Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Was-wordt-tabel Wijziging Model Verordening naamgeving en nummering (adressen)

Dovnload 119.18 Kb.

Was-wordt-tabel Wijziging Model Verordening naamgeving en nummering (adressen)



Datum05.12.2018
Grootte119.18 Kb.

Dovnload 119.18 Kb.




Was-wordt-tabel Wijziging Model Verordening naamgeving en nummering (adressen)





Leeswijzer modelbepalingen
- [] of (bijvoorbeeld) [iets] = door gemeente in te vullen.

- [iets] = facultatief.

- [(iets)] = een voorbeeld ter illustratie of uitleg voor gemeente.


In de ‘bestaande tekst’ zijn de woorden en leestekens waaraan iets verandert, cursief gezet en – als het een facultatieve bepaling betreft – eveneens onderstreept (aangezien dan de hele bepaling cursief is i.v.m. het facultatieve karakter). In de ‘nieuwe tekst’ zijn de nieuwe woorden en leestekens vet gedrukt.

De Verordening naamgeving en nummering (adressen) (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd:




Bestaande tekst
HOOFDSTUK 1. Algemene bepalingen
[…]
HOOFDSTUK 2. Naamgeving en begrenzing van woonplaatsen, toekennen van namen aan de openbare ruimte, het nummeren van verblijfsobjecten, ligplaatsen, standplaatsen en afgebakende terreinen
[…]
HOOFDSTUK 3. Plaatsen van naam- en nummerborden
[…]
HOOFDSTUK 4. Nadere voorschriften
[…]
HOOFDSTUK 5. Straf-, overgangs- en slotbepalingen
[…]


Nieuwe tekst

[…]


[…]

[…]

[…]

[…]


Artikel 1 (artikel I, onderdeel B, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd:




Bestaande tekst
Artikel 1.

In deze verordening (en de daarop berustende bepalingen) wordt verstaan onder:



a. Adres: door het college aan een verblijfsobject, een standplaats of een ligplaats toegekende benaming, bestaande uit een combinatie van de naam van een openbare ruimte, een nummeraanduiding en de naam van een woonplaats.

b. Afgebakend terrein: een terrein met een kunstmatige of natuurlijke afbakening, waarop zich geen verblijfsobjecten bevinden en dat betreedbaar en afsluitbaar is.
c. College: het college van burgemeester en wethouders.

d. Convenant: het tussen de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Koninklijke TPG Post BV gesloten Kader Convenant en Nader Convenant inzake postcodes.

e. Ligplaats: door het college als zodanig aangewezen plaats in het water, al dan niet aangevuld met een op de oever aanwezig terrein of een gedeelte daarvan, die is bestemd voor het permanent afmeren van een voor woon-, bedrijfsmatige of recreatieve doeleinden geschikt vaartuig.

f. Nummeraanduiding: door het college als zodanig toegekende aanduiding van een verblijfsobject, een standplaats, een ligplaats en een afgebakend terrein dat bestaat uit een of meer Arabische cijfers, al dan niet met toevoeging van een letter- en/of cijfercombinatie.

g. Openbare ruimte: door het college als zodanig aangewezen en van een naam voorziene buitenruimte die binnen één woonplaats is gelegen.

h. Pand: kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig-constructief zelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is.

i. Rechthebbende: een ieder die krachtens eigendom of een beperkt zakelijk recht of een persoonlijk recht zodanig beschikking heeft over een onroerende zaak dat hij naar burgerlijk recht bevoegd is om in die zaak te handelen zoals in de verordening is voorgeschreven, alsmede de beheerder.

j. Standplaats: door het college als zodanig aangewezen terrein of een gedeelte daarvan dat is bestemd voor het permanent plaatsen van een niet direct en duurzaam met de aarde verbonden en voor woon-, bedrijfsmatige of recreatieve doeleinden geschikte ruimte.

