Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Stuurgroep Passend onderwijs cnv onderwijs Inleiding

Dovnload 38.42 Kb.

Stuurgroep Passend onderwijs cnv onderwijs Inleiding



Datum16.02.2019
Grootte38.42 Kb.

Dovnload 38.42 Kb.

Stuurgroep Passend onderwijs CNV Onderwijs

Inleiding

In het kader van de verenigingsvernieuwing heeft de AV in het najaar van 2009 besloten tot de instelling van een Stuurgroep Passend onderwijs. De stuurgroep zal gaan functioneren op het snijvlak van de sectoren primair onderwijs, voortgezet onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs/agrarisch onderwijs en onderwijsdienstverlening. Hoger beroepsonderwijs (opleiding leraren) kan desgewenst ook betrokken worden.


De inhoud van de stuurgroep

Taak van de stuurgroep is het organiseren (in de breedste zin van het woord) van activiteiten voor de leden die zich betrokken voelen bij het bovensectorale thema passend onderwijs. Het moet daarbij gaan om: het monitoren van ontwikkelingen aan de basis (wat gebeurt daar om passend onderwijs te realiseren?); het bieden van allerlei vormen van reflectie en communicatie aan leden over hetgeen zich aan het ontwikkelen is; het waar mogelijk/wenselijk beleidsvoorstellen ontwikkelen die faciliterend werken voor leden in het primaire proces.


De stuurgroep en haar belanghebbenden zijn eveneens een denktank voor het thema passend onderwijs. Er mag van uit worden gegaan dat onder de belanghebbenden bij de stuurgroep bij uitstek de praktijkexperts zitten rond dit thema. Dat maakt ook dat beleidsvorming vanuit CNV Onderwijs rond wet- en regelgeving passend onderwijs met praktische input gevoed kan worden vanuit de stuurgroep (klankbordfunctie). Het speciaal onderwijs neemt binnen de stuurgroep een speciale positie in. De stuurgroep is gericht op het geven van onderwijs op maat aan alle leerlingen.

De thema’s en (leden)activiteiten van de stuurgroep

  • Relatie regulier en speciaal onderwijs

  • Ambulante begeleiding, interne begeleiding en remedial teaching

  • Relatie onderwijs en zorgsector

  • Medezeggenschap

  • Positie van ouders

  • Ondersteuningsprofielen

  • Basiszorg

  • Professionalisering/ondersteuning leraren

  • Zorgplicht

  • Lerarenopleidingen (benaderen en zorgen dat zij passend onderwijs in hun curriculum meenemen)

  • Wat kan er beter bij passend onderwijs? (good/bad practices)

  • Zevenpuntenplan Passend onderwijs



Wat doet de stuurgroep met en voor de leden?

De activiteiten zijn gericht op organisatie-/beleidsontwikkeling en op de beroepsinhoud en de persoonlijke ontwikkeling. Te denken valt hierbij aan (digitale) klankbordgroepen, studiebijeenkomsten, congressen, en publicaties/nieuwsbrieven.



De structuur van de stuurgroep

De stuurgroep kan bestaan 5 tot 9 leden vanuit de achterbannen van de sectoren po, vo en odv. Het in 2010-2011 door het VB vastgestelde huishoudelijk reglement beperkt dit aantal tot 5 met mogelijke uitbreiding tot 6. Eventuele aspirant-leden kunnen worden toegevoegd na overleg met de penningmeester. Bij voorkeur wordt bij de samenstelling van de stuurgroep gelet op een evenwichtige vertegenwoordiging vanuit de achterban.


Leden van CNV Onderwijs kiezen op grond van hun persoonlijke kennis en/of belangstelling ervoor belanghebbende te zijn voor de activiteiten van de stuurgroep. In juni 2012 vinden er verkiezingen plaats voor een definitieve samenstelling van de Stuurgroep Passend onderwijs.

