Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Subsidiewegwijzer voor ondernemingen

Dovnload 0.9 Mb.

Subsidiewegwijzer voor ondernemingen



Pagina14/35
Datum04.04.2017
Grootte0.9 Mb.

Dovnload 0.9 Mb.
1   ...   10   11   12   13   14   15   16   17   ...   35

Inhoud steunmaatregel

In het kader van de maatregelen ter ondersteuning van ingevolge een herstructurering ontslagen werknemers, wordt vanaf het 3de kwartaal 2004 een nieuwe doelgroepvermindering gecreëerd, waarbij een financieel voordeel wordt toegekend aan de werkgever die een werknemer aanwerft die door een onderneming in herstructurering werd ontslagen. Daarnaast wordt er eveneens een forfaitaire vermindering van de werknemersbijdrage voorzien.


In wat hierna volgt wordt alleen de bijdragevermindering besproken die de werkgever die de ontslagen werknemer aanwerft, kan genieten. Wie meer uitleg wenst over de formaliteiten die nageleefd moeten worden opdat er sprake kan zijn van het ontslag van een werknemer ingevolge herstructurering (oprichting van een tewerkstellingscel, outplacementbegeleiding,…), neemt best contact op met de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening.

Begunstigden

Iedere werkgever behalve de betrokken onderneming in herstructurering zelf, of een onderneming die behoort tot dezelfde groep als de onderneming in herstructurering.



Projecten

Al wie ontslagen werd in het kader van een herstructurering en tijdens de geldigheidsperiode van een 'verminderingskaart herstructureringen A' (zie Aanvraagprocedure) in dienst treedt bij een andere werkgever.



Diversen



Vermindering
De werkgever geniet voor deze werknemer de vermindering G2 tijdens de duur van de geldigheid van de 'verminderingskaart herstructureringen B', wat maximaal 3 kwartalen is (zie hierna).
Aanvraagprocedure

De RVA reikt spontaan een 'verminderingskaart herstructureringen A' uit aan de werknemers die ontslagen werden in het kader van een herstructurering en die ingegaan zijn op het outplacementaanbod en werden ingeschreven bij de tewerkstellingscel.


Op vertoon van een afschrift van zijn arbeidsovereenkomst, kan de werknemer met een geldige 'verminderingskaart herstructureringen A' bij de RVA een 'verminderingskaart herstructureringen B' bekomen met een geldigheidsduur vanaf de datum van de eerste indiensttreding na het ontslag ingevolge herstructurering, tot het einde van het 2de kwartaal volgend op het kwartaal van eerste indiensttreding.
Iedere werknemer ontslagen in het kader van een herstructurering kan slechts éénmaal een 'verminderingskaart herstructureringen B' bekomen. De werknemer kan echter steeds een kopie krijgen van deze 'verminderingskaart herstructureringen B'.
De 'verminderingskaart herstructurering B' blijft geldig gedurende de vooropgestelde periode bij verandering van werkgever.
De verminderingskaart 'herstructureringen B' moet aangevraagd worden bij de RVA ten laatste de 60ste dag volgend op de dag van indienstneming of desgevallend volgend op de dag van ontvangst van de 'verminderingskaart herstructureringen A'.
De RVA maakt de nodige gegevens aan de RSZ over betreffende identificatie van de werknemer en geldigheidsduur van de kaart.
Aanvullende inlichtingen
Rijksdienst voor Sociale Zekerheid

Victor Hortaplein 11

1060 Brussel

Tel.: 02/509.31.11

Fax: 02/509.30.19

Website: http://www.rsz.fgov.be


FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg

Algemene Directie Werkgelegenheid en Arbeidsmarkt

Directie van de inschakeling in het arbeidsproces

Katrien Claus

Ernest Blerotstraat 1

1070 Brussel

Tel.: 02/233.46.58

Fax: 02/233.48.55

E-mail: katrien.claus@meta.fgov.be

1.2 DE SPECIFIEKE VERMINDERINGEN

1.2.1 WERKBONUS


Inhoud steunmaatregel

Vanaf 1 januari 2000 is een systeem van vermindering van de werknemersbijdragen van kracht, dat tot doel heeft werknemers met een laag loon een hoger nettoloon te garanderen, zonder daarbij het brutoloon te verhogen. Vanaf 1 januari 2005 loopt deze werknemersbijdragevermindering voort onder de benaming 'Werkbonus'.


