Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Verordening finan­ciering mosselpromotie 2012

Dovnload 37.52 Kb.

Verordening finan­ciering mosselpromotie 2012



Datum27.04.2017
Grootte37.52 Kb.

Dovnload 37.52 Kb.

Verordening finan­ciering mosselpromotie 2012



Verordening van het Productschap Vis van 29 september 2011, houdende regels ter zake van de aan de onder het Productschap Vis ressorterende ondernemers op te leggen bestemmingsheffing ten behoeve van promotie voor mosselen voor het jaar 2012 (Verordening financiering mosselpromotie 2012)


Het bestuur van het Productschap Vis;
Gelet op de artikelen 95 en 126 van de Wet op de bedrijfsor­ganisa­tie

en artikel 7 van het Instellingsbesluit Productschap Vis (Stb. 2003, 253);

Gehoord de Mosseladviescommissie;
Besluit:

Artikel 1


1. In deze verordening wordt verstaan onder:



a. Instellingsbesluit : Besluit van 3 juni 2003, houdende instelling van een productschap

Productschap Vis voor ondernemingen op het gebied van de visserij, be- en verwerking van vis en de handel in vis en visproducten (Stb. 2003, 253);

b. productschap : het Productschap Vis, als bedoeld in artikel 3 van het Instellingsbesluit Productschap Vis;

c. bestuur : het bestuur van het productschap;

d. voorzitter : de voor­zitter van het pro­ductschap;

e. secretaris : de secretaris van het productschap;

f. ondernemer : degene die een onderne­ming drijft, waar­voor het productschap is inge­steld;

g. fonds : het fonds ingesteld krachtens artikel 2, eerste lid, van de Verordening instelling van een fonds voor de mosselsector 2007;

h. mosselen : schelp­dieren uit het geslacht Mytilus of uit het geslacht Perna;

i. tarra : alles wat niet tot de mossel behoort zoals losse schelpen, zeesterren, slikmosselen, slippers, pokken, kluiten modder, stenen, dode of kapotte mosselen als ook zaadmosselen met een lengte van minder dan 45 mm;

j. aanvoeren : het aan land brengen van mosselen;

k. ton : een in­houdsmaat van 1/7 m3;

l.Nederlandse wateren : de wateren die vallen onder de soevereiniteit of jurisdictie van Nederland;

m. productiegebied : een gebied in zee, in een lagune of in een estuarium waarin zich hetzij natuurlijke gronden voor mosselen, hetzij gebieden die worden gebruikt voor de kweek van mosselen bevinden en waar levende mosselen worden verzameld;

n. heruitzettingsgebied: een gebied in zee, in een lagune of in een estuarium dat uitsluitend is bestemd voor de natuurlijke zuivering van levende mosselen;

o. verwaterplaats : een gebied in zee, in een lagune of in een estuarium dan wel een op land geplaatst of drijvend bassin of andere installatie met zeewater of brakwa­ter, welke is bestemd voor het verwate­ren of bewaren van mosselen;

p. zuiveringscentrum : een bedrijf dat over waterbekkens beschikt die worden voorzien met van nature schoon zeewater of met door middel van een geschikte behandeling schoon gemaakt zeewater, waarin levende mosselen worden gehouden gedurende de tijd die nodig is om de microbiolo­gische contaminanten te elimineren, zodat ze geschikt worden voor menselijke consumptie;

q. verzendingscentrum : een op land gevestigd of drijvend bedrijf, dat is bedoeld voor de ontvangst, het verwateren, wassen, reinigen, sorteren en verpakken van levende mosselen die geschikt zijn voor menselijke consumptie.

2. Voor de toepassing van het bepaalde bij of krachtens deze verordening vindt het aanvoeren van

mosselen - voor zover dit geschiedt met een vaartuig - plaats op het tijdstip waarop het vaar­tuig direct of indirect verbinding met de wal heeft ver­kre­gen.

3. Indien mosselen, niet zijnde ingevoerde mosselen, op een verwaterplaats worden gelost voordat het vaartuig direct of indirect verbinding met de wal heeft verkregen, vindt het aanvoeren van de mosselen, in afwijking van het tweede lid, plaats op het tijdstip waarop de mosselen worden gelost op de verwater­plaats.



Artikel 1a

Onder het productschap ressorterende ondernemers zijn wegens de uitoefening van hun bedrijfsactiviteiten in de periode van 1 januari 2012 tot en met 31 december 2012 aan en ten behoeve van het productschap een heffing verschuldigd volgens de in de artikelen 2, 3 en 4 vermelde heffingsgrondslagen met de daarbij behorende tarieven. De berekening en de wijze van betaling vinden plaats, zoals in de Verordening Algemene Bepalingen Productschap Vis 2006 is bepaald.




