Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Uitgeverij de ster, ginnekenweg 124, 4818 jk breda

Dovnload 2.11 Mb.

Uitgeverij de ster, ginnekenweg 124, 4818 jk breda



Pagina38/53
Datum28.10.2017
Grootte2.11 Mb.

Dovnload 2.11 Mb.
1   ...   34   35   36   37   38   39   40   41   ...   53
182 De vormende kracht van de menselijke ziel in de droom
[1] JOHANNES begon als volgt te spreken: 'Mijn vriend Hiram! jij had vannacht een door jou zo genoemde lichtdroom en je zei, dat je ons allen met het schip reeds hier hebt zien binnenlopen, en zoals je hier uit eigen beweging zelf persoonlijk hebt toegegeven, waren wij dezelfden als dege­nen die je in je lichtdroom hebt gezien. Verklaar mij nu hoe dat mogelijk was volgens jouw wijsheid, die in haar soort geenszins gering te schatten is! Want als wij alleen maar lichamen en geen zielen zouden hebben, die tenslotte toch ook zonder een lichaam zouden kunnen voortleven, hoe hadden wij ons dan als zielen aanjouw tijdens je lichamelijke slaap eveneens wakkere en werkzame ziel kunnen tonen, terwijl onze lichamen zich rond die tijd nog ruimschoots in de streek boven Caesarea bevonden?"

[2] HIRAM zei: 'Ja, heel goed! Maar als dat in ernst jullie zielen waren, die vrij van hun lichaam reeds van te voren in deze baai rondvlogen, dan zou ik wel eens willen weten of jullie schip soms ook een ziel heeft! Kijk vriend, nu zijn we weer bij het oude, enigszins omstreden punt, waarover mijn vriend Aziona reeds eerder opheldering wilde hebben, maar door jou tot geduld gemaand werd. Maar nu ben ik zeer nieuwsgierig hoe je deze zeer netelige vraag zult beantwoorden!"

[3] Hier neemt JOHANNES de kruik en zegt: 'Vriend, je hebt dorst, ik zie het aan je! Hier, drink eerst, pas dan zullen we verder praten!"

[4] HIRAM zegt: 'Is dat soms zo'n Indische toverdrank, waarvan men bedwelmd raakt en dan op alle dwaasheden van de mensen ingaat?'

[5] JOHANNES zegt: 'Naast je staat Aziona, vraag hem of het een toverdrank uit Indië is!"

[6] AZIONA zegt onmiddellijk: 'Drink maar, je zult je daarna heel prettig voelen!"

[7] HIRAM zegt: 'Op jouw verantwoording, broeder!' Daarop nam Hiram de kruik en nam er enkele krachtige, volle teugen uit, omdat hij ook een zeer krachtige, sterke man was. Toen hij zijn dorst gelest had, zei hij heel verbaasd tegen Aziona: ‘kijk eens! Uit welke bron heb jij dit heerlijke water geput!'

[8] AZIONA zegt: 'Dat heb ik je al bij je hut verteld! Dit is hetzelfde door deze wonderbaarlijke vrienden in wijn veranderde water uit mijn bron, die je toch zeer bekend is!"

[9] HIRAM zegt: 'Werkelijk, deze kunst zou ik ook graag beheersen; want zo'n drank zou dit vergankelijke leven van mensen zoals wij af en toe toch een beetje aangenamer kunnen maken. Waarlijk, dit is nog de allerbeste wijn die ooit over mijn lippen is gekomen. Vanwege zulke wijn zou een mens wel een paar duizend jaar kunnen leven zonder er genoeg van te krijgen! Laat me nog eens een paar slokken nemen!"

[10] Aziona gaf HIRAM de kruik en deze nam nog een paar stevige teugen, bedankte toen Johannes en zei: 'Dit, beste vriend, is werkelijk zeer goed gegaan; maar of het je nu met het bewijs van de ziel van het schip ook zo goed zal gaan, is een andere vraag!"

