Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Verslag van de federale procureur aan het College van procureurs-generaal

Dovnload 1.36 Mb.

Verslag van de federale procureur aan het College van procureurs-generaal



Pagina5/19
Datum04.04.2017
Grootte1.36 Mb.

Dovnload 1.36 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   19

5.4. Betrekkingen met de buitenlandse gerechtelijke autoriteiten



5.4.1. Statistieken inzake de algemene ondersteuning van internationale samenwerking

De hierna vermelde cijfers bevatten enkel de rechtshulpverzoeken die aan het federaal parket als contactpunt voor de buitenlandse gerechtelijke overheden werden gericht en vertegenwoordigen dus maar een deel van de rechtshulpverzoeken aan België.


1. aantal verzoeken om ondersteuning vanwege buitenlandse gerechtelijke autoriteiten:
in 2002/2003: 764

in 2003/2004: 685

in 2005: 557

in 2006: 700


2. aantal landen dat het federaal parket om steun heeft gevraagd




2002-2003

2003-2004

2005

2006

Schengenlanden

11

12

13

12

andere Europese landen

15

14

23

27

landen buiten Europa

13

14

33

7

Totaal

39

40

69

46




3. aantal verzoeken om steun van deze landen betreffende rogatoire opdrachten




2002-2003

2003-2004

2005

2006




533

561

466

621


5.4.2. Statistieken over internationale rogatoire opdrachten uitgaande van het buitenland


Aantal aan het federaal parket gerichte rechtshulpverzoeken per verzoekend land:




2002-2003

2003-2004

2005

2006

EUROPESE LANDEN

Albanië

1

1

3

3

Duitsland

114

91

73

92

Andorra







1

-

Oostenrijk

1

1

4

5

Bulgarije

2

2

1

3

Kroatië










1

Denemarken

1

4

2

-

Spanje

8

7

17

28

Estland

1

2




1

Finland

3

1

1

2

Frankrijk

48

80

90

96

Griekenland

2

1

5

1

Hongarije

1

2




-

Ierland







1

-

Italië

20

13

10

10

Letland

1




1

-

Lichtenstein




1




-

Litouwen










4

Luxemburg

14

20

19

11

Monaco







1

-

Noorwegen

3

6

3

1

Nederland

137

197

158

263

Polen

3

2

3

2

Portugal




2

7

1

Roemenië

3

1

1

2

Verenigd Koninkrijk

102

71

57

82

Rusland

7

5

1

-

Servië




1

1

1

Slowakije







2

1

Slovenië

1

1




1

Zweden

4

43

13

7

Zwitserland

8

6

8

5

Tsjechië

2

1

3

5

Turkije




3

4

4

Oekraïne

2

3

5

5

Totaal

489

553

496

536



Aantal aan het federaal parket gerichte rechtshulpverzoeken per land




2002-2003

2003-2004

2005

2006

NIET-EUROPESE LANDEN

Algerije

1







-

Angola

1







-

Australië




1

2

3

Burkina Faso

1







-

Canada

7

2

5

-

Cyprus




1




-

Colombia




1




-

Verenigde Staten

11

13

4

11

Hong-Kong

2







-

Israël

5

2

3

1

Libanon










1

Marokko







4

1

Mauritanië

1







-

Nieuw-Zeeland

1







2

Paraguay

1







-

Peru

1

1

1

-

Filippijnen







1

-

Congo

5

2




-

Thailand

2

1




-

Tunesië







1

-

Venezuela










1

Totaal

39

24

21

20


5.4.3. Analyse van de opdracht van het federaal parket tot ondersteuning van de buitenlandse gerechtelijke autoriteiten voor wat hun rechtshulpverzoeken betreft: meerwaarde en ondervonden moeilijkheden
5.4.3.a. uitvoering van internationale rogatoire opdrachten strekkende tot huiszoekingen in verschillende gerechtelijke arrondissementen.
De vorige activiteitenverslagen maakten reeds gewag van de moeilijkheden ondervonden bij een gecentraliseerde uitvoering van een buitenlands rechtshulpverzoek strekkende tot huiszoekingen in verschillende gerechtelijke arrondissementen.
Ingevolge artikel 11 al. 2 van de wet op de uitlevering zullen de aan België gerichte internationale rechtshulpverzoeken tot huiszoekingen en/of inbeslagnemingen pas uitgevoerd kunnen worden na uitvoerbaar te zijn verklaard door de raadkamer van de plaats waar de huiszoekingen en inbeslagnemingen plaats moeten vinden.
Ingevolge artikel 11 al. 3 van dezelfde wet moet de raadkamer van de plaats waar de stukken in beslag moeten worden genomen, beslissen of het al dan niet aangewezen is om ze naar de buitenlandse gerechtelijke overheid door te sturen.
Is de eerste bepaling niet van toepassing op internationale rogatoire opdrachten uitgaande van de Beneluxlanden, geldt de tweede bepaling voor alle internationale rogatoire opdrachten.
Deze beide bepalingen vormen een hinderpaal voor het centraliseren bij één enkele onderzoeksrechter van de tenuitvoerlegging van een internationale rogatoire opdracht.

