Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Risicovol weer Scenario ‘’Extreme warmte’’

Dovnload 108.89 Kb.

Risicovol weer Scenario ‘’Extreme warmte’’



Datum31.07.2017
Grootte108.89 Kb.

Dovnload 108.89 Kb.




Risicovol weer

Scenario ‘’Extreme warmte’’



Definitie/beschrijving

Het KNMI kent geen definitie van extreme warmte. Zeer warm weer houdt volgens de terminologie van het KNMI in dat de maximumtemperatuur van een dag minstens 8 graden hoger is dan het langjarig gemiddelde over het meest recente tijdvak van dertig jaar. Bovendien moet de maximum temperatuur minstens 23 graden zijn.


De problemen bij warm weer worden veelal veroorzaakt door twee risico's;

Enerzijds is er vaak sprake van sterke zonnestraling. Deze kan verbranding veroorzaken indien de onbedekte huid hier lang aan wordt blootgesteld

Het tweede risico wordt veroorzaakt door een combinatie van hoge temperatuur en hoge vochtigheid.

In Nederland komt dat vaak voor in de zomerperiode, vooral wanneer de warmte wordt bedreigd door onweersbuien. De lucht wordt dan geleidelijk vochtiger, waarbij meestal ook de bewolking toeneemt of overheerst. Vooral wanneer de zon nog weet door te breken kan het in de vochtige atmosfeer voorafgaand aan het onweer zeker voor het gevoel heel warm worden. Drukkend warm wordt dat genoemd wat hetzelfde is als zwoel, benauwd, klam of broeierig. De gevoelsmatige ervaring van de temperatuur is sterk persoonsgebonden en hangt onder meer af van de inspanning die we leveren, de gezondheid, de kleding en de mate waarin we transpireren. Door verdamping van het transpiratievocht zal de huid afkoelen, omdat bij verdamping warmte aan het lichaam wordt onttrokken. Bij temperaturen boven 30 graden komt de warmteafgifte vrijwel uitsluitend tot stand door verdamping. In vochtige lucht is de verdamping echter veel minder groot dan in droge lucht, waardoor nauwelijks verdampingswarmte aan het lichaam wordt onttrokken. Daardoor zal het bij vochtig en warm weer in de regel drukkend aanvoelen, vooral als er weinig wind is. Wind bevordert de warmteafvoer van de huid en de verdamping, waardoor we het kouder krijgen. Onder deze omstandigheden kan de lichaamstemperatuur, zeker bij inspanning, makkelijk oplopen naar gevaarlijke hoogte.


Door de Amerikaan Robert Steadman is een index ontwikkeld die de temperatuur gecombineerd met de relatieve vochtigheid vertaald in gezondheidsrisico's. Deze index wordt steeds vaker gebruikt om te bepalen of het nog verantwoord is een evenement doorgang te laten vinden of dat er aanvullende maatregelen gewenst zijn.

Het is hierbij wel belangrijk dat er expertise beschikbaar is om de index te interpreteren. De uitgebreide versie van de index is opgenomen in bijlage 3.Onderstaand een samenvatting van de index.


Hitte-index volgens Steadman (KNMI).

Temp

Relatieve luchtvochtigheid




0

10

20

30

40

50

60

70

80

90

100

50 C

44

49

56

61






















45 C

40

43

46

52

59

61
















40 C

36

38

40

43

46

51

56













35 C

32

33

34

35

37

39

42

45

50







30 C

27

28

28

29

30

31

31

32

34

36

38

25 C

23

23

24

24

25

25

25

25

26

26

26

20 C

18

18

18

19

19

19

20

20

20

20

20

Blijf alert

Wees voorzichtig

Gevaar

Groot gevaar

Criteria voor weeralarm.



De KNMI kent geen weeralarm voor extreme warmte

KNMI kent geen weeralarm voor extreme warmte

Aandachtspunt
Extreme warmte doet zich zelden plotseling voor. Over het algemeen is het minimaal enkele dagen van te voren bekend. Wanneer extreem warm weer al een langere tijd bestaat zijn mensen al geacclimatiseerd en daardoor beter voorbereid.
Risico’s
Mogelijke risico’s bij extreme warmte:

  • Onvoldoende vochtinname.

