problematiek rond het begijnhof van ’s-Hertogenbosch. De magistraat van de stad zal aangeschreven enige gecommitteerden naar Den Haag te sturen maandag over 8 dagen nl. de 15e om aldaar de kwestie van het begijnhof te bespreken en intussen zal men de voorlezer laten zitten in het genoemde huis en aan de rentmeester van het begijnhof zegt men aan dat hij alle registers en papieren aan niemand anders mag afgeven dan aan de rentmeester der geestelijke goederen.


folio 292 – donderdag 5 april 1696

Rekest van Lambert van Rosmaalen pachter en wonende te Den Dungen en Lodewijk Scheffer schepen te Eindhoven en diens twee zonen Hendrik en Francois met verzoek om prolongatie van de dag van rechten. Verzoek is afgeslagen.


folio 292 – donderdag 5 april 1696

Missive van Gaspar Copes op een rekest van Gijsbert de Jong secretaris te Schijndel die voor het lopende jaar heeft aangenomen de collecte der ordinaris verpondingen en van het extraordinaire 1/5 deel met een verzoek aan de regenten om de oude quohieren der verpondingen te zuivere, de goederen te stellen op de namen van de tegenwoordige eigenaars. De Raad gaat op dit verzoek niet in.


folio 293 verso – donderdag 5 april 1696

Rekest van N. Ghijs drost van de baronie van Cranendonk aan wie mandement zal worden verleend op en jegens Jan Anthonissen van Achel en Hendrik van Luitelaar oude borgemeesters te Maarheeze, Johan Lambrecht en Gerard Janss. Vos borgemeesters in Soerendonk, Jacobus Aarts borgemeester te Gastel, Hieronymus Janss. president-schepen, Jan Hendrikss. van Laar, Frans Aartss., Jan Aartss. Hoevenaar, Ambrosius Laurenss. en Jan Bonaarts [dubieus] schepen te Maarheeze en Soerendonk die ‘contrarie het placcaat van den 18 febr. 1694 ’s lands gemene middelen reëlijk omgeslagen en daar door ieder een boete van 60 0gl. verbeurt souden hebben’.


folio 294 – donderdag 5 april 1696

Rekest van Arent van Duinen drossaard der baronie van Boxtel die men verleend heeft een mandement crimineel en van dagvaarding op en jegens Dirk Lambrechts Konings die door Ansem van Wijngaart pachter van het gemaal, geassisteerd door ’s lands deurwaarder en de ondervorster van Boxtel betrapt is op fraude van het gemaal door met paard en kar drie zakken rogge ter molen te brengen, zich met geweld verzet te hebben tegen de inbeslagname van deze goederen, de assistent een vuiststoot in de lenden te hebben gegeven en de pachter van de kar ‘doen ter aerde storten’ welke feiten strafbaar zijn volgens het plakkaat van 19 mei 1673.


folio 294 verso – donderdag 5 april 1696

Rekest van Frans Driessen en Heijlken Jans Bergmans vrouw van Willem Hamans wonende te Woensel in welke akte ook nog worden genoemd: Lambert Aelberts zich kwalificerende als borg en medestander van Dirk van der Heiden pachter van de bieren en brandewijnen, een zekere Hendrik Jans over bepaalde gesloten akkoorden over het tappen en brouwen van bier.


folio 299 – vrijdag 6 april 1696

Rekest van Wilbort Hendricx gewezen verpondingengaarder te Bakel in 1687 en 1688 die verzoekt om letteren executoriaal.


MICROFICHE 243.11
folio 299 – vrijdag 6 april 1696

Rekest van Hendrik van Winteroij en van zijn huisvrouw en meerderjarige kinderen n.a.v. de recente gebeurtenissen mededelende dat ze hun totale ruïne tegemoet zien waarin gesproken wordt over de rekening van de administrator en een hoeve onder Lage Mierde, een boomgaard gelegen te Ochten onder Gelderland, een huis en hof te Asten, een huis te Helmond, en het traktement van de suppliant als commies van de admiraliteit van Rotterdam en een verzoek hem uit zijn gijzeling te ontslaan.

folio 302 – maandag 9 april 1696

Rekest van Hendrik Cuijpers en Anthoni Willems klagende dat die van Duizel een resolutie van de 6e maart waarbij ze gelast worden conform art. 24 van het reglement van 22 oktober 1692 voor iedere gevangene bij de vijand vanwege het betalen der contributies aan ieder huisgezin 2 gl. met verzoek dat de kwartierschout van Kempenland geauthoriseerd mag worden de genoemde resolutie uit te voeren.


