Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Verslag van een wetgevingsoverleg vastgesteld 17 januari 2013

Dovnload 433.96 Kb.

Verslag van een wetgevingsoverleg vastgesteld 17 januari 2013



Pagina10/11
Datum05.12.2018
Grootte433.96 Kb.

Dovnload 433.96 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   11
voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Agnes Mulder. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 33 (33400-V).


Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat de betrokkenheid van de Nederlandse samenleving bij ontwikkelingssamenwerking nog steeds groot is;
constaterende dat in de samenleving een groot aantal nieuwe kleinschalige en particuliere initiatieven op hun eigen manier uiting geven aan deze betrokkenheid;
van mening dat ontwikkelingssamenwerking een zaak is van de hele Nederlandse samenleving en dat middels deze kleinschalige initiatieven daaraan uiting wordt gegeven;
verzoekt de regering, haar visie te geven op de wijze waarop de betrokkenheid van de samenleving kan worden versterkt en daarbij te onderzoeken op welke manieren giften aan particuliere initiatieven kunnen worden gefaciliteerd,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Agnes Mulder. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 34 (33400-V).


Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Algemene Rekenkamer de Nederlandse overheid opriep tot een consequente houding ten aanzien van de inzet van algemene begrotingssteun;
constaterende dat de Nederlandse regering de afgelopen jaren een zeer kritische lijn heeft gevolgd ten aanzien van dit instrument;
constaterende dat de regering 1 miljard euro bezuinigt op het budget voor Ontwikkelingssamenwerking;
verzoekt de regering, geen nieuw geld uit te geven aan algemene begrotingssteun;
verzoekt de regering tevens, zich ook internationaal in te zetten voor een verdere beperking van de inzet van dit instrument,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Agnes Mulder. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 35 (33400-V).


Mevrouw Agnes Mulder (CDA): Als ik nog een paar seconden heb …
De voorzitter: U hebt nog heel even, maar niet meer dan een paar seconden. Dat wordt een cursus snellezen.
Mevrouw Agnes Mulder (CDA): Op het fonds Internationale Veiligheid komt de minister ook in maart terug. Dat is voor ons erg belangrijk. Naar aanleiding van dat vreselijke programma over Zambia heeft de minister actie ondernomen. We vinden het hartstikke mooi dat de minister dat heeft opgepakt. We zijn daar heel blij mee.

Dit waren de punten van de CDA-fractie vandaag.


De voorzitter: Het woord is aan de heer Sjoerdsma. U hebt nog drieënhalve minuut. Uw tijd gaat nu in.
De heer Sjoerdsma (D66): Vierenhalve minuut, dacht ik.

Voorzitter. Ik dank de minister voor haar antwoorden. Ik begon dit debat met een verwijzing naar de PvdA en de VVD: ze hebben een historische korting op OS doorgevoerd. Maar wat zagen we nog meer, tijdens dit debat? We zagen twee VVD-woordvoerders en één PvdA-woordvoerder die, vreemd genoeg, elkaar helemaal niet interrumpeerden. Dat is raar, want ze waren het over niets met elkaar eens: niet over het mkb, niet over OS, niet over handel en niet over duurzaamheid. Ach ja, verdeeldheid, verdeeldheid, verdeeldheid. Die zagen we dan ook terug bij deze minister. Zelfs deze minister kan met haar inzet niet verploumen, pardon verbloemen, dat ze een bijna onmogelijke opdracht heeft gekregen, namelijk om de verdeelde visies van de PvdA en de VVD in zich te verenigen.

Er is verdeeldheid in beleid. Het is cruciaal dat de minister eerst in maart met een visie komt voordat bezuinigingen worden doorgevoerd. Er is ook verdeeldheid over fondsen. Er was nu nota bene een VVD-motie nodig om opheldering te krijgen over het revolverende fonds. Verder was er ook onduidelijkheid over het fonds voor vrede en veiligheid en over de klimaatgelden. Ik wens de minister dan ook heel veel succes met deze uitdaging.