  • Te hoge alcohol consumptie.

  • Verbranding.

  • Onwelwording/ hitte beroerte/ zonnesteek.


Monitoring
Belangrijke vragen bij de monitoring van extreem warm weer.

Voorafgaand en/of gedurende het evenement bij de voorspelling vragen naar:

  • Zonkracht (straling).

  • Temperatuur verloop.

  • Luchtvochtigheid.


Te treffen maatregelen/acties

  • Actief monitoren luchtvochtigheid.

  • (gratis) Drinkwater ter beschikking stellen.

  • Sportdrank beschikbaar stellen op EHBO (isotoon).

  • Schaduwplekken creëren/ schuiltenten.

  • Beschikbaar stellen van zonnebrandcrème

  • Extra schoonmaak van sanitaire ruimtes

  • Sproeiers/ sprinklers gebruiken voor afkoeling van stenen/ omgeving of van personen (let op legionella).

  • Plaatsen van plantenspuiten en ventilatoren op EHBO-unit.


Nationaal hitteplan

Het RIVM maakt onderdeel uit van het Nationale Hitteplan. Dit plan geeft een overzicht van de verantwoordelijkheden en maatregelen die gelden in de zorg rondom een periode van aanhoudende hitte.

Het RIVM evalueert de berichten van het KNMI over de kans op aanhoudende hitte. Als het echt warm wordt, dan wordt het Nationale Hitteplan geactiveerd en waarschuwt het RIVM betrokken partijen via een netwerk.

Scenario ‘’Extreme koude’’



Definitie/beschrijving

Het KNMI kent geen definitie van extreme koude. Er wordt over koude gesproken wanneer er sprake is van

lage temperatuur voor de tijd van het jaar, overdag 12 graden of kouder en in het algemeen 5 tot 10 graden onder het pentadegemiddelde (het klimatologisch gemiddelde over vijf dagen.) Bij een verschil van 2 tot 7 graden wordt meestal gesproken van vrij koud weer. 1Belangrijk bij koude is de combinatie met wind die vaak voor een veel koudere gevoelstemperatuur zorgt (windchill).
In bijlage 4 is de windchill index van Steadman opgenomen.
Criteria voor weeralarm.


De KNMI kent geen weeralarm voor extreme koude


Aandachtspunt

Extreme koude doet zich zelden plotseling voor. Over het algemeen is het minimaal enkele dagen bekend.

Wanneer extreem koud weer al een langere tijd bestaat zijn mensen al geacclimatiseerd en daardoor beter voorbereid.
Risico’s

Mogelijke risico's bij extreme koude:



  • Onvoldoende vochtinname.

  • Te hoge alcohol consumptie.

  • Bevriezing van ledematen.

  • Onderkoeling.

  • Glad wegdek, waardoor kans op ongelukken toenemen.


Monitoring weer

Belangrijke vragen bij de monitoring van extreme koude.


Voorafgaand aan de extreme koude, bij de voorspelling vragen naar:

  • Temperatuur verloop.

  • Luchtvochtigheid.

  • Gevoelstemperatuur.

  • Neerslag.

  • Wind (kracht, richting)


Te treffen maatregelen/acties

  • Creëer ‘’opwarmplekken’’.

  • Stel warme dranken beschikbaar.

  • Attendeer mensen op de weeromstandigheden en biedt handelingsperspectieven (zie voor communicatieboodschappen bijlage 2).

Scenario ‘’Zwaar onweer’’



Definitie/beschrijving

Volgens de cijfers van het KNMI slaat de bliksem in Nederland ongeveer 100.000 keer per jaar in. Het aantal bliksemontladingen varieert sterk van bui tot bui en van jaar tot jaar. Op 1 km2 slaat de bliksem gemiddeld 2 tot 3 keer per jaar in. Verreweg het grootste aantal onweersdagen (dat je gedonder hoort) komt voor in het zomer halfjaar en vooral in het binnenland. Winterse ontladingen zijn zwaarder dan die in de zomer.


Bliksem kan gevaarlijk zijn voor mensen, zeker wanneer het onweer nabij is en de tijd tussen bliksem en donder kleiner is dan 10 seconden2. Extra gevaarlijk hierin zijn de stil hangende buien met veel verticale ontladingen.