[11] JOHANNES zegt: 'Beste vriend, dat is nog veel gemakkelijker! Maar eerst moet je weten, dat iedere ziel die geestelijk reeds volmaakt en nauw verbonden is met Gods geest, ook een beetje almachtig is en daarom heel gemakkelijk in één enkel moment zo'n schip kan creëren als een produkt van haar scheppend vermogen, en het ook zoals het in werkelijkheid bestaat, aan een vreemde ziel kan tonen als dat nodig is. En zie, dat was dan ook in de afgelopen nacht het geval, en daarom heb jij als ziel dan ook een schip kunnen zien dat ons droeg, zonder dat ons schip daarvoor een ziel nodig had. Je zag ons ook gekleed, zoals wij nu voor jullie in de natuur te zien zijn; dan zouden onze kleren immers ook een ziel moeten hebben! Maar deze zijn in zekere zin slechts een tijdelijk, creatief produkt van de ziel die in nauwe verbinding staat met Gods geest.

[12] Jij hebt ons dus zoals wij zijn in je droom duidelijk met de geestelijke ogen van je ziel gezien, en wij wisten goed dat jij, als de hardnekkigste wat je geloof betreft, ons zou moeten zien, en wij wilden het zo, om van te voren al iets te hebben waardoor je ogen alvast een beetje geopend zouden kunnen worden; want als wij nooit op de wereld, of zelfs helemaal niet­ hadden bestaan, -waarlijk, dan zou je ons nooit in een droom te zien hebben gekregen, al was die nog zo helder! Maar omdat wij hier zijn en wat onze geest betreft in God al van eeuwigheid af bestaan, was het ook niet moeilijk voor ons om jouw ziel ten behoeve van iets dat reeds lang voorzien was, in deze droomnacht voor enkele ogenblikken uit haar lichaam op te wekken, opdat ze datgene wat er zou gaan gebeuren in het grote licht van te voren kon zien. Kun je dat ook een spel van de grote natuur noemen!'

[13] HIRAM zegt: 'Beste vriend, je moet me niet kwalijk nemen dat ik gewoonlijk praat zoals ik denk! Kijk, dat jij op jouw manier een grote wijze en een meester van het woord bent, heb ik bij je eerste woorden al ontdekt! Met jouw redenaarstalent is het niet moeilijk om van een beer een wolf te maken, zoals bij ons het spreekwoord zegt.

[14] Ik heb je de droom, die ik werkelijk gehad heb, nu eenmaal heel eerlijk en open verteld en het is voor jou nu gemakkelijk om ervan te maken wat je wilt. Weet je, achteraf voor profeet spelen is werkelijk niet zo'n grote kunst; want iemand die goed kan redeneren kan alle omstan­digheden heel geraffineerd gebruiken en daaruit zomaar -zoals men dat zegt -voor de vuist weg een idee construeren dat als zodanig niets te wensen overlaat. Lichtvaardige mensen met weinig denkvermogen en weinig ervaring zouden hier reeds uitgepraat zijn en klem zitten; maar het koele, rustige verstand van een man met veel ervaring zonder enige gedrevenheid en vrees, heeft meer nodig dan alleen maar een voortreffe­lijke redeneerkunst van een jong en verder zeker ook degelijk en talentvol persoon.

[15] Eerlijk gezegd, is hetgeen je mij over mijn droom hebt gezegd absoluut niet te verwerpen en het is zeer de moeite waard om er dieper over na te denken; maar ik zal er iets uit mijn vele ervaringen en kennis tegenover­stellen. Als je me daarvoor een bevredigende verklaring kunt geven, dan zullen we spoedig met elkaar zaken kunnen doen!"

