Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Verslag van de federale procureur aan het College van procureurs-generaal periode van 1 september 2003 tot 31 december 2004

Dovnload 0.99 Mb.

Verslag van de federale procureur aan het College van procureurs-generaal periode van 1 september 2003 tot 31 december 2004



Pagina11/20
Datum04.04.2017
Grootte0.99 Mb.

Dovnload 0.99 Mb.
1   ...   7   8   9   10   11   12   13   14   ...   20

7. Bijzondere opdrachten

Naast de vier opdrachten hierboven beschreven (uitoefening van de strafvordering, de coördinatie van de strafvordering, het vergemakkelijken van de internationale samenwerking en het toezicht op de werking van de federale politie oefent de federale procureur vijf bijzondere opdrachten uit :




  • de strijd tegen het terrorisme

  • het voorzitterschap van de getuigenbeschermingscommissie de (wet van 7 juli 2002)

  • de eenvormige en coherente toepassing van de bijzondere opsporingsmethoden (wet van 6 januari 2003)

  • de exclusieve bevoegdheid voor de uitoefening van de strafvordering in het domein van de ernstige schendingen van het internationaal humanitair recht (wet van 5 augustus 2003)

  • de uitoefening van de strafvordering ten aanzien van door militairen in het buitenland gepleegde misdrijven in vredestijd (wet van 10 april 200321)

Vervolgens wordt aandacht besteed aan de andere bijzondere opdrachten, zoals opgesomd in de gemeenschappelijke omzendbrief COL 5/2002 van de Minister van Justitie en het College van procureurs-generaal.



7.1. De strijd tegen het terrorisme



7.1.1. Wettelijke basis en richtlijnen
De federale procureur kan, op basis van het veiligheidscriterium (artikel 144ter, §1,2° van het Gerechtelijk Wetboek), de strafvordering uitoefenen ten aanzien van misdrijven gepleegd met gebruik van geweld tegen personen of materiële belangen, om ideologische of politieke redenen met het doel zijn doelstellingen door middel van terreur, intimidatie of bedreigingen te bereiken.
Krachtens de richtlijnen van 16 oktober 2001 van de procureurs-generaal, verspreid in ieder ressort, betreffende de uitwisseling van gerechtelijke informatie inzake terrorisme, vormt de federale procureur in het openbaar ministerie de draaischijf en het centrale contactpunt voor de uitwisseling van informatie inzake terrorisme. Hij is belast met de coördinatie en de internationale samenwerking in dossiers van terrorisme.
In een brief van 21 januari 2003 heeft de Minister van Justitie de federale procureur belast met de uitwerking van een eenvormige en coherente aanpak van de strijd tegen het terrorisme.
7.1.2. Statistieken
7.1.2.a. Algemeen
Terwijl in de periode van 21 mei 2002 tot 31 augustus 2003 42 federale repressieve dossiers door het federaal parket geopend werden, (zowel proactieve en reactieve dossiers als opsporingsonderzoeken en gerechtelijke onderzoeken), is dit cijfer thans, voor de periode van 21 mei 2002 tot 31 december 2004, gestegen tot 148 federale repressieve dossiers inzake terrorisme.
7.1.2.b.Verdeling van de 148 repressieve dossiers inzake terrorisme per arrondissement van oorsprong:


Parket

van oorsprong

opsporing

onderzoek

seponering

Beschik

- king

voeging

totaal

Aanhoudings-

mandaat

  • fed.parket22

  • Antwerpen

  • Brugge

  • Brussel

  • Charleroi

  • Dendermonde

  • Dinant

  • Eupen

  • Gent

  • Hasselt

  • Luik

  • Bergen

  • Namen

  • Nijvel

  • Tongeren

  • Turnhout

  • Verviers

  • Veurne


TOTAAL

14

6

1

33

1
1

4

1

61


5

1

23


1

1

1

2

2

1

37

7

2

1

11

1


1

1


1
24

2

2

1

1


6

1

1

2

10

1

1


2
1


19

24

14

5

79

2

1

1

1

3

1

2

3

1

7

1

1

1

1
148


2
42

1

2


47

7.1.2.c. Aantal veroordelingen

De volgende veroordelingen werden in het kader van deze 148 federale repressieve dossiers inzake terrorisme bekomen :




  1. dossier “Trabelsi / Massoud”


