Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Verslag van de werkgroep ov-chipkaart vanuit de rocov’s d d. 22. 11. 2011 Aanwezig

Dovnload 39.28 Kb.

Verslag van de werkgroep ov-chipkaart vanuit de rocov’s d d. 22. 11. 2011 Aanwezig



Datum21.07.2017
Grootte39.28 Kb.

Dovnload 39.28 Kb.

VERSLAG VAN DE WERKGROEP OV-CHIPKAART vanuit de ROCOV’s d.d. 22.11.2011
Aanwezig: W. Bakker, J. Beerens, H. Bouma, T. Boric, W. Bottenberg, W. Furrer, G. Heutink, J. Linders, A. Markus, J. Meerpoel, H. Schmal, A. Stapper, M. Timmermans, C. Verheugt-Meijer (verslag).

Afwezig: De heren E. Boon en G. Klomp
1. Opening

Dhr. Bouma heet iedereen welkom bij deze werkgroepvergadering en laat weten blij te zijn met de grote opkomst.

Er is een aantal afmeldingen ontvangen, die zijn verwerkt in de presentielijst.
Dhr. Gijs Klomp is nu ca. 3-4 maanden ziek. We zullen hem namens deze werkgroep een attentie sturen.
De vertegenwoordigers van TLS komen om 14.30 uur.

Cornelie Verheugt-Meijer (Reizigersoverleg Brabant) zal in ieder geval tot 1 juni 2012 de secretariaatswerkzaamheden overnemen van Jeanny Beerens, dit heeft te maken met een interne kwestie, o.a. door het vertrek van een collega en de komst van een stagiaire.

Hierna wordt vervolgd met een kort voorstelrondje.


  • Marijke Timmermans namens Reizigersoverleg Brabant

  • Aldo Markus namens ROCOV Utrecht

  • Hans Schmal namens Gelderland - stadsregio

  • Jan Meerpoel, namens het ROVH

  • Wouter Bakker namens Connexxion. Ondanks zijn marketing/bedrijfstechnische achtergrond heeft hij ook verstand van de techniek van de OV chipkaart, wat ons weer goed van pas komt bij de presentatie van TLS.

  • Aad Stapper namens ROCOV Friesland

  • Tim Boric namens ROVER

  • Gerrit Heutink namens ROCOV Overijssel, maar exclusief Twente

  • Jo Linders namens Limburg

  • Willem Bottenberg, sinds een half jaar gedetacheerd bij het landelijke tarievenbureau, dat is opgericht door de koepels van 19 overheden. Daarnaast werkt hij Den Haag bij het Ministerie. Vandaag vervangt hij Eric Köhler. Dhr. Bottenberg laat nog weten dat het IPO en SKVV twee koepels zijn die de beleidsvoorbereiding tarieven voor hun rekening nemen.

  • Wil Furrer, is hier gekomen via contact met Aldo Markus, denkelijk ter vervaging van Nico de Greef. Zij is aanwezig namens de ROCOV Noord-Holland.

  • Jeanny Beerens, bureauhoofd en concessiemanager Reizigersoverleg Brabant.

  • Herman Bouma, voorzitter van deze werkgroep en vertegenwoordiger van ROCOV SRE en ROCOV Zeeland.

Dhr. Bouma deelt mee dat de secretaris van het SKVV Jan Leeuwenburg onlangs is overleden.

Nico de Greef heeft afscheid genomen van deze werkgroep en heeft een presentje aangeboden gekregen vanwege zijn lange tijd van deelname en actieve inzet.
2. Vaststelling agenda

De volgorde van de agenda wordt aangepast aan de presentatie van TLS om 14.30 uur.



3. Omgaan prioriteitstelling door TLS

Inge Krämer en Gerben Nelemans zijn namens TLS aanwezig. Dhr. Bouma licht toe dat de vergadering nog steeds worstelt met bepaalde zaken rondom de de OV-chip. Zeker waat het gaat om verschillende abonnementen op één kaart. Hij vraagt TLS vanuit de techniek aan te geven hoe e.e.a. in elkaar steekt, waar de bottlenecks zitten en hoe we daar iets aan kunnen doen.


Als eerste vertelt Gerben dat het systeem vele mogelijkheden biedt. De grote wens blijft toch om van die breedte gebruik te maken, maar richting reizigers kunnen tegelijkertijd situaties ontstaan die niet altijd even duidelijk zijn. Het blijft altijd een kwestie tussen vervoerder, wensen en techniek, waarbij we graag vanuit de klant mee willen denken.