Het gevaar zelf getroffen te worden is gering maar indien het gebeurd zijn de gevolgen groot. Gemiddeld worden per jaar1 of 2 mensen in Nederland door de bliksem dodelijk getroffen.


Bij (opkomend) zwaar onweer met soms ieder seconde een bliksemflits, kan het heftig tekeer gaan en moet men bedacht zijn op plotselinge windvlagen, slagregens en hagel. Zware onweersbuien ontstaan in een vochtig overgangsgebied van zeer warm (tropisch) naar veel kouder weer. Tijdens een dergelijke bui kan de temperatuur in minder dan een half uur 10 tot 15°C dalen. De buien worden het hevigst als er op grote hoogte in de atmosfeer een zeer sterke wind staat (straalstroom). Buien groeperen zich vaak langs lijnen, die worden voorafgegaan door windstoten. Het gevaarlijke weer is in de lucht te herkennen aan buidelvormige wolken aan de rand van het buiengebied. De wind kan al opsteken als de eigenlijke bui nog tientallen kilometers verwijderd is, wat zeer verraderlijk is. Bijzonder zware buien worden soms voorafgegaan door een rolwolk, een indrukwekkende, scherp begrensde wolkenbank, die inktzwart kan zijn. Ook overdag kan het dan aardedonker worden. Een rolwolk wordt vergezeld door enorme en plotselinge windstoten van soms 100 tot 150 kilometer per uur.
Als er sprake is van zwaar weer en er donkere wolken naderen, is het verstandig naar binnen te gaan.

Op en aan het water loopt men door wind en bliksem grote risico's en automobilisten kunnen bij naderend noodweer het best een parkeerplaats opzoeken en in de auto afwachten tot het ergste voorbij is. Blijf altijd uit de buurt van bomen. Vooral bladdragers kunnen de windstoten niet altijd weerstaan. Bij zwaar onweer worden extra waarschuwingen of wordt er een weeralarm gegeven3.


Criteria voor weeralarm ‘’Zwaar onweer’’

Terminologie

Criteria

Heading

Gevolgen

Zwaar onweer

500 ontladingen per 5 minuten in een gebied minstens ter grootte van 50 bij 50 kilometer of langs een coherente band van tenminste 50 kilometer lengte.

Zwaar onweer: gevaarlijk en grote overlast.

Leidt tot gevaarlijke situaties, grote overlast en schade door verraderlijke windstoten, hagel, verblindende bliksems en inslagen.


Aandachtspunt
Het is gebleken dat hevig onweer met al de bijkomende extremen als windstoten, zware regen en/of hagel zeer moeilijk is te voorspellen. Met name de exacte locatie is vaak slechts kort van te voren te benoemen.

Risico’s

Mogelijke risico’s bij onweer:



  • Deelnemers/bezoekers worden getroffen door bliksem.

  • Deelnemers/bezoekers worden getroffen door rondvliegende materialen (takken en dergelijke).

  • Instorting constructies.

  • Afkoeling door plotselinge temperatuurdaling, regen en gebrek aan beweging.

  • Gewonden door hagel.

  • Paniek in menigte.

  • Massaal (spontaan) wegtrekken van bezoekers.

  • Uitval treinen.

  • Verkeerschaos.

  • Dolend publiek.

  • Stormloop op openbaar vervoer.

  • Slechte bereikbaarheid evenemententerrein.

  • Uitval nutsvoorziening door inslag.

  • Uitval mobiel netwerk.

  • Uitval C2000.

  • Brand.


Monitoring weer

Belangrijke vragen bij de monitoring van onweer.


Voorafgaand aan het onweer, bij de voorspelling vragen naar:

  • Welke mate van zekerheid in percentage is dat het onweer het evenement zal treffen.

  • Wanneer in tijd wordt het onweer bij het evenement verwacht.

  • De verwachting hoe lang het onweer aan zal houden.

  • Verwachting van het aantal verticale ontladingen.

  • Of het onweer gepaard gaat met (hevige) regen.

  • Of het onweer gepaard gaat met (hevige) hagel.

  • Of het onweer gepaard gaat met (hevige) rukwinden (hoe sterk).


