Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Udl 22-02-2007 de klaviermuziek

Dovnload 20.27 Kb.

Udl 22-02-2007 de klaviermuziek



Datum13.11.2017
Grootte20.27 Kb.

Dovnload 20.27 Kb.

UDL 22-02-2007
DE KLAVIERMUZIEK
Mark Delaere
1. Instrumenten

Het enige gemeenschappelijke element van deze instrumenten is dat ze bespeeld worden met behulp van een klavier: toetsen die ingedrukt worden door de 10 vingers van een klavierspeler. Naar klank(productie) behoren de klavierinstrumenten echter tot zeer verschillende families:

- blaasinstrumenten: orgel

- tokkelinstrumenten: klavecimbel

- percussie-instrumenten: clavichord, piano (Illustratie 1)

- elektronische instrumenten: e-piano, synthesizer

Bouw en stemming van deze instrumenten kennen uiteraard een hele evolutie, die de behoeften van de componisten op de voet volgt.
2. Muzikale kenmerken

- timbre: voorgevormd en monochroom, met uitzondering van klavecimbel (luitregister) en vooral orgel (registers)

- meerstemmigheid

- stabiele klanksterkte (orgel), natuurlijk diminuendo (klavecimbel en piano)

- pianopedalen: demping en laten verder klinken van de toon

- snelheid van uitvoering (virtuositeit)


3. Functies

- orgel (sinds 14de eeuw): voornamelijk (para-)liturgische muziek

- klavecimbel (1600-1750): basso continuo, solo, huis en hof

- piano (sinds 1750): statussymbool, ontsluiting repertoire, openbare concerten


4. Genres

- orgel: orgelmissen, koraalbewerking, prelude/toccata en fuga, orgelsymfonie

- klavecimbel: dansen, suite, variaties, concerto

- piano: sonate, lyrisch klavierstuk, variaties, concerto


5. Klavecimbelmuziek tijdens de barok (1600-1750)

a) ‘Engelse virginalisten’ (rond 1600): William Byrd, John Bull en Orlando Gibbons

- dansen, variaties, fantasias, genrestukken

- idiomatisch: klaviertechniek


MZKVB 1 J. Bull, Melancoly galliard
b) Girolamo Frescobaldi (begin 17de eeuw)

- toccata’s, corrente’s, fantasia’s

- gebaseerd op improvisatie: grillig, virtuoos, gewaagd
MZKVB 2 G. Frescobaldi, Toccata prima (uit Il primo libro di toccate)
c) Franse klavecinisten (eerste helft 18de eeuw)

- François Couperin: Pièces de clavecin (1713-33), 220 stukken gegroepeerd in ‘ordres’ (suites), fijnzinnige karakterstukken (portret, emotie, gedachte), rijk versierd


MZKVB 3 F. Couperin, Les langueurs tendres
- Jean-Philippe Rameau: eenvoudiger dan Couperin
d) Johann Sebastian Bach

- orgelmuziek

- in zijn klavecimbelmuziek sluit Bach aan bij alle internationale barokstijlen en genres, zoals blijkt uit de titels van enkele hoofdwerken: Franse suites, Engelse suites, Italiaans concerto, Partitas (Duitse benaming voor suites), Franse ouverture

- daarnaast schrijft hij een aantal monumentale cycli (contrapunt): Goldberg-variaties, Welgetemperd klavier (2x24 preludes en fuga’s), Kunst der Fuge


Illustratie 2 J.S. Bach, Welgetemperd klavier, boek 2, fuga in do klein

MZKVB 4 J.S. Bach, Welgetemperd klavier, boek 2, prelude en fuga in do klein



6. Klaviermuziek tijdens de klassieke periode (1750-1800)

a) 2 componisten op de breuklijn

- Domenico Scarlatti: ééndelige ‘sonates’ voor klavecimbel

- Carl Philipp Emmanuel Bach: Fantasia’s en andere vrije stukken in de ‘Empfindsame Stil’ voor klavecimbel, clavichord of pianoforte


b) Joseph Haydn

- pianosonate: meerdelig werk voor piano solo, vaak driedelig (snel, traag, snel) maar grote vrijheid (toevoeging variaties)