Als het van een Beneluxland uitgaat, dan is de verplichte tussenkomst van de raadkamer in de fase van het doorsturen van de in beslag genomen stukken bron van belangrijke moeilijkheden.


Bijgevolg blijft de aanbeveling die in de vorige activiteitenverslagen werd gedaan nog altijd geldig.
Aanbeveling:
Alinea’s 2 en 3 van artikel 11 van de uitleveringswet van 15 maart 1874 schrappen om de centralisering van de tenuitvoerlegging van een internationale rogatoire opdracht bij één enkele onderzoeksrechter mogelijk te maken.
5.4.3.b. de grensoverschrijdende operaties
Sedert 16 mei 2003, datum waarop de wet op de bijzondere onderzoeksmethoden van kracht werd, valt elk internationaal rechtshulpverzoek dat te maken heeft met een grensoverschrijdende observatie, een gecontroleerde of bewaakte door- of aflevering, ambtshalve onder de toepassing van deze wet, enkel en alleen vanwege het internationaal karakter ervan.


Aantal aan het federaal parket gerichte grensoverschrijdende operaties per verzoekende Staat




2003-2004

2005

2006

2007

Duitsland

30

25

22




Denemarken

2

2

0




Spanje







1




Frankrijk

12

14

14




Hongarije







1




Italië

1

1

1




Luxemburg

2

2

0




Noorwegen

1

1

0




Nederland

41

37

40




Verenigd Koninkrijk

20

14

17




Zweden




4

2




Tsjechië




1

0




Totaal

109

101

98



















Soort operatie

  • observaties

  • infiltraties


96

13


99

2


95

3




2. belangrijkste strafzaken waarop de grensoverschrijdende operaties betrekking hebben:
2003/2004 2005 2006
- drugs: 67 71 60

- douane en accijnzen: 10 6 5

- diefstal: 10 4 10

- moord: 3 1 6

- mensenhandel: 6 3 1

- wapens: 4 2 0

- criminele organisatie: 5 2 2

- valsheden: 5 2 0

- heling: 1 4 7

- gijzeling: 1 1 1

- terrorisme: 1 1 3

- vuurwerk: 3 2

- handel in bedreigde dier- en plantensoorten: 1
Eenzelfde verzoek kan betrekking hebben op verschillende misdrijven


Opmerkingen:
Voornoemde cijfers hebben betrekking op het aantal grensoverschrijdende operaties en niet op het aantal toelatingen dat het federaal parket heeft gegeven.

Er kunnen in een zelfde dossier verschillende toelatingen worden afgeleverd: verlenging, uitbreiding, wijziging.


Op de 98 dossiers werden er 169 toelatingen door het federaal parket afgeleverd. Het administratief werk ingevolge het van kracht worden van de wet op de bijzondere opsporingsmethodes is dus aanzienlijk.
Hoewel geen precieze statistieken kunnen opgegeven worden, toont de praktijk nog altijd aan dat een bepaald aantal grensoverschrijdende operaties die het voorwerp hebben uitgemaakt van een toelatingsaanvraag uiteindelijk niet plaatsvinden en dat het opgelegde administratieve werk vergeefs was.
De moeilijkheden van Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk tegenover de eis van België inzake een rechtshulpverzoek, overeenkomstig artikel 40 van de Schengenovereenkomst, zijn nog steeds actueel.
Een werkvergadering heeft op 5 april 2006 in Parijs plaatsgehad tussen de federale magistraat belast met de samenwerking met Frankrijk en de magistraat van de “Mission Justice auprès de la Direction Centrale de la Police Judiciaire” om een praktijk op punt te stellen: deze magistraat zal de vereenvoudigde formulieren ondertekenen die als rechtshulpverzoek zullen gelden.
5. 4.4. Bilateraal of multilateraal overleg met de gerechtelijke overheden van Lidstaten of derde Staten
Verschillende overlegvergaderingen met de gerechtelijke (en politionele) overheden van Nederland, Frankrijk, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk hebben in de referentieperiode plaatsgevonden. Deze overlegvergaderingen die een meer algemene benadering betreffen of verband houden met een specifiek thema komen bovenop de operationele vergaderingen die regelmatig in het kader van specifieke dossiers worden gehouden.
5.4.4.a. Bilateraal overleg met de buurlanden