Ik kom op mijn moties. Ik heb er vier. Ze hebben betrekking op resultaten, klimaatgelden, onderzoek en draagvlak. De eerste motie gaat over onderzoek.


Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het wenselijk is dat ontwikkelingsrelevant onderzoek een zo breed mogelijke verspreiding geniet;
verzoekt de regering, al het door de Nederlandse overheid gefinancierde ontwikkelingsrelevante onderzoek digitaal en vrijelijk ter beschikking te stellen en te bevorderen dat door de Nederlandse overheid gefinancierde organisaties dit eveneens doen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Sjoerdsma. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 36 (33400-V).


De heer Sjoerdsma (D66): De tweede motie gaat over de resultaten van ontwikkelingssamenwerking.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het een kerntaak is van de Nederlandse overheid om verantwoording af te leggen over de besteding van Nederlands belastinggeld;
verzoekt de regering, een zo goed mogelijk inzicht te geven in de besteding van de ontwikkelingsgelden en de resultaten daarvan door digitale publicatie ter beschikking te stellen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Sjoerdsma, Voordewind, Agnes Mulder, Jasper van Dijk, Van Ojik en Thieme.

Zij krijgt nr. 37 (33400-V).


De heer Sjoerdsma (D66): De derde motie gaat over de klimaatgelden.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat volgens de Rekenkamer de internationale klimaatgelden kunnen oplopen tot 510 miljoen euro in 2017;
verzoekt de regering, de Kamer in het voorjaar van 2013 te informeren over de wijze waarop de klimaatgelden zo min mogelijk ten koste van ontwikkelingsprogramma's zonder klimaatdoel gaan, door:

- het scenario waarin het bedrijfsleven 50% van deze klimaatdoelen financiert, verder uit te werken;

- bij de vormgeving van het zogenaamde "revolverend fonds" te onderzoeken in welke mate dit kan bijdragen aan de benodigde publieke bijdrage voor het genereren van private bijdragen aan deze klimaatfinanciering;

- de mogelijkheid voor het genereren van inkomsten die voortvloeien uit nieuwe maatregelen die overwogen worden in het kader van het internationale klimaatbeleid, zoals een heffing op scheepsbrandstoffen of vliegtuigbrandstoffen, in kaart te brengen,


en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Sjoerdsma, Voordewind, Van Ojik en Thieme. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 38 (33400-V).


De heer Sjoerdsma (D66): De vierde motie gaat over draagvlak.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de minister heeft aangegeven het draagvlak voor ontwikkelingssamenwerking te willen vergroten;
verzoekt de regering, een nulmeting uit te voeren naar het draagvlak voor ontwikkelingssamenwerking, deze meting jaarlijks te herhalen en zich te houden aan de uitspraak om het draagvlak te vergroten,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Sjoerdsma. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 39 (33400-V).

Ik zie een signaal voor een interruptie, maar we doen nu geen interrupties. Het spijt me. Het woord is aan de heer Voordewind. Hij heeft nog precies twee minuten.
De heer Voordewind (ChristenUnie): Voorzitter. Ik dank de minister voor haar inzet, ook nu uitgesproken, met betrekking tot kinderarbeid. Ik had twee moties, maar die ga ik nu niet indienen. De ene motie ging over de risicosectoren. De minister gaat daarover in gesprek. De andere motie ging over child labour free zones. De minister heeft gezegd dat ze dat punt zal ondersteunen. Dat scheelt dus weer papier.

Over het revolving fund krijgen we geen duidelijkheid. Dat geldt ook voor het antwoord op de vraag van collega Van Ojik of dat een verplichting is. Daarom dien ik de volgende heel simpele motie in.


Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat gebonden hulp maar beperkt ten goede komt aan ontwikkelingslanden;
verzoekt de regering, geen gebonden hulp te geven,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Voordewind en Van Ojik. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 40 (33400-V).