- 47 pianosonates
c) Wolfgang Amadeus Mozart

- standaardisering van de pianosonate:

snel (sonatevorm)

traag (instrumentale liedvorm)

snel (rondo of sonatevorm)

- 19 pianosonates, variatiereeksen en 21 pianoconcerto’s


MZKVB 5 Pianoconcerto nr. 21 in do groot, trage beweging (ABA)
7. Pianomuziek tijdens de romantiek (1800-1900)

a) belangrijkste genres

- pianosonate: vierdelig (toevoeging scherzo), ‘doorwrocht’, absolute muziek

- lyrisch klavierstuk: kort ééndelig stuk in ABA-vorm, zangerig, soms buitenmuzikale verwijzingen, vaak gebundeld in cycli

- pianoconcerto
b) Ludwig van Beethoven

- evolutie van classicistische naar romantische en abstracte sonates

- uitbreiding aantal delen en duur

- experimenten met vorm (fuga, variaties, recitatief)

- 32 sonates, Diabelli-variaties en 5 concerto’s
MZKVB 7 Beethoven, Sonata quasi una fantasia in do# klein op. 27/2 (dl. 1)
Ook Franz Schubert (sonates, impromptus, moments musicaux) en R. Schumann (Carnaval, Phantasiestücke) schreven prachtige pianomuziek.
c) Virtuositeit

- ontstaan van de rondreizende, bejubelde pianovirtuoos

- improvisaties, concertstukken voor eigen gebruik, parafrases van bekende opera-aria’s, transcripties van orkestmuziek, genrestukken van wisselende kwaliteit
d) Frederik Chopin

- arpeggio’s, pedaalgebruik, rubato, virtuoos én muzikaal

- invloed van (Poolse) volksmuziek (Polonaise)

- lyrische klavierstukken, soms gebundeld (Preludes, Mazurkas, Nocturnes)


MZKVB 8 Chopin, Preludes nr. 5 (moto perpetuo), nr. 6 (beschouwend) en nr. 7 (mazurka)
e) Franz Liszt

- ‘demonische’ virtuositeit (Etudes d’exécution transcendante)

- formele en harmonische experimenten
MZKVB 9 F. Liszt, Bagatelle ohne Tonart (vierde Mephisto-wals)
Ook Johannes Brahms is een meester van de klaviermuziek.
8. Pianomuziek tijdens de 20ste eeuw
Tijdens de vorige eeuw werd de piano fundamenteel herdacht, hoewel heel wat componisten de romantische pianostijl succesvol bleven beoefenen (Skrjabin, Rachmaninov).

De vernieuwingen hebben betrekking op vier gebieden:


a) kleur (speelwijze en compositietechniek)

- Claude Debussy en Maurice Ravel

- ‘impressionnisme’: subtiele kleurverschillen d.m.v. articulatie, frasering, zetting
Illustratie 3 C. Debussy, Des pas sur la neige (1ste boek Préludes)

MZKVB 10 C. Debussy, Des pas sur la neige (1ste boek Préludes)


b) aanslag

- beklemtoning van de natuurlijke speelwijze

- behandeling als slagwerkinstrument: meer ritmische schrijfwijze
MZKVB 11 B. Bartok, Allegro Barbaro
c) kleur (instrument)

- uitbreiding van het instrument: ‘prepared piano’

- John Cage, Sonatas and Interludes: precieze bepaling van de structuur en van de preparatie, vrije invulling van de onderdelen (expressie, subtiliteit, emotie)

- minder nadruk op toonhoogte, meer op ritme en vooral kleur


Illustratie 4 Table of preparations

MZKVB 12 J. Cage, Sonatas and Interludes: Sonata nr. 4 en 5


d) onafhankelijkheid van de handen

- de virtuositeit wordt nog opgedreven door hoge tempi en ingenieuze ritmes

- synchroon/asynchroon

- benutting volledige register (88 toetsen)


MZKVB 13 G. Ligeti, L’escalier du diable (1993) uit Etudes pour piano

  • 2. Muzikale kenmerken
  • 5. Klavecimbelmuziek tijdens de barok (1600-1750)
  • 6. Klaviermuziek tijdens de klassieke periode (1750-1800)
  • 7. Pianomuziek tijdens de romantiek (1800-1900)
  • 8. Pianomuziek tijdens de 20 ste eeuw

  • Dovnload 20.27 Kb.