Anderzijds is het een ingewikkeld systeem, waarbij wijzigingen en aanpassingen relatief veel tijd kosten.


Het chipkaartsysteem werkt met vier blokken die een bepaalde prioriteit in productselectie kennen waardoor het reisconcept wordt geselecteerd. Staat er bijv. een afgekocht reisrecht op de kaart, dan valt dat in categorie 1.

Is die er niet, maar is er een reisrecht wat in overstap staat (in transfer), wat al voor deze reis is gebruikt en waarvan nog geen 35 minuten is verstreken, dan zal dat worden geselecteerd.



Zo staan in blok 3 de zogenaamde kortingsproducten en behelst blok 4 het saldo dat op de kaart staat.
Binnen een categorie zijn meerdere matches mogelijk (bijv. 2 kortingsproducten op een kaart). Dan zijn er een aantal elementen die meespelen. Producten kennen namelijk een onderlinge prioriteit en die staat niet op de kaart maar in de apparatuur. Daarnaast kijkt het systeem of het product eerder is gebruikt, dan is dat een meer logische keus, maar dat kan ook verkeerd uitpakken Daarnaast is er nog een aantal echt gedetailleerde elementen waarbinnen het systeem selecteert.
In een systeem is getracht het keuzesysteem te modelleren dat we normaal zelf maken in ons hoofd, nu gaat dat via het systeem. Dat moet geautomatiseerd worden en ook steeds op dezelfde manier gebruikt. Dat kan tot conflicten leiden als de computer moet kiezen tussen twee selectiecriteria waarbij de pc een andere keuze maakt dan de gebruiker wil (twee producten uit Categorie 1).
In een gebied waar een bepaald product niet is gedefinieerd, wordt voor het andere product gekozen. Vervoerders hebben de beschikking over een EOD, de vergaarbak van producten, inter-operabele producten, maar ook producten die alleen bij Connexxion gelden. De verschillende producten worden wel herkend, maar geeft bij overstap als “korting 0” op. Dit wordt gebruikt om dubbele opstaptarieven te voorkomen. De vervoerder probeert dus echt wel vanuit de reiziger te denken om problemen te voorkomen, maar we moeten schipperen met de beschikbare ruimte in het systeem.
In de beleving van de reiziger wordt soms niet het goede product geselecteerd, maar als de computer een ander product zou selecteren, wel het juiste in de ogen van de reiziger, dan zou deze daardoor wellicht tweemaal een opstaptarief toepassen. Een nieuw product betekent namelijk ook een nieuw opstaptarief en dat wordt door reizigers als probleem ervaren. Daarom hebben verschillende vervoerders ook producten uit andere regio gedefinieerd. Gerben legt uit en tekent ter verduidelijking, waarna vragen worden gesteld.
De bedoeling is in een werkgroep (vervoerders en TLS) zodanige aanpassingen in de modellering door te voeren waardoor de praktijk van de OV-chip beter aansluit op het verwachtingspatroon van de reiziger.
Gevraagd wordt naar de overgang van het spits- naar dalurentarief. Dit is echter sterk afhankelijk van welke producten er op de kaart staan.
Uiteraard is er een aantal knelpunten, waar een aparte club medewerkers van TLS en vervoerders zich mee bezighoudt die vanuit de techniek kijken naar verfijning, verbetering en aanpassing van het systeem. Een aantal wensen is redelijk makkelijk te realiseren, andere vragen ombouw van het systeem. De grootste ongemakken worden dus niet per definitie weggehaald. Ze willen bijv. van de selectie “is used” af, wat een aanpassing van het systeem vergt (studententarief en Brabantkorting bijv.). Dit speelt voornamelijk bij reizigers die door de regio heen reizen. Dit moet beter aansluiten bij de verwachtingen van de reiziger.
Dhr. Bouma vraagt of het zinvol wordt geacht met een selectie van de ROCOV werkgroep overleg te houden tijdens het ontwikkeltraject. De ervaringen vanuit het veld zijn bekend bij TLS, het is ook uit te leggen, hoewel niet goed te praten. Die input is bij hen dus wel bekend. Informatie uitwisseling over de stand van zaken is uiteraard prima, in welke vorm dan ook, maar als er keuzes gemaakt moeten worden zou input vanuit de ROCOV’s wel nuttig kunnen zijn. Afgesproken wordt elkaar te informeren en op de hoogte te houden in voorkomende gevallen.
Over de “Best price choice” wordt gesproken, maar dat lijkt niet haalbaar, ook niet in Londen waarover wordt gesproken. Dat is een bepaald plafond waarboven verdere reizen gratis zijn. In het huidige systeem is dit soort zaken niet mogelijk. Bovendien speelt de privacy van de reizigers mee, men heeft inzicht in het reisgedrag van een “kaart”, maar niet van de persoon die daarbij hoort.
Dhr. Markus informeert naar de afhandeling van een klacht van een reiziger die te veel heeft betaald. Krijgt die reiziger een reactie vanuit het systeem of vanuit de reiziger? De reiziger krijgt een uitleg over de werking van het product en dat ze daar niet blij mee zijn, is duidelijk en begrijpelijk.
Jan Meerpoel noemt de proef op Schiphol waar buitenlanders met credit card een A-kaart kunnen kopen. Deze mogelijkheid zou hij graag op meer plekken gerealiseerd zien. Er is echter risico verbonden aan het gebruik van credit cards en bovendien zijn de tarieven erg ongunstig. Die argumenten worden afgewogen tegen de lage betaaltransacties. Pin is veel voordeliger. NS op Schiphol accepteert credit cards voor toeristen. Men denkt dat de NS kijkt of dit landelijk gerealiseerd kan worden bij alle gele automaten. Daarnaast worden steeds meer passen en betaalwijzen geaccepteerd, zodat buitenlandse pinpassen ook geaccepteerd worden.
Wouter Bakker merkt op dat vervoerders verantwoordelijk zijn voor de distributie van kaarten, niet TLS. Dat hoort bij de concessie. Kaarten aanschaffen via internet valt wel onder de verantwoordelijkheid van TLS en men werkt er aan om hiervoor creditcards te accepteren, met name voor mensen die in het grensgebied wonen.
Eerder is de vraag gesteld wat men vanuit de ROCOV’s nu graag op regionaal niveau geregeld zou willen en op landelijk niveau. Het lijkt verstandig hierover eens met elkaar te overleggen maar daar komen we dan op terug indien aan de orde. Gerrit Heutink zal een voorzet opsturen.