k. Uitvoeringsvoorschriften: nadere bepalingen inzake naamgeving en nummering (adressen).

l. Verblijfsobject: de kleinste binnen één of meerdere panden gelegen en voor woon-, bedrijfsmatige of recreatieve doeleinden geschikte eenheid van gebruik die ontsloten wordt via een eigen afsluitbare toegang vanaf de openbare weg, een erf of een gedeelde verkeersruimte, die onderwerp kan zijn van goederenrechtelijke rechtshandelingen en in functioneel opzicht zelfstandig is.

m. Wijk- en buurtindeling: een indeling van de gemeente in wijken en buurten conform de eisen die het CBS aan deze indeling verbindt.

n. Woonplaats: door het college als zodanig aangewezen en van een naam voorzien gedeelte van het grondgebied van de gemeente.

o. De Wet: Wet basisregistraties adressen en gebouwen  .



Nieuwe tekst
Artikel 1. Definities

1. In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

- adres;

- ligplaats;

- openbare ruimte;

- pand;

- standplaats;

- verblijfsobject;

- woonplaats;

dat wat daaronder wordt verstaan in de Wet basisregistratie adressen en gebouwen.

2. In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verder verstaan onder:

[- afgebakend terrein: een terrein met een kunstmatige of natuurlijke afbakening, waarop zich geen verblijfsobjecten bevinden en dat betreedbaar en afsluitbaar is.]


- nummeraanduiding: dat wat daaronder wordt verstaan in de Wet basisregistratie adressen en gebouwen, met dien verstande dat deze bestaat uit een of meer Arabische cijfers, al dan niet met toevoeging van een letter- of cijfercombinatie[, en ook betrekking kan hebben op een afgebakend terrein].

- rechthebbende: een ieder die krachtens eigendom of een beperkt zakelijk recht of een persoonlijk recht zodanig beschikking heeft over een onroerende zaak dat hij naar burgerlijk recht bevoegd is om in die zaak te handelen zoals in de verordening is voorgeschreven, alsmede de beheerder.


Artikel 2 (artikel I, onderdeel C, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd:




Bestaande tekst
Artikel 2.
1. Het college stelt de grens en de naam van de woonplaats(en) vast en kan desgewenst de woonplaats(en), al dan niet op basis van bouwblokken, in wijken en buurten verdelen en aanduiden met namen, zo nodig met letters en nummers.

2. Het college kent per woonplaats namen toe aan delen van de openbare ruimte en zonodig aan gemeentelijke gebouwen en bouwwerken.


3. Onder vaststellen, verdelen, aanduiden en toekennen, zoals bedoeld in het eerste lid en tweede lid, wordt tevens begrepen het wijzigen en intrekken daarvan.



Nieuwe tekst
Artikel 2. Naamgeving woonplaatsen en openbare ruimte

1. Burgemeester en wethouders stellen de grens en de naam van een of meer woonplaatsen vast en kunnen deze in wijken en buurten verdelen conform de eisen die het Centraal Bureau voor de Statistiek aan deze indeling verbindt.

2. Burgemeester en wethouders kennen per woonplaats namen toe aan delen van de openbare ruimte en zo nodig aan gemeentelijke gebouwen en bouwwerken.

3. Onder vaststellen, verdelen en toekennen als bedoeld in het eerste en tweede lid wordt tevens begrepen het wijzigen en intrekken daarvan.




Artikel 3 (artikel I, onderdeel D, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd:




Bestaande tekst
Artikel 3.

1. Het college stelt de ligplaatsen en standplaatsen vast.

2. Het college kent binnen het grondgebied van de gemeente nummers toe aan verblijfsobjecten, ligplaatsen en standplaatsen.

3. Het college bepaalt de afbakening van panden, verblijfsobjecten, standplaatsen en ligplaatsen.

4. De toekenning of afbakening, zoals bedoeld in het tweede en derde lid, kan ook op voor personen toegankelijke objecten, zijnde niet zijnde verblijfsobjecten of op afgebakende terreinen worden toegepast, indien dat naar oordeel van het college noodzakelijk is.