  1. met Nederland


vergadering met betrekking tot de problematiek van het “vuurwerk”
In 2006 werd geen enkele vergadering gehouden. De Nederlandse gerechtelijke autoriteiten handelen rechtstreeks met de betrokken Belgische gerechtelijke autoriteiten. Er werden geen bijzondere moeilijkheden aan het federaal parket gemeld.
Vergadering met het College van procureurs-generaal van België en Nederland
Op 1 maart 2006 heeft de federale procureur deelgenomen aan de vergadering van het College van Belgische en Nederlandse procureurs-generaal in Den Haag.
Informele groep federale politie – federaal parket / landelijk parket – grensoverschrijdende observaties
Deze informele groep vergadert twee keer per jaar om de praktische problemen, verbonden aan de grensoverschrijdende observaties, te bespreken.


  1. Met Frankrijk

Een federale magistraat van de internationale sectie is aangeduid voor de betrekkingen met de Franstalige landen en meer in het bijzonder om de vergaderingen m.b.t. de gerechtelijke samenwerking met Frankrijk te volgen.


2.1. Instantie van Belgisch-Frans overleg inzake grensoverschrijdende gerechtelijke samenwerking
Dat overlegplatform, dat opgericht werd op initiatief van de procureurs-generaal van Bergen, Gent en Douai, heeft tot doel de grensoverschrijdende gerechtelijke samenwerking en de strijd tegen grensoverschrijdende criminaliteit te verbeteren.

Er was geen vergadering in 2006.


2.2. Werkvergaderingen
Op 1 december 2006 heeft de federale magistraat van de internationale sectie die belast is met de betrekkingen met Frankrijk aan een vergadering deelgenomen op de zetel van de Kanselarij in Parijs met het oog op het uitwerken van een model van protocolakkoord over de oprichting van Frans-Belgische gemeenschappelijke onderzoeksteams.
3. met het Verenigd Koninkrijk
In 2006 werden de bilaterale vergaderingen die in Brussel op 26 januari en 22 maart 2005 werden gehouden, opgevolgd.
Op 11 en 12 mei 2006 hebben een vertegenwoordiger van de centrale autoriteit van de FOD Justitie en de federale magistraat, coördinator van de sectie internationale samenwerking, deelgenomen aan een vergadering in Londen, in de lokalen van Scotland Yard, met de Engelse en Schotse politiediensten. De uitvoering van de lopende rechtshulpverzoeken werd onderzocht.

De problematiek om de opvolging van de samenwerkingsovereenkomsten te verzekeren, blijft actueel. De aanwezigheid van een Belgische verbindingsofficier in Londen blijft noodzakelijk (zie punt 5.7.4.a. hierna).


5.4.4.b. Multilateraal overleg
1. met Nederland en Duitsland
Er werd een trilateraal overlegplatform EUREGIO (België, Nederland, Duitsland) opgezet in 2002, op initiatief van Nederland. Deze werkgroep verenigt de parketmagistraten van de arrondissementen aan de Belgische grens (Eupen, Luik, Tongeren en Verviers), Duitse grens (Aken) en Nederlandse grens (Roermond en Maastricht) bijeen.
Het federaal parket neemt daaraan hoofdzakelijk deel als observator en uit hoofde van zijn opdracht de internationale samenwerking te vergemakkelijken. Hoewel dergelijke regionale initiatieven van internationale samenwerking positief zijn, moet erop worden toegezien dat er geen wildgroei aan parallelle of elkaar beconcurrerende internationale samenwerkingskanalen ontstaat, naast of bovenop degene die de wetgever of de internationale verdragen hebben opgericht.
In de loop van 2006 hebben de federale procureur en de federale magistraat coördinator van de internationale samenwerking de algemene vergadering van de EUREGIO bijgewoond die op 3 februari, 24 april en 3 oktober 2006 in Maastricht heeft plaatsgevonden.

