Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Subsidiewegwijzer voor ondernemingen

Dovnload 0.9 Mb.

Subsidiewegwijzer voor ondernemingen



Pagina12/35
Datum04.04.2017
Grootte0.9 Mb.

Dovnload 0.9 Mb.
1   ...   8   9   10   11   12   13   14   15   ...   35

Opmerking !

Ingevolge de Resolutie van de Raad van de Europese Unie en van de vertegenwoordigers van de Regeringen van de lidstaten van die Unie, verenigd in de Raad van 1.12.1997 m.b.t. een gedragscode op het gebied van de fiscaliteit van de ondernemingen, hebben die lidstaten er zich ondermeer toe verbonden de wettelijke bepalingen en administratieve gebruiken die als schadelijke fiscale concurrentie voor andere lidstaten kunnen worden aangemerkt, te ontmantelen.


Derhalve werd, mede gelet op het feit dat de noodzakelijke rechtszekerheid niet meer kan worden gegarandeerd, beslist om het hoger vermelde stelsel op te heffen.
Dit heeft tot gevolg dat reeds met ingang van 1.1.2002 geen nieuwe toepassingen van het bijzondere aanslagstelsel voor dienstencentra meer worden toegestaan.
Alternatieve regeling
Op grond van artikel 20 van de Wet van 24.12.2002 tot wijziging van de vennootschapsregeling inzake inkomstenbelastingen en tot instelling van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken, dat in werking is getreden op 1.1.2003, kan een voorafgaande beslissing worden verkregen omtrent het marktconforme karakter van de vergoeding die de betrokken onderneming wenst aan te rekenen voor het uitoefenen van haar activiteiten voor zover de voorgestelde vergoedingswijze en methode voldoende worden onderbouwd rekening houdend met de richtlijnen die door de OESO zijn uitgevaardigd. In dit kader is een uitspraak over de al dan niet toepassing van het voormelde art. 26, WIB 92, mogelijk voor zover de voorgestelde vergoedingswijze en methode voldoende worden onderbouwd.
In dit verband kan nuttig worden verwezen naar de administratieve circulaire van 28.6.1999, nr AFZ/98-0003 (Website: http://www.fisconet.fgov.be).

Aanvullende inlichtingen


Federale Overheidsdienst Financiën

Dienst van Voorafgaande Beslissingen


Wetstraat 62

1040 Brussel


Tel.: 02/237.69.40
5. VRIJSTELLING VOOR BIJKOMEND PERSONEEL VOOR WETENSCHAPPELIJK ONDERZOEK EN UITVOER


Inhoud steunmaatregel
De vrijstelling voor bijkomend personeel voor wetenschappelijk onderzoek en uitvoer is een fiscale steunmaatregel van de Federale Overheidsdienst Financiën die voorziet in een vrijstelling van de belastbare winsten tot een bedrag van 10.000,00 euro, (geïndexeerd voor het aanslagjaar 2005: 12.180,00 euro) per bijkomende aangeworven personeelseenheid die in België voltijds in een onderneming wordt tewerkgesteld voor bepaalde doeleinden.
Het bedrag van de vrijstelling wordt verhoogd tot 20.000,00 euro, (geïndexeerd voor het aanslagjaar 2005: 24.360,00 euro) wanneer de nieuw aangeworven persoon een hooggekwalificeerd onderzoeker is die in de onderneming in België wordt tewerkgesteld voor wetenschappelijk onderzoek.

Begunstigden

De vrijstelling is toepasselijk op de winst van nijverheids- handels- en landbouwondernemingen. Dit kunnen startende en bestaande kleine, middelgrote en grote ondernemingen zijn.


De vrijstelling wordt niet toegekend voor personeel tewerkgesteld door natuurlijke personen die vrije beroepen, ambten, posten of andere winstgevende bezigheden uitoefenen.

Projecten

Volgende projecten komen in aanmerking:



  • aanwerving in het kader van wetenschappelijk onderzoek;

  • aanwerving in het kader van de uitbouw van het technologisch potentieel van de onderneming;

  • aanwerving van een diensthoofd voor de uitvoer;

  • aanwerving van een diensthoofd van de afdeling integrale kwaliteitszorg.



Diversen

Indien een voltijds diensthoofd van de onderneming wordt aangesteld als diensthoofd voor de uitvoer of als diensthoofd van de afdeling integrale kwaliteitszorg wordt eveneens een vrijstelling toegekend indien de onderneming binnen de 30 dagen die volgen op die aanstelling een nieuwe voltijdse werknemer aanwerft om de vrijgekomen betrekking in te nemen.