5. Onder vaststellen, toekennen en bepalen, zoals bedoeld in het eerste tot en met vierde lid, wordt tevens begrepen het wijzigen en intrekken daarvan.





Nieuwe tekst
Artikel 3. Nummering objecten

1. Burgemeester en wethouders stellen de lig- en standplaatsen vast.

2. Burgemeester en wethouders kennen nummeraanduidingen toe aan verblijfsobjecten, lig- en standplaatsen.

3. Zij bepalen de afbakening van panden, verblijfsobjecten, lig- en standplaatsen.


4. De toekenning of afbakening, bedoeld in het tweede en derde lid, kan ook op voor personen toegankelijke objecten, niet zijnde verblijfsobjecten[, dan wel op afgebakende terreinen] worden toegepast.
5. Onder vaststellen, toekennen en bepalen als bedoeld in het eerste tot en met vierde lid wordt tevens begrepen het wijzigen en intrekken daarvan.


Artikel 4 (artikel I, onderdeel E, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd:




Bestaande tekst
Artikel 4.

1. De door het college toegekende namen, zoals vervat in artikel 2, worden door of in opdracht van de gemeente blijvend zichtbaar en in voldoende aantallen ter plaatse aangebracht.


2. Aan objecten, zoals aangegeven in artikel 3, waarvoor een nummer is vastgesteld moet dat nummer op een doeltreffende wijze zijn aangebracht.
3. Het is eenieder die daartoe niet is bevoegd is, verboden namen aan de openbare ruimte en woonplaatsen, wijken en buurten toe te kennen door deze op zichtbare wijze aan te brengen.

4. Het is een ieder die daartoe niet is bevoegd, verboden aan een pand of verblijfsobject, stand- of ligplaats of afgebakend terrein nummers toe te kennen door deze op zichtbare wijze aan te brengen.



Nieuwe tekst
Artikel 4. Aanbrengen aanduiding

1. De door burgemeester en wethouders aan de openbare ruimte of een gedeelte daarvan toegekende namen, bedoeld in artikel 2, worden door of in opdracht van de gemeente blijvend zichtbaar en in voldoende aantallen ter plaatse aangebracht.

2. De door burgemeester en wethouders aan een object toegekende nummers, bedoeld in artikel 3, tweede en vierde lid, worden daaraan op doeltreffende wijze aangebracht.

3. Het is eenieder die daartoe niet bevoegd is verboden namen aan de openbare ruimte of delen daarvan, dan wel nummers aan een pand of verblijfsobject, lig- of standplaats [of afgebakend terrein], toe te kennen door deze op zichtbare wijze aan te brengen.




Artikel 5 (artikel I, onderdeel F, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd:




Bestaande tekst
Artikel 5. Gedoogplicht naamborden

1. Indien het college het nodig oordeelt dat borden met een wijk- of buurtaanduiding, borden met namen van de openbare ruimte, naamverwijsborden, nummerborden, nummerverzamelborden en andere (verwijs)aanduidingen aan een bouwwerk, gebouw, muur, paal, schutting of een andere soort terreinafscheiding worden aangebracht, draagt de rechthebbende er zorg voor dat de hier bedoelde borden vanwege of op verzoek en overeenkomstig de aanwijzingen van het college worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of verwijderd.

2. Indien het college het noodzakelijk acht om een naambord, waarop de vervallen naam is doorgehaald, tijdelijk naast het naambord met de nieuwe naam te handhaven zal de rechthebbende dit toelaten als daaraan door het college een termijn van niet langer dan een jaar is verbonden.

3. De rechthebbende zorgt er voor dat de in het eerste en tweede lid bedoelde borden vanaf de openbare weg duidelijk leesbaar blijven.





