Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Subsidiewegwijzer voor ondernemingen

Dovnload 0.9 Mb.

Subsidiewegwijzer voor ondernemingen



Pagina9/35
Datum04.04.2017
Grootte0.9 Mb.

Dovnload 0.9 Mb.
1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   ...   35

1. INVESTERINGSAFTREK



Inhoud steunmaatregel
De investeringsaftrek is een fiscale steunmaatregel van de Federale Overheidsdienst Financiën waardoor winst en baten worden vrijgesteld tot een percentage van de aanschaffings- of beleggingswaarde van bepaalde bedrijfsinvesteringen die uitgevoerd worden in een bepaald belastbaar tijdperk en die in België worden gebruikt voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid van de belastingplichtige.
De investeringen die in aanmerking komen, zijn investeringen in materiële vaste activa die in nieuwe staat zijn verkregen of tot stand gebracht1, evenals investeringen in nieuwe immateriële vaste activa.
In principe wordt de investeringsaftrek in eenmaal verleend. Bepaalde belastingplichtigen kunnen deze desgewenst spreiden.

Begunstigden

Deze steunmaatregel geldt voor nijverheids-, handels- en landbouwondernemingen (natuurlijke personen of vennootschappen), alsook voor beoefenaars van vrije beroepen, ambten, posten en andere winstgevende bezigheden.


Er wordt geen investeringsaftrek verleend wanneer de winst of de baten worden bepaald volgens forfaitaire grondslagen van aanslag waarin de afschrijvingen forfaitair zijn opgenomen, behalve indien het energiebesparende investeringen betreft waarvoor van overheidswege geen financiële steun tot aanmoediging van energiebesparing is verleend.

Projecten

Volgende projecten komen in aanmerking:



  • octrooien;

  • milieuvriendelijke investeringen voor onderzoek en ontwikkeling;

  • energiebesparende investeringen;

  • investeringen voor de beveiliging van beroepslokalen;

  • investeringen tot aanmoediging van het hergebruik van verpakkingen;

  • andere investeringen in nieuwe vaste activa;

Een aantal investeringen zijn evenwel uitgesloten.



Diversen

Investeringen verricht tijdens het belastbaar tijdperk dat verbonden is aan aanslagjaar 2005 en die aan de wettelijke voorwaarden voldoen, geven recht op een investeringsaftrek die wordt bepaald op:


A) Natuurlijke personen:


  • octrooien, milieuvriendelijke investeringen voor onderzoek en ontwikkeling, energiebesparende investeringen en investeringen voor de beveiliging van beroepslokalen: 13,5 %;

  • andere investeringen: 3,5 %.


B) Vennootschappen:


  1. Alle vennootschappen




  • octrooien, milieuvriendelijke investeringen voor onderzoek en ontwikkeling en energiebesparende investeringen: 13,5 %;

  • investeringen tot aanmoediging van het hergebruik van verpakkingen: 3 %.




  1. Kleine en middelgrote vennootschappen (d.w.z. binnenlandse vennootschappen waarvan de aandelen voor meer dan de helft toebehoren aan één of meer natuurlijke personen die de meerderheid van het stemrecht vertegenwoordigen, en die geen deel uitmaken van een groep waartoe een erkend coördinatiecentrum behoort):




  • investeringen voor de beveiliging van beroepslokalen: 13,5 %;

  • andere investeringen (niet bedoeld in B1, B2, eerste streepje en B3): 3% van de eerste investeringsschijf van 6.908.000,00 EUR investeringen.




  1. Binnenlandse vennootschappen die uitsluitend winst uit zeescheepvaart verkrijgen:

  • investeringen in nieuwe zeeschepen of in tweedehandse zeeschepen die voor het eerst in het bezit van een Belgische belastingplichtige komen: 30 %.

Belastingplichtigen die, op de eerste dag van het belastbaar tijdperk waarin de vaste activa zijn aangeschaft of tot stand gebracht, minder dan 20 werknemers tewerkstellen, kunnen kiezen voor een gespreide investeringsaftrek. Deze methode houdt in dat de aftrek wordt gespreid over de periode waarin de activa worden afgeschreven.