De heer Voordewind (ChristenUnie): Over de klimaatfondsen zegt de minister dat ze in het voorjaar nog met een ambitie komt. Misschien kan de Kamer haar toch middels de volgende motie, als die het haalt, aanzetten om te komen met die ambitie.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de bijdrage voor internationale klimaatfinanciering in het regeerakkoord expliciet ten laste komt van het budget voor Ontwikkelingssamenwerking;
verzoekt de regering, na te streven dat maximaal de helft van het klimaatfinancieringsbudget uit het budget voor Ontwikkelingssamenwerking zal worden gefinancierd,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Voordewind. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 41 (33400-V).


De heer Voordewind (ChristenUnie): De laatste motie gaat over social protection, een belangrijk instrument om de sociale zekerheid in landen te versterken. Eerder hebben we daarover een amendement ingediend, waarin het ging om een bedrag van 8 miljoen. Ik heb van de Nederlandse ambassade begrepen dat Zimbabwe er nu uit gaat vallen, terwijl dat een pilotprogramma was. Dat betreur ik. Ik krijg daarop graag nog een reactie van de minister. Ik kom tot de volgende motie.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat de EU, de ILO, de Wereldbank, de G20 en een breed VN task team recent het belang van social protection voor armoedebestrijding en economische ontwikkeling hebben benadrukt en ernaar streven dit een apart doel van de post 2015-ontwikkelingsagenda te maken;
constaterende dat met Nederlandse steun momenteel alleen al in Ethiopië, Mozambique en Zimbabwe 1,5 miljoen extreem kwetsbare huishoudens via social protection programma's de kans wordt geboden te overleven, aan de armoede te ontsnappen en een bijdrage aan lokale economische ontwikkeling te leveren;
overwegende dat Nederland met zijn stelsel voor sociale zekerheid uitgebreide ervaring en kennis heeft die ten goede kan komen aan ontwikkeling van sociale zekerheidsprogramma's elders;
verzoekt de regering, social protection breed in te zetten in het Nederlandse ontwikkelingsbeleid,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Voordewind en Van Ojik. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 42 (33400-V).


De heer Voordewind (ChristenUnie): Ten slotte had ik de eerlijke supermarkten bij de minister onder de aandacht gebracht. Misschien kan ze daarop in haar tweede termijn nog reageren. Heeft ze de inzet om de motie daarover alsnog uit te voeren? De minister zegt in het voorjaar in gesprek te gaan met de UNHCR, maar ik weet dat de situatie nu dringend is. Ik verzoek de minister om echt te kijken naar andere kanalen dan alleen de UNHCR, juist om de niet-geregistreerden te bereiken.
De heer Van Ojik (GroenLinks): Voorzitter. Ook ik dank de minister. Ze heeft veel ambitie op het gebied van coherentie, maatschappelijk verantwoord ondernemen, belastingverdragen et cetera. Dat is heel goed.

Twee raadsels zijn in dit debat niet opgelost. Het eerste is het raadsel van de 1 miljard bezuiniging, die pijn doet bij de PvdA en bij de minister. Als die zo'n pijn doet, waarom is er dan geen "nee" gezegd? Dat raadsel is helaas niet opgelost. Ik vrees dat dat ook niet meer zal gebeuren voor 23.00 uur. Het tweede raadsel is dat van het revolverende fonds, een term met een mooie alliteratie overigens. Van de VVD weten we het nu: die heeft een motie ingediend om het te binden. De VVD, die altijd kritiek heeft op het gebrek aan doelmatigheid van de hulp, kiest nu voor een modaliteit die bewezen ondoelmatig is. Dat weten we in ieder geval. We moeten echter nog even wachten op wat de minister wil.

Ik dien drie moties in, als dat in de resterende minuut kan. Ik zal het heel snel doen. Het is goed dat de minister met de staatssecretaris van Financiën gaat praten over belastingen. Ik wil haar daarbij graag een duwtje in de rug geven. Ik dien de volgende motie in.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat Nederland met 93 landen verdragen heeft die buitenlandse investeerders korting geven op belastingen;
verzoekt de regering, alle lopende belastingverdragen afgesloten met derde landen door te lichten op negatieve effecten voor OS-landen en hier staande praktijk van te maken bij het afsluiten van nieuwe belastingverdragen;
verzoekt de regering tevens, de Kamer hier voorafgaand aan de aankomende Voorjaarsnota over te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Van Ojik en Jasper van Dijk. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 44 (33400-V).


