Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Voor leidinggevenden en personeelsmedewerkers Laatste update: 4 januari 2017Inhoudstafel

Dovnload 1.28 Mb.

Voor leidinggevenden en personeelsmedewerkers Laatste update: 4 januari 2017Inhoudstafel



Pagina53/53
Datum04.04.2017
Grootte1.28 Mb.

Dovnload 1.28 Mb.
1   ...   45   46   47   48   49   50   51   52   53

11.12 Aanvraag dienstvrijstelling syndicale werking

Bij de goedkeuring van een aanvraag voor syndicale werking, wordt met het volgende rekening gehouden:




  • de vakbond vraagt dienstvrijstelling aan via het aangewezen (elektronisch) systeem en zorgt voor alle wettelijke vereisten en een voldoende motivering;

  • de dienstvrijstelling moet minstens vijf werkdagen voor de dienstvrijstelling aangevraagd worden. Indien het een dienstvrijstelling is van een personeelslid dat in continudienst werkt of met in te plannen werkroosters, dient dat minstens tien werkdagen op voorhand aangevraagd te worden;

  • de dienstvrijstelling wordt maar toegestaan voor de tijd die noodzakelijk is;

  • de dienstvrijstelling wordt maar toegestaan als dit de continuïteit van de dienstverlening niet in het gedrang brengt.

Dienstvrijstelling kan eveneens worden toegestaan om de vergaderingen voor te bereiden. Er is telkens een maximum van één uur per vakbondsafgevaardigde, per door de werkgever georganiseerd comité.


Bij een onderhandelings- of overlegcomité of een bedrijfsbezoek dat buiten de diensttijd plaatsvindt, wordt er in uitzondering op dat principe wel inhaalrust toegekend. Die inhaalrust is gelijk aan de duur van het comité of het bedrijfsbezoek.

Nadat de syndicale werking heeft plaatsgevonden levert de vakbond het bewijs van aanwezigheid op de activiteit waarvoor dienstvrijstelling werd aangevraagd af via het aangewezen (elektronisch) systeem.




Juridische teksten:

Wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel

Koninklijk besluit van 28 september 1984 tot uitvoering van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel

Rechtspositieregeling van de stad: artikel 1 tot en met 3 van deel 11.

Reglement van inwendige orde voor de werking van overleg- en onderhandelingscomités van 17 mei 2005 (jaarnummer 1175)

Collegebeslissing van 12 juni 2009 (jaarnummer 8091) over het sectoraal akkoord 2008 - 2013

Besluit stadssecretaris van 16 mei 2011 (jaarnummer 01173) betreffende het verstrekken van informatie aan vakbonden.



12 Slotbepalingen




12.1 Toepassingsgebied

Deze rechtspositieregeling is niet van toepassing op:



    • operationele brandweermedewerkers (tenzij anders bepaald);

    • het onderwijzend personeel;

    • busbegeleiders;

    • vrijwilligers;

    • juryleden;

    • bedienaars van de erediensten;

    • onthaalouders.


13 Definities

Voor de toepassing van de verschillende hoofdstukken van de rechtspositieregeling wordt verstaan onder:


BVR RPR

Besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2007 over de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie, de rechtspositieregeling en het mandaatstelsel van het gemeentepersoneel en het provinciepersoneel en enkele bepalingen over de rechtspositie van de secretaris en de ontvanger van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, en alle latere aanpassingen aan dat besluit.


Aanstellende overheid

  • De gemeenteraad voor de stadssecretaris en de financieel beheerder.

  • Het college van burgemeester en schepenen voor de leden van het managementteam (delegatie goedgekeurd op 22 september 2008) en voor het kabinets- en fractiepersoneel54.

  • De stadssecretaris voor de overige medewerkers van de stad55.

  • Het orgaan zoals vermeld in de statuten, voor de autonome gemeentebedrijven en de extern verzelfstandigde agentschappen.