4. LTK 2011

De formele adviesaanvrage voor tarieven is bij sommige ROCOV’s wel en bij anderen niet gebeurd. Elke ROCOV buigt zich erover, de één met deze opmerking, de ander met andere opmerkingen. Men loopt tegen de indexering van 4,9% aan, de één adviseert negatief met een tegenvoorstel van 3%. Misschien dat overheden dat wel overnemen, maar dat geeft problemen met de afgesproken vaste voet.


Dhr. Bottenberg geeft aan het allemaal niet zo loopt zoals gepland, de nodige hobbels hebben zich voorgedaan. Op dit moment zijn er alleen nog maar regionale tariefafstemmingen, er is nog geen landelijk tariefafstemming. We stellen landelijke tarieven voor maar die moeten 19 keer worden voor- en vastgesteld. Wil één niet mee met het voorstel, dan is er een probleem. Het LTK is namelijk een convenant tussen die 19 overheden, waarbij afspraken zijn gemaakt met de handtekening van de gedeputeerde, dat zij v.w.b. reisproducten het landelijk advies zullen volgen afspraak en gezamenlijk het tarief vaststellen. De koepel erboven, het ROVB, bespreekt het advies en daarna vindt vaststelling plaats. Dit is de theorie, vindt één het te hoog of te laag, dan is er een probleem met de andere 18 terwijl de wet vrijheid van tarieven voorschrijft. Dat is dus lastig.
Dhr. Bouma vraagt of deze feiten hanteerbaar zijn in het OV-chipkaartverhaal. Dhr. Bottenberg weet niet of dit tot technische problemen leidt, hij heeft niet gehoord dat de vaste voet een probleem zal zijn, maar vooralsnog gaat hij er van uit dat datgene dat in het LTK is afgesproken, wordt gehonoreerd.
Vanuit de vergadering wordt opgemerkt dat het recht om tarieven regionaal vast te stellen inderdaad een gegeven is. Nu krijgen we te maken met de situatie dat het decentrale tarieven zijn, die op basis van afspraken en ondersteund door een convenant, de boel overeind houden.
Dhr. Bouma geeft aan dat de indexering vrij hoog is. In het verleden passeerde dit via het LCO en werd dat berekend via een ingewikkelde formule. De kamer heeft ooit ingegrepen bij een te hoog percentage, toen heeft de landelijkeoverheid bijgedragen om de tariefverhoging binnen de perken te houden, maar slechts voor de duur van één jaar. De tarieven kwamen toen boven de inflatienorm. Volgens theorieën zou dat reizigers kosten en dat wilde men voorkomen.