Daartoe stelt het voorlopige bestuur van de Stuurgroep Passend onderwijs een profiel op waaraan alle leden van de Stuurgroep moeten voldoen. Voor de voorzitter, de secretaris en de penningmeester zijn de taken vastgelegd in het reglement van de stuurgroep.


Profiel definitief lid Stuurgroep Passend onderwijs CNV Onderwijs
Elk stuurgroeplid passend onderwijs kan inspelen op vragen die leven in de markt van het primair, voortgezet en speciaal onderwijs en (middelbaar)beroepsonderwijs. Het specialisme daarbij is passend onderwijs. Op dit terrein is het stuurgroeplid zeer goed thuis, overziet de ontwikkelingen landelijk en op alle niveaus van bestuur, directie en leraar. Ten aanzien van passend onderwijs beschikt elk stuurgroeplid aantoonbaar over een theoretisch volle rugzak èn over het vermogen om de theorie concreet te vertalen naar een specifieke, praktijksituatie. Daarbij wordt van een stuurgroeplid verwacht dat deze met een helikopterview de landelijke ontwikkelingen beschouwt en minder vanuit de eigen praktijksituatie. De visie van de Stuurroep is om passend onderwijs niet geïsoleerd van andere ontwikkelingen op te pakken. De Stuurgroep is er warm voorstander van om passend onderwijs systemisch en geïntegreerd vorm en inhoud te geven binnen de scholen.
Functie-eisen:

  • Een post-HBO werk- en denkniveau met een uitstekende achtergrond die verwijst naar theoretische en praktische verwevenheid met het thema Passend onderwijs.

  • Een uitstekende netwerker, een teamspeler in de stuurgroep, die verbanden kan leggen tussen de praktijk en de dossiers passend onderwijs.

  • Een grote zelfstandigheid, innovatief en ondernemend vermogen om voor en door de leden activiteiten te organiseren en te laten organiseren.

  • Een uitstekende mondelinge en schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid die zich kenmerkt in het schrijven van artikelen, het geven van presentaties of de vertegenwoordiging van de Stuurgroep Passend onderwijs namens CNVO.

  • Actief werkzaam in één van de betrokken werkvelden.

  • Bereid om de doelen van CNV Onderwijs binnen dit thema gedurende vier jaar actief uit te dragen.



Persoonlijkheid


  • Een stuurgroeplid Passend onderwijs is dagelijks betrokken door snelle reacties op e-mail, beleidstukken en verzoeken vanuit de organisatie.

  • Een stuurgroeplid voelt zich hierin een betrouwbare partner naar de stuurgroepleden, bestuursleden en leden CNV onderwijs toe, door adequate reacties, men kan bouwen op een stuurgroeplid.

  • Een stuurgroeplid kan gedegen analyses van actueel beleid combineren met krachtige voorstellen, oplossingen of presentaties naar buiten toe.

  • Een stuurgroeplid kan boven de eigen expertise vanuit het eigen werkveld uitstijgen door met helikopterview landelijk beleid en expertise tevens te koppelen aan de onderwijskwaliteit.

  • Met een actief dienende functie in het onderwijsveld werkt u aan verder binnen de verenigingen aan professionalisering en kunt u reflecteren op uzelf, op de andere stuurgroepleden en op beleid binnen de vereniging.

  • U als stuurgroeplid bent een echte teamspeler die graag zijn expertise en kijk op actueel beleid deelt met uw stuurgroepleden, de bestuursleden maar belangrijker nog met het hele onderwijsveld.

  • Een stuurgroeplid kan luisteren naar de leden en met hen het gesprek aan gaan over actuele zaken, daardoor blijft hij op de hoogte van wat er leeft en kan deze input verwerken in feedback naar beleid en andere stuurgroepleden toe.

  • Een stuurgroeplid kan planmatig werken, wil en kan bijeenkomsten en activiteiten voor de leden organiseren.