Artikel 2


1. Elke ondernemer is aan het product­schap ten bate van het fonds ter financiering van mosselpromotie een hef­fing ver­schul­digd wegens:

a. het aanvoeren van levende mosselen die afkomstig zijn uit productiegebie­den welke gelegen zijn in de Nederlandse wateren;

b. het in een verzendingscentrum ontvangen van levende mosselen die afkomstig zijn uit:

1. productiegebieden welke gelegen zijn in de Nederlandse wateren;

2. heruitzettingsgebieden welke gelegen zijn in de Nederlandse wateren;

3. zuiveringscentra welke gelegen zijn in Nederland;

4. verwater­plaatsen welke gelegen zijn in Nederland of de Neder­land­se wateren.

c. de inkoop van levende mosselen die niet afkomstig zijn uit de gebieden genoemd in het

eerste lid, onderdeel b.

2. Voor de toepassing van het bepaalde in het eerste lid, onderdeel b, onder 4, worden levende mosselen die afkomstig zijn uit een verwater­plaats welke gelegen is in Nederland of de Neder­land­se wateren, geacht in een verzendingscentrum te zijn ontvangen op het tijdstip waarop de mosselen worden gelost op de verwaterplaats.


Artikel 3


1. De heffing wegens de handeling, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, bedraagt € 0,10 per elke aangevoerde ton mosselen.

2. De heffing wegens de handeling, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, bedraagt € 0,10 per elke ontvangen ton mosselen.

3. De heffing wegens de handeling, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel c, bedraagt € 0,10 per elke ingekochte ton mosselen.



Artikel 4

De secretaris kan, namens het bestuur, beslissen op een verzoek van een ondernemer om via de

Mosselveiling te Yerseke betaalde heffingen, als bedoeld in artikel 2, eerste lid onder b, binnen één week te restitueren als deze ondernemer in ieder geval aan de volgende voorwaarden voldoet:


  1. de ondernemer dient een verzoek in bij het productschapskantoor te Yerseke onder vermelding van de partij mosselen, het productiegebied of verwatergebied waarvan deze partij afkomstig is en het productiegebied waarvoor deze partij bestemd is;

  2. de ondernemer brengt de partij mosselen naar het ponton van de Mosselveiling en laat de medewerkers van het productschapskantoor te Yerseke deze partij opmeten en de tarra vaststellen als deze gegevens van de partij nog niet bekend zijn;

  3. de ondernemer voor de betreffende partij mosselen de gegevens van de black box ter beschikking stelt indien de medewerkers van het productschapskantoor te Yerseke hierom verzoeken;

  4. de ondernemer andere gevraagde gegevens ter beschikking stelt of meewerkt aan nader onderzoek indien de secretaris hierom verzoekt.



Artikel 5


1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2012. Indien het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin deze verordening wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 31 december 2011, treedt deze verordening in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en werkt deze terug tot en met 1 januari 2012.

2. Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening financiering mosselpromotie 2012.

Rijswijk, 29 september 2011

D.C. Faber D.A.M. Risseeuw

voorzitter secretaris



TOELICHTING

Op grond van artikel 126, eerste lid, van de Wet op de bedrijfsorgani­satie kunnen bedrijfslichamen bij verordening aan ondernemers waarvoor zij zijn ingesteld, heffingen opleggen. De onderhavige verordening betreft een bestemmingsheffingverordening voor het kalenderjaar 2012. De mosseladviescommissie heeft positief geadviseerd omtrent de hoogten van de heffingen als bedoeld in artikel 3.


De baten voortvloeiende uit de Verordening financiering mosselpromotie 2012 komen ten gunste van het fonds ingesteld krachtens artikel 2 van de Verordening instelling van een fonds voor de mosselsector 2007. Op grond van de onderhavige verordening wordt een heffing opgelegd aan ondernemers die mosselen aanvoeren, verhandelen of inkopen, welke heffing ten goede komt aan het fonds voor de mosselsector voor mosselpromotie. In overeenstemming met de Europese regelgeving zijn alleen Nederlandse ondernemers de heffing ingevolge artikel 2 en 3 verschuldigd.
De heffing wegens het aanvoeren is even hoog als de heffingen wegens de ontvangst in een verzendcentrum van levende mosselen of het inkopen van levende mosselen, maar geldt alleen voor de Nederlandse aanvoerders van levende mosselen. Los van de oorsprong van de levende mosselen wordt wegens de aankoop van levende mosselen een heffing opgelegd aan Nederlandse ondernemers.

