Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Visie op Griekse en Latijnse Taal en Cultuur in het curriculum in Nederland

Dovnload 0.65 Mb.

Visie op Griekse en Latijnse Taal en Cultuur in het curriculum in Nederland



Pagina1/3
Datum25.11.2018
Grootte0.65 Mb.

Dovnload 0.65 Mb.
  1   2   3

Visie op Griekse en Latijnse Taal en Cultuur in het curriculum in Nederland

Klassieken verbinden moderne samenleving

 

Klassieke talen en cultuur vormen en verbinden. Dat doen ze met machtige verhalen, met sterke beelden en belangrijke vragen. De klassieken verbinden de wereld van vroeger en vandaag, verbinden je eigen wereld met die van de ander. Ze openen je ogen voor wat je deelt met elkaar, in de samenleving van nu. Ze rusten je uit voor je rol in de maatschappij van morgen. De klassieken vormen je voor het leven dat voor je ligt. 



Het bovenstaande is de kernboodschap van de Vereniging Classici Nederland. De vereniging werkt deze kernboodschap in dit document uit tot een visie op de rol van de Griekse en Latijnse talen en culturen in het onderwijscurriculum in Nederland.



Athene als bakermat van de democratie: ‘Pericles’ Grafrede’ door Philip Foltz (1805-1877).

  1. Vakinhoudelijke karakteristieken GLTC

Onder Griekse en Latijnse Taal en Cultuur vallen twee verschillende vakken: GTC (Griekse Taal en Cultuur) en LTC (Latijnse Taal en Cultuur), in de praktijk en op scholen ook wel ‘Grieks’ en ‘Latijn’ genoemd. Hierna zal, behalve waar nadrukkelijk onderscheid tussen deze twee vakken gemaakt moet worden, gesproken worden van GLTC.

Het vak GLTC wordt uitsluitend op het VWO gegeven en is een verplicht vak voor de gymnasiumstroming. Om een gymnasiumdiploma te behalen dienen leerlingen in de onderbouw minimaal een jaar Grieks en Latijn gevolgd te hebben en in de bovenbouw tenminste een van beide talen tot en met het centraal examen.

De doelen van GLTC zijn:


  • een geïntegreerde bestudering van de talen en culturen van de klassieke Oudheid;

  • de doorwerking hiervan in latere periodes;

  • uitmondend in de reflectie op het eigene en vreemde, zoals uitgewerkt door de Verkenningscommissie in Het geheim van de Blauwe Broer, 2010:

• bijdragen aan identiteit en zelfontplooiing

• nadenken over de verhouding tussen individu en gemeenschap

• reflecteren op de betekenis van burgerschap

• nadenken over de Europese geschiedenis en de moderne tijd vanuit een historisch besef

• reflectie op klassieke teksten

• reflectie op de relatie tussen de antieke cultuur en de latere Europese cultuur

• zelfstandige oordeelsvorming.

Kern van GLTC is het leren van de talen Grieks en Latijn. Dit zijn uitdagende talen met een gecompliceerde grammatica, die de basis vormt van die van de moderne talen die in het VO onderwezen worden. Bij GLTC krijgen leerlingen daarom concepten aangereikt om na te denken en te praten over deze talen als taalsystemen. Deze concepten gaan verder dan grammaticale begrippen als onderwerp en lijdend voorwerp: ook retorische middelen komen bijvoorbeeld aan bod. Leerlingen leren de taalsystemen van Grieks en Latijn doorgronden, in vergelijking met het Nederlands. GLTC vergroot zo hun kennis van en hun reflectievermogen op taal en communicatie, het taalbewustzijn.



Zodra een leerling heeft doorgrond wat er in het Grieks of Latijn staat, rijst de vraag hoe dit er staat en wat de auteur bedoelt. De literaire werken die uit de Oudheid zijn overgeleverd behoren tot de wereldliteratuur op het hoogste niveau; inhoudelijke ontsluiting daarvan vereist een hoog niveau van interpretatie en tekstbegrip.



Julius Caesar, de grote Romeinse politicus en veldheer, zoals geportretteerd in de populaire strip Asterix.

Tegelijkertijd is het doorgronden, begrijpen en waarderen van de latere en hedendaagse westerse literatuur, beeldende kunst en bouwkunst niet volledig mogelijk zonder kennis van de klassieke werken die als hun inspiratiebronnen dienden. Ook is er toenemende aandacht voor de verwevenheid van de klassieke en de islamitische cultuur. Met name filosofische en wetenschappelijke werken uit de klassieke oudheid zijn vaak dankzij de Arabische wereld behouden gebleven, verder bestudeerd, en uiteindelijk ook weer in Europa bekend geworden.



Bij GLTC lezen leerlingen werken van verschillende genres. Dit leidt ertoe dat zij ook met andere vormen van kunst dan literatuur in aanraking komen. De klassieken richten zich ook op filosofie, op toneel, op beeldende kunst en architectuur, en op geschiedenis. Klassieke teksten worden bestudeerd in samenhang met een of meer van deze vakgebieden. Bovendien wordt de klassieke kunstuiting steeds ook vergeleken met (de interpretatie van) latere kunstuitingen, waarbij van de leerling verwacht wordt dat hij steeds reflecteert op de overeenkomsten en verschillen.

De geboorte van Venus’ van Botticelli (ca. 1445-1510). Uffizi-galerie, Florence.

GLTC is daarmee in zichzelf een vakoverstijgend vak. Inhoudelijk sluit het eveneens aan bij de leergebieden Burgerschap, Nederlands en de andere moderne talen, Kunst en Cultuur, en Mens en Maatschappij. GLTC bestudeert deze leergebieden immers niet alleen vanuit het perspectief van de klassieke oudheid, maar ook vanuit dat van de joods-christelijke traditie die tot ontwikkeling is gekomen in diezelfde oudheid en daarin zijn wortels heeft.

In een wereld waarin globalisering en internationalisering een belangrijke rol spelen, biedt kennis van de gedeelde geschiedenis, taalverwantschap, filosofie, wetenschap, literatuur en beeldende kunst, met aandacht voor de verschillen en overeenkomsten tussen heden en verleden en tussen de verschillende landen, een bindende factor tussen de landen in Europa en rond de Middellandse zee.





  1   2   3

  • Vakinhoudelijke karakteristieken GLTC

  • Dovnload 0.65 Mb.