  • Voor de werkzaamheden van de stuurgroep zijn faciliteiten beschikbaar. Op dit moment krijgt elk stuurgroepslid twee faciliteiten (1 faciliteit is 1 klokuur per week). Dit houdt in dat werkzaamheden die noodzakelijkerwijs onder werktijd plaats vinden worden gecompenseerd naar de werkgever, overige inzet is eigen tijd (norm: per verstrekte faciliteit minimaal een gelijk aantal uren. Voor bepaalde incidentele werkzaamheden kan gebruik gemaakt worden van bepalingen uit diverse CAO’s.


Relatie profiel en vrijwilligersbeleid CNV Onderwijs.

Op bovenstaand profiel is het vrijwilligersbeleid van CNVO van toepassing dat in het najaar van 2011 door het Verenigingsbestuur is geaccordeerd. CNV Onderwijs is een vereniging met een beperkt aantal gekozen vrijwilligers en een veel grotere groep niet gekozen vrijwilligers die zich in meer of mindere mate, structureel of niet structureel, actief inzetten voor CNV Onderwijs. De vereniging als thermometer, die informatie doorgeeft vanaf de werkvloer, de scholen in gaat om zichtbaar te zijn en daar vrijwilligers organiseert en leden bindt en boeit. Daarbij is een nieuwe werkwijze geïntroduceerd, waarin planmatig wordt gewerkt, doelen worden gesteld en plannen concreet worden gemaakt met behulp van activiteitenplannen.


Doelstellingen vrijwilligersbeleid

Het vrijwilligersbeleid kent drie doelstellingen:




  1. Expertise uit het veld benutten

De inhoudelijke kennis die nodig is om beleid te ontwikkelen binnen CNV Onderwijs zit voor een groot deel bij de leden zelf. De leden van CNV Onderwijs worden als vrijwilliger betrokken bij bijvoorbeeld denktanks en werkgroepen om kwalitatief goed beleid te ontwikkelen.


  1. Vrijwilligers dragen bij aan bereiken doelen CNV Onderwijs

Naast de inzet van de medewerkers van de werkorganisatie is de inzet van vrijwilligers gewenst en nodig om al het werk binnen CNV Onderwijs te verzetten. Vrijwilligers die themabijeenkomsten organiseren zijn onmisbaar. Daarbij is de betrokkenheid van vrijwilligers binnen een organisatie die gebaseerd is op solidariteit bijna vanzelfsprekend.


  1. Borgen betrokkenheid en draagvlak onder de leden

CNV Onderwijs is een vereniging van en voor leden. Vanuit deze gedacht is het belangrijk dat de leden betrokken worden bij het werk van CNV Onderwijs en dat er draagvlak is voor hetgeen CNV Onderwijs doet. De vrijwilligers zijn de schakels die de leden in het werkveld en CNV Onderwijs aan elkaar verbinden.

De rol van vrijwilligers binnen CNV Onderwijs
De vrijwillige kaderleden vervullen drie belangrijke rollen binnen CNV Onderwijs. Ten eerste een makelaarsrol, waarin het kaderlid namens een verenigingsorgaan makelt tussen CNV Onderwijs en de achterban. Ten tweede een expertrol, waarin de vrijwilliger inhoudelijke expertise de organisatie in brengt. Ten derde de ambassadeursrol, waarin de vrijwilliger op locatie voor leden en niet-leden het directe aanspreekpunt is namens CNV Onderwijs.

Makelaarsrol
Verenigingsbestuur

De kaderleden in het verenigingsbestuur dragen samen met de bezoldigde bestuurders de verantwoordelijkheid voor het algemene beleid en het reilen en zeilen in de vereniging. Deze kaderleden hebben een belangrijke makelaarsfunctie tussen hun achterban en het bestuur.