folio 316 – zaterdag 14 april 1696

Gebleken is dat bij abuis van het opstellen der lijst van het hoofdgeld over Eindhoven 1694 alleen 596 personen boven de 16 uitgetrokken zijn in plaats van 693 wat men ter kennis zal geven aan ontvanger Adriaan van Blijenburg met last om van die van Eindhoven nog 97 gl. te vorderen boven de genoemde 596, gelijk mede aan de generaliteitsrekenkamer ten einde om de volle 693 gl. door de genoemde ontvanger te doen verrekenen.


folio 316 verso – zaterdag 14 april 1696

Rapport n.a.v. de monstering der artilleriepaarden en van de verpachting der wijnen brandewijnen en het gemaal te ’s-Hertogenbosch en heeft de monsterrollen van de paarden en het quohier van de verpachting overgestuurd.

folio 318 verso – maandag 16 april 1696

Na deliberatie is goedgevonden dat Coenraad Lindworm substituut-hoogschout van stad en meierij van ’s-Hertogenbosch en Cornelis Gans Heer van Nuland ontvanger der gemene middelen over Peelland zullen beschreven worden tegen donderdag over 8 dagen nl. de 26e.


folio 319 verso – maandag 16 april 1696

Missive van Johan van Leefdael Heer van Liessel rentmeester van de episcopale goederen verzoekt dat eindelijk finaal zal worden gedisponeerd over de zaak in cas van preferentie gehangen hebbende voor schepenen van ’s-Hertogenbosch over de goederen van ene Jacob Ements waar in ’s lands recht van legaal verband gepostponeerd is aan een schepenschuldbrief t.b.v. eene Jan Fabri verleden voor schepenen voornoemd waar over hij op 23 januri 693 uitvoerig geschreven heeft of dat hij rentmeester anderszins mocht ontheven worden van de verantwoording der schuld van genoemde Jacob Ements; misssive van dezelfde rentmeester over de kwestie rond het begijnhof in de stad [zie vorige akten].


folio 320 verso – maandag 16 april 1696

Akte van aanbesteding m.b.t. drie batterijen te ’s-Hertogenbosch nl. in het Oranjebolwerk, twee in het het Marienbolwerk en twee in het Oliemolenbolwerk aangenomen door Mathijs Smits voor 1500 gl.


folio 320 verso – maandag 16 april 1696

Rekest van Evert van Dal wonende te Enschot die is gedagvaard door mr. Cornelis de la Porte welke Van Dal het ongeluk heeft gehad door een paard zodanig getrapt te zijn dat hij niet in staat is over te komen zoals de attestatie van de chirurgijn uitwijst dat bij het rekest is gevoegd.


folio 321 – maandag 16 april 1696

Na deliberatie is goedgevonden de commandeur van de stad ’s-Hertogenbosch te machtigen om op basis van het bestek dat er is te handelen met Johan Jacobs wonende te Heel [vgl. Hedel] over het weder opmaken van de kadijk of weg strekkende van de contrescherp van ’t kasteel naar Orthen omtrent ter lengte van 150 roeden en buiten de stad om daarvoor te mogen beloven 750 gl. waarover aan de Heer van Ameliswaert in kennis gesteld zal worden.


folio 328 – dinsdag 17 april 1696

Rekest van die van Eersel en andere dorpen die door de vijand zijn geplunderd en gebrand op 9 oktober 1694 te kennen gevende dat de vier kwartieren van de meierij in gebreke blijven aan de supplianten hun schade te vergoeden en ze verzoeken daarom om letteren executoriaal en de vier kwartieren worden nogmaals gemaand de betaling te voldoen.