De eerste zaak
Een dossier betreffende de voorbereiding van een zelfmoord-aanslag tegen de Amerikaanse belangen in België, en zulks in het kader van de terroristische aanslagen, onder meer deze van 11 september 2001. Dit dossier betreft eveneens de aanwezigheid op Belgische bodem van een netwerk dat dit project ondersteunde. Deze zaak omvatte 13 beklaagden, de tenlasteleggingen waren, onder meer, de poging een gebouw te vernietigen door ontploffing, bendevorming, valsheid in geschriften en lidmaatschap van een privé-militie.
De tweede zaak
Dossier met betrekking tot het bestaan van een internationale filière van transport, in de zone Pakistan-Afghanistan van vrijwilligers die zich daar wilden vestigen of een para-militaire opleiding wensten te ontvangen.

Deze filière heeft gebruik gemaakt van valse identiteitsdocumenten en visa welke onder meer door de moordenaars van commandant MASSOUD werden aangewend. Deze vrijwilligers maakten deel uit van radicale islamitische bewegingen. Deze zaak omvatte 12 beklaagden, de tenlasteleggingen waren, onder andere, bendevorming, valsheid in geschriften en aanwerving ten behoeve van een vreemd leger.




Correctionele rechtbank

van Brussel


30 september 2003


F.M.

B.B.


B.T.

A.A.


M.J.

B.M.


S.A.

M.T.


H.M.

E.M.


G.L.

A.M.


A.M.

T.N.


E.A.

E.H.


A.H.

S.H.


M.J.

H.M.


E.N.

H.A.


E.S.

30 maanden gedeelt.uitstel

3 jaar gedeelt.uitstel

40 maanden gedeelt.uitstel

3 jaar


4 jaar gedeelt.uitstel

2 jaar


5 jaar

6 jaar


5 jaar

vrijspraak

4 jaar

4 jaar


4 jaar

10 jaar


5 jaar

vrijspraak

vrijspraak

4 jaar


2 jaar gedeelt.uitstel

vrijspraak

vrijspraak

5 jaar


40 maanden

aangehouden

aangehouden.
aangehouden
aangehouden aangehouden verstek
verstek

verstek

aangehouden aangehouden aangehouden



verstek


verstek

verstek


Hof van Beroep

Brussel
09 juni 2004


2 jaar zonder uitstel

4 jaar gedeelt.uitstel

3 jaar


5 jaar

7 jaar


3 jaar

10 jaar


5 jaar

opschorting





  1. dossier “Goal”

Het betreft hier twee zaken die gevoegd werden op verzoek van het federaal parket, over de volgende feiten:


De eerste zaak
Een dossier betreffende de aanwezigheid, op Belgische bodem, van een extremistische kerngroep die logistieke ondersteuning bood aan de meest fundamentalistische facties van Europa via bepaalde wel bekende figuren ten dienste van Al Qaïda. Daar de feiten oud waren, vielen de tenlasteleggingen van het openbaar ministerie tegen deze 3 beschuldigden niet onder de nieuwe wet over het terrorisme maar onder bendevorming
De tweede zaak
Een dossier betreffende een netwerk van 7 Brusselse jongeren die in contact stonden met de eerste structuur, die vermoed werden een aanslag voor te bereiden. Daar zij ook een voorraad van zware wapens, en sommigen onder hen van drugs aangelegd hadden, werden zij door de federale procureur vervolgd wegens bendevorming met het doel deel te nemen aan niet gepreciseerde activiteiten van de radicale islamitische beweging, wegens het bezit van oorlogswapens en drugs.



Correctionele rechtbank

van Brussel


29 oktober 2004

E.D.

M.S.


M.T.

E.M. Y.


K.T.

G.A.


B.S.

S.N.


E.M. L.

E.M. B.


5 jaar

5 jaar


opslorping

5 jaar


5 jaar

vrijspraak

30 maanden gedeelt.uitstel

opschorting

10 maanden

15 maanden gedeelt.uitstel



verstek

aangehouden

aangehouden

aangehouden

aangehouden



Hof van Beroep van Brussel

20.05.2005.




5 jaar

54 maand
54 maand

54 maand

1   ...   7   8   9   10   11   12   13   14   ...   20

  • 7.1. De strijd tegen het terrorisme
  • 7.1.2.c. Aantal veroordelingen

  • Dovnload 0.99 Mb.