Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Voeding slangen

Dovnload 95.97 Kb.

Voeding slangen



Datum24.09.2018
Grootte95.97 Kb.

Dovnload 95.97 Kb.

Voeding slangen

Alle slangen zijn vleeseters (carnivoor). Ze kunnen niet kauwen en moeten hun prooi in zijn geheel doorslikken. Omdat de prooi vaak erg groot is zitten hun kaken niet aan elkaar vast. Hierdoor kunnen ze hun mond heel ver openen. Als een slang een flinke prooi op heeft kan hij er weer een tijdje tegen. De meeste slangen hebben genoeg aan één maaltijd per week.



De schedel van een slang

Het type prooi is afhankelijk van de soort en de grootte van de slang. Zo zijn er soorten die wormen en insecten eten. Andere soorten eten weer vis of kikkers. De grootste soorten vangen wilde varkens, herten of zelfs krokodillen. Er zijn zelfs soorten die uitsluitend andere slangen eten. De meeste soorten eten echter knaagdieren zoals muizen en ratten.

Muizen en ratten kunnen veel schade aanrichten aan de graanvoorraden. Zeker in 3e wereld landen waar al weinig voedsel is kan dit veel problemen geven. Slangen zijn dan erg nuttig omdat ze veel muizen eten en voorkomen dat er een plaag uitbreekt. Helaas zijn de meeste mensen bang voor slangen en denken dat alle slangen giftig zijn. Veel slangen worden dan ook onnodig gedood.

Op basis van hoe de slangen hun voedsel doden kunnen we ze grofweg indelen in 3 groepen.

-Wurgslangen

-Gifslangen

-Overige slangen

Wurgslangen.

Deze slangen doden hun prooi door hem te wurgen. De slang vangt de prooi met de bek en draait er dan snel om heen met zijn lichaam. Hij knijpt het prooidier zo hard dat deze geen adem meer kan halen. Tot de wurgslangen behoren de bekende boa’s en de pythons. Ook de rattenslangen behoren tot deze groep. Hoewel wurgslagen geen giftanden hebben kunnen ze wel degelijk hard en pijnlijk bijten!



Gifslangen

Van de 2500 soorten slangen zijn er eigenlijk maar 400 giftig. Slangen spuiten hun gif in de prooi via hun giftanden. Het gif van gifslangen heeft drie functies.



Er bestaan verschillende soorten gif. Sommige soorten tasten de rode bloedcellen aan. Hierdoor gaat het bloed klonteren wat leidt tot een hartstilstand. Andere soorten gif tasten juist lichaamsweefsels aan wat leidt tot spierverlamming. Zenuwgif zorgt ervoor dat er geen prikkels kunnen worden doorgegeven tussen de zenuwen. Hierdoor raakt de prooi verlamt.

In het gif van de slang zitten bepaalde stoffen, enzymen genaamd. Door het inspuiten van het gif begint de vertering van de prooi al voordat de slang de prooi daadwerkelijk heeft ingeslikt. Een soort voorvertering als het ware. Dit is wel handig als je bedenkt dat een slang zijn pooi met huid en haar en dus ook botten op eet.

  • als verdedigingsmechanisme

als slangen in het nou gedreven worden kunnen ze hun gif ook als verdediging tegen vijanden gebruiken. De meeste slangen waarschuwen van te voren door te sissen of te ratelen (ratelslang) Gelukkig komen slangenbeten bij mensen zelden voor. Als je gebeten bent moet je rustig blijven en zo snel mogelijk naar een ziekhuis gebracht worden. Gelukkig bestaat er voor de meeste soorten gif een serum (antigif).

In Nederland hebben we ook een gifslang, de adder. Deze is zelden dodelijk voor de mens.



Opisthoglyfe slangen hebben twee iets vergrote giftanden die meer achterin de bek staan. Een prooi zit al in de bek als deze er mee in aanraking komt en het gif heeft een werking die voornamelijk de spijsvertering ondersteunt. De slangensoorten met dergelijke giftanden komen ook voor in families van over het algemeen niet-giftige slangen, zoals de familie gladde slangen (Colubridae). Sommige soorten kunnen echter, als men er al in slaagt om zich aan de achter in de bek staande giftanden te prikken, levensgevaarlijk zijn.

Proteroglyfe slangen hebben wel giftanden, maar deze zijn relatief kort en onbeweeglijk. De giftanden zijn gegroefd en staan voor in de bek in de bovenkaak. Het gif stroomt door de groef in de giftand naar de wond, om de efficiëntie te vergroten moet de slang kauwbewegingen maken. Slangen met dergelijke giftanden vindt men in de familie gifslangen (Elapidae), voorbeelden zijn cobra's, koraalslangen, mamba's en zeeslangen.

Solenoglyf zijn slangen die het best ontwikkelde gifapparaat hebben en bezitten juist heel grote giftanden die als ze niet worden gebruikt naar achteren tegen het gehemelte geklapt zitten. Pas bij een beet worden de tanden automatisch opengeklapt, klaar om toe te slaan. Vanwege het vermogen de giftanden in te klappen zijn deze veel langer zodat het gif dieper in de prooi wordt geïnjecteerd, wat de efficiëntie sterk vergroot. Sommige soorten hebben giftanden van enkele centimeters lang. De tanden zijn hol en staan in directe verbinding met de gifklieren. Omdat solenoglyfe slangen niet eerst een kauwbeweging hoeven te maken maar het gif direct injecteren zijn veel soorten erg gevaarlijk. Voorbeelden van solenoglyfe slangen zijn de soorten uit de familie adders, met als bekende groepen de groefkopadders en de pofadders.

Overige slangen

Deze groep slangen dood de prooi eigenlijk niet maar eet hem gewoon levend op. Dit zijn vooral soorten die vis en kikkers eten. De ringslang die ook in Nederland voorkomt is ook zo een soort. Deze slangen worden ook wel aglyf genoemd.



De ringslang is aglyf.

Vragen:


    1. Wat eten de meeste slangen?

    2. In welke 3 groepen kunnen we slangen grofweg verdelen?

    3. Bedenk bij elke type 2 voorbeeldsoorten

    4. Welke 3 functies heeft slangengif?

    5. In welke 3 groepen kunnen we gifslangen verdelen?

    6. Welke 3 slangen komen in Nederland voor?

7. Hieronder zie je een schematische afbeelding van een slang.

Benoem de volgende organen.

1………………………...

2………………………..

5………………………..

6:……………………….

7…………………………

8:………………………..

13……………………………..

15………………………..



Kies uit het volgende rijtje: maag, slokdarm, nieren, luchtpijp, lever, hart, darmen, long

  • Wurgslangen.
  • Opisthoglyfe
  • Proteroglyfe
  • Overige slangen

  • Dovnload 95.97 Kb.