Projecten

Het gaat om de werknemers van de privé-sector en van de openbare sector die een werknemersbijdrage van 13,07 % verschuldigd zijn.


Voor de privé-sector komen dus onder andere niet in aanmerking:

  • de geneesheren in opleiding tot specialist;

  • de leerlingen, stagiairs en de andere jongeren tijdens de periode van gedeeltelijke onderwerping aan de sociale zekerheid (periode die eindigt op 31 december van het kalenderjaar waarin ze 18 jaar worden).

De meeste statutaire personeelsleden van de openbare sector komen evenmin voor de vermindering in aanmerking.



Diversen


Praktische toepassing van de vermindering

De vermindering bestaat uit een forfaitair bedrag dat geleidelijk vermindert naarmate het loon hoger wordt. De werkgever brengt het bedrag in mindering van de normale werknemersbijdragen (13,07% van het brutoloon) bij de betaling van het loon. De werkbonus compenseert de volledige werknemersbijdrage voor een referteloon tot ongeveer 800 EUR bruto per maand.


Indien het loon wordt betaald volgens een andere periodiciteit dan de maandelijkse (per week, per twee weken, per vier weken,...) berekent de werkgever de vermindering bij de laatste betaling die op de kalendermaand betrekking heeft. In dat geval is de berekening gebaseerd op de dagen en de lonen die op die kalendermaand betrekking hebben.
Voor werknemers die binnen de maand met opeenvolgende overeenkomsten werken, wordt het verminderingsbedrag verrekend aan het einde van iedere overeenkomst of bij iedere betaling die betrekking heeft op die overeenkomsten.


Berekening van de vermindering

Men berekent de vermindering voor iedere werknemer apart. Deze berekening omvat drie stappen:



  • eerst bepaalt men het refertemaandloon van de werknemer

  • op basis van dat refertemaandloon bepaalt men het basisbedrag van de vermindering;

  • ten slotte stelt men het verminderingsbedrag vast door het basisbedrag te corrigeren bij onvolledige prestaties en bij deeltijdse werknemers.

Per werknemer mag het totaal van de vermindering niet meer bedragen dan:



  • 1.140,00 EUR per kalenderjaar voor de jaren 2003 en 2004;

  • 1.260,00 EUR per kalenderjaar vanaf 2005.


Aanvraagprocedure

De gepaste rubrieken van de kwartaalaangifte invullen.

Op de website van de RSZ (http://www.rsz.fgov.be) vindt u tevens een downloadbaar programma waarmee u deze vermindering kunt berekenen.

Aanvullende inlichtingen


Rijksdienst voor Sociale Zekerheid

Victor Hortaplein 11

1060 Brussel

Tel.: 02/509.31.11

Fax: 02/509.30.19

Website: http://www.rsz.fgov.be





      1. VERMINDERING VAN DE WERKNEMERSBIJDRAGEN – HERSTRUCTURERING


Inhoud steunmaatregel

Van 1 juli 2004 is een systeem van vermindering van de werknemersbijdragen van kracht, dat tot doel heeft werknemers die ontslagen zijn als gevolg van een herstructurering, een financiële stimulans te geven wanneer ze terug werk vinden, door hen voor een bepaalde periode een groter nettoloon te garanderen, zonder daarbij het brutoloon te verhogen.


Deze maatregel kadert, samen met de doelgroepvermindering herstructurering, in de bevordering van de wedertewerkstelling van ingevolge herstructurering ontslagen werknemers.

Begunstigden

Het gaat om de werknemers van de privé-sector en van de openbare sector die een werknemersbijdrage van 13,07 % verschuldigd zijn.