De vrijstelling wordt toegestaan in de belastingaangifte van het boekjaar waarin de bijkomende aanwervingen plaats hadden. Wanneer een personeelslid niet meer voor de voormelde doeleinden wordt tewerkgesteld, wordt het totale bedrag van de voorheen vrijgestelde winst verminderd ten belope van het vrijgestelde bedrag waarop deze persoon oorspronkelijk recht heeft gegeven, en wordt de winst of het verlies van het belastbare tijdperk waarin het personeel niet meer wordt tewerkgesteld vermeerderd of verminderd met dat bedrag.
Het vrijgestelde bedrag of een deel daarvan dat ten gevolge van geen of onvoldoende winst niet kan afgetrokken worden, mag niet overgedragen worden naar de volgende belastbare tijdperken.

De vrijstelling voor bijkomend personeel voor wetenschappelijk onderzoek en voor uitvoer is niet cumuleerbaar met de vrijstelling voor bijkomend personeel met een laag loon.



Aanvraagprocedure

De toepassing van de belastingvrijstelling wordt afhankelijk gesteld van enerzijds de indiening van een nominatieve opgave per soort van vrijstelling (opgave 276 W1, 276 W 2, 276 W3 en 276 W4: beschikbaar op http://www.finform.be en eveneens verkrijgbaar bij de plaatselijke taxatiedienst) en anderzijds een attest op naam uitgereikt door de bevoegde instanties, afhankelijk van de gevraagde vrijstelling.


ADRESSEN VOOR DE AANVRAAG VAN DE ATTESTEN




  • Diensthoofd integrale kwaliteitszorg

a) Ingeval de onderneming 50 werknemers of meer in dienst heeft


FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie

Bestuur Kwaliteit en Veiligheid

Afdeling Accreditatie

T.a.v. de heer Jules De Windt

W.T.C.- Toren III – 5de verdieping

Simon Bolivarlaan 30

1000 Brussel

Tel.: 02/208.37.14

b) Ingeval de onderneming minder dan 50 werknemers in dienst heeft
FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie

Bestuur Kwaliteit en Veiligheid

T.a.v. de heer Guido Goyens

WTC-toren III (5de verdieping)

Simon Bolivarlaan 30

1000 Brussel

Tel.: 02/208.36.19


  • Diensthoofd uitvoer

Agentschap voor Buitenlandse Handel

Dienst Promotieacties

T.a.v. de heer Arnout Van Wittenberghe

Montoyerstraat 3

1000 Brussel

Tel.: 02/206.35.06



  • Personeel tewerkgesteld voor wetenschappelijk onderzoek of voor de uitbouw van het technologisch potentieel van de onderneming

Federaal Wetenschapsbeleid

Productie en Analyse van Onderzoek- en Ontwikkelingsindicatoren

T.a.v. de heer André Lambert

Wetenschapsstraat 8

1000 Brussel

Tel.: 02/238.36.70

Aanvullende inlichtingen


Federale Overheidsdienst Financiën

Administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit, sector directe belastingen

Centrale diensten

North Galaxy – bus 25

Koning Albert II-laan 33

1030 Brussel

Tel.: 02/336.21.11 (algemeen nummer) - 02/336.23.65

6. VRIJSTELLING VOOR BIJKOMEND PERSONEEL MET EEN LAAG LOON




Inhoud steunmaatregel
De vrijstelling voor bijkomend personeel met een laag loon is een fiscale steunmaatregel van de Federale Overheidsdienst Financiën. Inzake personenbelasting, vennootschapsbelasting en belasting van niet-inwoners kan een vrijstelling van 3.718,40 euro (geïndexeerd bedrag voor het aanslagjaar 2005: 4.530,00 euro) worden verleend per in België bijkomend tewerkgestelde personeelseenheid waarvan het bruto dag- of uurloon niet hoger is dan een bepaald bedrag. Voor de jaren 2003 en vorige mocht het bruto dag- en uurloon niet hoger zijn dan 79,82 euro of 10,51 euro; voor het jaar 2004 werden die bedragen respectievelijk op 81,69 euro en 10,75 euro gebracht.

Begunstigden

Deze steunmaatregel geldt voor nijverheids-, handels- en landbouwondernemingen die op 31 december 1997 of op het einde van het jaar waarin de exploitatie is aangevangen, als die aanvang op een latere datum valt, minder dan 11 werknemers (andere dan bedrijfsleiders) tewerkstellen. Ook beoefenaars van vrije beroepen, ambten, posten of andere winstgevende bezigheden komen in aanmerking voor deze fiscale steunverlening.



Projecten

Volgend project komt in aanmerking:



  • aanwerving van een bijkomende werknemer met een laag loon.



