Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Riet de Jong Vertalen uit het Afrikaans

Dovnload 18.92 Kb.

Riet de Jong Vertalen uit het Afrikaans



Datum08.12.2018
Grootte18.92 Kb.

Dovnload 18.92 Kb.

Riet de Jong

Vertalen uit het Afrikaans



Riet de Jong (1937) ontving de Martinus Nijhoffprijs 2010. Ze vertaalde werk van o.a. Louis Kruger, Ingrid Winterbach, Koos Prinsloo en Marlene van Niekerk uit het Zuid-Afrikaans.

Vertalen uit het Afrikaans’ is een verhaal over hoe ze tot het vertalen gekomen is.

Vertalen uit het Afrikaans

Het vertalen van Afrikaanse literatuur in het Nederlands kent geen traditie. Aanvankelijk werd er in Zuid-Afrika weinig literatuur geschreven, de taal was nog erg jong, en daarom viel er nog niets te vertalen. Bovendien waren Nederlandse lezers van mening dat Afrikaans een soort Nederlands dialect was, dat gemakkelijk te lezen was. Toen de apartheidsregering aan de macht kwam en deze duistere periode voor Zuid-Afrika begon, vond de Nederlandse regering het nodig een culturele boycot in te stellen. Auteurs die contact zochten met Afrikanen werden in de ban gedaan. Jammer, want juist in die tijd begonnen de Afrikaanse auteurs zich te roeren. Meestal in een al of niet bedekte vorm van protest. In de jaren zestig van de vorige eeuw kwam dankzij dissidenten als Breytenbach en Brink en anderen de literatuur op gang. De poëzie was al eerder tot ontwikkeling gekomen, maar daarbij bestond geen behoefte aan vertalingen. Het proza volgde. Het gewone simpele op papier zetten van wat er gebeurde was niet meer genoeg. Er kwam waardering van onze kant. Nederlandse literatuurwetenschappers kregen belangstelling voor wat er in Zuid-Afrika op gang kwam. Dichters kregen een aanstelling aan de universiteiten van Amsterdam en Utrecht en sommige van hun studenten gingen zelf in Zuid-Afrika studeren.

In Amsterdam bestond in de jaren tachtig nog de mogelijkheid deel te nemen aan een college Afrikaanse literatuur. Ik studeerde in die tijd Frans aan de Radboud Universiteit en was na het kandidaatsexamen over gestapt naar AL.W.Ik koos het Afrikaans als bijvak. Mevrouw Lijphart-Bezuidenhout was een enthousiaste Afrikaanse. Slechts drie studenten volgden het college. Per week waren er drie college-uren. Het gebeurde vaak dat we de koffie of de lunch vergaten en dat ze drie uur lang vertelde en er gediscussieerd werd. Het gaf mij vaste grond onder de voeten. Helaas overleed mevrouw Lijphart nog voor ik mijn doctoraalexamen aflegde. Wij waren haar laatste studenten.

In het kunstambacht van vertalen moest je je echter zelf bekwamen. Toen ik voor mijn examen twee verhalen van Elisabeth Kotze te vertalen kreeg als aanvulling op de exameneisen, zat ik met de handen in het haar. Maar het betekende wel het begin van een vertaalcarrière die me veel vreugde heeft bezorgd.

Ik besloot gebruik te maken van de kennis en kunde van anderen. Het allereerste begin bestond uit het minutieus vergelijken van ’n Seisoen in die paradys van Breytenbach met de Nederlandse vertaling van Adriaan van Dis en Hans Ester. Dat leverde veel op. Het werd me ook duidelijk dat het verstandig was heel veel Afrikaans te lezen, alles wat ik te pakken kon krijgen. Gelukkig was daar de Afrikaanse bibliotheek op de Keizersgracht. Door het boek van Breytenbach realiseerde ik me al snel dat ik naar het land toe zou moeten. En dat ik woordenboeken nodig had. Ik werd een ijverig verzamelaarster.

Mijn eerste opdracht kreeg ik via Hans Ester, mijn docent op de Radboud Universiteit. Het was een kinderboek van Louis Kruger. Twee van zijn boeken boeken kreeg ik te vertalen. Door tijdelijk in Nederland werkende Afrikanen kwam ik in contact met Riana Scheepers. Ook Lidewijde Paris, in die tijd redacteur bij Prometheus, Polak en Van Gennep, had haar oog op deze auteur laten vallen die fascinerende Korte verhalen schreef, sterk Afrikaans getint. Een beetje geheimzinnig. Lidewijde had toestemming om een bundel samen te stellen uit de twee al bestaande bundels verhalen. Ze vroeg mijn mening. Binnen vijf minuten hadden we samen een keuze gemaakt en ik kreeg de vertaalopdracht. Door een interview in Maatstaf met een vertaald verhaal erbij werd mijn naam bekend bij andere uitgevers. Een bundel samenstellen met verhalen van Etienne van Heerden was mijn volgende opdracht voor Meulenhoff.

En intussen heb ik meer dan 50 romans, verhalenbundels en non-fictie boeken vertaald. Ik heb geleerd dat het Afrikaans een taal is waarbij je niet argwanend genoeg kunt zijn. Hij bevat talloze valse vrienden, woorden en uitdrukkingen die ongelooflijk op Nederlands lijken, maar die vaak vertaalde leenwoorden uit andere talen zijn, zoals het Engels.

De zwaarste maar ook veel vreugde opleverende opdracht was Agaat van Marlene van Niekerk. Deze 600 pagina’s tellende gecompliceerde roman was een enorme uitdaging. Marlene stuurde mij het manuscript toe en tijdens het lezen was ik ervan overtuigd dat ik deze opdracht zou moeten weigeren. Ik wist niet of ik wel genoeg kennis had. Maar ik waagde mij er toch aan en wist hem tot een goed einde te brengen. Echter niet nadat ik naar Stellenbosch was gereisd, en alle heikele punten met haar had doorgesproken. Dit is een auteur, filosoof van huis uit, die niet alleen een ongelooflijk gelaagd boek weet te schrijven, die haar gedachten en opvattingen over haar land en de mensen weet neer te leggen, maar een die ook heel gevoelig is voor de schoonheid van de taal. Ritme, stijlfiguren zoals metaforiek, alliteraties, binnenrijm, kortom, de hele vormgeving ligt haar na aan het hart. Ze gaf mij de ruimte om soms een heel klein betekenisgevend deeltje van een woord op te offeren om tot een lyrische zin of uitdrukking te komen zonder de betekenis geweld aan te doen. Het boek werd een succes.

Vertalen uit het Afrikaans kun je niet alleen. Gelukkig is er intussen wel een tweetalig woordenboek verschenen, de ANNA, maar om het leven in Zuid-Afrika te leren kennen met al zijn specifieke gewoontes, beslist noodzakelijk voor een goed begrip en een goede vertaling, heb je mensen nodig. De Afrikanen zijn buitengewoon gastvrij en trots op alles wat ze je kunnen laten zien. Reizen door het land, congressen en literaire festivals bezoeken, contact leggen met de bewoners geven je kennis van alle mogelijke contexten, van omgangsvormen tot flora en fauna. En je sluit er vriendschappen voor het leven.

Al die ervaringen en het werken aan vertalingen hebben een dimensie aan mijn leven toegevoegd.








Dovnload 18.92 Kb.