Enkel de nieuwe werknemers die een geldige 'verminderingskaart herstructureringen A' kunnen voorleggen komen in aanmerking. Een nieuwe tewerkstelling bij de onderneming in herstructurering zelf of bij een onderneming die behoort tot dezelfde groep of dezelfde technische bedrijfseenheid, komt niet in aanmerking voor het bekomen van deze vermindering.
Deze kaarten worden door de RVA spontaan uitgereikt aan alle werknemers ontslagen in het kader van een herstructurering die ingegaan zijn op het outplacementaanbod en werden ingeschreven bij de tewerkstellingscel.

Diversen


Bedrag van de vermindering
De vermindering bestaat uit een forfaitair bedrag van 133,33 EUR per maand (133,33 EUR x 1,08 voor de arbeiders aangegeven aan 108 %) en kan enkel tijdens de duur van de geldigheid van de "verminderingskaart herstructureringen B" verkregen worden, wat maximaal 3 kwartalen is. De werkgever brengt het bedrag in mindering van de normale werknemersbijdragen (13,07% van het brutoloon) bij de betaling van het loon.
De som van de werknemersbijdragevermindering lage lonen en herstructurering samen, mag de verschuldigde persoonlijke socialezekerheidsbijdragen niet overschrijden. Indien de som van de verminderingen groter is dan de verschuldigde persoonlijke bijdragen, wordt eerst de vermindering herstructurering beperkt.
Het verminderingsbedrag wordt geproratiseerd in functie van de prestaties van de werknemer tijdens de maand:

  • voltijdse werknemers met volledige prestaties : 133,33 euro

  • voltijdse werknemers met onvolledige prestaties : J/D x 133,33 euro

  • deeltijdse werknemers en met deeltijdse gelijkgestelden : 133,33 euro

Waarbij:



  • J = het aantal dagen van de werknemer aangegeven met de prestatiecodes 1,3,4, 5 en 20;

  • D = het maximum aantal dagen prestaties voor de betrokken maand in het betrokken arbeidsstelsel;

  • H = het aantal aangegeven uren met de prestatiecodes 1, 3, 4, 5 en 20;

  • U = het aantal uren op maandbasis dat overeenstemt met D.

De breuken J/D en H/U worden afgerond op twee decimalen (0,005 wordt 0,01) en het resultaat van die breuken mag nooit groter zijn dan 1.


Worden voor de berekening van de vermindering met deeltijdsen gelijkgesteld:

  • werknemers die in de loop van de maand bij de werkgever voltijds en deeltijds werken;

  • voltijdse werknemers die met uren moeten worden aangegeven; het betreft werknemers met gedeeltelijke werkhervatting na ziekte of (arbeids)ongeval, met al dan niet gedeeltelijke (gereglementeerde) onderbreking van de loopbaan, met halftijds brugpensioen, werknemers bij tussenpozen (uitzendkrachten, tijdelijke arbeid, thuisarbeid), werknemers met gelimiteerde prestaties (met een contract van korte duur en voor een tewerkstelling die per dag niet de gewoonlijke dagduur bereikt) en seizoenarbeiders.

Indien het loon wordt betaald volgens een andere periodiciteit dan de maandelijkse (per week, per twee weken, per vier weken,...) berekent de werkgever de vermindering bij de laatste betaling die op de kalendermaand betrekking heeft. In dat geval is de berekening gebaseerd op de dagen en de lonen die op die kalendermaand betrekking hebben.


Voor werknemers die binnen de maand met opeenvolgende overeenkomsten werken, wordt het verminderingsbedrag verrekend aan het einde van iedere overeenkomst of bij iedere betaling die betrekking heeft op die overeenkomsten.
Voor voltijdse werknemers die in de loop van de maand in verschillende arbeidsregelingen werken moet u, uitsluitend voor de toepassing van deze vermindering, alle prestaties omrekenen naar één van de regimes.