Op 27 oktober 2006 werd een strategische conferentie van de parkethoofden en politiehoofden van de EUREGIO in Hasselt gehouden. De federale procureur heeft eraan deelgenomen.


Het federaal parket wordt over de activiteiten van de EUREGIO op de hoogte gehouden door de jurist van het federaal parket die eraan verbonden is.
2. met Nederland, Frankrijk en het Groothertogdom Luxemburg
De federale magistraten van de eenheid “drugs” nemen deel aan de werkzaamheden van het strategisch overleg “Hazeldonk”.
Dit overleg dat op regelmatige tijdstippen tussen België, Nederland en het Groothertogdom Luxemburg plaatsvindt, heeft tot doel de politieacties inzake bestrijding van het drugstoerisme coördineren.
Het federaal parket heeft aan een strategische vergadering deelgenomen die op 28 september 2006 in Brussel werd gehouden.
3. Met Frankrijk, Duitsland en het Groot-Hertogdom Luxemburg
De federale procureur en een federale magistraat hebben op 17 november 2006 in Nancy als waarnemers deelgenomen aan een vergadering van de Rencontres Transfrontalières de Lutte contre la Criminalité Organisée (RTLCO) waarop de procureurs-generaal van Nancy, van Luik, van Saarbrücken en Luxemburg samen zaten met de procureurs van Luxemburg en Saarbrücken.
5.4.4.c. Overleg met de landen van buiten de Europese Unie
Het federaal parket werd in de referentieperiode niet uitgenodigd om deel te nemen aan bilateraal overleg met de gerechtelijke autoriteiten van niet-Europese landen.
De federale procureur werd door de Minister van Justitie aangesteld om samen met de procureur-generaal van Luik deel te nemen aan de Conferentie van de Europese procureurs-generaal en de installatie van de Raad van Europese procureurs die in Moskou van 5 tot 7 juli 2006 plaatsvond.

Deze Conferentie van de Europese procureurs was gewijd aan de rol van het openbaar ministerie inzake de personenbescherming.


5.4.4.d. Gemeenschappelijke missie van de FOD Justitie en het federaal parket in Oekraïne
Op uitnodiging van de procureur-generaal van Oekraïne, aan wie de federale procureur zijn steun had gegeven voor de uitvoering van een rechtshulpverzoek in België, hebben een vertegenwoordiger van de centrale autoriteit van de FOD Justitie en de federale procureur zich op 26 juni naar Kiev begeven. Daar hebben ze de procureur-generaal, de procureur van Kiev en hun medewerkers ontmoet alsmede de vice-Minister van Justitie en zijn medewerkers. Ze hebben de nieuwe Academie van het parket van Oekraïne kunnen bezoeken. De besprekingen waren succesvol. Lopende individuele dossiers werden besproken waaronder de voorbereiding van de Belgische rogatoire commissie waarvan sprake onder punt 5.6.4.c hierna.
5.4.5. Geprivilegieerde contacten met de nationale parketten en de gespecialiseerde parketten van de andere Europese landen
5.4.5.a. Met Nederland
Het federaal parket onderhoudt geprivilegieerde contacten met het Landelijk Parket van Nederland. De magistraten van die parketten hebben regelmatig contact met de federale magistraten, voornamelijk in het kader van operationele dossiers, meer specifiek in het kader van het terrorisme.
5.4.5.b. Met Duitsland
Eén keer per jaar wordt de federale procureur uitgenodigd om in Karlsruhe deel te nemen aan de werkdagen van de Duitse federale procureur en de Duitse procureurs-generaal, gewijd aan de veiligheidsproblemen (terrorisme, spionage, georganiseerde criminaliteit,…).
De federale procureur woonde de vergadering bij op 23 en 24 november 2006. Hij heeft er, enerzijds, de wetgevende ontwikkelingen in België inzake de bestrijding van terrorisme en de internationale gerechtelijke samenwerking uiteengezet en, anderzijds, toelichting gegeven bij de meest markante dossiers (bijvoorbeeld het GICM-proces en het DHKP-C-proces).
5.4.5.c. Met Roemenië
Van 7 tot 10 mei 2006 heeft een Belgische delegatie samengesteld uit de federale procureur, twee federale magistraten, de gerechtelijke directeur-generaal van de gerechtelijke politie (DGJ) en twee van zijn medewerkers zich naar Roemenië begeven.