De heer Van Ojik (GroenLinks): Mijn tweede motie gaat over een vraag die ik aan de minister had gesteld maar die niet beantwoord is. De motie luidt als volgt.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat in het regeerakkoord verregaande bezuinigingen op ontwikkelingssamenwerking zijn doorgevoerd;
overwegende dat het vorige kabinet-Rutte ook al forse bezuinigingen heeft doorgevoerd op ontwikkelingssamenwerking;
overwegende dat lessen getrokken kunnen worden uit deze vorige bezuinigingsronde, om zodoende de schadelijke effecten van de nieuwe bezuinigingen te minimaliseren;
verzoekt de regering, een onderzoek in te stellen naar de gevolgen voor ontwikkelingslanden en -programma's van de bezuinigingen van het vorige kabinet-Rutte en de Kamer hiervan verslag te doen voorafgaand aan de Voorjaarsnota,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Van Ojik, Sjoerdsma en Voordewind. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 45 (33400-V).

Mijnheer Van Ojik, u kunt uw laatste motie vast heel snel voorlezen.
De heer Van Ojik (GroenLinks): Mijn derde en laatste motie luidt als volgt.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het VN Ruggie-raamwerk en OESO-richtlijnen staten verplichten om op naleving van mensenrechten toe te zien;
overwegende dat van bedrijven die profiteren van economische diplomatieke dienstverlening of andere overheidssteun, wordt verlangd dat zij conform het VN Ruggie-raamwerk en OESO-richtlijnen een "human rights due diligence"-proces uitvoeren;
verzoekt de regering, er toezicht op te houden dat bedrijven die profiteren van economische diplomatieke dienstverlening of andere overheidssteun, een "human rights due diligence"-proces uitvoeren en de OESO-richtlijnen naleven,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door het lid Van Ojik. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 46 (33400-V).


Mevrouw Thieme (PvdD): Voorzitter. Ook ik wil de minister bedanken voor haar antwoorden. De minister heeft ons toegezegd dat ze dit voorjaar uitgebreid zal ingaan op de visie van het kabinet op het recht op voedsel en op de wijze waarop ze uitvoering zal geven aan de aangenomen moties waarin wordt gevraagd om in te zetten op agro-ecologische landbouwpraktijken en ondersteuning van kleinschalige boeren en boerinnen, en om op geen enkele wijze meer bij te dragen aan de financiering van megastallen in het buitenland. Als ik de minister goed beluister, bevestigt ze tijdens dit debat toch de indruk dat ontwikkelingssamenwerking vooral ten dienste staat van ons eigen bedrijfsleven. Ik noem hierbij ook het revolverende fonds. De minister heeft het steeds over de positieve link tussen handel en hulp. We hebben nog een apart debat over maatschappelijk verantwoord ondernemen. Dat is een buitengewoon belangrijk debat, dat ik ook zeker zal voeren, maar ik wil toch wel graag van dit kabinet weten of het in dat debat meer gaat doen dan voorgaande kabinetten aan de vele negatieve en risicovolle economische activiteiten van ons bedrijfsleven, zoals milieuvervuiling en het onttrekken van grondstoffen zonder daarvoor een eerlijke prijs te betalen.

Het kabinet spreekt over duurzame handel. In dat kader wil ik het volgende verzoek doen, mede namens de collega's Voordewind, Van Ojik en Sjoerdsma.


Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat er binnen het budget voor Ontwikkelingssamenwerking een revolverend fonds wordt opgericht van 750 miljoen euro voor investeringen in ontwikkelingslanden;
overwegende dat er voor andere fondsen uit het budget voor Ontwikkelingssamenwerking, zoals het fonds Water voor Ontwikkeling en het fonds Duurzaam Ondernemen en Voedselzekerheid, gebruik wordt gemaakt van duurzaamheidscriteria (het zogenaamde FIETS-model);
verzoekt de regering, deze duurzaamheidscriteria ook van toepassing te verklaren voor het nog op te richten revolverende fonds,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter: Deze motie is voorgesteld door de leden Thieme, Voordewind, Van Ojik en Sjoerdsma. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 43 (33400-V).