Diversen

De vrijstelling wordt slechts verleend op de winst of op de baten van de belastbare tijdperken die samenvallen met de jaren 1998, 1999, 2000, 2001, 2002, 2003, 2004, 2005, 2006 en 2007 of, wanneer de boekhouding niet per kalenderjaar wordt gevoerd, met het eerste boekjaar dat wordt afgesloten respectievelijk na 31 december 1998, 1999, 2000, 2001, 2002, 2003, 2004, 2005, 2006 en 2007.


Het aantal in België bijkomend tewerkgestelde personeelseenheden wordt vastgesteld door het gemiddeld personeelsbestand tijdens de jaren 1998, 1999, 2000, 2001, 2002, 2003, 2004, 2005, 2006 en 2007 respectievelijk te vergelijken met dat van de jaren 1997, 1998, 1999, 2000, 2001, 2002, 2003, 2004, 2005 en 2006.
Er wordt geen rekening gehouden met de personeelsaangroei die het gevolg is van de overname van werknemers welke reeds vóór 1 januari 1998 waren aangeworven:

  • ofwel door een onderneming waarmede de belastingplichtige zich rechtstreeks in enigerlei band van wederzijdse afhankelijkheid bevindt,

  • ofwel door een belastingplichtige waarvan de beroepswerkzaamheid geheel of gedeeltelijk wordt voortgezet ingevolge een gebeurtenis die niet bedoeld is in de artikelen 46 en 211 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.

Indien dergelijke vrijstelling werd verleend voor het aanslagjaar 2004 en het gemiddelde personeelsbestand van het jaar 2004 is verminderd ten opzichte van het jaar 2003, moeten de winsten of baten van het aanslagjaar 2005 werden verhoogd met 4.530,00 EUR per afgevloeid personeelslid, zonder dat die verhoging meer mag bedragen dan het gedeelte van de winst of van de baten dat voor het aanslagjaar 2004 werkelijk is vrijgesteld.


Als de vermindering van het personeelsbestand evenwel het gevolg is van een overname van personeel door een nieuwe werkgever in omstandigheden als bedoeld in het derde lid hiervoor, moet de voorheen toegekende vrijstelling nochtans niet worden teruggenomen indien en in de mate dat wordt aangetoond dat de bijkomende tewerkstelling tijdens het erop volgende jaar behouden is gebleven bij de werkgever die het personeel heeft overgenomen.
Deze vrijstelling voor bijkomend personeel is niet cumuleerbaar met de vrijstelling voor bijkomend personeel voor wetenschappelijk onderzoek en uitvoer.
Aanvraagprocedure

De belastingplichtigen dienen bij hun aangifte in de inkomstenbelastingen van het belastbare tijdperk waarvoor zij de vrijstelling vragen, een tabel 276 T te voegen. Deze tabel is beschikbaar op http://www.finform.be en kan eveneens bij de plaatselijke taxatiedienst worden verkregen.


Aanvullende inlichtingen


Federale Overheidsdienst Financiën

Administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit, sector directe belastingen

Centrale diensten

North Galaxy – bus 25

Koning Albert II-laan 33

1030 Brussel

Tel.: 02/336.21.11 (algemeen nummer) - 02/336.23.65
Circulaires in verband met de vrijstelling voor bijkomend personeel met een laag loon (Ci.RH.242/516.233 van 29 oktober 2003 en Ci.RH.242/568.417 van 1 maart 2005) zijn beschikbaar op http://www.minfin.fgov.be onder Fisconet, rubriek directe belastingen, subrubriek circulaires.

Federale Overheidsdienst Economie, KMO, Middenstand en Energie

Informatieambtenaar

De heer Bert Van Humbeek

City Atrium – Vooruitgangstraat 50

1210 Brussel

Tel.: 02/277.82.96
DEEL III : STEUN BIJ AANWERVINGEN

1. PARAFISCALE MAATREGELEN


1.1 DE VERMINDERING 2004



Inhoud steunmaatregel
De Programmawet van 24 december 2002 voorziet in een harmonisering en vereenvoudiging van een aantal sectoronafhankelijke verminderingen van de werkgeversbijdragen door deze onder te brengen in één overkoepelende werkgeversbijdragevermindering. Deze overkoepelende vermindering bestaat uit twee delen, enerzijds een algemene bijdragevermindering die varieert in functie van het referteloon van de werknemer en anderzijds maximaal één doelgroepvermindering, die recht geeft op een forfaitair verminderingsbedrag en die afhankelijk is van bepaalde criteria waaraan de werkgever en/of de werknemer moeten beantwoorden.

Diversen


Verminderingsbedrag

De vermindering wordt steeds aangerekend op het niveau van de tewerkstellingslijn.