[16] JOHANNES zegt: 'Wacht vriend, om je beter te kunnen overtuigen van de innerlijke geestelijke levenskracht van de ziel in het mensenlichaam, zal ik jou, door uit je ziel te putten, nu haarfijn weergeven, wat jij me nu wilt vertellen als tegenbewijs voor mijn bewering en als een volgens jouw mening moeilijk te ontzenuwen verklaring van je visioen! Voor ieder onwaar woord kun je me meteen een flinke oorvijg verkopen!"

[17] HIRAM zegt: 'Vertel op! Ik ben er hoogst nieuwsgierig naar, maar zonder de door jou verlangde oorvijg bij een onjuistheid; want al dergelijke rechtvaardigingen en terechtwijzigingen zijn ons vreemd en zijn ons nooit eigen geweest, behalve in gevallen van uiterste noodweer. Vertel me dus gerust en onbekommerd wat je weet van mijn geheime ervaringen en belevenissen!"
183 Hirams magische belevenissen
[1] JOHANNES zegt: 'Wel, luister dan geduldig naar me! Kijk, jij die evenals al je metgezellen zo'n beetje een magiër was, hebt reeds enkele jaren voordat je in Griekenland met de apotheker Aziona tot het gezelschap toetrad, met een tovenares, Klia geheten, een reis naar Egypte onderno­men, bij welke gelegenheid je vanwege de te grote oppervlakkigheid van de toverkunsten van jou en van je assistente slechts zeer weinig verdiend hebt!

[2] In Alexandria hebben ook de straatjongens jullie toverkunsten meteen nagedaan -en soms ook nog betere en meer geslaagde! Jullie hadden daar dus heel weinig succes en trokken naar Cairo. Daar aangekomen wilden jullie optreden; maar men zei tegen jullie: 'Laat zien, wat je allemaal kunt!, en jullie gaven enkele proeven van jullie kunst. Men had met jullie te doen en zei: 'Beste mensen, hier hebben jullie enkele geldstukken voor onder­weg! In steden moeten jullie je hiermee niet laten zien; in sommige kleine plaatsjes kun je er misschien nog een boterham mee verdienen!'

[3] Toen trokken jullie verder naar Karnak, waar jullie ook niets konden doen en ook in Elephantine niet, en toch durfden jullie zelfs nog naar Memphis te gaan. Alleen, daar werden jullie geheel genegeerd! Als daar niet een Romeinse landvoogd zich over jullie ontfermd had, was het slecht met jullie afgelopen. Maar de goedmoedige Romeinse landvoogd gaf jullie vanwege de zeer mooie Klia drie maanden lang onderdak en liet jullie daar kennis maken met een reeds zeer welgesteld Perzisch magiërs gezelschap, opdat je hiervan iets zou kunnen leren.

[4] Wel, dit magiërs gezelschap was hier alleen maar toe bereid tegen de volgende prijs: behalve het hoge bedrag aan leergeld moest je nog tien volle jaren als het ware hun assisterende slaaf blijven! Toen heb jij de volgende berekening gemaakt: 'Tien jaar hun slaaf en het hoge leergeld van honderd pond?! Als ik negen jaar hun slaaf ben, -kunnen ze mij in het laatste, tiende jaar als slaaf dood slaan, opdat hun geheim in Griekenland niet verraden wordt, en dan waren mijn honderd pond en ikzelf verloren! De magiërs zouden die honderd pond hebben genomen, en de krokodillen in de Nijl mij! Neen, dat doe ik mezelf niet aan!'

[5] Dat was dus je goede en vaste besluit, dat je zo heimelijk in jezelf nam. Maar tegenover de magiërs zei je: 'Beste zeer wijze kunstenaars, pas als ik bij gelegenheid zo goed als al jullie grootste en geheimste stukken als gast zal hebben bijgewoond, zal ik met jullie een contract aangaan dat misschien nog voordeliger is!' Daar hebben de magiërs zich door laten misleiden en hebben tijdens hun uitvoeringen, die twee maal per week plaatsvonden, hun grootste en boudste stukken ten uitvoer gebracht.