De minister heeft gevraagd om een enkele minuut te schorsen om naar de moties te kunnen kijken. Ik verzoek de leden om in de zaal te blijven, zodat we straks zo snel mogelijk kunnen doorgaan.
De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.
De voorzitter: De minister zal eerst nog even kort ingaan op de gestelde vragen en daarna op de moties en de amendementen. Ik dank de collega's voor de enorm collegiale samenwerking tot zover. Wellicht kunnen wij die voortzetten in het laatste deel van de vergadering. Ik vraag de leden om niet al te veel interrupties te plegen en rekening te houden met de mensen die de ondersteuning verzorgen en ook graag naar huis willen. Desalniettemin staat de goede beantwoording voorop. Morgen vindt er nog een plenaire behandeling van de begroting Buitenlandse Zaken en van een stukje van de begroting van Ontwikkelingssamenwerking plaats. Mochten er nog zaken zijn, hebben de leden morgen wellicht nog een mogelijkheid om die te berde te brengen.
Minister Ploumen: Voorzitter. Ik dank de leden der Kamer voor al hun vragen, amendementen en moties. Ik beantwoord eerst nog even een aantal openstaande vragen. Daarna ga ik, met uw goedvinden, in op de amendementen en de moties.

Mevrouw De Caluwé vroeg om de expertise van de private sector te benutten. Ik zie dit als een ondersteuning van het beleid dat wij voeren met de topsectoren, waarin zowel overheid, bedrijfsleven als kennisinstellingen samenkomen. In de naaste toekomst zie ik de publiek-private samenwerking op allerlei terreinen alleen maar verder toenemen.

Mevrouw De Caluwé stelde ook nog een vraag over de doelen en het moment waarop die gerapporteerd kunnen worden. Ik parafraseer de vraag nu even. Ik kan haar toezeggen dat dit zal zijn in het voorjaar van 2013.

Mevrouw Mulder en de heer Leegte spraken over het bedrijfsleveninstrumentarium. Dit zal ik ook bekijken in het kader van de bredere visie waarmee ik in het voorjaar kom. Ik ga dan ook in op de exportfinanciering. Ik zeg dit tegen de heer Leegte. Op de combinatie van duurzaamheid en handelsmissies kom ik verder terug in de toegezegde brief over internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen.

Mevrouw Maij vroeg of de overheid gaat meebetalen aan het hydrocarbon pollution restoration project in Nigeria. De opzet is om te komen tot een gezamenlijke financiering van de oliemaatschappijen en de Nigeriaanse autoriteiten. Voor zover mij bekend, wil Nigeria hieraan bijdragen.

De heer Van Dijk had een vraag over de clustermunitie. Zoals ik al zei, heeft de minister van Financiën maatregelen in voorbereiding die ertoe moeten leiden dat financiële instellingen die in Nederland gevestigd zijn, zich niet inlaten met de financiering van productie, verkoop of distributie van clustermunitie. In Nederland zijn er geen bedrijven actief op het vlak van clustermunitie, zelfs niet meer op het gebied van gewone munitie. Wij hebben het dus per definitie over buitenlandse bedrijven. Zover reikt ons toezicht niet. Wij kunnen dus niet voldoen aan het verzoek van de vermogensbeheerders. Dat verzoek is overigens niet aan mij gedaan, hetgeen klopt, omdat dit bij de minister van Financiën hoort. Dit wil niet zeggen dat ik afzijdig blijf. Ik wacht echter graag eerst zijn voorstel daaromtrent af.

