Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Stageplek isw gasthuislaan Derdejaars docent in opleiding Door Sandra Bakker 0784090 Inhoudsopgave

Dovnload 0.78 Mb.

Stageplek isw gasthuislaan Derdejaars docent in opleiding Door Sandra Bakker 0784090 Inhoudsopgave



Pagina9/16
Datum04.04.2017
Grootte0.78 Mb.

Dovnload 0.78 Mb.
1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   ...   16

Periode 2 Havo 4

Data en bijzonderheden

School

Thuis

2.7

Introductie periode 2 eindopdrachten

Duo opdracht fotografie



Genres

Potlood

Compositie

Zelf portret maken


2.8

Zelf portret presenteren

Fotograferen duo opdracht



Fotografie / montage

Foto’s verwerken en afronden

Leren voor de toets



Bufferweek 2

Toets vaktheorie

Leren voor de toets


3.1


Portret klasgenoot presenteren

Doorkijkjes op school



Lijnperspectief

Doorkijkje

Onderzoek 17de eeuw




3.2


Stilleven

Houtskool/ Krijt

Stilleven

Onderzoek 17de eeuw



3.3

“Hollands licht”

Krijt/verf

Landschap

Onderzoek 17de en 20ste eeuw



3.4

Opdracht VVV

Verf

Opdracht VVV

Onderzoek 20ste eeuw



Voorjaarsvakantie

3.5

Opdracht VVV


Opdracht VVV

Onderzoek 20ste eeuw



3.6

Opdracht VVV presenteren

Eindopdracht



Eindopdracht

Verslag afronden




3.7

Eindopdracht

Inleveren verslag 17de en 20ste eeuw



Eindopdracht

3.8

Presentatie opdracht 17de eeuw NL.

Introductie Romantiek en Realisme19de eeuw







Periode 3 Havo 4


Data en bijzonderheden

School

Thuis

4.1

Endopdrachten periode 2

Presenteren

Stilleven inleveren

Opdracht 1 spotprent



Opdracht 1 afmaken

4.2

Opdracht 1 presenteren

Opdracht 2 beginnen



Opdracht 2 verder afmaken

4.3

Opdracht 2 afronden

Opdracht 2 verder afmaken

Meivakantie


4.5

Opdracht 2 presenteren als groepje.

Theorie voor SO. en of onderzoek 19de eeuw.



Onderzoek 19de eeuw

4.6

Theorie voor SO.

Onderzoek 19de eeuw.



Onderzoek 19de eeuw

4.7

Inleveren verslag 19de eeuw.

Schetsen voor eindopdracht 19de eeuw

Theorie voor SO


Onderzoek 19de eeuw afronden

4.8

Schetsen voor eindopdracht 19de eeuw

Theorie voor SO.



Eindopdracht

4.9

Eindopdracht

Theorie voor SO.



Eindopdracht

4.10

Presentatie opdracht 19de eeuw NL.

Laatste theorie voor SO.



Leren voor de SO.

Bufferweek 4

SO. 2 beeldend



Havo 4http://www.isw.info/images/logos/gasthuislaan-madeweg.png

Onderwerp de opdrachten


Tekenen Periode 1 Havo 4

HAVO4 KUNST BEELDEND

Tekenen Periode 1 Havo 4

De boeken voor de kunstvakken.

Tekenen en kunstalgemeen hebben een samenhang zij vormen het vak kunst.

Kunst algemeen heb je vanaf de 5de klas.
Voor tekenen heb je dit jaar het boek: Beeldende begrippen van Bert Boersma.

Dit is een boek waarin termen in korte bewoording worden uitgelegd en geïllustreerd zijn met tekeningen en voorbeelden. Ook staat hier een tijdbalk voor de beeldende (foto’s, schilderijen, sculpturen, enz.) kunst in. In dit boek kun je snel even iets opzoeken of nakijken.


Neem het elke les mee.
Wat kun je verwachten.

Dit leerjaar moet je drie “eindopdrachten” afronden. Deze kunnen uit meerdere of verschillende onderdelen bestaan. Daarnaast maak je ook een aantal oefeningen om je technieken en inzichten te verbeteren.

Elke praktijkopdracht wordt beoordeeld op verschillende punten zoals techniek, inzicht, creativiteit, doelen die bereikt zijn en voortgang.

Bij elke eindopdracht hoort een onderdeel theorie hiervoor maak je een procesverslag en je doet een theoretisch onderzoek. In de 2de en de 4de bufferweek krijg je toets die 50 minuten duurt.



Het doel van de lessen.