[6] Ik wil de vele andere stukken, die nu voor ons gesprek niet belangrijk zijn, vanwege de kostbare tijd niet opnoemen, maar alleen degene die jou eigenlijk helemaal van je stuk hebben gebracht. En deze bestonden uit het volgende: Er trad een vitale, ongeveer dertig jaar oude Arabier naar voren die met heel ernstige en eerbied wekkende woorden aankondigde, dat hij een maagd alleen door de kracht van zijn wil en het opleggen van zijn blote handen ertoe kon brengen om aan iedereen die dat wenste zijn geheimen en verlangens en zelfs zijn gedachten kenbaar te maken. Ook zou ze ieders leeftijd, en als iemand dat zou wensen ook zijn toekomstige gelukkige en ongelukkige lotgevallen, precies en onfeilbaar voorspellen.

[7] Dat was voor jou een ware bliksem en donderslag. De vrouw werd nu naar voren geleid en op een rustbed geplaatst. De magiër legde haar zijn handen op, waarop ze insliep. Spoedig daarna raakte de maagd in een soort extase en begon met de magiër te praten, waarop deze zei: 'Wie nu iets wil vragen, kan komen, maar altijd hoogstens drie mensen, en onder de voorwaarde dat wanneer zij mensen aanwijst die zich moeten verwijderen, deze hier dan ook zonder meer gehoor aan geven, omdat hun anders iets onaangenaams zou kunnen overkomen! En iemand met een geweten dat niet helemaal zuiver is, moet vooral niet in de buurt van deze vrouw komen, maar via een bemiddelaar de vraag slechts aan mij stellen, dan zal haar door mij heel heimelijk het antwoord ingegeven worden! Deze toestand van de vrouw zal anderhalf uur duren!

[8] Na deze inleiding kwamen er meerderen naar voren en stelden de uitzonderlijkste vragen, en ieder kreeg een wonderlijk antwoord. Ook jij vroeg je leeftijd en naar je toekomstig lot. En wat de vrouw je heeft gezegd is tot nu toe allemaal haarfijn uitgekomen. En wat nog niet is uitgekomen, schijnt nu op dit moment en in het vervolg, in vervulling te gaan! - Zeg me, of het niet precies zo met je is gegaan!"

[9] HIRAM, totaal verbluft, zegt: 'Nee, dit is meer dan teveel, en meer dan duizend van die betoverde maagden; want hiervan heb ik zelfs jou, vriend Aziona, zeer weinig en eigenlijk bijna helemaal niets gezegd, en iemand anders al helemaal niet! Hoe is het mogelijk dat jij dat zo uiterst precies kunt weten? Neen, neen! Luister, ik vind je een hoogst merkwaardig mens! Ik begin me waarlijk ontzettend ongemakkelijk te voelen in jouw won­derlijke nabijheid!'

[10] JOHANNES zegt: 'Wel, dat zit wel goed; want we zijn niet hier om jullie ook maar enige schade te berokkenen, maar alleen om jullie, vooral geestelijk, zo gelukkig mogelijk te maken! Want zolang jullie niet eerst geestelijk gelukkig zijn, hebben jullie ook niets aan aards geluk! - Zal ik je nu ook vertellen over de droomopwekkingen van de bekende magiër in Memphis, die je nog het meest verbaasd heeft doen staan, en welke toverkunst je voorheen ons in de schoenen wilde schuiven in verband met je lichtdroom?"

[11] HIRAM zegt: 'O, beste vriend, laat dat maar allemaal! Ofschoon ik er geen idee van heb hoe die magiër zijn slapers bepaalde dromen kon laten dromen, ben ik er al bij voorbaat van overtuigd dat je dat allemaal tot in de details bekend is en dat jij hetzelfde op duizend maal meer geslaagde wijze tot stand zou kunnen brengen, als je dat zou willen. Want hoe jouw ogen - of God mag weten welke andere zintuigen van jou -de meest verborgen dingen in mij als uit een open boek kunnen lezen, is me een raadsel en zal dat ook tot in mijn graf blijven!"

