Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Startbewijs voor verkenning Versterking samenwerking tussen ggd en vru

Dovnload 51.51 Kb.

Startbewijs voor verkenning Versterking samenwerking tussen ggd en vru



Datum30.10.2018
Grootte51.51 Kb.

Dovnload 51.51 Kb.


16 februari 2011
Startbewijs voor verkenning
Versterking samenwerking tussen GGD en VRU

Op 1 oktober 2010 is de Wet veiligheidsregio’s (Wvr) in werking getreden. Een wijziging van de Wet publieke gezondheid (Wpg) ligt nu voor bij de Eerste Kamer. De wetten hebben raakvlakken met elkaar en hebben als zodanig gevolgen voor de domeinen publieke gezondheid en veiligheid. Deze gemeentelijke taken zijn belegd bij de GGD Midden-Nederland, de GG&GD Utrecht en de Veiligheidsregio Utrecht.

Daarnaast heeft de economische crisis financiële gevolgen voor gemeenten en dus ook voor gemeenschappelijke regelingen als GGD Midden Nederland en de VRU. Deze organisaties zien zich, net als gemeenten, gesteld voor een (structurele) bezuinigingstaakstelling.

Bestuurlijke verkenning

De Dagelijks Besturen van de Veiligheidsregio Utrecht en de GGD Midden-Nederland hebben eerder besloten gezamenlijk de gevolgen van de wetgeving en de bezuinigingen te verkennen en met elkaar na te denken over mogelijke oplossingen. Ook het college van B&W van de gemeente Utrecht heeft aangegeven graag te willen deelnemen aan het gesprek. De gemeente Utrecht oriënteert zich op de vraag hoe taken nog efficiënter en effectiever kunnen worden uitgevoerd. Daarbij past ook de discussie over de samenwerking tussen VRU en GGD, waarbij meerdere oplossingsmogelijkheden denkbaar zijn.


Op 10 december 2010 heeft een eerste verkennend gesprek plaatsgevonden. Deelnemers aan het gesprek waren: 
GGD Midden-Nederland:

  • Jaap Verkroost, voorzitter

  • Nicole Teeuwen, wethouder Houten

  • Henk Kruisselbrink, secretaris/directeur


 Gemeente Utrecht:

  • Victor Everhardt, wethouder

  • Hetty Linden, directeur GG&GD Utrecht


 VRU:

  • Aleid Wolfsen, voorzitter

  • Lucas Bolsius, burgemeester Amersfoort

  • Cor Lamers, burgemeester Houten

  • Hans Wink, secretaris/algemeen directeur

  • Adriaan Buitink, hoofd stafafdeling BJZC

 Koos Janssen (burgemeester Zeist) heeft het gesprek voorgezeten.



Gevolgen wetgeving voor GGD en Veiligheidsregio: enkele noties

  • Schaalvergroting

Schaalvergroting, congruentie en ongedeelde verantwoordelijkheden (waar het bijvoorbeeld gaat om grootschalige infectieziektebestrijding) zijn belangrijke kernwoorden. De Wvr en Wpg bevorderen het multidisciplinair samenwerken tussen de witte kolom, de brandweer en politie voor de voorbereiding op en bestrijding van crises en calamiteiten.

Vanwege de samenhang van verantwoordelijkheden wordt landelijk uitgegaan van een congruentie van regio’s van GGD (nu 28) en veiligheidsregio’s (25). Voor de regio Utrecht zou dit dan concreet betekenen dat de intensiteit van samenwerking tussen GG&GD Utrecht en GGD Midden- Midden-Nederland om die reden onderzocht zal worden.




  • Bestuurlijke aansturing

Het college van burgemeester en wethouders is belast met de organisatie van de brandweerzorg, rampenbestrijding en crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening. De burgmeester heeft het gezag bij (dreiging) van rampen en crises en de dagelijkse infectieziektebestrijding. De voorzitter van de veiligheidsregio heeft doorzettingsmacht bij gemeentegrensoverschrijdende crises, zoals bij grootschalige infectieziektebestrijding.

De burgemeesters vormen het algemeen bestuur van de veiligheidsregio.

Het college van B&W is verantwoordelijk voor de publieke gezondheid met inbegrip van de organisatie van de infectieziektebestrijding. De portefeuille publieke gezondheid is veelal belegd bij één van de wethouders.