Nu moeten nieuwe afspraken worden gemaakt en hebben we de mogelijkheid dit punt van kritiek opnieuw aan de orde te brengen. De verwachte reizigersuitval wordt namelijk meegenomen in de tariefvaststelling en daar zijn de CO’s het niet mee eens.


Dhr. Markus vraagt of dit betrekking heeft op de km-prijs en de vaste voet. Als het ministerie in het verleden geld heeft bijgelegd, zou dat nu dan door de provincie moeten worden gedaan in voorkomende gevallen. Indexering gaat over alle tarieven heen. Als er korting uit een ander potje komt om de prijs te drukken gebeurt dat vanuit de decentrale overheden.
Dhr. Bottenberg geeft aan dat er daadwerkelijk is vastgesteld dat er vraaguitval binnen het OV plaatsheeft. Reizigers worden het OV uitgejaagd wat niet de bedoeling is. Dit keer zal hierover moeten worden overlegd. De andere kant van het verhaal is dat vanuit de vervoerder word opgemerkt dat de spelregels gaandeweg de concessie worden veranderd, waardoor compensatie vanuit de gemeente kan worden gevraagd.
Voor de ROCOV’s is het probleem óf de acceptatie van hogere tarieven óf vraaguitval accepteren.
Volgens dhr. Wouters is nog een andere mogelijkheid dat de decentrale overheden de verantwoordelijkheid dragen om het OV voor hun burgers te organiseren en daarvoor is een andere optie snijden in het lijnennet.

Dhr. Meerpoel refereert aan de gestelde voorwaarde dat het eerste jaar rust in de tarievenmarkt moest komen, m.u.v .de door de minister vastgestelde indexering.


M.b.t. de adviesaanvragen: dhr. Bottenberg laat weten dat het voornemen was geen stad/streeksupplement met 2 sterren voor de consumentenmarkt te voeren. Voor de zakelijke markt kon de vervoerder dan een prijs vaststellen die meer reëel was. De kortingsproducten waren niet op tijd gereed voor de consument en daarom is het stad/streeksupplement aangehouden. Op het laatste moment liet de NS weten niet op tijd (per 1 januari) een gecombineerd product te kunnen aanbieden. Daaruit is de wens voortgekomen om naar de zakelijke markt toe niet geconfronteerd te worden met een (te) lage consumentenmarktprijs. Op bestuurlijk niveau is hierover onderhandeld met als conclusie dat er 20% tariefsverhoging zou worden toegepast. Dit moet eigenlijk in de advisering alsnog worden meegenomen. Maar het is wel mosterd na de maaltijd, want de tarieven zijn al vastgesteld. Dit verdient zeker geen schoonheidsprijs en dat komt omdat wij hier te laat bij zijn betrokken. Bepaalde overheden nemen de ROCOV blijkbaar niet serieus, anderen wel.
Dhr. Markus vindt dat dit niet is over te brengen naar de achterban en al helemaal niet richting consument. Die kijkt naar wat hij betaalt en wat hij gaat betalen.
Het stad/streeksupplement werd vroeger via subsidie bekostigd en tegenwoordig niet meer. Daar hadden de vervoerders toen al op moeten reageren om dat geleidelijker op te laten houden en de pijn te delen. De subsidies zijn wel blijven bestaan in algemene zin, maar hier had een evenwichtiger prijsbeleid gevoerd kunnen worden, waar niet voor is gekozen. Het psychologisch effect wordt nog verergerd door de combinatie van het stadstreek- en trajectabonnement.
In Overijssel kent men al jarenlang een tariefcommissie in hun ROCOV. Een aantal jaar geleden kwam het probleem van het stad/streeksupplement al aan de orde, het is al heel lang bekend en ook dat het niet handhaafbaar zou zijn. Variaties zijn gesneuveld, omdat men het heel lang niet eens kon worden. Mede door onderlinge verdeeldheid is het een moeizaam traject geworden, en nu moet alles heel snel geregeld op het laatste moment.