Aanvraagprocedure

De RVA reikt spontaan een 'verminderingskaart herstructureringen A' uit aan de werknemers die ontslagen werden in het kader van een herstructurering en die ingegaan zijn op het outplacementaanbod en werden ingeschreven bij de tewerkstellingscel.


Op vertoon van een afschrift van zijn arbeidsovereenkomst, kan de werknemer met een geldige 'verminderingskaart herstructureringen A' bij de RVA een 'verminderingskaart herstructureringen B' bekomen met een geldigheidsduur vanaf de datum van de eerste indiensttreding na het ontslag ingevolge herstructurering, tot het einde van het 2de kwartaal volgend op het kwartaal van eerste indiensttreding.
Iedere werknemer ontslagen in het kader van een herstructurering kan slechts éénmaal een 'verminderingskaart herstructureringen B' bekomen. De werknemer kan echter steeds een kopie krijgen van deze 'verminderingskaart herstructureringen B' als hij gedurende de geldigheidsperiode van werkgever zou veranderen.
De verminderingskaart 'herstructureringen B' moet aangevraagd worden bij de RVA ten laatste de 60ste dag volgend op de dag van indienstneming of desgevallend volgend op de dag van ontvangst van de 'verminderingskaart herstructureringen A'.
De RVA maakt de nodige gegevens aan de RSZ over betreffende identificatie van de werknemer en geldigheidsduur van de kaart.

Aanvullende inlichtingen


Rijksdienst voor Sociale Zekerheid

Victor Hortaplein 11

1060 Brussel

Tel.: 02/509.31.11

Fax: 02/509.30.19

Website: http://www.rsz.fgov.be


1.2.3 TEGEMOETKOMING AAN DE NON-PROFITSECTOR TOT BEVORDERING VAN DE WERKGELEGENHEID


Inhoud steunmaatregel

Het koninklijk besluit van 22 september 1989 tot bevordering van de tewerkstelling in de non-profitsector, verleent in de vorm van een bijdragevermindering een financiële tegemoetkoming aan de werkgevers van de non-profitsector die zich verbinden daadwerkelijk deel te nemen aan de bevordering van de werkgelegenheid van risicogroepen.



Begunstigden

Het zijn de betoelaagde instellingen en diensten voor gehandicapte personen ten laste van het Fonds voor medische, sociale en pedagogische zorg voor gehandicapten of zijn rechtsopvolgers, voorzover zij hun activiteit zonder winstoogmerk uitoefenen.


Zijn uitgesloten:

  • de werkgevers uit de overheidssector;

  • de gesubsidieerde vrije onderwijsinrichtingen waaronder de universiteiten;

  • de diensten voor school- en beroepsoriëntering en de vrije psycho-medico-sociale centra.



Diversen

De betrokken instellingen moeten een collectieve arbeidsovereenkomst naleven, afgesloten voor alle instellingen die vallen onder de bevoegdheid van hetzelfde paritair comité. Deze voorwaarde geldt ook voor de instellingen die niet onder de bevoegdheid van enig paritair comité vallen.


Deze collectieve arbeidsovereenkomst moet de bepalingen omvatten die zijn voorgeschreven bij artikel 2, §2, van het koninklijk besluit van 22 september 1989 tot bevordering van de tewerkstelling in de non-profitsector.
Zij moeten afgesloten zijn overeenkomstig de Wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités en bovendien goedgekeurd zijn door de federale minister van Tewerkstelling en Arbeid.
Bedrag van de tegemoetkoming

De tegemoetkoming bedraagt 2 % van de loonmassa van de werknemers (voor de werklieden aan 108 %) van elk jaar waarin de overeenkomst wordt toegepast, verhoogd met de werkgeversbijdragen. Vanaf de tegemoetkoming voor het jaar 1998, zijn de tegemoetkomingen maximaal gelijk aan deze voor het jaar 1997.