Daar hebben ze zowel de gerechtelijke autoriteiten (directie van de georganiseerde criminaliteit en van het terrorisme van het parket-generaal bij het Hof van Cassatie en het anticorruptie parket) als de politionele autoriteiten (algemene inspectie en directie van de internationale politionele samenwerking) ontmoet.

Het voornaamste onderwerp van de gesprekken was de strijd tegen rondtrekkende dadergroeperingen.
5.4.5.d. Met Frankrijk
In het kader van hun dossiers onderhouden de federale magistraten belast met het terrorisme contacten met hun collega’s van de antiterrorismesectie van het parket van Parijs.

5.5. Het Europees aanhoudingsbevel

5.5.1. Rol van het federaal parket


De wet op het Europees aanhoudingsbevel vertrouwt het federaal parket een aantal bijzondere opdrachten toe. Ze worden hierna uiteengezet.
a. overschrijding van de termijn van 90 dagen
Als wegens uitzonderlijke redenen de definitieve beslissing inzake de tenuitvoerlegging van het Europees aanhoudingsbevel niet kon worden genomen binnen de 90 dagen vanaf de datum van aanhouding van de persoon, wordt de federale procureur daarvan door het openbaar ministerie op de hoogte gebracht. De federale procureur brengt Eurojust daarna van deze vertraging op de hoogte, met verduidelijking van de redenen daarvan10.
Er werd geen enkel dossier bij de federale procureur aanhangig gemaakt waarbij de termijn van 90 dagen overschreden was.

b. samenloop tussen verschillende Europese aanhoudingsbevelen


Als verschillende lidstaten van de Europese Unie een Europees aanhoudingsbevel ten laste van dezelfde persoon11 hebben uitgeschreven, wordt de federale procureur eveneens door de bevoegde procureur des Konings op de hoogte gebracht. De raadkamer beslist dan welk aanhoudingsbevel prioritair ten uitvoer moet worden gelegd, op advies van de federale procureur. De federale procureur kan, zo hij het nodig oordeelt, het advies van Eurojust vragen inzake de beste keuze.
Er werd 1 dossier bij de federale procureur aanhangig gemaakt waarin Frankrijk en Duitsland betrokken waren.
Nadat hij het advies van EUROJUST ingewonnen had, heeft de federale procureur zijn advies aan de raadkamer toegestuurd: er werd telkens rekening gehouden met de ernst van de feiten en met het spoedeisende karakter van het verzoek.

c. conflict tussen een Europees aanhoudingsbevel en een verzoek tot uitlevering


De federale procureur komt eveneens tussen ingeval er een conflict rijst tussen een Europees aanhoudingsbevel en een verzoek tot uitlevering uitgaande van een derde land12. Hij wordt dan onverwijld daarvan door het openbaar ministerie op de hoogte gebracht. De beslissing welke keuze er wordt gemaakt komt dan toe aan de regering, op advies van de federale procureur en na opmerkingen van de onderzoeksrechter, rekening houdende met alle omstandigheden in de zaak.
In 2006 werd geen enkel dossier bij de federale procureur aanhangig gemaakt.
d. contactpunten van het Europees Justitieel Netwerk
Aangezien er vijf federale magistraten contactpunten zijn van het Europees Justitieel Netwerk, is het federaal parket eveneens geroepen om een rol te spelen bij de ondersteuning van de nationale gerechtelijke autoriteiten als uitvaardigende overheid om de gerechtelijke autoriteit te identificeren die bevoegd is voor de tenuitvoerlegging mocht die onbekend zijn13.
5.5.2. Interne organisatie
Een magistraat van de afdeling internationale samenwerking werd aangesteld als referentiemagistraat voor de vragen die betrekking hebben op de toepassing van de wet op het Europees aanhoudingsbevel. De federale procureur en de referentiemagistraat zijn de geprivilegieerde gesprekspartners van iedere andere (nationale en buitenlandse) gerechtelijke autoriteit. Ze worden bijgestaan door de andere magistraten van de afdeling “internationale samenwerking’ en door een jurist.