Directeur

De bedrijfs- of bestuursdirecteur of zijn of haar vervanger of de leidinggevende aan wie de bevoegdheden van directeur eventueel verder zijn doorgedelegeerd. De directeur is de persoon die de rechtstreekse leiding heeft over een bedrijfseenheid en is al dan niet lid van het managementteam.


Aanstelling

Het besluit van de aanstellende overheid omtrent het invullen van een betrekking in contractueel of statutair dienstverband, binnen de grenzen van de door de gemeenteraad vastgestelde personeelsformatie of in vervanging van wettig afwezige medewerkers.


Bevordering (op proef)

Het besluit van de aanstellende overheid, waarbij:



  • een statutaire of contractuele medewerker die aan de bevorderingsvoorwaarden voldoet, op proef respectievelijk vast aangesteld wordt in een statutaire betrekking van een hogere rang. Voor de contractuele medewerker houdt deze beslissing eveneens een expliciet besluit tot benoeming (op proef) in conform de pensioenwetgeving.

  • een statutaire of contractuele medewerker die aan de bevorderingsvoorwaarden voldoet, op proef respectievelijk vast aangesteld wordt in een contractuele betrekking van een hogere rang. In dit geval wordt een arbeidsovereenkomst conform de wet op arbeidsovereenkomsten van 3 juli 1978 afgesloten.


Benoeming of contractuele aanstelling door verandering van graad

Het besluit van de aanstellende overheid, waarbij de medewerker na een selectie- of mobiliteitsprocedure wordt aangesteld in een statutaire of contractuele betrekking van een zelfde of gelijkwaardige graad binnen dezelfde rang dan die van zijn huidige betrekking.


Werkervaringsklanten

Werkervaringsklanten zijn werkzaam onder WEP+ , artikel 60, in een startbaanovereenkomst (incl cleanteam), in stelsels als BIO, SINE, generatiepact, ACTIVA, of als invoegmedewerkers.


Generieke functie

Overkoepelende benaming van alle functies in één bepaalde graad, bijvoorbeeld afdelingschef. Elke generieke functie bevat een algemene functie en kan verder opgedeeld zijn in één of meerdere specifieke functies.


Algemene functie

Een functie die ingevoerd is door een gemeenteraadsbesluit en opgenomen in de personeelsformatie van de stad Antwerpen, waarbij de generieke benaming van de functie volstaat als algemene beschrijving van de functie-inhoud en waarbij “algemene functie” of “bestuurskunde” wordt vermeld.


Specifieke functie

Een functie die ingevoerd is door een gemeenteraadsbesluit en opgenomen in de personeelsformatie van de stad Antwerpen, waarbij de generieke benaming van de functie uitgebreid wordt met een specificatie. Bijvoorbeeld afdelingschef sport of hoofddeskundige vorming.


Bevorderingswaarborg

De minimale salarisverhoging na niveauoverschrijdende bevordering zoals bepaald in het deel Salaris, toelagen en vergoedingen van de rechtspositieregeling.


Beroepservaring

Tewerkstelling bij de stad als vrijwilliger, jobstudent of met een stage, wordt niet meegerekend als beroepservaring.





1 Een functiebeschrijving geeft de kernactiviteiten van een bepaalde functie weer en welke doelstellingen een medewerker in die functie moet bereiken.

2 Een competentieprofiel beschrijft de competenties die nodig zijn om een bepaalde functie uit te oefenen.

3 Een competentie is een combinatie van kennis (‘wat ken je?’), vaardigheden (‘wat kan je?’) en houdingen (‘hoe gedraag je je?’).

4 Een functiefamilie is een verzameling van functies met een soortgelijk competentieprofiel.

5 Een functiefamilie is een verzameling van functies met een soortgelijk competentieprofiel.

6 Selectiecriteria zijn de criteria waarop beoordeeld wordt of de kandidaat geschikt is voor de functie waarvoor hij solliciteert. Ze zijn opgemaakt in de vorm van een functiebeschrijving en een competentieprofiel.