Voor deze verhoging gelden als werkgeversbijdragen, de bijdragen ten laste van de werkgever met betrekking tot:

  • de werkloosheid, met inbegrip van de bijzondere bijdrage van 1,60 %, verschuldigd door de werkgevers die op 30 juni van het voorgaande jaar minstens tien werknemers tewerkstelden;

  • de ziekte- en invaliditeitsverzekering (sector uitkeringen en sector geneeskundige verzorging);

  • de kinderbijslagen;

  • de pensioenen;

  • de jaarlijkse vakantie voor arbeiders, zowel de driemaandelijks verschuldigde bijdrage als de jaarlijkse bijdrage van 10,27%;

  • de arbeidsongevallen;

  • de beroepsziekten.

In de mate waarin de collectieve overeenkomst niet wordt nageleefd, vermindert de tegemoetkoming proportioneel voor de betrokken maanden.


De RSZ berekent deze vermindering overeenkomstig de bepalingen van het ministerieel besluit van 8 november 1990 tot uitvoering van artikel 4, alinea 3, van het koninklijk besluit van 22 september 1989 tot bevordering van de tewerkstelling in de non-profitsector.
Aanvraagprocedure
De betrokken instellingen dienen bij de RSZ schriftelijk een aanvraag in. Bij deze aanvraag voegen zij een attest afgeleverd door de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, Belliardstraat, 51 te 1040 Brussel, overeenkomstig artikel 1, §2, van het ministerieel besluit van 8 november 1990 tot uitvoering van het artikel 4, §3, van het koninklijk besluit van 22 september 1989.
De RSZ zal het bedrag van de tegemoetkoming berekenen, na ontvangst van het attest waaruit blijkt in welke mate de collectieve arbeidsovereenkomst werd nageleefd.
Voorzover de RSZ in het bezit is van het attest, wordt het bedrag van de tegemoetkoming aan de betrokken instellingen meegedeeld binnen de twee maanden na ontvangst van de aanvraag. De RSZ verduidelijkt de begunstigden hoe zij het bedrag van de tegemoetkoming kunnen verrekenen.

Aanvullende inlichtingen


Rijksdienst voor Sociale Zekerheid

Victor Hortaplein 11

1060 Brussel

Tel.: 02/509.31.11

Fax: 02/509.30.19

Website: http://www.rsz.fgov.be


1.2.4 BEVORDERING VAN DE TEWERKSTELLING IN DE NON-PROFITSECTOR (SOCIALE MARIBEL)


Inhoud steunmaatregel

Een koninklijk besluit van 18 juli 2002 regelt een nieuw systeem van bijdragevermindering, hoofdzakelijk voor de non-profitsector. De betrokken werkgevers hebben recht op een forfaitaire vermindering voor iedere werknemer die tijdens het kwartaal ten minste 50 % presteert (33 % vanaf 1 juli 2004 voor de sector van de beschutte werkplaatsen, 22 % vóór die datum) van het aantal arbeidsdagen of arbeidsuren van een voltijdse betrekking. Het bedrag van de vermindering wordt door de RSZ zelf berekend en doorgestort aan de daartoe opgerichte sociale fondsen. De werkgever moet evenwel met de vermindering sociale maribel rekening houden om het maximumbedrag te bepalen dat nog in aanmerking komt voor eventuele andere verminderingen die hij nog kan toepassen.


De onderstaande tekst is algemeen opgevat en behandelt alleen de invloed van de vermindering op de RSZ-aangifte. Precieze inlichtingen over het systeem van de sociale maribel, krijgt u bij de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, Ernest Blerotstraat 1 te 1070 Brussel (tel. 02-233 41 11).