Wanneer het onweer het evenement heeft bereikt:

  • De verwachting hoe lang het onweer aan zal houden.

  • De verwachting hoe het onweer zich zal ontwikkelen.


Te treffen maatregelen/acties

  • Plaatsen van bliksemafleiders (hoge masten).

  • Werkverbod voor podia en hoge objecten instellen.

  • Attendeer mensen op de weeromstandigheden en biedt handelingsperspectieven (zie voor communicatieboodschappen bijlage 2).


Scenario ‘’Windstoten’’



Definitie/beschrijving

Bij storm of windkracht 9 op de schaal van Beaufort ligt het 10 minuut gemiddelde van de windsnelheid tussen 75 en 88 km/uur (20,8 - 24,4 meter per seconde). Een storm gaat meestal vergezeld van zware tot zeer zware windstoten van meer dan 100 km/uur. Een storm leidt tot schade aan dakpannen en schoorsteenkappen en veroorzaakt lichte schade in de bossen.


Als de storm op grote schaal gepaard gaat met zeer zware windstoten dan geeft het KNMI een Weeralarm af voor zeer zware windstoten. Wanneer de storm vergezeld gaat van sneeuw wordt een Weeralarm afgegeven voor sneeuwstorm. Het Weeralarm van het KNMI is onder meer te vinden op internet en NOS Teletekst pagina 713. Ook voor het wegverkeer worden dan extra waarschuwingen gegeven, die onder meer te vinden zijn op NOS Teletekst pagina 730. Een Weeralarm wordt in de zomermaanden ook gegeven wanneer op grote schaal windkracht 9 wordt verwacht.

Criteria voor weeralarm ‘’Zware storm’’.



Terminologie

Criteria

Heading

Gevolgen

Storm (alleen zomerperiode mei tot en met september)

Windkracht 9 (Gemiddeld over 10 minuten 76-87 km/uur op minstens 2 kuststations of landinwaarts over een gebied tenminste ter grootte van 50 bij 50 kilometer of langs een coherente band van 50 kilometer lengte.

Storm met name langs de kust, in het binnenland kans op zeer zware windstoten: schade mogelijk.

Verkeer ondervindt hinder. Extra risico voor (brom)fietsers, motorrijders, vrachtauto's, auto's met aanhanger en caravans. Schade mogelijk aan gebouwen; takken worden afgerukt en bomen ontworteld.

Zware storm

Windkracht 10 (Gemiddeld over 10 minuten 88-102 km/uur op minstens 2 kuststations of landinwaarts over een gebied minstens ter grootte van 50 bij 50 kilometer of langs een coherente band van 50 kilometer lengte.

Zware storm met name langs de kust, in het binnenland kans op zeer zware windstoten: schade mogelijk.

Verkeer ondervindt hinder. Extra risico voor (brom)fietsers, motorrijders, vrachtauto's, auto's met aanhanger en caravans. Schade mogelijk aan gebouwen; takken worden afgerukt en bomen ontworteld.

Zeer zware storm

Windkracht 11 (gemiddelde over 10 minuten 103-116 km/uur op minstens 2 kuststations of landinwaarts over gebied minstens ter grootte van 50 bij 50 kilometer of langs een coherente band van 50 kilometer lengte.

Zeer zware storm met name aan de kust, in het binnenland kans op zeer zware windstoten: grote schade mogelijk.

Veel hinder voor het verkeer. Levensgevaarlijk door rondvliegende objecten en takken. Grote schade mogelijk aan gebouwen en bossen.

Orkaan

Windkracht 12 (gemiddeld over 10 minuten meer dan 116 km/uur op minstens 2 kuststations of landinwaarts over gebied tenminste ter grootte van 50 bij 50 kilometer of langs een coherente band van 50 kilometer lengte.

Orkaan aan de kust, in het binnenland kans op zeer zware storm en zeer zware windstoten: levensgevaarlijk en verwoestend.

Verwoestingen mogelijk en levensgevaarlijk op straat; auto's worden van de weg geblazen en (brom)fietsers omver gedrukt. Wegen en spoorlijnen verspert.