7 Een functiebeschrijving geeft de kernactiviteiten van een bepaalde functie weer en welke doelstellingen een medewerker in die functie moet bereiken.

8 Een graad is een groep van gelijkaardige functies, zoals bijvoorbeeld ‘afdelingschef’ en ‘consulent’.

9 Een competentie is een combinatie van kennis (‘wat ken je?’), vaardigheden (‘wat kan je?’) en houdingen (‘hoe gedraag je je?’).

10 Een werfreserve is een lijst van kandidaten die slaagden voor de selectie.

11 Een selectiepool is een lijst van kandidaten die geslaagd zijn voor een onderdeel van de selectie.

12AG energiebesparingsfonds, AG kinderopvang, AG Stedelijk onderwijs, AG Vespa, GAPA, vzw Werkhaven, vzw Antwerpen studentenstad.

13 Deze termijn wordt pro rata berekend naargelang het arbeidsregime van de medewerker.

14 De medewerker van minstens 50 jaar kan loopbaanvermindering 1/2de of 1/5de nemen tot aan het begin van zijn pensioen, ongeacht de totale duur van de loopbaanonderbrekingen en loopbaanverminderingen die hij reeds heeft genoten.


15 Een graad is een groep van gelijkaardige functies, zoals bijvoorbeeld ‘afdelingschef’ en ‘consulent’.

16 De functionele loopbaan bestaat uit de opeenvolgende salarisschalen van die graad.

17 De functionele loopbaan bestaat uit de opeenvolgende salarisschalen van die graad.

18 De geldelijke anciënniteit bestaat uit het aantal dienstjaren dat in aanmerking wordt genomen voor de berekening van het salaris.

19 Werkelijke diensten zijn alle diensten die recht geven op een salaris of die bij ontstentenis van een salaris krachtens de rechtspositieregeling toch in aanmerking worden genomen voor de vaststelling van het salaris.

20 Elke dienst zonder rechtspersoonlijkheid die ressorteert onder de wetgevende, de uitvoerende of de rechterlijke macht.

21 Elke dienst met rechtspersoonlijkheid die onder de uitvoerende macht ressorteert en elke andere instelling naar Belgisch recht of naar het recht van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte die beantwoordt aan collectieve behoeften van algemeen of lokaal belang en waarbij in de oprichting of bijzondere leiding ervan het overwicht van de overheid tot uiting komt.

22 De geldelijke anciënniteit bestaat uit het aantal dienstjaren dat in aanmerking wordt genomen voor de berekening van het salaris.

23 Een functiebeschrijving geeft de kernactiviteiten van een bepaalde functie weer en welke doelstellingen een medewerker in die functie moet bereiken.

24 Besluit van de stadssecretaris van 29 oktober 2009, jaarnummer 3132.

25 Interne mobiliteit is mobiliteit binnen de eigen bedrijfseenheid of tussen bedrijfseenheden.

26 De geldelijke anciënniteit bestaat uit het aantal dienstjaren dat in aanmerking wordt genomen voor de berekening van het salaris.

27 Verruimde personeelsmobiliteit wil zeggen dat medewerkers van leden van de groep Antwerpen zich ook kandidaat kunnen stellen voor een vacature van de stad en omgekeerd. Voor Andere info: zie deel 3, titel 6.2.

28 Een graad is een groep van gelijkaardige functies, zoals bijvoorbeeld ‘afdelingschef’ en ‘consulent’.

29 De functionele loopbaan bestaat uit de opeenvolgende salarisschalen van die graad.

30 Externe personeelsmobiliteit betekent dat personeelsleden van een andere gemeente, provincie of dienst van de Vlaamse overheid zich kandidaat kunnen stellen voor een vacature van de stad en omgekeerd.

31Verruimde personeelsmobiliteit wil zeggen dat medewerkers van leden van de groep Antwerpen zich ook kandidaat kunnen stellen voor een vacature van de stad en omgekeerd. Voor Andere info: zie deel 3, titel 6.2.