Begunstigden

De maatregel betreft werkgevers die voor hun aangegeven werknemers ressorteren onder de volgende paritaire comités:



  • Paritair Subcomité voor de privé-ziekenhuizen;

  • Paritair Subcomité voor de gezondheidsinrichtingen en -diensten;

  • Paritair Comité voor de diensten voor gezins- en bejaardenhulp;

  • Paritair Subcomité voor de diensten voor gezins- en bejaardenhulp van de Franse Gemeenschap, het Waalse Gewest en de Duitstalige Gemeenschap;

  • Paritair Subcomité voor de diensten voor gezins- en bejaardenhulp van de Vlaamse Gemeenschap;

  • Paritair Comité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten;

  • Paritair Subcomité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen van de Vlaamse Gemeenschap;

  • Paritair Subcomité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen van de Franse Gemeenschap;

  • Paritair Comité voor de beschutte werkplaatsen en de sociale werkplaatsen;

  • Paritair Comité voor de socio-culturele sector.

Het toepassingsgebied van de maatregel omvat ook enkele werkgevers die behoren tot de openbare sector.



Projecten

De werkgever heeft recht op de vermindering voor iedere werknemer die voor het kwartaal ten minste 50 % van het aantal arbeidsdagen of arbeidsuren presteert, voorzien in de betreffende sector voor een voltijdse betrekking.



Diversen


Bedrag van de vermindering
Voor de betrokken werkgevers bedraagt de vermindering per rechtgevende werknemer 354,92 EUR.
Toegestane cumulaties
Per werknemer die het recht opent op de sociale maribel, moet het totaal bedrag van werkgeversbijdragen dat voor de andere verminderingen beschikbaar is, vooraf verminderd worden met het forfaitaire bedrag van de sociale maribel van 354,92 EUR. In afwijking daarvan moet voor de werknemers van een beschutte werkplaats bij de berekening van de werkgeversbijdragen die in aanmerking komen voor de andere verminderingen GEEN rekening gehouden worden met dit forfaitaire bedrag.
De vermindering van de sociale maribel is niet cumuleerbaar met:

  • de vrijstelling van werkgeversbijdragen voor gesubsidieerde contractuelen (gesco's);

  • de vrijstelling van werkgeversbijdragen voor contractuelen aangeworven ingevolge de herverdeling van de arbeid in de openbare sector;

  • de doelgroepvermindering 'langdurig werkzoekenden';

  • de overgangsmaatregelen 'langdurig werkzoekenden' (overgangsmaatregelen banenplan voor werkzoekenden, activaplan, herinschakeling van moeilijk te plaatsen werklozen, inschakelingsprojecten).

De beide vrijstellingen en de opgesomde verminderingen kunnen dus integraal worden toegepast, zonder voorafgaandelijk het bedrag van de sociale maribel in mindering te brengen.



Aanvraagprocedure

De werkgevers moeten niets in hun aangifte vermelden. De RSZ berekent zelf het bedrag van de vermindering.


De werkgevers die behoren tot het paritair subcomité 305.02 (gezondheidszorgen andere dan ziekenhuizen), moeten bij het invullen van hun aangifte verplicht een verdere onderverdeling van het paritair subcomité gebruiken.

Aanvullende inlichtingen


Rijksdienst voor Sociale Zekerheid

Victor Hortaplein 11

1060 Brussel

Tel.: 02/509.31.11

Fax: 02/509.30.19

Website: http://www.rsz.fgov.be


1.2.5 WETENSCHAPPELIJK ONDERZOEK


Inhoud steunmaatregel

De Wet van 29 april 1996 houdende sociale bepalingen en het KB van 5 maart 1997 tot uitvoering van Titel VI van die wet, regelen, vanaf 1 oktober 1996, een vermindering van de werkgeversbijdragen voor bepaalde werkgevers die overgaan tot bijkomende aanwervingen voor wetenschappelijk onderzoek.



Begunstigden

Het zijn:



  • de universiteiten en ermee gelijkgestelde onderwijsinrichtingen;

  • de wetenschappelijke inrichtingen beheerd door de federale Staat, de Gemeenschappen of de Gewesten of, wat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest betreft, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie;

  • de inrichtingen of instellingen erkend of gesubsidieerd door de federale Staat, de Gemeenschappen of de Gewesten of, wat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest betreft, de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.