[12] JOHANNES zegt: 'Zo niet, mijn vriend! Het gaat er geenszins om dat ik jou die Egyptische droom opwekkerij zou willen verklaren opdat jij daar dan kennis van hebt en er bijvoorbeeld later als een bijzondere magiër een heel goede boterham mee zou kunnen verdienen -want daarvoor moet je maar naar de Essenen gaan, die zullen hetzelfde voor je doen en misschien ook uitleggen -; maar waar het mij om gaat is, dat ik je het grote verschil wil laten zien tussen hoe wij iemand in een heldere droom waarachtig geestelijk kunnen verschijnen, en hoe die magiër, die later naar de Essenen is gegaan en zich nog bij hen bevindt, bij bepaalde slapers de dromen opwekte."

[13] HIRAM zegt en ook de zeer aandachtig luisterende AZIONA: 'Nou, daar zijn we werkelijk meer nieuwsgierig naar dan naar onze dood! Wij vragen je dringend, ons dat op een begrijpelijke manier uit te leggen!"

[14] JOHANNES zegt: 'Goed dan, luister naar me! Hoe wij jouw droom over ons en onze aankomst hier in jou teweeggebracht hebben, heb ik je even getrouwen waar uitgelegd als mijn huidige verslag van je Egyptische kunstreis met je lieflijke Klia waar en getrouw is. Zij heeft je toen alleen naar Griekenland laten terugkeren, omdat het haar in Memphis beter beviel! Dat hoef ik niet meer voor je te herhalen, omdat je anders zoals ook nu een goed geheugen hebt. Het gaat er dus alleen maar om hoe de magiër zijn slapers de dromen bezorgd heeft!

[15] Kijk, het hele magiërs gezelschap was zeer groot! Er waren er maar weinig die in het openbaar optraden, maar gasten die met hen een afspraak hadden gemaakt, waren er zeer velen. Die mochten echter nooit tegelij­kertijd met de hoofdmagiërs naar een grote stad komen. Ze kwamen pas naderhand, gedeeltelijk als handelslieden, gedeeltelijk als andere reizigers en deels als nieuwsgierigen die van de grote wonderbaarlijke kunstenaars­ die in deze stad binnenkort zouden optreden, al de zeldzaamste dingen hadden vernomen en hen hier wilden zien. Dat waren de zogeheten 'alarmeerders van het volk' die allen royaal van een en hetzelfde beroep leefden, omdat ze in een grote stad altijd duizenden ponden binnenhaalden.

[16] Wel, deze geheime leden van het magiërs gezelschap waren tijdens de voorstellingen heel eerbare toeschouwers, maar ze wisten precies wanneer ze zich op een gegeven teken konden laten gebruiken om het volk nog meer te misleiden. Er waren er dan ook enkelen bij die hun geheime dienst moesten verlenen bij de droomopwekking. leder wist allang waar hij van zou dromen als hij op verzoek van de magiër zogenaamd toevallig uit het midden van de toeschouwers naar voren trad en pathetisch en luid beweerde, dat hij om duizend pond wilde wedden dat de magiër bij hem geen droom kon opwekken, ondanks zijn magische inspanning.

[17] De weddenschap werd gewoonlijk aangenomen en de lawaaimaker beklom het podium en moest pro forma een slaapdrank innemen, waar zeker geen enkel druppeltje maansap (opium) inzat. Kortom, de man viel op een rustbed spoedig in een diepe slaap, waaruit hij met alle lawaai niet meer te wekken was. Als onze man dan eenmaal -vanzelfsprekend slechts schijnbaar­ echt vast sliep, trad de magiër met veel eerbiedwekkend pathos naar voren en zei tegen het volk: 'Is er niet iemand onder de vele toeschouwers die graag wil wensen wat deze slaper, die mijn kunst met voeten wil treden, moet dromen?'