Aandachtspunten

De meeste grote buitenevenementen vinden in de zomerperiode plaats. Een zomerstorm komt niet vaak voor, maar kan in het recreatieseizoen met veel caravans op de weg en kwetsbare zeilboten op het water al snel leiden tot gevaarlijke situaties. In de zomer duren stormen minder lang dan in de winter, maar komen vaak verraderlijk plotseling en onvoorspelbaar snel opzetten. Wat de zomerstorm extra gevaarlijk maakt is dat bomen die vol in blad staan de wind moeilijk kunnen verdragen, vooral als het ook hevig regent.


De rekenmodellen van de atmosfeer en de mogelijkheden om waarschuwingen te verspreiden zijn nu veel beter dan in het verleden, zodat zomerstormen ons niet meer hoeven te overvallen.
Risico’s

Mogelijke risico’s bij zware storm:



  • Omvallende/ in stortende tijdelijke bouwwerken.

  • Deelnemers/bezoekers worden getroffen door rondvliegende materialen (takken ed.).

  • Afkoeling door plotselinge temperatuurdaling in combinatie met regen en gebrek aan beweging.

  • Gewonden door hagel.

  • Paniek in menigte.

  • Massaal (spontaan) wegtrekken van bezoekers.

  • Uitval treinen.

  • Verkeerschaos.

  • Dolend publiek.

  • Stormloop op openbaar vervoer.

  • Slechte bereikbaarheid evenemententerrein.

  • Uitval nutsvoorziening.

  • Uitval mobiel netwerk.

  • Uitval C2000.


Monitoring weer
Belangrijke vragen bij de monitoring van zware storm.

Voorafgaand aan de storm, bij de voorspelling vragen naar

  • Welke mate van zekerheid in percentage dat de storm het evenement zal treffen.

  • Wat de verwachte windkracht van de storm is.

  • Wat de verwachtte windkracht bij windstoten is.

  • Wanneer in tijd wordt de storm bij het evenement verwacht.

  • De verwachting hoe lang de storm aan zal houden.

  • Of de storm gepaard gaat met (hevige) regen.

  • Of de storm gepaard gaat met (hevige) hagel.


Wanneer de zware storm het evenement heeft bereikt:

  • De verwachting hoe lang de storm aan zal houden.

  • De verwachting hoe de storm zich zal ontwikkelen.


Te treffen maatregelen/acties

  • In kaart brengen/ controle/ verstevigen tijdelijke bouwwerken, hekwerken e.d.

  • In kaart brengen stormbestendigheid tijdelijke bouwwerken.

  • Zand & stof opruimen.

  • Loszittende materialen vastzetten of opbergen.

  • Extra controle (blad dragende) bomen, verwijderen loszittende takken.

  • Attendeer mensen op de weeromstandigheden en biedt handelingsperspectieven (zie voor communicatieboodschappen bijlage 2).


Scenario’s ‘’Gladheid en winterse neerslag’’ en ‘’Regen’’



Definitie/beschrijving
Neerslag is het atmosferische verschijnsel van naar de aarde neervallend water in de vorm van waterdruppels4, ijs, of sneeuw, meestal afkomstig uit wolken. Wanneer er sprake is van een bovengemiddelde hoeveelheid regen of sneeuw wordt er gesproken over zware neerslag.

Criteria weeralarm.



De KNMI kent geen standaard weeralarm voor extreme neerslag. Wel kan er in geval van verkeershinder door aquaplanning of bij >50 mm in 24 uur (code geel) of bij >75 mm in 24 uur een waarschuwing worden gegeven.


Aandachtspunten
Zware neerslag kan in alle seizoenen plaatsvinden. Aangezien in de winterperiode de grootste kans is op hevige sneeuwval en er dan relatief weinig buitenevenementen plaatsvinden is dit een gering risico. Hevige regenbuien leveren bij buitenevenementen grotere risico’s op.

Risico’s

  • Instorting constructies

  • Wateroverlast/overstroming

  • Onderkoeling

  • Kortsluiting/brand

  • Massaal (spontaan) wegtrekken van bezoekers.

  • Uitval treinen.

  • Verkeerschaos.

  • Stormloop op openbaar vervoer.

  • Slechte bereikbaarheid evenemententerrein.