Nieuwe tekst
Artikel 5. Gedoogplicht naamaanduiding

1. Als burgemeester en wethouders het nodig oordelen dat de door hen toegekende aanduidingen, bedoeld in artikel 2, tweede lid, aan een bouwwerk, gebouw, muur, paal, schutting of een andere soort terreinafscheiding worden aangebracht, draagt de rechthebbende er zorg voor dat de hier bedoelde aanduidingen vanwege of op verzoek en overeenkomstig de aanwijzingen van burgemeester en wethouders worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of verwijderd.


2. Als burgemeester en wethouders het nodig oordelen een naamaanduiding, waarop de vervallen naam is doorgehaald, gedurende ten hoogste een jaar naast de naamaanduiding met de nieuwe naam te handhaven laat de rechthebbende dit toe.
3. De rechthebbende draagt er zorg voor dat de in het eerste en tweede lid bedoelde aanduidingen vanaf de openbare weg duidelijk leesbaar blijven.


Artikel 6 (artikel I, onderdeel G, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd:




Bestaande tekst
Artikel 6. Verplichting tot aanbrengen van nummerborden

1. Tenzij het college anders heeft besloten, zorgt de rechthebbende van een object er voor dat de nummers, zoals bedoeld in artikel 3, tweede lid, worden aangebracht op een wijze zoals krachtens artikel 7 is bepaald.


2 De rechthebbende draagt er zorg voor dat de in het eerste lid genoemde nummers binnen vier weken na kennisgeving van het besluit van het college zijn aangebracht.
3. Indien een verblijfsobjecten, ligplaatsen, standplaatsen of afgebakend terrein nog niet is voltooid, wordt het nummer binnen vier weken na voltooiing aangebracht.
4. Indien het college heeft besloten om een nummerbord, waarop het vervallen nummer is doorgehaald, naast het nummerbord met het nieuwe nummer te handhaven zal de rechthebbende dit toelaten of daar uitvoering aan geven als daaraan door het college een termijn van niet langer dan een jaar is verbonden.

5. Het college kan de in het tweede en derde lid genoemde termijn verlengen.




Nieuwe tekst
Artikel 6. Aanbrengplicht nummeraanduiding

1. Tenzij burgemeester en wethouders anders hebben besloten, draagt de rechthebbende van een object er zorg voor dat de nummers, bedoeld in artikel 3, tweede lid, worden aangebracht overeenkomstig het krachtens artikel 7 bepaalde.

2. De rechthebbende draagt er zorg voor dat de nummers binnen [aantal (bijvoorbeeld vier)] weken na kennisgeving van het besluit van burgemeester en wethouders zijn aangebracht.

3. Als een verblijfsobject, lig- of standplaats [of afgebakend terrein] nog niet gereed is gekomen, wordt het nummer binnen [aantal (bijvoorbeeld vier)] weken na het gereedkomen daarvan aangebracht.

4. Als burgemeester en wethouders het nodig oordelen een nummeraanduiding, waarop het vervallen nummer is doorgehaald, gedurende ten hoogste een jaar naast de nummeraanduiding met het nieuwe nummer te handhaven laat de rechthebbende dit toe of geeft de rechthebbende daaraan uitvoering.
5. Burgemeester en wethouders kunnen de in het tweede en derde lid genoemde termijnen verlengen.


Artikel 7 (artikel I, onderdeel H, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd:




Bestaande tekst
Artikel 7. Uitvoeringsvoorschriften

1. Het college kan uitvoeringsvoorschriften vaststellen betreffende het proces en de wijze van:

a. naamgeving en van begrenzing van

woonplaatsen, wijken, buurten en

bouwblokken;

b. naamgeving en begrenzing van de

openbare ruimte;

c. nummering van verblijfsobjecten,



ligplaatsen en standplaatsen en afgebakende

terreinen;

d. opmaak van formulieren, besluiten en

verklaringen.