Sectorraden en stuurgroepen

De kaderleden in de sectorraden en stuurgroepen vertegenwoordigen binnen CNV Onderwijs de leden in hun aandachtsgebied. Zij zijn daarbij verantwoordelijk voor het organiseren van direct contact met de leden ‘op de werkvloer’ en het vertalen van de geluiden die zij van hen horen naar beleid1. De wijze waarop ze dit organiseren is aan hen zelf om in te richten. Een sectorraad of stuurgroep kan kiezen voor het organiseren en coördineren van klankbordgroepen, denktanks, enquêtes, ledennetwerken, bijeenkomsten etc. Kortom, sectorraden en stuurgroepen vervullen een belangrijke makelaarsfunctie binnen CNV Onderwijs.


Expertrol
Commissies en werkgroepen ingesteld door het bestuur

Bij overkoepelende thema’s kunnen door het bestuur commissies en (tijdelijke) werkgroepen worden ingesteld. De kaderleden in de commissies en werkgroepen worden op basis van hun expertise en interesse benoemd om invulling te geven aan de vastgestelde opdracht.


Denktanks en werkgroepen georganiseerd door sectorraden en stuurgroepen

Sectorraden en stuurgroepen organiseren tijdelijke of structurele denktanks of werkgroepen om inhoudelijke input te leveren voor het beleid van CNV Onderwijs. Vrijwilligers worden aangetrokken op basis van hun expertise en interesse.


Klankbordgroepen en denktanks georganiseerd door beleidsmedewerkers

Beleidsmedewerkers organiseren soms zelf klankbordgroepen of denktanks om inhoudelijke input te leveren voor het beleid van CNV Onderwijs. Vrijwilligers worden aangetrokken op basis van hun expertise en interesse.


Afgevaardigden op de AV

Ook de afgevaardigde stemgerechtigden op de AV worden door stuurgroepen en sectorraden georganiseerd op basis van hun expertise en betrokkenheid.


Ambassadeursrol
Activiteitengroepen georganiseerd door sectorraden en stuurgroepen

De vrijwilligers die actief zijn in de regio met het organiseren van ledencontact/activiteiten zijn in die rol de ambassadeurs van CNV Onderwijs in de school en instelling. Er zijn verschillende activiteitengroepen actief. De stuurgroepleden Passend onderwijs organiseren informatiebijeenkomsten in de regio.


Externe vertegenwoordiging

Het bestuur, sectorraden en stuurgroepen kunnen een vrijwilliger aanwijzen als afgevaardigde in een extern overlegorgaan.



De 10 uitgangspunten van het vrijwilligersbeleid 2012
De uitgangspunten van het vrijwilligersbeleid vormen het hart van het beleid waaraan alle producten met betrekking tot vrijwilligers getoetst worden. Hierna volgen de uitgangspunten van het vrijwilligersbeleid van CNV Onderwijs.


  1. CNV Onderwijs is een vereniging van en voor de leden. Het hoogste verenigingsorgaan is dan ook de AV. De leden bepalen het beleid en dragen bij aan het behalen van de doelen van CNV Onderwijs.




  1. Een vrijwilliger zet zich altijd proactief in voor CNV Onderwijs. Denk daarbij aan sectorraden en stuurgroepen die actief informatie halen bij leden door het organiseren van een denktank en niet wachten tot de leden bij hen komen met hun verhaal of mening.




  1. Vrijwilligerswerk is vrijwillig, maar niet vrijblijvend. Voor de leden van de stuurgroep Passend onderwijs geldt dat ze nooit op eigen titel opereren, maar altijd ten behoeve van het algemene belang van het aandachtsgebied. Tegelijkertijd zijn en blijven zij zelf verantwoordelijk voor het halen van de vooraf vastgestelde doelen in het activiteitenplan.




  1. Een vrijwilliger hoeft geen eigen financiële bijdrage te doen bij de uitvoering van de vrijwilligerstaken die door CNV Onderwijs van de vrijwilliger worden gevraagd. Wanneer iemand voor CNV Onderwijs tegen betaling een opdracht uitvoert is er sprake van een contractactiviteit. Contractactiviteiten vallen buiten het vrijwilligersbeleid.