[18] Al gauw meldde zich uit de menigte een van de vele aanwezige ingewijden, bijvoorbeeld in de gedaante van een met goud behangen, rijke koopman uit Rome of uit Persepolis, of in de gedaante van een andere, altijd zeer geachte gast en deze zei: 'Laat mij proberen of hij droomt wat ik denk en waarvan ik wil dat hij dit droomt!'

[19] Daarop sprak de magiër heel vriendelijk: 'Hooggeachte gast en bezoeker van dit grote optreden, wees nu zo vriendelijk om heel heimelijk uw gedachten aan de andere zeer geëerde gasten ter getuigenis mee te delen, maar niet aan mij; want ik zal ze door deze toverstaf uit de lucht opzuigen en dan aan deze slaper in een heldere droom laten verschijnen!'

[20] Dat gebeurde dan natuurlijk onder de hoogst gespannen aandacht van alle kanten. De magiër stak vervolgens zijn toverstaf in zijn mond en deed alsof hij serieus iets uit de lucht opzoog. Tenslotte zette hij de staf op zijn hoofd en raakte met het andere uiteinde van de staf het hoofd van de slaper slechts enkele ogenblikken aan.

[21] Dan werd de slaper, om het geheel nog indrukwekkender te maken, door machtig bazuingeschal gewekt en wreef enige tijd in zijn ogen alsof hij niet goed wist waar hij zich nu bevond. Maar toch kwam hij dan al gauw geheel bij en er werd heel vriendelijk aan hem gevraagd of hij ook wist wat hij gedroomd had; want er stond duizend pond op het spel, die hij natuurlijk zou verliezen als hij datgene had gedroomd wat de magiër hem wilde laten dromen. Mocht hij echter een andere droom gehad hebben, dan zouden hem ogenblikkelijk die duizend pond door de magiër uitbetaald worden. Maar hij werd ten strengste gemaand om de zuiverste waarheid te spreken, anders zou de wonderlijke maagd geroepen worden die hem dan in het bijzijn van duizenden zou logenstraffen.

[22] Daarop begon de slaper, ogenschijnlijk enigszins verlegen, zijn droom te vertellen, en toen hij aan het eind kwam, betuigden alle gasten luid dat het precies dezelfde droom was die zij reeds kenden voordat de magiër hem door zijn toverstaf uit de lucht ingezogen had en daarna pas door de slaper liet dromen.

[23] Daarop deed de slaper alsof hij heel berouwvol was door de macht van de magiër, en de magiër speelde dan gewoonlijk de grootmoedige en gaf de overmoedige en onervaren wedder de duizend pond terug met de opmerking, dat hij een volgende keer bij zo'n boud optreden niet meer zo toegeeflijk behandeld zou worden, wat dan natuurlijk nog meer goedkeurende bijval onder de toeschouwers veroorzaakte.

[24] Daar heb je nu uitvoerig alles over de Egyptische droomopwekkingen! Hoe bevalt je nu dit kunststuk, en welk verschil zie je tussen deze en onze droomopwekkingen?"

[25] HIRAM zegt: 'Het is inderdaad precies zoals je het nu uitvoerig hebt verteld in Memphis gebeurd! O, wat is dat een schandelijk bedrog! Ach, ach, neen, het is te dom, dat ik dat toen niet meteen begrepen heb! Wel, die geschiedenis met de waarzeggende maagd zal ook wel geheel op hetzelfde gebaseerd zijn!"

[26] JOHANNES zegt: 'Ja, dat ging op dezelfde manier -behalve wat ze jou heeft voorspeld; maar daar zat een geheelonzichtbare magiër achter, die al sinds lang zijn alziend oog op jou gericht had! - Heb je me nu al iets beter begrepen?"