Voor het aanslagjaar 2005 bedraagt de gespreide investeringsaftrek 10,5% van de aangenomen afschrijvingen van de activa. Voor milieuvriendelijke investeringen voor onderzoek en ontwikkeling kan eveneens de gespreide investeringsaftrek worden toegepast, ongeacht het aantal werknemers. Deze aftrek bedraagt dan 20,5%.
Bij gebrek aan of wegens onvoldoende winst of baten wordt de aftrek zonder enige tijdsbeperking naar de volgende belastbare tijdperken overgedragen.
De aftrek van de overgedragen vrijstelling op de winst of baten van elk van de volgende belastbare tijdperken wordt beperkt tot 755.280,00 euro per belastbaar tijdperk of, wanneer het totale bedrag van de overgedragen vrijstelling op het einde van het vorige belastbare tijdperk 3.021.140,00 euro overtreft, tot 25 % van dat totale bedrag. Die aftrekbeperking geldt niet voor de overgedragen investeringsaftrek betreffende de investeringen in zeeschepen.

Aanvraagprocedure

De investeringsaftrek kan verkregen worden door het formulier 276 U in te vullen en bij de aangifte te voegen. Dit formulier is beschikbaar op http://www.finform.be en is eveneens verkrijgbaar bij de plaatselijke taxatiedienst.

Aanvullende inlichtingen
Federale Overheidsdienst Financiën

Administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit, sector directe belastingen

Centrale diensten

North Galaxy – bus 25

Koning Albert II-laan 33

1030 Brussel

Tel.: 02/336.21.11 (algemeen nummer) - 02/336.23.65

2. COORDINATIECENTRA (*)



Inhoud steunmaatregel
De FOD Financiën geeft fiscale steun aan erkende coördinatiecentra onder de vorm van verschillende fiscale voordelen en vrijstellingen. De coördinatiecentra dienen wel aan een aantal voorwaarden te voldoen om erkend te worden.
De fiscale voordelen en vrijstellingen worden aan de erkende coördinatiecen­tra verleend gedurende een periode van 10 jaar vanaf het belastbaar tijdperk waarin de aanvraag tot erkenning werd ingediend tot bij het verstrijken van het boekjaar dat afgesloten wordt tijdens het tiende kalenderjaar na dat waarin de aanvraag werd ingediend. De erken­ning kan echter hernieuwd worden.
Begunstigden
Het statuut van coördinatiecentrum kan toegekend worden aan iedere vennootschap met rechtspersoonlijkheid die opgericht is hetzij als handelsvennootschap in één van de vormen bepaald in het Belgische Wetboek van Vennootschappen, hetzij als Belgisch filiaal van een buitenlandse vennootschap.
Een coördinatiecentrum kan niet worden opgericht door ondernemingen met een activiteit in de krediet-, bank-, of de verzekeringssector. Bovendien mag geen enkele bank of verzekeringsonderneming deel uitmaken van de groep waarvoor het erkende coördinatiecentrum activiteiten uitoefent.

Diversen

Voorwaarden om in aanmerking te komen voor erkenning:

- Het coördinatiecentrum mag uit­sluitend de ontwikkeling en centralisering van bepaalde activiteiten ten behoeve van andere vennoot­schappen van de groep waar­van het coördi­na­tiecentrum deel uitmaakt, tot doel hebben.

De toegelaten activiteiten betreffen: pu­bliciteit en marketing, infor­matieverzameling en -ver­strekking en beheersbijstand, verzeke­ring en risicobeheer, weten­schappelijk onderzoek, niet-commerciële betrekkingen met nationale en inter­na­tionale overheden, werk­zaamhe­den op het gebied van boek­houding, administratie en informa­tica, financiële verrichtingen en dekking van de risico's die voortvloeien uit de schommelingen van de wisselkoersen en interestvoeten, inkoopactiviteiten en alle andere activiteiten die een voorbereidend of hulpverle­nend karakter hebben voor de vennoot­schappen van de groep.