MICROFICHE 243.12
folio 330 verso – woensdag 18 april 1696

Bericht van de rentmeester Johan van Leefdael Heer van Liessel dat een noodzakelijke reparatie moet worden uitgevoerd aan de korenwindmolen van Drunen door molenmaker A. de Jong begroot op 60 gl.


folio 332 – donderdag 19 april 1696

Rekest van mr. Jacob van der Hoeven Heer van Dinther en kwartierschout en dijkgraaf van het kwartier Maasland te kennen gevende dat hij op diverse plaatsen in het kwartier ontdekt heeft dat er sprake is van veel verzwegen en kwalijk aangebrachte percelen en ondervonden dat verschillende regenten de lijsten van de landerijen die tot nog toe geen verpondingen betaald hebben overgegeven hebben met verzwijging van genoemde defecten en abuizen verzoekende om een mandement tegen de regenten als mede tegen de eigenaars of possesseurs der verzwegen of kwalijk aangebrachte percelen tot consecutie [= vervolg] van de boeten zoals die vermeld staan in het plakkaat van 28 februari 1695. Akkoord.


folio 333 verso – donderdag 19 april 1696

Rekest van Abraham van der Vleuten stadhouder te Bladel, Reusel en Netersel in kwartier Kempenland te kennen gevende dat Laurens Jaspers en Gijsbert van der Aa gewezen schepenen te Netersel in 1694 en 1695 en Aart van der Poel en Pieter Laurenss. de huidige schepenen, in strijd met een resolutie van 23 mei 1658 en een plakkaat van 18 mei 1694 de dorps- en andere reële en personele lasten met de verpondingen vermengd hebben en zodanig gebeurd hebben dat ze niet kunnen weten wat voor de verponding is betaald, met een verzoek de huidige regenten te ordonneren zich bij het heffen der verpondingen zich exact te houden aan ’s lands plakkaten, vooral t.a.v. de resolutie van 23 mei 1658 en de gewezen schepenen een boete op te leggen van 600 gl.


folio 339 verso – zaterdag 21 april 1696

Missive van ontvanger Gerard van Hoeij als reactie op een rekest en annexe stukken van Cornelis van Horenbeek advocaat en landschrijver te Megen als oom en bloedvoogd voor de kinderen van wijlen Jacobus de Bakker te kennen gevende dat alle meubels, havelijke goederen, huisraad etc. nagelaten door Barbara de Smeth de 1e vrouw van genoemde Jacobus toebehorende aan de voorkinderen en het huis met al de huisraad, kassen [vgl. kasten], schilderijen etc. aan de nakinderen geboren uit Maria Sels weduwe van wijlen Jacob de Bakker aan hen overgemaakt in een testament van Elisabeth van Veen hun tante.


folio 340 – zaterdag 21 april 1696

Missive van Coenraad Lindworm substituut-hoogschout van stad en meierij i.v.m. de quohieren van de kwartieren Oisterwijk en Maasland betreffenee huizen en landerijen die verpondingsvrij zijn.


folio 340 verso – zaterdag 21 april 1696

Rekest van die van de geoctrooieerde wagenposterij tussen ’s-Hertogenbosch en Maastricht te kennen gevende dat de heren gedeputeerden tot de verpachting van de Brabantse landtol, geleide- en paardengeld, conform het bericht van de raad en rentmeester generaal der domeinen van 22 september 1685 de postpaarden daar niet onder rekenen want die zijn vrijgesteld. Het paardengeld is immers bedoeld voor ingespannen paarden die koopmanschappen vervoeren.


folio 342 – dinsdag 24 april 1696

Rapport nadat men heeft gehoord de sergeant majoor Willem Meurs, Johan Hendrik van Breugel en Niclaas de Leeuw schout van Lith en secretaris van Lithoijen over de feiten die genoemde sergeant majoor ten laste worden gelegd en vervolgens is gelezen het rekest van de sergeant majoor bekennende dat Johan Hendrik van Breugel niet op de zachtste wijze tot soldaat is aangenomen. Overigens….genoemde sergeant majoor werkt al 33 jaren in dienst van de staat en is nog nooit door iemand aangeklaagd of beschuldigd. Voorts volgt de strafmaat [zeer lange akte].


folio 345 – dinsdag 24 april 1696

Missive van ontvanger Cornelis van Vrijbergen op een rekest van regenten en ingezetenen vn Hilvarenbeek over hun achterstallige verpondingen ten bedrage van 22.269-8-9 te mogen betalen in 12 achtereenvolgende jaren vanaf 1696 . Ze krijgen 4 jaren waarbinnen het restant betaald moet zijn van 11.919-12-1 in vier gelijke jaarlijkse termijnen, mits ze hun lopende verpondingen prompt voldoen.