De heffing wegens het inkopen van levende mosselen (die niet afkomstig zijn uit in Nederland gelegen productiegebieden, heruitzettingsgebieden, zuiveringscentra of verwaterplaatsen) is even hoog als de heffing wegens het in een verzendcentrum ontvangen van levende mosselen (die afkomstig zijn uit in Nederland gelegen productiegebieden, heruitzettingsgebieden, zuiveringscentra of verwaterplaatsen).


Doelstelling van de regeling is het bijdragen in de kosten van verkoopbevordering en reclame verenigbaar met het bepaalde in de Europese regels omtrent steunmaatregelen, zoals de Richtsnoeren voor het onderzoek van de steunmaatregelen van de staten in de visserij- en de aquacultuursector (PbEU 2008 C 84/10).
De middelen van het fonds voor mosselpromotie worden aangewend voor uitgaven ten behoeve van de collectieve promotieactiviteiten, in de meest ruime zin van het woord. Onder collectieve promotie wordt verstaan de promotie van mosselen in het algemeen zonder dat deze gericht is op de bevordering van de verkoop van mosselen van bepaalde bedrijven. Promotieactiviteiten worden niet afgestemd op handelsmerken en verwijzen niet naar een land of geografisch gebied.
Uit het fonds worden onder andere advertenties in kranten, verspreiding van folders, posters en receptenboekjes en het organiseren van manifestaties en tentoonstellingen gefinancierd. Voor het overige wordt verwezen naar het jaarverslag en het financieel verslag van het Productschap Vis. Daar de mosselsector overwegend bestaat uit mkb-ondernemingen is voor financiering van collectieve promotie geopteerd voor een heffing met een publieke grondslag. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan het collectieve belang van de regeling en kan één en ander effectief en efficiënt worden geregeld. Voor individuele bedrijven en dan voor met name de kwekers, is het veelal niet goed mogelijk om zelf te voorzien in de bedoelde vormen van verkoopbevordering en reclame. Bovendien betalen alle ondernemingen bij een collectieve aanpak mee, zodat wordt voorkomen dat er bedrijven zouden zijn die wel profiteren van de verkoopbevordering en reclame, maar niet meebetalen (free-riders).
De ingekochte levende mosselen worden in Nederland in de productiegebieden verder gekweekt, verwaterd, gezuiverd of be- en verwerkt. De ingekochte levende mosselen ondervinden daarbij eveneens de baten van de acties ter bevordering van de verkoop van levende mosselen, welke ten laste komen van het fonds voor mosselpromotie. In artikel 2, eerste lid, is derhalve vanaf het heffingsjaar 2003 dan ook een nieuwe heffingsgrondslag opgenomen. Een ondernemer is ingevolge artikel 2, eerste lid onderdeel c, een heffing verschuldigd wegens de inkoop van levende mosselen, die afkomstig zijn uit andere gebieden dan de in Nederland gelegen productiegebieden, heruitzettingsgebieden, zuiveringscentra of verwaterplaatsen als bedoeld in artikel 2, eerste lid onderdeel b.
Uit het buitenland afkomstige mosselen worden in de meeste gevallen ontvangen in het Nederlandse verzendingscentrum, waar nog een bewerking plaatsvindt voordat zij als consumptiemossel worden verpakt en daarna verkocht worden aan de tussenhandel c.q. de detailhandel (zowel in Nederland als in bijvoorbeeld België, Frankrijk en Duitsland). Verschil met rechtstreekse afzet op de Nederlandse markt is, dat in dit geval de al verpakte consumptiemosselen niet aankomen in een verzendcentrum, maar in een inrichting of groothandel. Hier worden deze al verpakte consumptiemosselen dan alleen nog gekoeld bewaard. In verband met de versheid van het product duurt dit 1 tot 7 dagen. Deze consumptiemosselen vallen buiten de heffingsplicht.
De kosten worden voor een belangrijk deel gefinancierd uit de opbrengsten van de bestemmingsheffingen als bedoeld in artikel 2. De hoogten van de bestemmingsheffingen als bedoeld in artikel 3, eerste lid zijn ten opzichte van het jaar 2011 verlaagd. Op verzoek van de Mosseladviescommissie zijn deze heffingen verlaagd rekening houdende met de wens om de opgebouwde reserve in het fonds voor de mosselsector terug te laten lopen en het verwachte aantal tonnen aangevoerde, aan- en ingekochte mosselen in 2012.
De begrote baten van deze bestemmingsheffing, zoals in de begroting opgenomen onder de bestemmingsreserve Promotie, bedragen voor het jaar 2012 € 100.000,- .
De heffing in deze verordening is ingevolge artikel 108, derde lid, van het EU-Werkingsverdrag, inzake steunmaatregelen van de lidstaten, aangemeld bij de Europese Commissie. Ingevolge de goedkeuringsbeschikking van de Europese Commissie is de onderhavige steunmaatregel (bekend onder steunnummer N 406/98 gewijzigd bij N 75/2003) vastgesteld conform de artikelen 107, 108 en 110 van het EU-Werkingsverdrag en is ook voor het overige verenigbaar met de gemeenschappelijke markt. Conform artikel 128, vierde lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie behoeft deze verordening niet de goedkeuring van de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.
De maximale toegestane heffing, zoals aangemeld en goedgekeurd door de Europese Commissie, bedraagt € 2,00 per aangevoerde, aan- of ingekochte ton mosselen.
De bepalingen over het opvragen, verstrekken en verwerken van gegevens, alsmede de bepalingen over de oplegging en betaling van de heffingen zijn met de bepalingen over de mandatering van bevoegdheden vanaf het heffingsjaar 2007 uit de heffingsverordeningen gehaald en ondergebracht in de Verordening Algemene Bepalingen Productschap Vis 2006. Beoogd is om hiermee de heffingsverordeningen te vereenvoudigen en transparanter te maken.
De heffingsverordeningen kunnen conform artikel 126, eerste lid, van de Wet op de bedrijfsorganisatie worden vastgesteld. Aan de verordening wordt terugwerkende kracht verleend tot en met 1 januari 2012 in geval de benodigde goedkeuring van de Sociaal-Economische Raad en publicatie geschiedt na 1 januari 2012. Sinds 2000 geldt voor ondernemers waarvoor het Productschap Vis is ingesteld dat de heffingsgrondslagen telkens voor één kalenderjaar gelden. De bepaling houdende terugwerkende kracht naar het begin van het kalenderjaar is geen schending van het rechtszekerheidbeginsel en geschiedt conform Aanwijzing 167 van de Aanwijzingen voor de regelgeving.
De heffingsgrondslagen en tarieven zijn door het bestuur voor 2012 vastgesteld na raadpleging van de desbetreffende bestuursadviescommissie in 2011. Deze commissies adviseren op grond van artikel 3, zevende lid van de Verordening bevoegdheden organen en secretariaat Product­schap Vis 2008. Dit gebeurt jaarlijks voorafgaande aan de behandeling van de begroting voor het komende jaar over de voor de desbetreffende deelsector gewenste heffingsgrondslagen en hoogten van de heffingen in de verordeningen. De vertegenwoordigers van de sector in bestuursadviescommissies worden voorgedragen door de dragende organisaties. Tevens hebben in een aantal commissies leden zitting die zijn voorgedragen door niet-dragende organisaties. Op deze wijze wordt conform Principe XIII aan alle bedrijfsgenoten de gelegenheid geboden om actief betrokken te zijn bij de besluitvorming.