Zowel bij de berekening van de structurele vermindering (Ps) als bij de doelgroepvermindering (Pg) wordt rekening gehouden met de prestatiebreuk (µ) van de tewerkstellingslijn en een vaste multiplicatiefactor (1/b) die het mogelijk maakt, afhankelijk van de geleverde arbeidsprestaties van de verschillende tewerkstellingen, af te wijken van een strikt proportionele vermindering van de bijdragen.
De som van Ps en Pg geeft het bedrag dat men in mindering mag brengen van de voor deze tewerkstellingslijn van de werknemer, verschuldigde werkgeversbijdragen voor volgende regelingen:


  • de rust- en overlevingspensioenen voor werknemers;

  • de ziekte- en invaliditeitsverzekering, sector geneeskundige verzorging;

  • de ziekte- en invaliditeitsverzekering, sector uitkeringen;

  • de werkloosheid, enkel de bijdrage die door iedere werkgever verschuldigd is;

  • de kinderbijslagen;

  • de beroepsziekten;

  • de arbeidsongevallen;

  • de loonmatigingsbijdrage.

De vermindering mag echter niet worden toegepast op het gedeelte van de loonmatigingsbijdrage berekend op de bijdrage betaald educatief verlof, op de bijdrage van 1,60 % wanneer de werkgever minstens 10 personen tewerkstelde en op de basisbijdrage en de bijzondere bijdrage voor het Fonds voor Sluiting van Ondernemingen.


In het geval dat de som van Ps en Pg meer bedraagt dan het bedrag van de werkgeversbijdragen van de regelingen waarop de vermindering kan worden toegepast, wordt eerst het bedrag van de doelgroepvermindering afgetopt en vervolgens het bedrag van de structurele vermindering.
De vermindering van de bijdragen waar een werkgever recht op heeft, kan geheel of gedeeltelijk worden ingehouden bij de werkgevers die zonder rechtvaardiging hun verplichtingen aangaande betalingen van socialezekerheidsbijdragen niet nakomen of die worden schuldig bevonden aan het doen of laten verrichten van arbeid door een werknemer waarvoor geen bijdragen werden betaald aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.
Cumulaties
Binnen de geharmoniseerde vermindering kan de structurele vermindering per tewerkstelling gecombineerd worden met maximaal één doelgroepvermindering.
De structurele vermindering en de doelgroepvermindering zijn niet cumuleerbaar met enige andere werkgeversbijdragevermindering met uitzondering van de vermindering sociale maribel, die eigenlijk een inhouding is op de klassieke werkgeversbijdragen om specifieke tewerkstellingsfondsen van de non-profit sector te financieren. De doelgroepvermindering 'langdurig werkzoekenden' en de ermee verbonden overgangsmaatregelen daarentegen zijn ook met de vermindering sociale maribel niet cumuleerbaar.
Bij het berekenen van het verminderingsbedrag trekt men eerst het bedrag sociale maribel (forfait van 354,92 EUR voor alle werkgevers voor elke werknemer die onder het toepassingsgebied van de sociale maribel valt) af van de verschuldigde werkgeversbijdragen om het maximale bedrag aan werkgeversbijdragen te kennen waarop de geharmoniseerde vermindering in mindering mag worden gebracht. Vermits werknemers waarvoor de werkgever de doelgroepvermindering 'langdurig werkzoekenden' geniet (of één van de voor deze categorie voorziene overgangsmaatregelen) niet tot het toepassingsgebied van de vermindering sociale maribel behoren, moet het forfait bij deze werknemers niet in mindering worden gebracht. Voor hen gelden dus dezelfde aftoppingsregels als voor de werknemers van werkgevers die niet in aanmerking komen voor de sociale maribel.
Voor de werknemers van beschutte werkplaatsen geldt een aparte regeling. Het bedrag sociale maribel moet NOOIT vooraf in mindering gebracht worden.
Indien er meerdere tewerkstellingslijnen zijn, wordt het bedrag van de sociale maribel verdeeld rekening houdend met het relatieve aandeel van de prestaties van een bepaalde tewerkstellinglijn in het geheel van de prestaties voor dat kwartaal, gebruik makend van de prestatiebreuken ( µ / µ (glob) ).

Aanvraagprocedure

Per tewerkstellingslijn duidt de werkgever de structurele vermindering aan en één doelgroepvermindering waarop hij aanspraak kan maken. De stukken ter staving van de doelgroepvermindering moet hij bijhouden gedurende de verjaringstermijn en op vraag van de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid kunnen voorleggen.



1   ...   8   9   10   11   12   13   14   15   ...   35

  • Wetstraat 62 1040 Brussel
  • Begunstigden
  • Aanvraagprocedure
  • Projecten Volgend project komt in aanmerking: aanwerving van een bijkomende werknemer met een laag loon. Diversen

  • Dovnload 0.9 Mb.