Een ketenreis is duurder dan met één vervoermiddel, dat is geaccepteerd, maar zo blijft de ketenreis duurder. De oplossing ligt nu op het vlak dat je gaat denken vanuit de reiziger op de keten: één keer een opstap/basistarief want zo lang dat niet is ingevoerd, kom je er niet uit.


De tendens is dat de reiziger weer de dupe is, er wordt teveel gezocht naar excuses voor iedereen. Daarbij zijn verschillende afspraken geen gestand gedaan, waaronder de overeengekomen tariefrust. De minister heeft verwezen naar deze tariefrust en de consumentenorganisaties die adviesrecht hebben.
Volgens dhr. Wouters is het technisch niet haalbaar om verschillende opstaptarieven in te voeren. Op 1 april zou er een vervangend product moeten zijn, dan kan 1 juli het stad/streeksupplement vervallen.
De vraag ligt nog bij NS om het trajectabonnement te laten vervangen door een alternatief product omdat kortingsproducten voor korte trajecten niet aantrekkelijk zijn.
Duidelijk is wel dat de periode voor het advies veel te kort is geweest, laat staan dat er tijd was om een nieuw advies te formuleren.
Vanuit de vergadering wordt opgemerkt dat nergens wordt gesproken over efficiencyverbetering, het gaat alleen over de marktwerking bij de aanbesteding. Er wordt wel nagedacht over een meer ideaal tarievenstelsel, maar dan komt opnieuw aan de orde wat men landelijk wil regelen en wat regionaal moet blijven? De meeste dingen zijn alleen mogelijk als op landelijk niveau beslissingen worden genomen.
De suggestie wordt gedaan voor de volgende vergadering onze wensen te inventariseren (cie Meijdam), nu accepteren we veel bij de NS maar er is meer coördinatie en meer doordenken vereist. Veel is historisch zo gegroeid waarover maar niet meer wordt gesproken. Dhr. Heutink wordt gevraagd e.e.a. op papier te zetten en aan dhr. Bouma te doen toekomen.
Dhr. Bottenberg meldt dat we het nieuw LTK in een komende vergadering zullen bespreken.
Afgesproken wordt elkaar op de hoogte houden bij het signaleren van vreemde dingen.
4.a. Landelijke overlegstructuur OV: kansen voor OV-reizigers en ROCOV’s
De vraag is of wij met deze lijn in het gepresenteerde stuk (n.a.v. rapport Meijdam) kunnen leven of vinden we dit niet helemaal niets?

Over de opmerkingen wordt binnenkort met de voorzitters gesproken.

Dhr. Reutink vindt dat als bevoegdheden worden gedecentraliseerd, het moeilijk is een vuist te maken waardoor veel blijft hangen. Alles staat of valt met de plek waar de bevoegdheden liggen.
Dhr. Markus is van mening dat overwogen moet worden ook vanuit de regionale ROCOV’s dingen te delegeren van de regionale bevoegdheden, goede terugkoppeling is heel belangrijk uiteraard en hier moeten dan ook alle ROCOV’s aanwezig zijn, maar wel met meer bevoegdheid. Probleem hierbij is dat niet alle ROCOV’s op dezelfde manier zijn samengesteld of georganiseerd. Willen de overheden niets afstaan van hun bevoegdheden, dan kunnen wij niet veel meer dan adviseren.

Wil men wel afstaan, dan moet vanuit de kant van ROCOV daar iets tegenover staan, maar wat is dan weer de vraag.

Dhr. Markus meldt een zin uit de adviesaanvraag waarbij wordt gesuggereerd dat volgend jaar weer op de valreep om advies wordt gevraagd, het verdient nu geen schoonheidsprijs, maar zeker niet als we dat volgend jaar gaan herhalen.

Daarvoor (dhr. Bouma) stellen we een vergaderschema op, dat wordt overlegd met de vervoerder en daarbij wordt aangeven dat we de tarieven in die en die vergadering willen bespreken. Als ROCOV moet we minder afwachten, maar pro-actief reageren. Misschien in de zomer al overleggen over het tarief van het jaar daaropvolgend.