- Enkel grote groepen met een multina­tionaal karakter komen in aanmer­king voor de oprichting van een coördinatie­centrum (een coördina­tiecen­trum moet immers deel uitmaken van een groep):

  • het geconsolideerde bedrag van kapitaal en reserves bedraagt ten minste 24.000.000 euro;

  • de geconsolideerde jaaromzet bedraagt ten ­minste 240.000.000 euro;

  • het buitenlands eigen vermogen bedraagt ten­ min­ste 12.000.000 euro of 20% van het ge­conso­lideerd eigen vermogen van de groep;

  • sedert l januari van het tweede jaar dat vooraf­gaat aan het jaar waar­in de erken­ning werd aange­vraagd, onon­derbroken in het bezit zijn van dochtermaatschappijen in het buitenland (in ten ­min­ste vier ver­schil­lende landen);

  • ten minste 120.000.000 euro of 20% van de totale geconsolideerde omzet in het buiten­land verwe­zenlijken.



  • Na verloop van twee jaar nadat het met zijn activiteiten is begon­nen, moet het coördi­natiecentrum in België ten minste het equi­valent van tien vol­tijdse werk­nemers in dienst hebben.




  • Een erkend coördinatiecentrum mag geen aandelen of andere maatschappelijke rechten bezitten.

De hiernavolgende fiscale voordelen en vrijstellingen kunnen aan het coördinatiecen­trum verleend worden:



  • De belastbare winst van het coördinatiecen­trum wordt vastge­steld door een bepaald percentage (in de regel 8%) toe te passen op de totale uitgaven en wer­kings­kosten van het cen­trum, met uitslui­ting van de personeelskos­ten en de finan­ciële kos­ten. Hierbij mag het aldus vastgestelde inkomen niet lager zijn dan het totaal van de niet als beroepskost aftrekbare kosten en de abnormale of goedgunstige voordelen die aan het centrum worden verleend. Op het aldus verkregen bedrag wordt het nor­male tarief van de vennoot­schapsbelasting (33%) toegepast (zonder toepassing van de vermin­derde tarieven).

- In principe is geen roerende voorheffing verschul­digd op:



  • dividenden uitgekeerd aan aandeelhouders;

  • interesten te betalen aan schuldeisers (be­halve de interes­ten betaald aan na­tuur­lijke of rechtspersonen, onderwor­pen aan de personen- of rechts­perso­nen­belasting);

  • vergoedingen die verschuldigd zijn ingevolge de con­cessie van im­materië­le roerende goederen.

- Het voordeel van de fictieve roerende voorheffing is enkel nog van toe­passing op de interesten van finan­cieringscontracten die vóór 24 juli 1991 werden geslo­ten en op divi­den­den die betrekking hebben op het maatschappelijk kapitaal dat werd aangewend voor de financie­ring van investerin­gen in uitvoering van overeenkomsten die vóór 24 juli 19­91 werden gesloten. Deze inkomsten moeten evenwel worden verleend of toegekend uiterlijk tijdens het laatste belastbare tijdperk van de eerste erkenningsperiode van het coördinatiecentrum.


- Vrijstelling van onroerende voorheffing.
- Vrijstelling van het evenredig registratie­recht.
De coördinatiecentra moeten een jaar­lijkse taks van 10.000 euro per voltijdse werknemer betalen. Het totale bedrag van de taks is beperkt tot maximaal 100.000 euro per coördinatiecentrum. Het perso­neels­bestand op 1 januari van het belastingjaar vormt de basis voor de bereke­ning van deze taks.

(*) Sinds 31 december 2001 werden geen nieuwe erkenningen meer verleend.


De aandacht wordt gevestigd op de Resolutie van de Raad van de Europese Unie en van de vertegenwoordigers van de Regeringen van de lidstaten van die Unie, verenigd in de Raad van 1 december 1997, m.b.t. een gedragscode op het gebied van de fiscaliteit van de ondernemingen, waardoor die lidstaten er zich ondermeer toe hebben verbonden de wettelijke bepalingen en administratieve gebruiken die als schadelijke fiscale concurrentie voor andere lidstaten kunnen worden aangemerkt (waaronder de Belgische coördinatiecentra), te ontmantelen.

Aanvullende inlichtingen


FOD Financiën

Administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit

Centrale diensten

Dir. I/1


North Galaxy

Koning Albert II-laan 33, bus 25

1030 BRUSSEL

Tel : 02/336.23.54 – 02/336.23.90 – 02/336.23.86


1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   ...   35

  • Begunstigden
  • Projecten
  • Diversen
  • Aanvraagprocedure
  • 2. COORDINATIECENTRA (*)

  • Dovnload 0.9 Mb.