Je weet meer van en kunt praktisch meer met beeldende vorming dan voorheen. Je leert meer van de technieken en inhouden van het vak.


Je scoort een voldoende. Je hebt er plezier in.

Hoe kun je behalve door hard te werken de doelen bereiken

  • Lees de specifieke doelen van elke opdracht goed door en controleer of je werkstukken hieraan voldoen. Zo niet dan is het nog niet klaar of neem contact op met de docent en maak duidelijk welk doel voor jou niet haalbaar blijkt te zijn.

  • Maak een keuze uit de eindopdrachten en als blijkt dat je een verkeerde keuze heb gemaakt doordat het saai is of te moeilijk of gewoon stom, kies dan een andere opdracht in overleg met de docent i.v.m. de tijd die er nog over is.

  • Maak aantekeningen van dingen die je tegen komt en die je hebt gedaan zodat je zelf heel goed weet welk proces je hebt door lopen.

  • Onderzoek voor de theorie alleen de dingen die je interessant vindt of die je kunt gebruiken voor je werkstukken. Als je dingen onderzoekt omdat je denkt dat het moet en er niets mee doet dan vergeet je ze toch weer en dat is zonde van je tijd.

  • Als je ontdekt dat je geen voortgang maakt neem contact op met de docent om uit te vinden waar dit door komt.

  • Zorg ervoor dat je begrijpt hoe je werk beoordeeld zal worden.

  • Zorg dat de docent je email adres heeft. Het adres van de docent is de afkorting@isw.info bijv. cpn@isw.info is van Tineke van Cappellen.

Wat is een kunstdossier bij tekenen.

Een kunstdossier bestaat uit meerdere onderdelen.


Het theoretische deel:

Een titelpagina met daarop je naam, je leerjaar en je leerling nummer.



  • Alle afbeeldingen die je denkt voor je werk te kunnen gebruiken of die je tegen komt en “waar je wat mee hebt” bewaar je zodat je er altijd bij kunt. Dit onderdeel van je kunstdossier is je eigen beeldenbank die kan van papier zijn maar ook digitaal of een combinatie hiervan. Zet bij de afbeeldingen zoveel mogelijk gegevens zoals: bron (boek, internetsite enz.) titel van het werk en de maker als die bekend zijn, de techniek, het formaat en jaar dat het gemaakt is.

  • Een procesverslag. Hierin vermeld je heel precies wat je doet of wat je van plan bent. Je schrijft op wat wel en niet gelukt is en wat je wilt bereiken. Dit procesverslag is een belangrijk onderdeel bij het beoordelen van je vooruitgang.

  • Alle theoretisch informatie die hebt opgezocht en hoe je dit verwerkt hebt of waarom je dit hebt opgezocht of wat je eraan hebt gehad enz. Je kunt in (beperkte) mate kopiëren en printen in de mediatheek je naam staat op de lijst van “kunstleerlingen”. Voor kleurenafdrukken moet je even een briefje halen bij je docent.

  • Alle informatie die bij de opdrachten hoort die je op school of via de mail ontvangt. Deze stencils dus!!!

Het praktische deel:

Een persoonlijke omslag met daarop je naam, je leerjaar en je leerling nummer.



  • Alle schetsen en oefeningen die je voor een bepaalde opdracht hebt gemaakt in logische volgorde.

  • Alle eindwerkstukken of wat daar voor door mag gaan.

  • Verdere relevante informatie voor de opdracht.

In de studiewijzer kun je zien wanneer je een onderdeel in moet leveren. Te laat is funest, onmogelijk, bestaat niet!

Opdrachten bij de periode kunst en religie 11de tot de 15de eeuw.

Maak één keuze uit de volgende eindopdrachten.

  1. Maak een beeldverhaal (verhaal dat bestaat uit meerdere beelden die samen één geheel vormen) op de manier waarop in de middeleeuwen de verhalen duidelijk werden verbeeld aan de niet geletterde burgers. Je onderwerp is een volkssage (bijv. zoals uit “Een broodje Aap”).

  2. Illustreer een (volks)verhaal (of een gedeelte hieruit) waarin fantasiefiguren een belangrijke rol spelen op een manier zoals dit in de middelleeuwen gebruikelijk was.

  3. Illustreer een volkssage (of een gedeelte hieruit) in decoratieve technieken zoals de illustratoren in de middeleeuwse kloosters dit deden.

  4. Maak een kalender voor de verschillende jaargetijden n.a.v. een stijl die in de middeleeuwen gebruikelijk was.

Met de groep maak je een opdracht die volgt later. Bij de lessen krijg korte oefeningen in materiaal verwerking, technieken, enz.

