Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Voor leidinggevenden en personeelsmedewerkers Laatste update: 4 januari 2017Inhoudstafel

Dovnload 1.28 Mb.

Voor leidinggevenden en personeelsmedewerkers Laatste update: 4 januari 2017Inhoudstafel



Pagina3/53
Datum04.04.2017
Grootte1.28 Mb.

Dovnload 1.28 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   53



1.2.2Klantgerichtheid

Een medewerker moet altijd het algemeen belang en het belang van de stad voor ogen houden. Maar hij moet ook zijn handelingen afstemmen op wat interne en externe klanten van de stad verwachten, zelfs zonder dat deze klanten dat uitdrukkelijk moeten vragen. Dit betekent:




  • klanten en collega’s altijd op een vriendelijke manier concrete antwoorden geven, vlot en volledig zijn in de dienstverlening en taken snel en efficiënt afhandelen;

  • het werk in ieder geval binnen de afgesproken termijn afhandelen;

  • best altijd de eigen naam en functie naar klanten communiceren en zich goed bereikbaar opstellen, heldere taal spreken en schrijven die iedereen kan begrijpen en correct en objectief alles wat relevant is vertellen en tot slot bij klachten altijd rustig en beleefd blijven.




Juridische teksten:

Rechtspositieregeling, deel 1 (deontologie)

Gemeenteraadsbeslissing van 21 maart 2005 (432), aangepast door de gemeenteraadsbeslissing van 16 februari 2009 (242), over de gedragscode

Dienstnota van 9 februari 2010 (nummer 31) over het klantvriendelijk gebruik van telefoons en e-mail



1.2.3Samenwerken

Samenwerken betekent dat een medewerker zijn inspanningen moet richten op het gezamenlijk belang van zijn team en de stad, met de bedoeling om een zo goed mogelijk resultaat te behalen:




  • afspraken vlot nakomen;

  • ideeën naar voor brengen om de resultaten van het team te verbeteren;

  • de leidinggevende steunen in zijn beslissingen;

  • niet meewerken aan onrechtmatige handelingen en deze melden aan de (hogere) leidinggevende.

Het is de taak van de leidinggevende om altijd op te treden tegen medewerkers die onrechtmatig handelen.




Juridische teksten:

Rechtspositieregeling, deel 1 (deontologie)

Gemeenteraadsbeslissing van 21 maart 2005 (432), aangepast door de gemeenteraadsbeslissing van 16 februari 2009 (242), inzake de gedragscode



1.2.4Diversiteit

De mensen met wie een medewerker in Antwerpen te maken heeft, verschillen op tal van vlakken: leeftijd, geslacht, afkomst, taal, cultuur, seksuele geaardheid, opleiding, burgerlijke staat, inkomen enzovoort. De medewerker moet deze verschillen respecteren en met iedereen professioneel zonder vooroordelen omgaan. We behandelen iedereen gelijk, beoordelen mensen niet op persoonlijke basis, maar kijken op een objectieve manier naar datgene waarvoor ze verantwoordelijkheid zijn. Elke discriminatie en inbreuk op iemands individuele waardigheid, waaronder ongewenste seksuele toespelingen en gedragingen, zijn verboden.


Er bestaat ook een meldpunt discriminatie in het kantoor van de ombudsvrouw voor individuen, bedrijven, verenigingen en overheden.


Juridische teksten:

Rechtspositieregeling, deel 1 (deontologie)

Gemeenteraadsbeslissing van 21 maart 2005 (432), aangepast door de gemeenteraadsbeslissing van 16 februari 2009 (242), inzake de gedragscode

Dienstnota van 12 september 2008 (191) over het meldpunt discriminatie



1.2.5Integriteit

De handelingen van een medewerker in naam van de stad moeten altijd correct en betrouwbaar zijn, zodat anderen (burgers, klanten, leveranciers) er op kunnen vertrouwen dat het algemeen belang van de stad voorop staat en dat zij altijd correct en gelijk worden behandeld. Dat betekent:




  • eerlijk zijn tegenover collega’s, klanten en het bestuur;

  • eigendommen en de rechten van het bestuur alleen gebruiken voor het werk, ervoor zorgen dat ze in goede staat blijven, ze niet beschadigen en voorkomen dat ze beschadigd worden;

  • fraude en corruptie met alle mogelijke middelen bestrijden, de leidinggevende of het Bureau voor Integriteit altijd op de hoogte brengen van vermoedens of vaststellingen van fraude en corruptie. Fraude en omkoopbaarheid brengen immers grote schade toe aan het financiële belang van de stad en het imago van het bestuur. Bovendien gaan ze in tegen de democratische waarden;

