Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Universiteit van Amsterdam Afstudeerseminar

Dovnload 225.26 Kb.

Universiteit van Amsterdam Afstudeerseminar



Pagina2/6
Datum05.12.2018
Grootte225.26 Kb.

Dovnload 225.26 Kb.
1   2   3   4   5   6
1. Inleiding

"In township Ramaphosa bij Johannesburg sleurde een meute Ernesto Nhamuave uit zijn huis en werd hij met een betonblok tegen de grond geslagen. Vervolgens werd hij in brand gestoken. Voor de ogen van journalisten, fotografen en politieagenten zakte hij geluidloos

op zijn knieën, terwijl hij werd verteerd door de vlammen. De menigte keek lachend toe." (Vermeulen, 2009, p. 14).
De geschiedenis van Zuid-Afrika is even bloederig als de verbranding van Errnesto Nhamuave. Deze geschiedenis van woede is ongeveer vierhonderd jaar oud, sinds de Hollanders de kaap in bezet namen (Coplan, 2009). De Hollanders raakten al snel in conflict met de plaatselijke bevolking: de Khoisan. Dit leidde tot een bloederige oorlog waarin de Hollanders de Khoisan voor negentig procent uitmoorden. De daarop volgende oorlog was die tussen de blanken; in deze Boerenoorlog vochten de Afrikaners en de Britten om zuidelijk Afrika. Toen een halve eeuw later de Afrikaner Nasionale Party de verkiezingen won, betekende dit het begin van het apartheidsregime (Vermeulen, 2009). De blanken bij de blanken en de zwarten bij de zwarten. Op deze manier ontstonden homogene wijken en later zelfs homogene staten; de zogenaamde thuislanden. Dit maakte het apartheidsregime een absolute haatzaaier. Ten tijde van dit regime werden juist de verschillen tussen de verschillende bevolkingsgroepen benadrukt in plaats van de overeenkomsten. Decennia lang werd er een beleid gevoerd van uitsluiting, vernedering en beroving. Met als gevolg dat er langzamerhand een steeds groter wordende woede onder de zwarte bevolking werd gecreëerd (Vermeulen, 2009). In dit beleid bestonden er alleen maar rechten voor de blanken en niet voor de zwarten. De apartheidspolitie verdedigde deze rechten. Ook na het afschaffen van de apartheid in 1994 bleef de politie een symbool van onderdrukking.

Door deze bloederige geschiedenis en een racistisch regime in de twintigste eeuw ontstond een sterk positief gevoel tegenover de ‘in group’, ofwel de eigen groep, en sterke negatieve gevoelens tegenover de ‘out-group’, ofwel de buitenstaanders (Coplan, 2009). In deze geweldcultuur waarin nog steeds weinig was veranderd, zochten de Zuid-Afrikanen na aanhoudende teleurstellingen over de economische situatie en leefomstandigheden een zondebok. In de townships keken de Zuid-Afrikanen om zich heen en zagen voornamelijk buitenlanders, die wel werk hadden en woonden in stenen huizen (Vermeulen, 2009). Deze haat tegen vreemdelingen in Zuid-Afrika kwam in mei 2008 tot een gruwelijk dieptepunt. In deze periode vielen 62 doden en sloegen tienduizenden migranten op de vlucht (Coplan, 2009). De samenleving van Zuid-Afrika werd al langer gekenmerkt door xenofobie, oftewel vreemdelingenhaat, maar in mei 2008 leidde dit tot het zwaarste geweld tegen vreemdelingen tot op heden (Mons, 2008). De escalatie van de haat jegens migranten ontstond in een township in Johannesburg en verspreidde zich snel over de rest van het land. Veel migranten trekken naar Zuid-Afrika vanwege de slechte economische situatie in hun eigen land in vergelijking met die van Zuid-Afrika. Als rijkste land in de regio trekt het veel arbeidsmigranten. Het betreft voornamelijk migranten uit Zimbabwe, Mozambique en Nigeria. Er leven ongeveer tussen de drie en vijf miljoen migranten in Zuid-Afrika. Ondanks de armoede en hoge werkloosheid komen toch veel immigranten aan werk. In tegenstelling tot Zuid-Afrikanen nemen ze meer 'vies' werk aan en nemen ze genoegen met minder salaris (Mons, 2009). Hierdoor ontstaat vanuit de autochtone zwarte bevolking de negatieve houding jegens buitenlanders. Ze zouden hun banen en vrouwen innemen en door zowel corruptie als het verkopen van drugs de criminaliteit in de hand spelen.