Te treffen maatregelen/acties

  • Stro/ houtsnippers/zand voor terrein verbetering (op afroep) beschikbaar.

  • In kaart brengen lager gelegen gedeelte evenemententerrein.

  • Beschikbaar hebben voldoende poncho's.

  • Afschermen elektrische apparatuur.

  • In kaart brengen/ controle/ verstevigen (tijdelijke) constructies.

  • Extra controle (blad dragende) bomen, verwijderen loszittende takken.

  • Attendeer mensen op de weeromstandigheden en biedt handelingsperspectieven (zie voor communicatieboodschappen bijlage 2).

Scenario ‘’Verminderd zicht’’



Definitie/beschrijving

Criteria weeralarm.



De KNMI kent geen standaard weeralarm voor verminderd zicht. Wel kan er bij < 200 m (code geel) of bij <10 m (code oranje) een waarschuwing worden afgegeven.


Aandachtspunten
Verminderd zicht kan in alle seizoenen optreden. Met name bij buitenevenementen waarbij er sprake is van een snelheid (denk aan een autorally) kan verminderd zicht een risico opleveren.

Risico’s

  • Verminderd zicht met als gevolg kans op ongelukken.


Te treffen maatregelen/acties

  • Indien mogelijk alternatieve locatie gebruiken.

  • Snelheid beperkende maatregelen.

  • (Tijdelijk) stopzetten evenement.

Bijlage 1 Checklist van te nemen maatregelen bij weersextremen


Onderstaande checklist is bedoeld om bij te dragen bij het in kaart brengen van te nemen maatregelen bij risicovol weer. Bij risicovol weer zullen vaak maatregelen uit verschillende groepen uitgevoerd moeten worden. Onweer gaat bijvoorbeeld vaak gepaard met storm en hevige regen. De juiste matregelen zijn vanzelfsprekend afhankelijk van het soort evenement.


Weertype

Preventie/preperatieve maatregel

Uitgevoerd

Algemeen

Voorbereiden communicatieboodschappen

(zie checklist ‘’Communicatieboodschappen).






(Tijdelijk) stopzetten van het evenement.




Inkorten evenement.




Verplaatsen van het evenement.




Vervroegen of verlaten aanvangstijd.




Opschaling/ extra aandacht voor paraatheid hulpverleningsdiensten.




In kaart brengen aanwezige risicogroepen in relatie tot weer extreem.




Schuilplekken in kaart brengen.




Controle evacuatieroutes/ nooduitgangen.





Onweer

Schuilplekken creëren.




Plaatsen van bliksemafleiders (hoge masten). Bliksem zoekt in een ruimte van 50 tot 100 meter in het vierkant het hoogste punt.




Werkverbod voor podia en hoge objecten.




Storm

In kaart brengen/ controle/ verstevigen tijdelijke bouwwerken, hekwerken e.d.




In kaart brengen stormbestendigheid tijdelijke bouwwerken.




Zand & stof opruimen.




Loszittende materialen vastzetten of opbergen.




Extra controle (blad dragende) bomen, verwijderen loszittende takken.




Regen


Stro/ houtsnippers/zand voor terrein verbetering (op afroep) beschikbaar.




In kaart brengen lager gelegen gedeelte evenemententerrein.




Beschikbaar hebben voldoende poncho's.




Afschermen elektrische apparatuur.





Hitte



Actief monitoren luchtvochtigheid




Beschikbaarheid (gratis) drinkwater




Sportdrank beschikbaar op EHBO (isotoon)




Schaduwplekken creëren/ schuiltenten




Beschikbaar hebben van zonnebrandcrème




Extra schoonmaak sanitaire ruimtes




Sproeiers/ sprinklers gebruiken voor afkoeling van stenen/ omgeving of van personen (let op legionella)




Plantenspuiten en ventilatoren op EHBO-unit




Kou


Creëer ‘’opwarmplekken’’




Beschikbaarheid warme dranken



Bijlage 2 Checklist van communicatieboodschappen


Onderstaande checklist is bedoeld om bij te dragen bij de keuzes van de juiste communicatie boodschappen in geval van risicovol weer. Bij risicovol weer zullen vaak boodschappen uit verschillende groepen gebruikt moeten worden. Onweer gaat bijvoorbeeld vaak gepaard met storm en hevige regen. De juiste boodschappen zijn vanzelfsprekend afhankelijk van het soort evenement
De keuze van de communicatieboodschappen wordt mede bepaald door de beschikbare communicatiemiddelen.