Hoewel de minister van VWS de nationale leiding heeft bij de bestrijding van infectieziekten die (kunnen) uitgroeien tot epidemieën, ligt de bestuurlijke aansturing in de regio bij de voorzitter van de veiligheidsregio. Zo is de concreet de VRU, samen met de GGD, verantwoordelijk voor de uitvoering van de daadwerkelijke bestrijding.

De voorbereiding op grootschalige infectieziekte-uitbraak ligt om die reden ook bij het bestuur van de veiligheidsregio. De minister van VWS kan zonodig aanwijzingen geven aan het bestuur van de veiligheidsregio.

Verankering zal plaatsvinden in het vierjaarlijkse regionale crisisplan dat door het bestuur van de veiligheidsregio wordt vastgesteld.




  • Directeur GHOR en directeur publieke gezondheid

Met de Wvr valt de GHOR organisatie onder de verantwoordelijkheid van het bestuur van de veiligheidsregio. De directeur GHOR (voorheen RGF) geeft leiding aan de GHOR. In de Wvr staat ook dat deze directeur deel uitmaakt van de directie van de GGD.

De dagelijkse publieke gezondheid (GGD) en opgeschaalde taken (GHOR) zijn met elkaar verbonden (coördinatie en uitvoering). Te denken valt aan infectieziektebestrijding en milieu-incidenten. De bestuurder zou te maken kunnen krijgen met twee adviseurs (directeur GHOR en directeur GGD / arts infectieziekten). Om tegenstrijdige advisering te voorkomen wordt in de Wpg de directeur publieke gezondheid geïntroduceerd, een éénhoofdige leiding van GGD en GHOR. De benoeming van de directeur publieke gezondheid geschiedt door het algemeen bestuur van de GGD, in overeenstemming met het bestuur van de veiligheidsregio. Deze directeur wordt namens het bestuur van de veiligheidsregio verantwoordelijk voor het maken van afspraken met de (private) zorgketen.




  • Efficiency en effectiviteit

Een doelmatige en doeltreffende organisatie van de brandweerzorg, geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen, rampenbestrijding en crisisbeheersing onder één regionaal bestuur: dat regelt de Wet veiligheidsregio’s (Wvr). Door de gecoördineerde aanpak zijn hulpverleningsdiensten beter en gemakkelijker aan te sturen.

Gevolgen economische crisis

Als gevolg van de economische crisis worden, naast gemeenten, ook gemeenschappelijke regelingen de komende jaren geconfronteerd met bezuinigingstaakstellingen. Voor de begroting 2011 wordt bij de Veiligheidsregio Utrecht (VRU) en de GGD Midden-Nederland (GGD MN) al uitgegaan van een bezuiniging van 5%. Verdere bezuinigingen worden niet uitgesloten. Beide gemeenschappelijke regelingen willen voorkomen dat deze bezuinigingen negatieve gevolgen hebben voor de primaire taken en zoeken een vorm van samenwerking ter verbetering van hun doelmatigheid en doeltreffendheid.


Motivatie/drijfveren/aandachtspunten

Het is van belang dat – gelet op vorenstaande noties en ontwikkelingen – voor de gemeenten de publieke gezondheid en veiligheid zo optimaal mogelijk worden georganiseerd en geborgd. Dit stond dan ook centraal in het verkennende gesprek dat op 10 december 2010 heeft plaatsgevonden. De deelnemers hebben hun drijfveren en motivatie, waarmee zij het gesprek zijn ingegaan, kenbaar gemaakt. Belangrijkste elementen die werden genoemd waren:



  • De discussie moet vooral vanuit de inhoud worden gevoerd. Multidisciplinaire samenwerking is belangrijk, maar met respect voor de eigenheid van organisatieonderdelen en gebiedskennis;

  • Onderkenning krachtenbundeling bij de ondersteunende functies (PIOFACH);

  • Zoeken naar mogelijkheden om kosten te besparen;

  • De wettelijke eisen maken dit overleg nodig en gewenst;