Doelen van de opdrachten:



  1. Er is gebruik gemaakt van de fantasie

  2. Er is een verhalend element verbeeld

  3. Er is gebruik gemaakt van de kennis van de kleurenleer

  4. Er is gebruik gemaakt van lichteffecten

  5. De toegestane ruimte is goed verwerkt en logisch gebruikt

  6. Het werkstuk ziet er representatief uit

  7. Het werkstuk is op het niveau van een 1ste opdracht tekenen havo 4

  8. Er is voortgang in het proces

  9. De technieken zijn goed gebruikt en onderzocht

  10. De leerling heeft zijn eigen opdracht geëvalueerd

Oefeningen bij deze opdracht:

Kleur


Ruimte

Vervorming

Letters

Samenwerken


Specifieke technieken die iedereen moet doen:

Verf


Pen en inkt





Tekenen Periode 1 Havo 4

Opdracht: Spel

Jullie gaan met deze opdracht met z’n allen samenwerken. Het is de bedoeling dat jullie een Middeleeuws variant maken van de Party en Co XXX (zie blad 3). Jullie beslissen aan de hand van de voorwerpen/onderdelen voor het spel, wie wat gaat doen. Min. 2 personen per voorwerp/onderdeel. Zowel de vorm als de uitvoering is tot in de details Middeleeuws.


Het spel is opgebouwd uit minimaal 10 verschillende onderdelen. Deze onderdelen zijn VERPLICHT. Jullie mogen in de uitvoering, zelf nog extra onderdelen enz. toevoegen.


  1. Speelbord met Startpunt en Eindpunt

  2. 4 tot 6 pionnen

  3. Tekenopdrachten

  4. Meerkeuzen vragen

  5. Beeldende opdrachten

  6. Punten die spelers letterlijk kunnen vasthouden

  7. Spelregels

  8. Verpakking/doos met de titel van het spel

De bedoeling is, dat jullie een leuk doorlopend spel maken. Daarin zijn jullie vrij in het uitvoeren, vormgeven en de materiaal keuze voor de uitvoering van het spel.


Je houd persoonlijk bij wat je doet of bijdraagt aan het spel. Achteraf moet jij een klasgenoot behoordelen.
Je wordt beoordeeld als groep, maar ook beoordeeld per leerling:

Per groep:



  1. Hoe hebben jullie als groep samengewerkt?

  2. Hoe is het proces verlopen?

  3. Hoe is het spel afgewerkt. (hoe ziet het eruit, er wordt gekeken naar vormgeving)

  4. Kan het spel gespeeld worden?

  5. Zijn de vragen inhoudelijk genoeg?

  6. Wat voor materialen en hoe zijn die gebruikt?

  7. Is het spel duidelijk te volgen (snapt de speler wat er van hem/haar wordt verwacht?)

  8. Originaliteit van de uitvoering.

Per leerling



  1. Wat heb jij bijgedragen binnen de groep?

  2. Hoe heb je binnen de groep gefunctioneerd?

  3. Je persoonlijke evaluatie en beoordeling.

Duur : week 21 en 2.2. presentatie week 2.3.



http://www.goed-speelgoed.nl/winkel/images/party&co%2020%20century%20game%20nr.%2010021-02%20open%20(winkel).jpg
Party & Co Junior

(maar je heb verschillende uitvoeringen hiervan.)

Doel van het spel: In elk van de 5 hoofdvakjes 1 opdracht correct uitvoeren om punten te kunnen behalen en vervolgens doorgaan naar het eindvak om de eindopdracht te vervullen. Er worden teams gemaakt.

Het grote speelbord toont een parcours dat een beetje lijkt op het bord van Trivial Pursuit. De pionnen van de spelers (teams) starten in het centrum (start) en al dobbelend verplaatsen ze zich over de verschillende vakjes. Het symbool op het vak waar de pion eindigt, bepaalt welke soort opdracht door het team aan de beurt moet uitgevoerd worden. Er zijn 400 kaarten met 2000 verschillende opdrachten voorzien.



Er zijn 5 categorieën en regels:

  1. Meerkeuzevragen: bij een meerkeuze vraag moet je een van de vier gegeven antwoorden kiezen.

  2. Open vragen: bij een open vraag moet je met je team een antwoord bedenken.

  3. Stellingen: bij een stellingen kan je kiezen uit twee antwoorden: ja of nee.

  4. Tekenen: je tekent op een bord (o.i.d.) wat op het kaartje staat, de zandloper geeft aan hoelang je er over mag doen.

  5. Uitbeelden: je beeld zonder iets te zeggen een woord uit, de zandloper bepaalt ook hier hoelang je er over mag doen.







Tekenen Periode 2 Havo 4


Opdrachten bij de periode kunst en opdrachtgever 17de eeuw burgerlijk cultuur in Nederland.
Maak een keuze uit de volgende 5 opdrachten.

