Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Toezicht pensioenfondsen en beleggingsondernemingen Expertisecentrum pensioenbestuur en organisatie

Dovnload 15.69 Kb.

Toezicht pensioenfondsen en beleggingsondernemingen Expertisecentrum pensioenbestuur en organisatie



Datum10.09.2018
Grootte15.69 Kb.

Dovnload 15.69 Kb.

Toezicht pensioenfondsen en beleggingsondernemingen

Expertisecentrum pensioenbestuur en organisatie

Confidentieel


Datum

27 augustus 2014

Bladnummer

van


Kenmerk

2014/848222







STAPPENPLAN BESLUITVORMINGSPROCES EN EVENWICHTIGE BELANGENAFWEGING PREMIEBESLUIT 2015
Net als ieder jaar zal uw pensioenfonds de kostendekkende pensioenpremie moeten vaststellen en een besluit moeten nemen over de hoogte van de feitelijke pensioenpremie voor het jaar 2015. Het besluit voor de vaststelling van de premie voor het jaar 2015 is bijzonder, omdat als gevolg van de Wet “Verlaging maximumopbouw- en premiepercentages pensioen en maximering pensioengevend inkomen en het Belastingplan 2014”, de door u uitgevoerde pensioenregeling mogelijk zal worden gewijzigd. Als gevolg van deze wet wordt de toekomstige pensioenopbouw mogelijk (flink) verlaagd.
Deze bijzondere omstandigheden vragen ook bijzondere aandacht voor de besluitvorming en motivering van uw besluit tot vaststellen van de premie voor 2015. Om u daarbij te ondersteunen, treft u hierna een opsomming van de elementen die essentieel zijn voor de vaststelling en besluitvorming van de pensioenpremie voor het jaar 2015.

De zojuist genoemde bijzondere omstandigheden geven ook aanleiding voor DNB om in het najaar van 2014 te onderzoeken hoe de besluitvorming rond het vaststellen van de premie voor 2015 is verlopen. In dit onderzoek zal DNB de besluitvorming toetsen aan de hierna genoemde elementen.


I – Vaststelling relevante feiten en omstandigheden bij het vaststellen van de premie

Voor een zorgvuldige besluitvorming moet u eerst vaststellen welke feiten en omstandigheden relevant zijn bij het nemen van het besluit over de vaststelling van de hoogte van de feitelijke pensioenpremie en waarom. Denk daarbij ten minste aan hetgeen is bepaald in de uitvoeringsovereenkomst, de actuariële en bedrijfstechnische nota (Abtn), de in een lopend herstelplan opgenomen herstelmaatregelen of andere fondsstukken over de wijze van vaststellen van de kostendekkende en de feitelijke pensioenpremie. Daarnaast kunnen fonds specifieke omstandigheden een rol spelen, zoals bijvoorbeeld de bestandsamenstelling bij het fonds.


Het is zinvol om hierbij ook vertegenwoordigers van pensioen- en aanspraakgerechtigden al vroegtijdig te betrekken, bijvoorbeeld het verantwoordingsorgaan of het belanghebbendenorgaan. Door hen vroegtijdig te betrekken bij het besluitvormingstraject kunt u ruim van tevoren informatie krijgen over welke feiten en omstandigheden de belanghebbenden relevant vinden.
II - Afweging belangen bij het vaststellen van de premie

Voor een zorgvuldige belangenafweging moet u eerst inzicht hebben in welke belangen voor welke groepen een rol spelen. Ook hiervoor is het zinvol om vertegenwoordigers van pensioen- en aanspraakgerechtigden al vroegtijdig te betrekken, bijvoorbeeld het verantwoordingsorgaan of het belanghebbendenorgaan.


De belangen van de belanghebbenden (deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden, pensioengerechtigden en werkgever) moet u vervolgens wegen. Mogelijk heeft u in fondsstukken bepaalde regels neergelegd over hoe u de afweging van belangen vorm geeft; dat dient u dan uiteraard bij uw besluitvorming te betrekken.
Indien uw premiebeleid is gewijzigd of wordt gewijzigd, dient u de gevolgen van de wijziging van het premiebeleid en de motivering voor de wijziging inzichtelijk te kunnen maken aan de belanghebbenden, het medezeggenschapsorgaan en uw intern toezicht.
Indien de pensioenopbouw ten opzichte van het vorige opbouwjaar wordt gewijzigd als gevolg van de wettelijke verlaging van het Witteveenkader, ligt het voor de hand dat de feitelijke pensioenpremie, bij gelijkblijvende omstandigheden, in principe in gelijke mate daalt. DNB verwacht daarom dat de marge tussen de kostendekkende premie en de feitelijke premie in principe niet wordt vergroot als gevolg van de verlaagde pensioenopbouw.
De belangenafweging moet uitmonden in een besluit, voorzien van een deugdelijke motivering.