  • voorkennis die invloed kan hebben op de waarde van roerende of onroerende goederen strikt geheim houden en niet voor een nevenactiviteit gebruiken. Lees in dat verband ook de dienstnota over de toegang tot vertrouwelijke gegevens en het reglement over het uitoefenen van een nevenactiviteit;

  • ook buiten het werk zich op een waardige manier gedragen: het bestuur niet in opspraak brengen en geen slechte naam bezorgen;

  • de persoonlijke voorkeur of overtuiging en private belangen strikt gescheiden houden van het werk. Heeft de medewerker toch ergens een persoonlijk belang bij, bijvoorbeeld via een bedrijf, een persoon of een vereniging? Dan brengt hij zijn leidinggevende daarvan op de hoogte of draagt het dossier aan hem of een collega over;

  • geschenken, gunsten en uitnodigingen voor diners, activiteiten en bedrijfsbezoeken alleen aanvaarden onder zeer strikte voorwaarden:

    • erover spreken in het openbaar;

    • de leidinggevende vooraf op de hoogte brengen;

    • enkel aanvaarden als ze een beperkte materiële waarde hebben en niet verplichten tot een gunst of wederdienst;

    • nooit persoonlijke wederdiensten, gunsten of geschenken vragen of aannemen;

  • Zowel het vragen naar, als het aanvaarden van geld is nooit toegestaan.



1.2.5.1Giften en geschenken ontvangen

De onafhankelijkheid van een medewerker mag door het ontvangen van giften en geschenken niet in het gedrang komen. Dat houdt in dat geschenken of giften die de onafhankelijkheid in gevaar brengen of die de schijn van partijdigheid wekken niet mogen aanvaard worden. Geschenken die buiten alle verhoudingen staan mogen nooit aanvaard worden. Als een medewerker toch een geschenk aanvaardt, moet hij dit steeds kunnen kaderen in een normale professionele verhouding en het algemeen belang voor de organisatie kunnen aantonen. In geval van twijfel vraagt de medewerker de leidinggevende om raad.



1.2.5.2Kledijvoorschriften

Een medewerker mag geen uiterlijke tekenen van een persoonlijke overtuiging tonen bij rechtstreeks klantencontact. De stad wil de neutraliteit van de dienstverlening garanderen en elke schijn van partijdigheid vermijden:




  • Draagt een medewerker een uniform, werkkledij of veiligheidskledij? Dan mag hij geen andere kledij of kentekens dragen, met uitzondering van de symbolen van de stedelijke huisstijl.

  • Staat een medewerker direct in contact met publiek, klanten of externe partners? Dan moet hij degelijke onopzichtige kledij dragen. Medewerkers mogen geen uiterlijke symbolen van levensbeschouwelijke, politieke, syndicale of sportieve overtuiging dragen tijdens hun werkuren (kruisje, keppeltje, hoofddoek, tulband, HIV-speldje, kentekens serviceclubs, verenigingen … ). Behoort een medewerker niet tot de bovenvermelde categorieën, dan draagt hij degelijke onopzichtige kledij die hoffelijkheid uitstraalt. Zo kan bijvoorbeeld een hoofddoek wel, maar geen zware sluier die het gezicht geheel of gedeeltelijk bedekt.

Wettelijk mag een medewerker in de publieke ruimte geen kledij dragen waardoor het gezicht geheel of gedeeltelijk bedekt of verborgen is, zodat hij niet herkenbaar is. Dit mag wel als dit is voorgeschreven door de wetgeving omwille van de gezondheid of de veiligheid op het werk. De medewerker moet te allen tijde deze wettelijke regels naleven.


        1. Uitnodigen van bezoekers

Indien een medewerker iemand in naam van de stad Antwerpen uitnodigt voor een bezoek, dan moet hij hierbij het stedelijk reglement op de receptie- en representatiekosten volgen.




Juridische teksten:

Rechtspositieregeling, deel 1 (deontologie)

Gemeenteraadsbeslissing van 21 maart 2005 (432), aangepast door de gemeenteraadsbeslissing van 16 februari 2009 (242), inzake de gedragscode

Gemeenteraadsbeslissing van 22 maart 2004 (jaarnummer 495) over de receptie- en representatiekosten van de stad Antwerpen

Gemeenteraadsbeslissing van 19 september 2011 (jaarnummer 1108) over het dragen van kledij die het gezicht bedekt in publieke plaatsen

Dienstnota van 4 maart 2010 (55) over giften en geschenken

Dienstnota van 7 maart 2007 (46) over de kledijvoorschriften

Dienstnota van 9 augustus 2011 (101) over de toegang tot vertrouwelijke gegevens

1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   53

  • 1.2.3Samenwerken
  • 1.2.5.1Giften en geschenken ontvangen
  • 1.2.5.2Kledijvoorschriften
  • Uitnodigen van bezoekers

  • Dovnload 1.28 Mb.