5.5.3. Maandelijkse vergadering van de multidisciplinaire werkgroep
Er werd op initiatief van de FOD Justitie een multidisciplinaire werkgroep opgericht. Deze groep waarin practici uit verschillende diensten (SIRENE-DSO, parket van Brussel, FOD Justitie, parket-generaal van Gent, onderzoeksrechter, federaal parket) zitten, is ermee belast de concrete moeilijkheden te bespreken die rijzen bij toepassing van de wet betreffende het Europees aanhoudingsbevel en daar praktische en efficiënte oplossingen voor uit te werken. Een proces-verbaal van elke vergadering wordt bezorgd aan de groepsleden.

Hoewel er in 2006 geen vergadering van deze werkgroep plaatsvond, is er steeds een permanente informatieuitwisseling, meer bepaald wat de rechtspraak betreft in verband met de toepassing van het Europees aanhoudingsbevel.


5.5.4. Helpdesk – expertise
a. ten overstaan van nationale of buitenlandse gerechtelijke autoriteiten.

Er werd een cel « Helpdesk » opgezet, bestaande uit de federale referentiemagistraat « EAB » en een jurist, ten behoeve van de gerechtelijke autoriteiten, die daar met alle (praktische en juridische) vragen terechtkunnen die ze dienstig achten. De vragen kunnen zowel telefonisch als per e-mail gesteld worden.



b. Raadpleging-antwoorden op vragenlijsten betreffende het EAB
Het federaal parket wordt regelmatig geconsulteerd over de juridische aspecten van de antwoorden die moeten worden gegeven op de internationale vragenlijsten met betrekking tot het Europees aanhoudingsbevel uitgaande van de Europese Commissie, van het Europees justitieel netwerk, van het voorzitterschap van de Europese Unie en van Eurojust.

c. Deelneming aan seminaries of opleidingen
De federale procureur en de federale magistraten worden regelmatig uitgenodigd om deel te nemen aan seminaries en colloquia over het Europees aanhoudingsbevel, zowel in België als in het buitenland.
In de loop van het jaar 2006 was het federaal parket, als deelnemer of spreker, op de volgende internationale seminaries of colloquia over het Europees aanhoudingsbevel vertegenwoordigd:

- Noordwijkenhout (NL) van 15 tot 17 juni 2006: Conferentie “the reality of a vision”

- Fondation Cicero in Parijs op 15 december 2006 (uiteenzetting van de federale procureur).
De federale procureur en federale magistraten werden ook als spreker uitgenodigd in het kader van opleidingen inzake internationale samenwerking ingericht door de Hoge Raad voor de Justitie.
d. Deelneming aan de evaluatie van het Europees aanhoudingsbevel door de Raad van de Europese Unie
Evaluatie van Ierland
Van 20 tot 23 maart 2006 heeft de federale magistraat, coördinator van de sectie “internationale samenwerking”, als deskundige, in Dublin aan de evaluatie van Ierland in het kader van de wederzijdse evaluaties door de Europese Commissie deelgenomen.

Voor deze deelneming waren talrijke voorbereidende vergaderingen nodig en aansluitend het opstellen van het verslag.



Evaluatie van België
Van 19 tot 22 juni 2006 is een groep deskundigen van de Europese Commissie overgegaan tot de evaluatie van België in verband met de toepassing van het Europees aanhoudingsbevel. Deze groep is op 20 juni 2006 naar het federaal parket gekomen. De federale procureur en meerdere federale magistraten hebben de verschillende vergaderingen bijgewoond zowel op de FOD Justitie (22 juni 2006) als op de Raad van de Europese Unie (20 december 2006: voorstelling van het verslag).
5.5.5. Statistieken
Voorafgaande opmerking:

Weinig ingewikkelde informatieverzoeken worden telefonisch of per mail afgehandeld zonder dat er een dossier wordt geopend.





Aantal aan het federaal parket toegestuurde Europese aanhoudingsbevelen




2004

2005

2006

2007

Uitgaande van de Belgische gerechtelijke overheid




46

25

21




Uitgaande van de andere Lidstaten

Duitsland

1

6

5




Oostenrijk




2

1




Spanje

7

2

2




Frankrijk

6

5

13




Hongarije

1




-




Ierland







1




Italië







4




Litouwen







1




Luxemburg

2




-




Nederland

6

4

5




Polen

3

1

1




Verenigd Koninkrijk




1

-




Zweden

2

1

1




Totaal

28

22

35






1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   19

  • 5.5. Het Europees aanhoudingsbevel

  • Dovnload 1.36 Mb.