Projecten

Het zijn de werknemers aangeworven in het kader van een overeenkomst afgesloten met de federale ministers van Sociale Zaken en van Wetenschapsbeleid en die aangesteld zijn voor wetenschappelijk onderzoek. Zij moeten een netto bijkomende aanwerving uitmaken van het aantal werknemers tewerkgesteld binnen de activiteit van wetenschappelijk onderzoek.



Diversen


Bedrag van de vermindering

De vermindering bestaat uit een vrijstelling van de werkgeversbijdragen voor de volgende sectoren:



  • de rust- en overlevingspensioenen voor werknemers;

  • de ziekte- en invaliditeitsverzekering, sector geneeskundige verzorging;

  • de ziekte- en invaliditeitsverzekering, sector uitkeringen;

  • de werkloosheid, enkel de bijdrage die door iedere werkgever verschuldigd is;

  • de kinderbijslagen;

  • de beroepsziekten;

  • de arbeidsongevallen;

  • de loonmatigingsbijdrage.

De bijdrage voor werkloosheid die enkel verschuldigd is door de werkgevers die op 30 juni van het voorgaande jaar 10 of meer werknemers tewerkstelden (momenteel 1,60 %) blijft verschuldigd.



Aanvraagprocedure

De werkgever moet een aanvraag indienen bij de federale diensten voor Wetenschappelijke, Technische en Culturele Aangelegenheden, die tevens de nodige inlichtingen kunnen geven over de te vervullen formaliteiten en de na te leven verplichtingen.


De verminderingsbedragen worden met de gepaste codes vermeld in de kwartaalaangifte.
De Rijksdienst controleert de vermindering aan het eind van ieder jaar op basis van de lijsten van de federale diensten voor Wetenschappelijke, Technische en Culturele Aangelegenheden. De werkgever moet aan de RSZ of aan zijn erkend sociaal secretariaat geen attesten bezorgen.
Aanvullende inlichtingen
Rijksdienst voor Sociale Zekerheid

Victor Hortaplein 11

1060 Brussel

Tel.: 02/509.31.11

Fax: 02/509.30.19

Website: http://www.rsz.fgov.be


2. FINANCIELE MAATREGELEN

2.1 AANMOEDIGINGSPREMIES IN DE PRIVE-SECTOR



Inhoud steunmaatregel
Met ingang van 1 januari 2002 werd het bestaande stelsel van de aanmoedigingspremies bij arbeidsduurvermindering of loopbaanonderbreking hervormd en werd de aanmoedigingspremie bij opleidingskrediet, zorgkrediet en in ondernemingen in moeilijkheden of in herstructurering ingevoerd (besluit van de Vlaamse regering van 1 maart 2002, B.S. van 20 maart 2002). Sinds 1 januari 2002 is bovendien de vervangingsplicht afgeschaft. Het nieuwe premiestelsel vormt een aanvulling op de nieuwe federale regeling inzake tijdskrediet (CAO nr. 77 bis van 19 december 2001); het tijdskrediet vervangt vanaf 1 januari 2002 de vroegere loopbaanonderbreking.
Begunstigden
De hier beschreven maatregelen zijn van toepassing op de werknemers tewerkgesteld in de privé-sector in het Vlaamse Gewest. Voor de werknemers uit de Vlaamse sociale profitsector (besluit van de Vlaamse regering van 3 mei 2002) en de personeelsleden van de Vlaamse openbare sector en het Nederlandstalig onderwijs (besluit van de Vlaamse regering van 22 september 1998) bestaat een analoog stelsel van aanmoedigingspremies.
Projecten
De toekenning van de hierna vermelde aanmoedigingspremies wordt afhankelijk gemaakt van het afsluiten van sectorakkoorden (op sectorniveau) of van bedrijfsakkoorden of toetredingsakten (op ondernemingsniveau) waarin gestipuleerd moet worden tot welke maatregel(en) de betrokken sector of onderneming zal toetreden.


1   ...   10   11   12   13   14   15   16   17   ...   35

  • Aanvullende inlichtingen

  • Dovnload 0.9 Mb.