Administratieve lasten

De registratie- en heffingsverordeningen brengen relatief lage administratieve lasten met zich mee.

De administratieve lasten per onderondernemer kunnen verschillen, afhankelijk van de aard en de omvang van de bedrijfsactiviteiten welke per ondernemer ook weer jaarlijks sterk kunnen verschillen.

Bij elke wijziging of nieuwe maatregel wordt standaard in de bestuurlijke afweging uitdrukkelijk meegewogen wat het effect is op de administratieve lasten voor de sector bij uitvoering hiervan en wordt waar mogelijk voorrang gegeven aan de systematiek die de minste lasten oplevert. Het zijn uiteindelijk de deelsectoren zelf die middels de vertegenwoordigers in de bestuursadviescommissies dan wel het bestuur van het Productschap Vis de keuzes maken op welke wijze de autonome taken en daarbij behorende regelgeving van het Productschap Vis worden ingevuld, uitgevoerd en gefinancierd.


Periodiek wordt middels een actualiseringrapportage de stand van zaken weergegeven ten aanzien van de nulmeting. De rapportages worden gepubliceerd op de website www.pvis.nl.

Rijswijk, 29 september 2011

D.C. Faber D.A.M. Risseeuw

voorzitter secretaris



* De Verordening financiering mosselpromotie 2012 is d.d. 24 november 2011 goedgekeurd door de Sociaal-Economische Raad en d.d. 2 december 2011 gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie (nr. 82, VIS 22).


005.2012.00

  • Artikel 1
  • Artikel 2
  • Artikel 3
  • Artikel 5

  • Dovnload 37.52 Kb.