Uw fonds zal richting de stakeholders moeten kunnen onderbouwen hoe de pensioenpremie is samengesteld en hoe een marge tussen de feitelijke en de kostendekkende premie ten goede komt aan verschillende groepen belanghebbenden (deelnemers, gewezen deelnemers, andere aanspraakgerechtigden en pensioengerechtigden). Hierbij kunt u mede gebruik maken van de DNB vragenlijst over de ex ante premiegegevens 2015.


Daarbij verwacht DNB dat u de verschillen in de marge op de kostendekkende premie ten opzichte van het jaar 2014 meeneemt in uw motivering van het besluit over de feitelijke premie.

Indien de feitelijke pensioenpremie niet navenant met de pensioenopbouw wordt verlaagd, verwacht DNB dat u onderbouwt waarom de premie niet navenant daalt en waarom uw besluit past in een evenwichtige belangenafweging.


De kostendekkende premie, de eventueel gedempte kostendekkende premie, de totale feitelijke premie en de samenstelling van de premiecomponenten dient u ook in het jaarverslag en jaarrekening te vermelden en dient u ook in de statenrapportage over het vierde kwartaal aan DNB te verstrekken.
III – Governance premiebesluit

De besluitvorming moet verlopen volgens de governance-regels die gelden voor het pensioenfonds. Het is zoals hiervoor gemeld, zinvol om vroegtijdig met vertegenwoordigers van pensioen- en aanspraakgerechtigden, zoals het verantwoordingsorgaan, in overleg te treden. Zodoende kunnen zij u informeren over het standpunt van het medezeggenschaporgaan of de belanghebbenden bij het fonds.


In de wet is een uitbreiding van het adviesrecht voor het verantwoordingsorgaan opgenomen. De uitbreiding van het adviesrecht voor het verantwoordingsorgaan treedt met ingang van 1 januari 2015 in werking. Vooruitlopend op deze wettelijke bepaling en gezien de bijzondere context van het premiebesluit voor 2015 vanwege de wettelijke verlaging van het Witteveenkader, acht DNB het passend dat u al in 2014 bij het besluit over de vaststelling van de kostendekkende en feitelijke premie over 2015, indien voor uw pensioenfonds van toepassing, het verantwoordingsorgaan in de gelegenheid stelt om voor het definitieve besluit advies uit te brengen.
Het belanghebbendenorgaan heeft thans al een goedkeuringsrecht op de vaststelling van de premie. Indien bij uw pensioenfonds sprake is van een belanghebbendenorgaan, dient u het voorgenomen besluit ter goedkeuring aan het belanghebbendenorgaan voor te leggen.
Bij de adviesaanvraag aan het verantwoordingsorgaan van het voorgenomen besluit, dient u conform artikel 115a, lid 6 Pensioenwet, een overzicht te verstrekken van de beweegredenen van het besluit en de gevolgen die het besluit naar verwachting voor de deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden zal hebben.
Na het verkrijgen van het advies over het voorgenomen besluit zult u een definitief besluit nemen. U dient het verwantwoordingsorgaan hierover schriftelijk te informeren. Indien u het advies van het verantwoordingsorgaan niet of niet volledig volgt dient u het verantwoordingsorgaan uit te leggen waarom u van het advies afwijkt.
Voorts geldt dat uw intern toezicht (Raad van toezicht, visitatiecommissie of niet-uitvoerend bestuurders bij gemengde bestuursmodellen) tot taak heeft om toe te zien op de evenwichtige belangenafweging van het fondsbestuur. DNB verwacht dat u ook richting uw intern toezicht inzicht kunt geven in de beweegredenen van het besluit en de gevolgen daarvan voor de belanghebbenden. Daarmee kan uw intern toezicht zich een beeld vormen hoe evenwichtige belangenafweging heeft toegepast bij uw besluit over de hoogte van de kostendekkende en feitelijke premie.


  • I – Vaststelling relevante feiten en omstandigheden bij het vaststellen van de premie
  • II - Afweging belangen bij het vaststellen van de premie
  • III – Governance premiebesluit

  • Dovnload 15.69 Kb.