Bijvoorbeeld:

Luidsprekers.

Lichtkranten (zowel op het terrein als op de wegen er naar toe)

Tekstkarren.

Geluidswagens.

Radio.

TV/beeldschermen.

Internet

Social media.

SMS-alert.

Cell-broadcasting.

Dj’s.

Indien deelnemers moeilijk zijn te informeren (bijvoorbeeld bij wandelevenementen), kan geadviseerd worden aan de deelnemers om SMS weer alert te activeren (WA AAN naar 5454). Dit is echter alleen mogelijk als de organisator hier een overeenkomst voor heeft afgesloten.



weertype

communicatieboodschap

uitgevoerd

Algemeen


Zorg voor een duidelijke eenduidige

boodschap.





In welke talen moet de

communicatie plaats vinden.






Geef aan waar mensen achteraf

info kunnen krijgen, bijv. over

verhalen schade.





Duidelijke communicatie over de

Weersverwachting.






Duidelijke communicatie over doorlooptijd van de verwachtte weersextreem.




Duidelijke communicatie of

maatregelen een advies

zijn of dwingend worden opgelegd.





Duidelijke communicatie over voortzetting/beëindiging evenement




Duidelijke communicatie

Over aanwezigheid nooduitgangen/

Evacuatieroutes.





Duidelijke communicatie over

Schuilmogelijkheden.






  • Geef de opvanglocaties aan




Duidelijke communicatie over wijze vervoer naar opvanglocaties.




Onweer



Schuilplekken communiceren via

sms-alert & radio bij evenementen

in een uitgestrekt gebied.





Advies: schuil in huis of auto.




Advies: zoek schuilplek (niet onder

bomen, niet bij open water, niet bij

een hek).





Advies: houdt elkaar niet vast.




Advies: geen goede schuilplaats:

maak je klein door (gehurkt) voeten

bij elkaar te gaan zitten.





Advies: geen MP3-speler

gebruiken.






Advies: geen paraplu’s opsteken,

paraplu's in de grond steken.






Storm





Schuilplekken communiceren via sms

alert & radio bij evenementen in een

uitgestrekt gebied.





Advies: schuil in huis of auto.




Advies: zoek schuilplek (niet onder

bomen, niet bij een hek).





Hitte


Advies: rust regelmatig bij voorkeur in

de schaduw.






Advies: smeer onbedekte huid in met

zonnebrandcrème, draag zonnehoed

of zonneklep.





Advies: blijf voldoende drinken luister

naar uw lichaam.






Advies: matig het gebruik van alcohol

en cafeïne houdende dranken.






Advies: drink bij inspanning soep,

bouillon, melk, ijs of tomatensap.






Advies: draag luchtige kleding van, bij

voorkeur, een lichte kleur.





Koude




Advies: vervang tijdig natte

kousen/sokken

Advies: zorg voor een goede

bedekking van uw hoofd






Advies: vergeet niet te drinken, geen

Alcohol wel warme drunken.






Advies: rust regelmatig, bij voorkeur

op warme/droge plaatsen.






Advies: voorkom snelle afkoeling.




Advies: draag kleding die de

warmte afgifte van het



lichaam niet belemmert.




.


1 http://www.knmi.nl/cms/content/35545/koud

2 http://www.knmi.nl/bibliotheek/weerbrochures/FS_Onweer.pdf

3 www.knmi.nl

4 Ook ijzel wordt hieronder verstaan.

  • Scenario ‘’Extreme koude’’
  • Scenario ‘’Zwaar onweer’’
  • Scenario ‘’Windstoten’’
  • Scenario’s ‘’Gladheid en winterse neerslag’’ en ‘’Regen’’
  • Scenario ‘’Verminderd zicht’’
  • Bijlage 1 Checklist van te nemen maatregelen bij weersextremen
  • Bijlage 2 Checklist van communicatieboodschappen

  • Dovnload 108.89 Kb.