Een optie is ook te wachten tot Prinsjesdag, dan zijn bepaalde gegevens bekend, hoe vroeger je in het traject zit, hoe groter de kans dat je niet de juiste info heb en verkeerd zit met je conclusies. In de zomer is meestal nog onvoldoende bekend wat de effecten van een bepaald tarief in het volgende jaar zullen zijn.

We kunnen ook wachten op de vooruitzichten van het CPB. Prognoses kunnen we wel vooraf met elkaar bespreken, energie-indexen kunnen worden gebruikt, voor 80% hebben we dan een indicatie van de verwachtingen.


Dhr. Bakker: Onze prijs voor de consument wordt mede bepaald op basis van het aanbod dat wordt neergelegd. Er moet een duidelijke link zijn tussen de ideeën van vervoerkundigen, het aantal passagiers en de bijdrage van de overheid. Er moet in het tarievenpakket ergens een aanpassing zitten om kostendekkend te zijn.

Daarover is meer bekend wanneer de dienstregeling is neergelegd, dat is laatste kwartaal van het jaar. Je kunt door een te hoog tarief je reiziger afstoten wat effecten heeft op de kosten. De overblijvende reiziger kun je niet alles laten betalen.


5. Verslag vorige vergaderingen

Simon Rensema was ook aanwezig. Het losse tekstvoorstel was bedoeld om in het verslag op te nemen. Gerrit Reutink had zich afgemeld.


6. Rondvraag

Dhr. Timmermans vraagt naar de vergaderingen voor volgend jaar. Er komt z.s.m. een voorstel hiervoor. Dhr. Markus zal de Utrechtse data voor volgend jaar alvast doormailen. Na overleg blijkt maandag de meest geschikte vergaderdag te zijn.


Dhr. Bakker vraagt zich af of hij iets toevoegt omdat hij hier zit met een andere pet op, hij heeft een belang. Dat is geen bezwaar, het doel is in alle openheid met elkaar te spreken, inzicht te krijgen in zoveel mogelijk ins en outs om tot een gewogen oordeel en advies te komen.
Dhr. Markus vraagt of de OV-chip overal kan worden gebruikt nu. Dat is inderdaad het geval.
Dhr. Meerpoel merkt op het via de KvK de jaarrekening en verslag te hebben gelezen van TLS. Feit is dat er rente wordt geïnd die de pashouders op hun pas hebben staan, dat brengt tussen een half en één miljoen euro aan TLS toe. Dit geld is niet terug te vinden in de jaarrekening. Dit geld zal naar verwachting wel ten goede komen aan het OV, maar het is meer een morele vraag.

Als de reiziger na vijf jaar weer een nieuwe chipkaart moet kopen, kunnen we de reiziger dan geen korting geven op de OV-chipkaart uit de rente-opbrengsten van TLS. We hebben als consumentenorganisatie gepleit voor het gratis verstrekken van de OV-chipkaart. Dat is niet doorgegaan, maar we hebben het punt niet laten vallen. Wie betaalt, is nog niet aan de orde, maar we zullen hier later een keer over spreken.


Dhr. Boric wil in vervolg van de adviesvraag over nieuwe abonnementen weten - voorzover niet vermeld - hoe zich dat verhoudt tot de landelijke proposities qua prioriteitsstelling. Hoe is de praktijk dan geregeld, dat geeft een beter beeld voor onszelf, maar ook om de bedenker van die proposities mee te laten denken over wat de reiziger verwacht.
Mw. Furrer heeft bij Primera gehoord dat er geen formulieren meer verkrijgbaar zijn voor aanvraag van de OV-chipkaart, dat zou alleen nog via internet kennen. Dat is voor ouderen soms een probleem. Het schijnt in het hele Connexxion-gebied zo te zijn. Dhr. Bakker reageert hierop met de mededeling dat Connexxion aan kanaalsturing doet, er zijn problemen met het drukken van de formulieren geweest en bovendien is aanvragen via internet veel sneller en goedkoper richting TLS. De chipkaart kost al veel meer dan € 7,50, dus een lichte barrière om via internet te werken, maar dhr. Bakker zegt toe deze opmerking mee te nemen en te overdenken.
7. Sluiting

Hierna sluit voorzitter dhr. Bouman de vergadering.


Dovnload 39.28 Kb.