Ook ik ben in deze bloederige geschiedenis terecht gekomen. Ten tijde van deze aanvallen op buitenlanders woonde ik voor een half jaar in Kaapstad. Veel buitenlanders trokken naar het centrum van de stad om de rellen in de townships te ontvluchten. Veel vluchtelingen zochten hulp bij de kerkelijke gemeenschap in de stad. Vrijwilligers boden hulp bij verstrekken van eten en slaapplaatsen aan de vluchtelingen. Ook ik hielp mee en kwam zo in contact met de vluchtelingen. Hierdoor is mijn belangstelling voor het probleem in Zuid-Afrika ontstaan. De afbeelding van de brandende Ernesto Nhamuave is een afspiegeling van de woede van de (zwarte) Zuid-Afrikaanse bevolking. Bijna vijftien jaar na de afschaffing van de apartheid wonen nog steeds de meeste Zuid-Afrikanen in krottenwijken en is er geen uitzicht op verbetering. Toen de foto van Ernesto Nhamuave aan de wereld werd getoond leverde dit verschillende reacties op (Pillay, 2008). Afschuw over de gruwelijkheden die begaan werden, was de eerste reactie in het Westen. De bloederige geschiedenis is een van de redenen van de scheve verhoudingen tussen de verschillende bevolkingsgroepen in Zuid Afrika. Maar dit zal niet de enige reden zijn van de uitbarstingen van geweld in mei 2008 tegen migranten.

De geschiedenis van Zuid-Afrika, de armoede en werkloosheid zijn belangrijke oorzaken van de vreemdelingenhaat in het land. Maar wat is de rol van de media in de verstandshoudingen tussen de verschillende bevolkingsgroepen en de uiteindelijke escalatie van het conflict in mei 2008? De representatie van dit conflict in de massamedia is voor meerdere zaken van belang. Ten eerste is het belangrijk voor de nationale en internationale publieke opinie. Ten tweede is het belangrijk voor het voeren van beleid door overheden. Tot slot is er het belang van de verslaggeving in de Zuid-Afrikaanse media over het conflict en de effecten daarvan op de Zuid-Afrikaanse bevolking. Hoe reageerde de Zuid-Afrikaanse bevolking op foto met de in brand staande Ernesto Nhamuave? Was dit wederom een bevestiging van de verschillen tussen de bevolkingsgroepen die ten tijde van de apartheid zijn ontstaan? Kortom; in hoeverre speelt de media een rol in dit conflict? Treedt er 'Journalism of attachement' op? Volgens Bell (2008) is dit het verschijnsel waarbij journalisten maatschappelijk betrokken raken bij een conflict. Maar zijn Zuid-Afrikaanse media niet al automatisch betrokken bij het conflict en kiezen ze vanzelfsprekend het standpunt van de Zuid-Afrikanen en daarmee dus tegen de migranten? In dit literatuuronderzoek zal verschillende literatuur met elkaar vergeleken worden om antwoord te kunnen geven op de volgende vraag:


Wat is de rol van de nationale media in post-apartheid Zuid-Afrika in de verslaggeving over de verhoudingen tussen Zuid-Afrikanen en buitenlanders uit andere Afrikaanse landen?
Het doel van dit onderzoek is om meer inzicht te geven en meer duidelijkheid te scheppen in de reeds bestaande literatuur. Door meer inzicht te geven in de rol van de media als het gaat om xenofobie en het geweld wat hiertoe heeft geleidt in mei 2008, zou wellicht in de toekomst eenzelfde escalatie voorkomen kunnen worden.

1   2   3   4   5   6


Dovnload 225.26 Kb.