2. De uitvoeringsvoorschriften zijn niet strijdig met het convenant inzake postcodes.



Nieuwe tekst
Artikel 7. Nadere regels

1. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over het proces en de wijze van:

a. naamgeving en begrenzing van

woonplaatsen, wijken, buurten en

bouwblokken;

b. naamgeving en begrenzing van de

openbare ruimte;

c. nummering van verblijfsobjecten, lig- en

standplaatsen[ en afgebakende terreinen];

d. opmaak van formulieren, besluiten en

verklaringen.

2. De nadere regels zijn niet strijdig met het Convenant inzake postcodes.




Artikel 8 (artikel I, onderdeel I, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd:




Bestaande tekst
Artikel 8. Strafbepaling

1. Overtreding van artikel 4, tweede en derde lid, artikel 5 en artikel 6, eerste tot en met het vierde lid, wordt gestraft met een geldboete van de eerste categorie.

2. Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening is belast de < naam afdeling of dienst >.



Nieuwe tekst
Artikel 8. Handhaving

1. Overtreding van artikel 4, tweede en derde lid, artikel 5 en artikel 6, eerste tot en met vierde lid, wordt gestraft met een geldboete van de eerste categorie.

2. Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening is belast de [… (aanduiding toezichthouder)].

Artikel 11 (artikel I, onderdeel J, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd:




Bestaande tekst
Artikel 11. Overgangsbepaling

1. Namen en nummers die op grond van de in artikel 10 genoemde regels en voorschriften aan objecten zijn toegekend, blijven na inwerkingtreding van deze verordening bestaan.

2. Het college kan in afwijking van het eerste lid besluiten dat de op grond van de in het eerste lid genoemde regels en voorschriften aangebrachte namen en nummers binnen een door hen te bepalen termijn moeten worden vervangen door namen en nummers die voldoen aan de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften.



Nieuwe tekst
Artikel 11. Overgangsbepaling

1. Namen en nummers die op grond van de in artikel 10 genoemde regels en voorschriften aan objecten zijn toegekend, blijven na inwerkingtreding van deze verordening bestaan.

2. Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van het eerste lid besluiten dat de op grond van de in het eerste lid genoemde regels en voorschriften aangebrachte namen en nummers binnen een door hen te bepalen termijn moeten worden vervangen door namen en nummers die voldoen aan de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften.




Toelichting
Algemeen

Op 1 juli 2018 treedt de gewijzigde wet- en regelgeving voor de basisregistratie adressen en gebouwen (hierna: BAG) in werking. Als gevolg daarvan zullen gemeenten een aantal aanpassingen moeten doorvoeren in hun mandaatregeling en de in het kader van de uitvoering van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen (hierna: Wet BAG) gebruikte gemeentelijke standaarddocumenten. Tegen deze achtergrond is van de gelegenheid gebruik gemaakt om ook de [citeertitel Verordening naamgeving en nummering (adressen)] op wetstechnisch vlak te verbeteren en in lijn te brengen met de 100 Ideeën voor de gemeentelijke regelgever. Daarnaast zijn er tekstuele en redactionele verbeteringen doorgevoerd die ertoe strekken de bepalingen duidelijker, korter of beter leesbaar te maken of uniformering aan te brengen in de formulering. Voor zover de wijzigingen niet voor zich spreken, worden deze hieronder artikelsgewijs nader toegelicht.



Artikelsgewijs
Artikel I, onderdeel A

Met dit onderdeel komt de hoofdstukindeling te vervallen.


Artikel I, onderdelen B t/m E

In deze onderdelen worden aan de artikelen 1 tot en met 4 opschriften toegevoegd die de lading van deze artikelen dekken.


Artikel I, onderdelen B t/m J

Met deze onderdelen wordt in de artikelen 1 tot en met 7 ‘het college’ telkens vervangen door ‘burgemeester en wethouders’, en worden in het verlengde daarvan de werkwoordsvormen van enkelvoud naar meervoud aangepast.