  2. Elk kaderlid die met vrijwilligers samenwerkt is verantwoordelijk voor het overbrengen van waardering voor de inzet van de vrijwilliger. Het gaat daarbij niet alleen om de schouderklop of het bedankje, maar juist ook om de persoonlijke terugkoppeling van de effecten van de bijdrage van de vrijwilliger.




  1. Vrijwilligers worden gestimuleerd om hun talenten in te zetten en te ontwikkelen. Dit komt tot uiting in bijvoorbeeld de werving van nieuwe vrijwilligers, waarbij nadrukkelijk wordt aangegeven welk talent/competentie nodig is om een taak uit te kunnen voeren.




  1. CNV Onderwijs stimuleert vrijwilligers om zich te ontwikkelen en te groeien binnen de organisatie. Het vrijwilligersnetwerk is daarmee een kweekvijver voor nieuwe kaderleden.




  1. Vrijwilligers kunnen binnen CNV Onderwijs rollen en taken afwisselen, ad hoc taken op zich nemen en krijgen de mogelijkheid om af te wisselen in de tijdsinvestering in CNV Onderwijs. Dit vraagt van CNV Onderwijs een flexibele vrijwilligersorganisatie.




  1. Een vrijwilliger kan gebruik maken van de ondersteuning van kaderleden of medewerkers uit de werkorganisatie. Deze ondersteuning is toegankelijk en maakt het mogelijk dat de vrijwilliger zo veel mogelijk zelfstandig kan opereren.




  1. Plezier en trots werken aanstekelijk en worden gevoed binnen CNV Onderwijs.

De uitgangspunten van het vrijwilligersbeleid samengevat:



  1. CNV Onderwijs is een organisatie van en voor de leden

  2. Vrijwilligers zetten zich proactief in voor CNV Onderwijs

  3. Vrijwilligerswerk is wel vrijwillig, maar niet vrijblijvend

  4. Vrijwilligerswerk kost de vrijwilliger financieel niets en levert financieel niets op

  5. De vrijwilligers krijgen persoonlijke waardering voor de inzet en over de bereikte effecten

  6. Het vrijwilligersnetwerk is een kweekvijver voor nieuwe kaderleden

  7. Het inzetten van talent wordt gestimuleerd

  8. Een flexibele organisatie maakt afwisseling van taken en in tijdsinvestering mogelijk

  9. Toegankelijk ondersteuning maakt zelfstandig opereren vrijwilliger mogelijk

  10. Het gevoel van trots en plezier om vrijwilliger te zijn wordt gevoed

De kernwoorden van het beleid zijn dan: ‘van en voor leden’, ‘proactief’, ‘wel vrijwillig, niet vrijblijvend’, financieel neutraal’, ‘waardering’, ‘kweekvijver’, ‘talent benutten’, ‘flexibele organisatie’, ‘toegankelijke ondersteuning’, ‘trots en plezier’.





1 Er vindt een voortdurende wisselwerking plaats tussen de vrijwilligers en beroepskrachten bij de voorbereiding van het beleid en de uitvoering ervan. De beroepskrachten gebruiken de kennis en ervaring van de vrijwilligers bij de standpuntbepaling. Het is de verantwoordelijkheid van de sectorraden en stuurgroepen om leden te betrekken bij het ontwikkelen van beleid.


  • De inhoud van de stuurgroep
  • De thema’s en (leden)activiteiten van de stuurgroep
  • Wat doet de stuurgroep met en voor de leden
  • De structuur van de stuurgroep
  • Profiel definitief lid Stuurgroep Passend onderwijs CNV Onderwijs
  • Relatie profiel en vrijwilligersbeleid CNV Onderwijs.
  • Doelstellingen vrijwilligersbeleid
  • De rol van vrijwilligers binnen CNV Onderwijs
  • De 10 uitgangspunten van het vrijwilligersbeleid 2012

  • Dovnload 38.42 Kb.