folio 348 verso – woensdag 25 april 1696

Rekest van Baldericus du Bois Franse schoolhouder, Adam Berkers molenaar en Johan Venmans ingezetenen te Waalwijk klagende dat Johan Pullens de collecteur van Lambert van Rosmaalen gewezen pachter van het gemaal van de voorlaatste termijn op de 30e van de vorige maand heeft aangehouden en in beslag genomen 8 vaten rogge toebehorende aan de 1e, vier aan de 2e suppliant met paard en kar van de 2e suppliant ofschoon zij een behoorlijk [= deugdelijk] biljet hadden gehaald bij de voorlezer zoals dat in een plakkaat van 3 maart was aangegeven. Johan Pullens had eerst geweigerd biljetten af te geven. Discussie volgde.


folio 349 – donderdag 26 april 1696

Rekest van Hendrik van Winteroij administrator van de goederen van de abdij van Floreffe die namens zijn gans geruïneerde familie verzoekt zo spoedig mogelijk ontslagen te mogen worden uit zijn gijzeling op het slot van zijn rekening in orde te maken wat nu onmogelijk te doen is zo lang hij in gijzeling moet zitten. De Raad gaat niet op het verzoek in.


folio 356 – vrijdag 27 april 1696

Rekest van de classis van ’s-Hertogenbosch en na deliberatie is goedgevonden aan Johannes Coets predikant te Oss en Johannes Bachine door de synode van Gelderland onderzocht en in de dienst bevestigd en beiden gedespicieerd tot het bedienen van de militie van de staat in de naaste campagne te verlenen de vereiste akte van commissie naast een ordonnantie van 50 gl. uit de legerlasten aan ieder tot zijn uitrusting en reiskosten met last om zich ten spoedigste naar het leger te begeven.


folio 257 verso – zaterdag 28 april 1696

Rekest van abt en convent van Tongerloo verzoekende dat, terwijl het plakkaat van 11 februari 1688 bevelende de tienden toebehorende aan roomse geestelijken publiekelijk te verpachten de intentie heeft de betaling van het collateraal die toenmaals aanstaande was, doch waarover nu is geaccordeerd dat die pas over 30 jaren zal geschieden. Ze vragen nu dat de RvS wil verklaren dat het aan de supplianten vrij staat hun tienden voortaan te verpachten naar hun eigen welgevallen. De RvS gaat echte rop dit verzoek niet in.


folio 358 – zaterdag 28 april 1696

Rapport op het rekest van Johan Rogman distillateur te Middelrode in het kwartier Maasland verzoekende dat de RvS gelieft te verklaren dat de granen en in het bijzonder de rogge en de boekweit die gebroken worden om te distilleren vrij zijn van impost op het gemaal. Na deliberatie is goedgevonden ‘dat in conformiteit van de ordonnantie op ’t gemaal ten plattenlande van Braband geen impost geëischt kan worden van graanen die gemaalen worden om daarvan brandewijn of andere gedistilleerde wateren te stooken, des dat ter weering van fraudes sodanige graanen ter moole gebragt wordende vermengt sullen moeten weesen ten minste met een vierdedeel mout, sullende extract deses gegeven worden aan den pagter om sig na te reguleren’.


MICOFICHE 243.13
folio 359 – zaterdag 28 april 1696

Rapport op een rekest met bijgevoegde stukken van de provisor der abdij van Floreffe waarbij verschillende posten worden aangewezen die Hendrik van Winteroij geadministreerd hebbende van ’s lands wegen de geannoteerde goederen van gemelde abdij abusievelijk in uitgaaf van rekening gebracht heeft en daaruit tot last van de abdij uitgetrokken zijn in de liquidatie geïnsereerd in de notulen van de 15e maart met verzoek dat de som die de abdij aan het land moet uitkeren daarmee mogen worden verminderd, als ook 87 gl. die Van Winteroij van de molenaar te Lieshout en 68 gl. die hij van de pachter van de tienden te Rixtel ontvangen heeft over de pacht van het voorbije jaar alles conform de resolutie. Voorts wordt ingegaan op verder details waarbij genoemd worden de tienden van Binderen 1692, de tienden van Helmond en Overbrugge, Francois Smits gewezen verpondingsbeurder te Lieshout, over 1691, Thielman Anthonis gewezen borgemeester te Lieshout in 1691 [erg lange akte].

1   2   3   4   5

  • MICROFICHE 243.9
  • MICROFICHE 243.10
  • MICROFICHE 243.11
  • MICROFICHE 243.12
  • MICOFICHE 243.13

  • Dovnload 285.43 Kb.