Artikel I, onderdeel B

Omdat de wijziging van de Wet BAG per 1 juli 2018 ertoe leidt dat de wet voortaan niet meer van ‘basisregistraties’ maar van ‘basisregistratie’ spreekt en de definitie van ‘ligplaats’ in de wet wijzigt, moest ook artikel 1 van de huidige Verordening naamgeving en nummering (adressen) daarop aangepast worden. Van deze gelegenheid is gebruik gemaakt om artikel 1 helemaal in lijn te brengen met de aanbevelingen uit de 100 Ideeën voor de gemeentelijke regelgever: voor begrippen die in de Wet BAG zijn gedefinieerd (zoals ‘ligplaats’) wordt naar die wet verwezen. Met het oog op het voorkomen van herhaling worden de definities van die begrippen in deze verordening niet herhaald. Begrippen die niet in de Wet BAG voorkomen of daarvan afwijken, worden in deze verordening nog wel afzonderlijk gedefinieerd.


Artikel I, onderdeel C

Met dit onderdeel wordt in artikel 2, eerste lid, de tekst aangepast. In dat artikel was bepaald dat burgemeester en wethouders desgewenst woonplaatsen – al dan niet op basis van bouwblokken – in wijken en buurten kunnen verdelen. In artikel 1 was bovendien bepaald dat die indeling geschiedt overeenkomstig de eisen die het Centraal Bureau voor de Statistiek (hierna: CBS) aan die indeling verbindt. Nu die bepaling strikt genomen niet strekte tot verduidelijking van het begrip ‘wijk- en buurtindeling’, maar daaraan de voorwaarde verbond dat deze in overeenstemming moet zijn met de eisen van het CBS (waarin ook besloten ligt dat de wijken en buurten aangeduid kunnen worden met namen, zo nodig met letters en nummers), is deze voorwaarde overgeheveld van artikel 1 naar artikel 2, eerste lid. Tot slot is het woord ‘desgewenst’ komen te vervallen, omdat de discretie reeds besloten ligt in het woord ‘kunnen’.


Artikel I, onderdeel E

Dit onderdeel wijzigt artikel 4. Dat artikel heeft betrekking op het aanbrengen van naamaanduidingen als bedoeld in artikel 2 en nummeraanduidingen als bedoeld in artikel 3, tweede en vierde lid. Dit is verduidelijkt door in het eerste lid (voor naamaanduidingen), onderscheidenlijk het tweede lid (voor nummeraanduidingen) van artikel 4 een verwijzing naar voorgenoemde artikelen op te nemen. Daarnaast zijn het derde en vierde lid samengevoegd tot één lid waarin is bepaald dat het verboden is voor eenieder die daartoe niet bevoegd is om namen aan (delen van) de openbare ruimte, onderscheidenlijk nummers aan objecten, toe te kennen door deze op zichtbare wijze aan te brengen. Voordien was dit verbod voor namen opgenomen in het derde lid, en voor nummers in het vierde lid.


Artikel I, onderdeel G

Met dit onderdeel wordt in artikel 6, derde lid, ‘voltooid’ vervangen door ‘gereed gekomen’. Deze terminologie sluit beter aan bij artikel 7 van de Wet BAG zoals dat luidde tot 1 juli 2018, en waarin dit in de memorie van toelichting werd toegelicht als “[…] na het gereedkomen van het pand of verblijfsobject – bijvoorbeeld de oplevering van een huis of kantoorpand – of na de realisatie van een wijziging – bijvoorbeeld de aanbouw van een serre – […]”. Door bij deze terminologie aan te sluiten wordt duidelijker dat hetzelfde bedoeld wordt als wat voor 1 juli 2018 onder de Wet BAG gold.





Vereniging van Nederlandse Gemeenten




Dovnload 119.18 Kb.