32 Besluit van de stadssecretaris van 29 oktober 2009 (jaarnummer 3133). Dit principe wordt toegepast op bevorderingen vanaf 25 juni 2009.

33 Het decreet van 8 mei 2002 houdende wijziging van verschillende bepalingen betreffende de haard- en standplaatstoelage en het vakantiegeld van het gemeente- en provinciepersoneel.

34 Bezoldiging is het salaris, verhoogd met de volledige of gedeeltelijke haard- of standplaatstoelage, en verminderd met de inhouding voor het Fonds voor Overlevingspensioenen.

35 Bezoldiging is het salaris, verhoogd met de volledige of gedeeltelijke haard- of standplaatstoelage, en verminderd met de inhouding voor het Fonds voor Overlevingspensioenen.

36 Besluit van de Vlaamse Regering van 13 september 2002 betreffende de toekenning en de vaststelling van het vakantiegeld van het gemeentepersoneel en het provinciepersoneel.

37Het enkel vakantiegeld is het normaal loon van het bestuur de medewerkers betaald als zij een dag vakantie nemen. Het dubbel vakantiegeld is een supplement dat uitbetaald wordt in mei.

38 Het salaris op jaarbasis of in voorkomend geval het wachtgeld of de uitkering, uitbetaald in de plaats van een salaris, aangevuld met de eventuele haardtoelage of standplaatstoelage.

39 Het kalenderjaar dat voorafgaat aan het jaar waarin de vakantie wordt toegekend.

40 Het referentiejaar is het kalenderjaar dat voorafgaat aan het jaar waarin de vakantie wordt toegekend.

41 Het kalenderjaar dat voorafgaat aan het jaar waarin de vakantie wordt toegekend.

42 Het salaris op jaarbasis of in voorkomend geval het wachtgeld of de uitkering, uitbetaald in de plaats van een salaris, aangevuld met de eventuele haardtoelage of standplaatstoelage of de bevorderingswaarborg.

43 De periode van 1 januari tot en met 30 september van het in aanmerking te nemen jaar.

44 Medewerkers van stadsreiniging ontvangen in geval van nachtophaling van huisvuil een nachtvergoeding van 50%

45 Collegebesluit van 16 januari 2009, jaarnummer 320.

46 De prestatieperiode is de periode waarin de prestaties verricht zijn waarop gewaardeerd wordt.

47 Een vergoeding is een geldelijke tegemoetkoming die een medewerker ontvangt omdat hij bepaalde kosten heeft gemaakt in de uitoefening van zijn functie.

48Besluit van de stadssecretaris van 2 juli 2009, jaarnummer 1883.

49 Een dienstreis is de verplaatsing van de woonplaats of de standplaats naar een vooraf bepaalde bestemming in opdracht van of op uitnodiging van de bevoegde hiërarchisch meerdere van de medewerker.

50 Een dienstreis is de verplaatsing van de woonplaats of de standplaats naar een vooraf bepaalde bestemming in opdracht van of op uitnodiging van de bevoegde hiërarchisch meerdere van de medewerker.

51 Een sociaal voordeel is een voordeel (in natura of in geld) dat het stadsbestuur een medewerker als gunst toekent.

52 Medewerkers met een contract van minder dan 3 maanden hebben geen recht op maaltijdcheques. Het gaat o.a. over: jobstudenten, stagiaires, vrijwilligers, medewerkers tewerkgesteld met een vacatieovereenkomst of een beroepsinlevingsovereenkomst.

53 uitgezonderd in het geval van onderbroken diensten

54 Delegatiereglement van 9 maart 2007 (CBS jaarnummer 3286).

55 Delegatiereglement van 9 maart 2007 (CBS jaarnummer 3286).

1   ...   45   46   47   48   49   50   51   52   53

  • 12 Slotbepalingen 12.1 Toepassingsgebied
  • 13 Definities

  • Dovnload 1.28 Mb.