  • Hoewel in artikel 32 van de Wvr staat dat ‘de GHOR onder leiding staat van een directeur die deel uitmaakt van de directie van de GGD’, is het - gelet op de organisatiedoelstellingen van de nieuwe VRU – wat de VRU betreft niet aan de orde de GHOR onder te brengen bij de GGD;

  • De functie ‘directeur publieke gezondheid’ moet er komen en dient helder en herkenbaar te worden belegd;

  • De samenwerking kan in het belang van de burger en de gemeenten nog verder worden versterkt. Met andere woorden: de wetgeving en de bezuinigingen als kans;

  • Wat verwacht de burger;

  • Er is behoefte aan een heldere beschrijving van de relatie tussen de GGD, als onderdeel van de witte kolom, en de VRU;

  • Hoe organiseer je de raakvlakken tussen GGD en VRU, maar ook de verschillen;

  • Kiezen voor pragmatische aanpak; meerdere oplossingen denkbaar;

  • In staat zijn ‘Out of the box’ te denken en te doen;

  • Het is belangrijk de bestuurlijke samenwerking en inbedding goed te regelen;

  • Betrokkenheid van de (lokale) besturen. De wethouder volksgezondheid moet positie houden en bestuurlijk invloed hebben;

  • Onderzoeken waar grootste risico’s zitten voor wat betreft organisatie, bevoegdheden etc.;

  • Herkenbaar positioneren van de figuur ‘directeur publieke gezondheid’;

  • De samenwerking moet worden versterkt;

  • De bedrijfsvoering dient efficiënt te geschieden.



Opdracht

Gelet op de recente ontwikkelingen in de wetgeving, met name de Wet veiligheidsregio’s en de wijziging van de Wet publieke gezondheid en in het licht van aanzienlijke bezuinigingsopgaven bij gemeenten, staan de 26 Utrechtse gemeentebesturen gezamenlijk voor de vraag op welke wijze hun taken op het gebied van de openbare veiligheid en de openbare gezondheid in de door de wetgever bedoelde samenhang doeltreffend en doelmatig kunnen worden uitgevoerd.

Gemeentebesturen pakken dit vraagstuk op vanuit de besturen van de Veiligheidsregio, GG&GD Utrecht en GGD Midden-Nederland, die daartoe een stuurgroep verkenning instellen. Deze stuurgroep verkent mogelijkheden binnen het gegeven wettelijk kader, ontwikkelt alternatieven voor de bestuurlijke en organisatorische inrichting van samenwerkingsvormen op het gebied van de openbare veiligheid en gezondheid en legt deze voor aan de betrokken besturen. De besturen zelf leggen vervolgens een eensluidend voorstel aan de gemeentebesturen voor.
Samenstelling stuurgroep verkenning:
Voorzitter:

Dhr. K. Janssen, burgemeester Zeist


Veiligheidsregio Utrecht:

Dhr. A. Wolfsen, voorzitter

Mevr. R. Westerlaken
GG&GD Utrecht:

Dhr. V. Everhardt, wethouder Utrecht


GGD Midden-Nederland:

Dhr. G. Boeve, vice-voorzitter of nieuwe voorzitter

Mevr. N. Teeuwen
Secretaris:

Dhr. A. Buitink, VRU


De stuurgroep wordt ambtelijk ondersteund door:

Dhr. H. Wink, secretaris / directeur veiligheidsregio Utrecht

Mevr. H. Linden, directeur GG&GD Utrecht

Dhr. H. Kruisselbrink, secretaris / directeur GGD Midden-Nederland




Routeplanner

Wat Wie Wanneer


Startbewijs Koos Janssen, drie directeuren 16 februari 2011

+ concept opdracht


Bestuurlijke opdracht tot verkenning begin maart 2011
Uitwerken opdracht Koos Janssen, drie directeuren maart 2011
Bespreken schets Stuurgroep verkenning mei 2011
Nadere voorstellen Stuurgroep  besturen VRU/GGD mei/juni 2011

Besluitvorming Besturen Voor 1 juli 2011






  • Startbewijs voor verkenning Versterking samenwerking tussen GGD en VRU
  • Bestuurlijke verkenning
  • Gevolgen wetgeving voor GGD en Veiligheidsregio: enkele noties
  • Gevolgen economische crisis
  • Motivatie/drijfveren/aandachtspunten

  • Dovnload 51.51 Kb.