184 Het bestaan van de menselijke ziel vóór het lichamelijke leven en erna
[1] HIRAM zei: 'Mijn oneindig geachte vriend, om jou te begrijpen is werkelijk meer nodig dan het harde en zeer beperkte verstand van een cynicus! Door jullie merkwaardige, nooit vermoede verschijnen, wekken jullie gedachten bij ons op die ons niet meer loslaten, en ik begin bijna waar te nemen dat er zich in een mens duidelijk een hoger wezen moet bevinden dan alleen dat, wat wij ons heel beperkt als mens voorstellen. En ik den~ nu dat ik het me ongeveer zo voor moet stellen dat dit hogere wezen rn de mens zowel vóór als na dit lichamelijke bestaan existeert; want zie, toen ik in Egypte was kon jij nauwelijks al op de wereld zijn geweest!

[2] Maar toch moet je innerlijke geest reeds lang van tevoren bestaan hebben, opdat hij als een onzichtbare getuige bij al mijn handelingen, die hem misschien om voor mij onbekende redenen nader aangaan, aanwezig kon zijn. Alleen op die manier kan ik mij jouw volledige kennis en volledige inzicht in al mijn levensomstandigheden een beetje voorstellen! Weliswaar was je van de levensomstandigheden van Aziona even goed op de hoogte als van de mijne. Maar dat maakt nu niet bepaald veel verschil; want jij, als een nog zuivere oergeest, hebt je alziende geestelijke ogen zeker zowel op hem als ook op mij gericht! Een pre-existentie van je innerlijke geest valt zodoende niet gemakkelijk meer te ontkennen, en ook niet het gelijktijdig bestaan ervan met je lichaam; maar hoe ziet het er nu uit met het voortbestaan van die geest na het lichamelijk leven? Dat lijkt tot nu toe nog geheel vergrendeld te zijn!"

[3] JOHANNES zegt: 'Veel minder dan voor het bestaan vóór dit leven! Zeker, er is ook wel sprake van een pré-existentie, maar die is niet zo vrij, individueel, als het bestaan na dit leven; want opdat het geestelijk bestaan met voortdurend zeer sterk gebonden blijft aan en in de oergeest van de eeuwige en oneindige Godheid, heeft de Godheid Zelf de materie geplaatst tussen Zichzelf en de geest die mens moet worden, opdat de oorspronkelijk goddelijke mensengeest, als hij een godgelijke zelfstandigheid wil bereiken, uit de meer etherische delen van de ziel een op hemzelf gelijkend wezen maakt, het met een substantiële, maar toch ook geestelijk intelligente ziel tot leven brengt, en deze ziel dan ongemerkt verder ontwikkelt in de grootst mogelijke vrijheid van haar wil. En wanneer deze ziel dan in alle goede kennis en de werkzaamheid die het gevolg daarvan is, zo zeer is gegroeid, dat zij op haar oergoddelijke geest is gaan lijken, -hoofdzakelijk door de ware kennis van de enig ware, eeuwige God, in de liefde tot Hem en daardoor ook tot de naaste -en daarbij vol deemoed, geduld en bescheidenheid is, dan vindt er een voor alle eeuwigheden onscheidbare eenwording plaats van de ziel met haar oereeuwige geest.

[4] En daardoor geschiedt dan het volgende: De uit de materie afkomstige ziel wordt dan zelf geheel geest; de geest wordt dan tot ziel in de ziel en is daardoor een eeuwig vrij, zelfstandig en een geheel op God gelijkend vrij zelfstandig werkzaam wezen, dat alle eigenschappen heeft gekregen die de oereeuwige Godheid eigen zijn.