  1. IN het begin van de 20ste eeuw ontstond de stroming het surrealisme. Twee belangrijke Spaanse kunstenaars uit deze stroming Dali en Miro waren zeer geïnteresseerd in het werk van de 17de eeuwse Nederlandse meesters. Zij verwerken letterlijk schilderijen van Vermeer in hun eigen werken. Bestudeer daarvoor hoe Dali en Miro dit deden. Verwerk zelf een ‘ schilderij’ van een 17de eeuwse meester of een moderne afbeelding. Je eindresultaat is ‘realistisch’. Jouw werk heeft (o.a.) de titel van het originele schilderij.

  2. De Nederlandse schilders uit de zeventiende eeuw specialiseren zich in een vijftal schilderkunstige genres: historiestuk, portret, stilleven, landschap en portret. Zoek uit wat deze genres inhielden en waarom ze waren ontstaan. Bedenk nu een nieuw genre wat meer past bij deze tijd of past bij jou als persoon. Verwerk het door jouw bedachte genre in een afbeelding en geef deze een passende titel. Een voorwaarde is dat het eindresultaat realistisch is.

  3. In deze zeventiende eeuw werd er door Nederlandse schilders veel symboliek gestopt in hun schilderijen, o.a. in stillevens. Onderzoek welke symbolen er veel gebruikt werden in die tijd en waar ze voor stonden. Verzin nu zelf nieuwe diepe betekenissen voor bestaande voorwerpen. Maak een realistische afbeelding waarin deze voorwerpen voorkomen. Geef je werk een passende titel.

  4. Maak een realistische afbeelding of serie afbeeldingen van verschillende ruimtes die je achter en in elkaar ziet, de zogenaamde doorkijkjes. Onderzoek eens hoe Vermeer of Jan Steen of andere genre schilders uit de 17de eeuw dit in hun werk deden. Zorg dat wat als doorkijk te zien is een extra lading geeft aan de opdracht, dus bijv. verrassend, iets verduidelijkt, er in iets verborgen blijkt enz. geef je werk een passende titel.

  5. IN de 17de eeuw waren de schilders ‘ wereldberoemd’ door het gebruik van een speciaal licht in hun werk. Dit wordt ‘ Hollands licht genoemd’ . Eigenlijk is dit licht niet echt Hollands. Onderzoek waar dit licht wel vandaan komt en hoe ze dit toepasten. Maak ene realistisch landschapschilderij waarin je het Hollands licht verwerkt zoals de 17de eeuwse meesters dit deden. Geef je werk een passende titel.

Bij alle opdrachten is de materiaalkeuze vrij!


Maak met een ander klasgenoot de volgende 2 opdrachten:

  • Maak een sfeer portret van een medeleerlingen door middel van fotografie met gebruik van extreme licht effecten. Bedenk dus wat voor sfeerbeeld je wilt bereiken, je kan bijvoorbeeld het karakter van je medeleerling proberen weer te geven.

  • Bekijk schilderijen van Rembrandt van Rijn of Caravagio een Italiaanse schilder uit de 17de eeuw. Beide probeerden ook een sfeer bereiken met het licht. Zoek ook naar schilders en/of fotograven van nu en probeer een portret van een van hen te evenaren in fotografie.

Tijdens de lessen krijg je opdrachten.

Doelen van de opdrachten (tijdens de lessen, huiswerk opdrachtne en gekozen einopdracht):


  1. Er is gewerkt naar de aanschouwing.

  2. Er is gebruik gemaakt van ruimtewerking en ruimte suggestie.

  3. Er zijn geëxperimenteerd met standpunten.

  4. Er is gewerkt met veel oog voor detail.

  5. De toegestane ruimte is goed verwerkt en logische gebruikt.

  6. Er is geëxperimenteerd met licht effecten.

  7. Het eindwerkstuk(ken) is realistisch.

  8. Elk werkstuk ziet er representatief uit.

  9. Het eindwerkstuk is op het niveau van een 2de opdracht tekenen Havo 4.

  10. Er is voorgang in het proces.

  11. De technieken zijn goed gebruikt en onderzocht.

  12. De leerling heeft zijn eigen opdracht goed geëvalueerd.

Oefeningen bij deze opdracht:

Kleur Tonaliteit, Hollands licht

Ruimte Doorkijkjes, stilleven, lijnperspectief

Vormwerking Lineair, picturaal

Samenwerken

Verf

Fotografie


Oefening thuis:

  1. Maak een zelfportret en presenteer dit aan de groep.

  2. Maak een doorkijk van meer dan 2 ruimtes en presenteer dit aan de groep.

  3. Maak een stilleven en presenteer dit aan de groep.

  4. Maak een landschap en presenteer dit aan de groep.

  5. Maak een promotioneel voorwerp voor de VVV presenteer dit aan de groep.

Oefeningen op school:

Potlood

Fotografie



Verf

Krijt


Houtskool
Theoretisch onderdeel
Deel 1 toetsen
Minimaal kennen uit ‘Beeldende begrippen’:

Blz. 19 Barok.

Bijna heel hoofdstuk 3 Voorstelling blz. 30. 31, 32, 33, 34, 35, 36, 38 en 39.

H4 Vorm blz. 43, 44, 45 en 46.

H4 Ruimte blz. 64, 66, 67, 68, 69, 70 en 71.

H4 Licht blz. 74, 75, 76 en 77.

H5 Technieken blz. 85, 86, 87, 89, 91 en 92.

H6 Fotografie helemaal (4 bladzijden)

Compositie

Perspectief

Genres 17de eeuw
Dit deel wordt schriftelijk getoetst in de 2de en 4de bufferweek.
Deel 2 Onderzoek

Wat moet heiruit blijken:



  • Inzicht in en kennis hebben van kunst uit Nederland in de 17de eeuw.

  • Inzicht in en kennis hebben van hebben in fotografie van portretten enz. aan het eind van de 20ste eeuw.

Hoe komt de docent achter jou kennis en inzicht.



  • Dit wordt duidelijk uit wat je mondeling weet te melden en je over je eigen werk en andermans werk.

  • Dit wordt duidelijk uit wat je schrijft in je kunstdossier over je werk (les, huiswerk opdrachten, je schetsen en oefeningen voor je eindwerkstuk en je inspiratiebron).

  • Je etaleert kennis voer de 17de eeuw Nederlandse kunst en fotografie in een geschreven onderzoek dat relevant is voor eindewerkstuk. Je onderwerpen zijn gekozen in overleg met de docent.






Tekenen Periode 2 Havo 4


Hollands licht kijkopdracht

Jullie krijgen allemaal een boek voor je met een kunstenaar. Al deze kunstenaars (ook van jullie klasgenoten) zijn beïnvloed door het ‘Hollandse licht ‘of werken met het ‘Hollandse licht’. Je mag een willekeurig werk uitzoeken van de kunstenaar, die te maken heeft met het Hollandse licht.


De kijkvragen die jullie moeten beantwoorden zijn:

  1. Wat is het onderwerp?

  2. Wat voor kleuren worden gebruikt?

  3. Waar word je oog naar ‘toegenomen?’

  4. Welke compositie wordt er gebruikt?

  5. Hoe wordt de lucht geschilderd?

  6. Hoe schildert de kunstenaar? Dikke strepen, dunne strepen enz.

  7. Wat valt je op aan het schilderij? Hoe komt dat denk je?

Werk 3 werken van verschillende kunstenaars of dezelfde kunstenaar op deze manier uit.


Tijdsduur: 30 min

Doel: Leren kijken naar een schilderij

Anders naar een schilderij kijken

1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   ...   16

  • Genres Potlood Compositie
  • Periode 3 Havo 4 Data en bijzonderheden
  • Bufferweek 4 SO. 2 beeldend Havo 4
  • Onderwerp de opdrachten Tekenen Periode 1 Havo 4
  • De boeken voor de kunstvakken.
  • Hoe kun je behalve door hard te werken de doelen bereiken
  • Wat is een kunstdossier bij tekenen.
  • Opdrachten bij de periode kunst en religie 11 de tot de 15 de eeuw. Maak één keuze uit de volgende eindopdrachten.
  • Tekenen Periode 1 Havo 4 Opdracht: Spel
  • (maar je heb verschillende uitvoeringen hiervan.)
  • Meerkeuzevragen
  • Tekenen Periode 2 Havo 4 Opdrachten bij de periode kunst en opdrachtgever 17 de
  • Theoretisch onderdeel Deel 1 toetsen Minimaal kennen uit ‘Beeldende begrippen’
  • Tekenen Periode 2 Havo 4 Hollands licht kijkopdracht

  • Dovnload 0.78 Mb.