De heer Leegte riep op om het stapelen van regels voor het mkb te voorkomen. De OESO-richtlijnen vormen het uitgangspunt, ook van het mkb. Het is de verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven zelf om de verwachtingen die daaruit voortvloeien in hun ketens op het gebied van mensenrechten, milieu, arbeidsomstandigheden en het voorkomen van corruptie vorm te geven. Daarmee is het vrijwillig, maar niet vrijblijvend. Ik hecht aan dat laatste. De administratieve lasten willen wij natuurlijk allemaal zo beperkt mogelijk houden en een stapeling daarvan voorkomen. Ik kan echter niet uitsluiten dat de noodzaak om risico's te beheersen in sommige ketens en sectoren zich slecht verhoudt met de schaal van het mkb. Daar moeten wij gewoon eerlijk over zijn.

Ik kom nu op de amendementen en begin met het amendement-Van Dijk op stuk nr. 19 over de verhoging van de bijdrage aan het Global Fund. De dekking voor dit amendement wordt gezocht in het niet verstrekken van een deel van de bijdrage aan veiligheid, goed bestuur en rechtsorde voor Burundi. Ik ontraad de aanneming van dit amendement, want de veiligheid en de rechtsorde zijn speerpunten in Burundi. Burundi is een land in opbouw. Ik zei net al dat het een langetermijninspanning vereist. In de perceptie van de bevolking neemt de veiligheid in Burundi wel toe. Juist om excessen te beperken, investeren wij in die sector en in democratische instituties. Ik ontraad het amendement dus vanwege de aangewezen dekking.

Het amendement-Van Dijk op stuk nr. 20 beoogt de bijdrage aan UNAIDS te verhogen met 2 miljoen. De dekking wordt wederom gezocht in Burundi. Ik ontraad dit amendement met dezelfde argumentatie, namelijk dat ik het korten op de veiligheidssector in Burundi onwenselijk vind. Ik ontraad dit amendement dus vanwege de dekking.

Ik kom nu op het amendement-Van Dijk op stuk nr. 21. De Nederlandse bijdrage van 1,4 miljoen aan het PPIAF in 2012 is geschrapt. Via dit amendement worden de vrijkomende middelen toegekend aan UNHCR. Ik ontraad dit amendement, maar ik ben graag bereid om te zoeken naar middelen om de bijdrage aan UNHCR te verhogen. Tegen de heer Van Dijk zeg ik dat de aangewezen dekking technisch niet correct is, omdat dit in een ander artikel wordt verwoord. Ik zal bekijken of wij kunnen zoeken naar 1,4 miljard, pardon, ik bedoel 1,4 miljoen.


De heer Jasper van Dijk (SP): Dan waren wij het toch nog eens geworden over de bezuinigingen!
Minister Ploumen: Met het amendement-Van Dijk op stuk nr. 22 wordt beoogd om 3,179 miljoen toe te kennen aan UNHCR. De dekking hiervoor wordt gezocht in de uitgaven voor goed bestuur in Indonesië. Ik ben positief over de verhoging, maar ontraad dit amendement vanwege de dekking. In Indonesië is de bijdrage juist gericht op de versterking van het juridische systeem. Dat is cruciaal in de huidige ontwikkelingsfase van het land. Ik steun dus de wens, maar ben het niet eens met de dekking.

Ik kom nu op het amendement-Maij c.s. op stuk nr. 26 over FLOW. Dit was eerst het amendement op stuk nr. 23. Ik laat het oordeel over dit amendement aan de Kamer. Ik ben positief over de ophoging van de bijdrage aan het FLOW-programma. De dekking uit artikel 2.4 is mogelijk. Ik laat het oordeel dus graag aan de Kamer over.

Het amendement-Maij c.s. op stuk nr. 24 beoogt de bijdrage aan UN Women in 2013 te verhogen met 2 miljoen euro. Ik ontraad dit amendement voor 2013. Ik zou het graag als ondersteuning van het beleid voor 2012 willen zien. Als de indieners dus bereid zijn om 2013 in 2012 te veranderen, zie ik dit als ondersteuning. Ik ben het dus eens met het amendement voor 2012, maar niet voor 2013. Mag ik in dezen een advies geven, of is dit staatsrechtelijk volstrekt buiten de orde?
De

1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   11

  • Agnes Mulder
  • Jasper van Dijk

  • Dovnload 433.96 Kb.