[5] Dat het lichaam daarna geen rol meer speelt en ook niet meer kan spelen, is gemakkelijk zonder verdere uitleg te begrijpen! Want de voeding die een mens dagelijks tot zich neemt maakt immers ook gedurende bepaalde tijd een periodiek voedingsdeel van het menselijk lichaam uit, waaruit het reeds consistente lichaam en hieruit dan ook de ziel hun substantieel specifieke voeding en aanvulling halen. Maar als het periodie­ke voedingslichaam het zijne heeft gedaan, wordt dit als verder onbruik­baar, uit het met de ziel nog nauw verbonden consistente lichaam verwij­derd. Als het als een zeer grof materieel deel van het lichaam in het consistente en met de ziel reeds nauwer verwante lichaam zou blijven, zou dit zonder meer leiden tot de onvermijdelijke dood van het meer consis­tente lichaam.

[6] Maar zodra de ziel voldoende ontwikkeld is in het lichaam, dat wil zeggen zowel wat vorm betreft alsook naar het vrije inzicht, liefhebben, willen en handelen, hoe dat er ook uitziet, dan zijn er twee gevallen mogelijk: óf de ziel is ook helemaal rijp voor haar goddelijke geest, dat wil zeggen, dat ze reeds helemaal geestelijk is; óf de ziel is op zichzelf wel reeds als een geestelijk wezen ontwikkeld en zogezegd consistent, maar het innerlijke, geestelijke element is nog zeer twijfelachtig, en vertoont ten gevolge van haar grote en noodzakelijk geheel vrije zelfbeschikking veel meer neiging om weer geheel in de materie over te gaan, dan om vrij uit te vliegen naar haar geestelijk element; in beide gevallen wordt ze van haar lichaam ontdaan.

[7] In het eerste en natuurlijk gelukkigste geval heeft de goddelijke mensengeest met de ziel reeds zijn doel bereikt en heeft dan eeuwig geen stoffelijk middel meer nodig, omdat hij hiermee eenmaal zijn doel reeds voor eeuwig heeft bereikt. Als in het andere geval de alziende en alvoelende geest merkt, dat zijn door hem tevoorschijn geroepen en uit de materie gevormde ziel zich in de loop der tijd weer naar het element begint te neigen waaruit zij oorspronkelijk werd genomen, -dan wordt zij door haar oergoddelijke geest uit het lichaam getrokken, ook al gaat dit met de grootste pijnen gepaard en wordt zij aan gene zijde, dus in het rijk der zielen, door haar geest ontwikkeld, maar altijd zo ongemerkt mogelijk; want iedere onvrije en gerichte vorming van een ziel zou nog slechter zijn dan helemaal geen.

[8] Maar toch moet ik hierbij wel opmerken, en dat moeten jullie je zeer ter harte nemen, dat de ontwikkeling van een ziel als deze pas aan gene zijde plaats vindt, ten eerste veellanger duurt en dan ook nooit helemaal zo'n allerhoogste graad kan bereiken, als wanneer de vorming en ontwik­keling van de ziel reeds hier, nog in het lichaam, is geschied; want daardoor wordt ook het edelere deel van het lichaam mede geheiligd, en bijna al het vlees bereikt met de ziel en met haar hiermee één geworden geest een soort verheerlijking en onmiddellijke opstanding, en vormt dan voor eeuwig een met ziel en geest volledig één geworden wezen. Maar dat bereiken op aarde slechts uiterst weinigen, - kort na de lichamelijke dood echter zeer velen. -En zie, kaarsrecht, precies overeenkomstig de diepste waarheid, heb je nu het bestaan van ieder mens na dit leven voor je!

[9] Komt iets je nog vreemd voor of is het moeilijk te begrijpen, dan kun je nu gemakkelijk hierover een nieuwe vraag aan mij stellen. Daarom ben jij nu weer aan het woord of ook je vriend Aziona. Denk en spreek, en ik zal jullie dan wel weer een juist antwoord geven!"

1   ...   34   35   36   37   38   39   40   41   ...   53


Dovnload 2.11 Mb.