Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Wie mij gastvrij ontvangt, ontvangt hem die mij gezonden heeft

Dovnload 29.99 Kb.

Wie mij gastvrij ontvangt, ontvangt hem die mij gezonden heeft



Datum28.10.2017
Grootte29.99 Kb.

Dovnload 29.99 Kb.

Gen. 18, 1-8

Preek over Gen. 18, 1-8

Thema: “Wie mij gastvrij ontvangt, ontvangt hem die mij gezonden heeft”

Afsluitende preek over het thema Gastvrijheid.
Liturgie
Votum & zegengroet

Gez. 23 (2x)

Gebed

Bijbellezingen:



  1. Gen. 18: 1-14

  2. Heb. 13: 1-3

E&R lied 263 “Ik was hongerige en jij gaf mij te eten” (voordat de kinderen naar de KIK gaan)

Preek over Gen. 18, 1-8



  1. Deel 1 (inl., 1 en 2)

Ps.105, 7

  1. Deel 2 (3)

Ps. 105, 20

Geloofsbelijdenis: als geloofsbelijdenis toelichting op icoon “De Gastvrijheid van Abraham”

LB Gez. 473, 1.3.4.10 (staande gezongen)

Dankgebed & voorbeden (door Mirjam Immerzeel)

(kinderen terug uit KIK)

Collecte


LB Gez. 481, 1.2.4

Zegen
Inleiding

Er zal maar een engel voor je deur staan!

Wie heeft dat wel eens meegemaakt?

Ik hoorde eens een verhaal: een kind werd vlak voor een bus weggetrokken.

Door iemand die er ineens was: een engel?

Misschien kent iemand nog de Amerikaanse tv-serie “Touched by an Angel”.

Tot 2003 in Nederland uitgezonden door de EO.

Het gaat over vier engelen die naar de aarde gestuurd worden.

Ze moeten mensen helpen, hen leren dat alleen liefde de wonden van het leven heelt.

Ik vond het ontroerende verhalen, al zal een ander het Amerikaanse tranentrekkers vinden.

Er kan zo maar een engel bij je voor de deur staan!

Abraham nodigt drie mannen uit en maakt een uitgebreide maaltijd voor hen klaar.

Zijn gasten blijken engelen te zijn, ja de HEER zelf is zijn gast!


1. De hoofdlijn

1.1 Dit verhaal gaat niet over gastvrijheid, je moet het allereerst zien in het grotere geheel.

God heeft Abraham en Sara nageslacht beloofd.

Maar ze zijn teleurgesteld: wat God beloofd heeft lijkt niet meer te gaan gebeuren.

Ze zijn al te oud om nog kinderen te krijgen.

Toch heeft God zijn plan.

Daar houdt hij aan vast: aan de redding van de wereld, de komst van zijn koninkrijk.

Dat hoor je ook in dit verhaal, bijvoorbeeld in die indrukwekkende woorden die God zegt.



Is ook maar iets voor de HEER onmogelijk?

God doet wat hij belooft.

Daar moet je op vertrouwen.

Dat wil hij Abraham en Sara leren: dat ze blijven geloven.

Sara lacht, de ongelovige lach van een mens die gevangen zit binnen zijn eigen denkframe.

God doorbreekt alle menselijke beperkingen.

Geloof jij dat?

Durf je het aan zo op hem te vertrouwen, dat je je aan hem overgeeft?

Het werk van God is niet te keren, omdat hij erover waakt!
1.2 2. Inzoomen: Gastvrijheid

En dat geloof heeft alles te maken met wat ons nu interesseert: gastvrijheid.

Want allereerst is geloven: je durven overgeven, vertrouwen.

Gastvrij zijn is een manier van geloven: het vergt moed.

Stel, er staat er iemand bij je voor de deur, een volslagen onbekende.

Wel eens meegemaakt?

Dat de bel gaat, en er staat iemand die je nog nooit eerder gezien hebt?

Ik denk niet, dat dat gauw zal gebeuren: een wildvreemd iemand bij je op bezoek.

Dat is meteen al een verschil met Abraham, daar was dat minder ongewoon.

Want Abraham zit buiten, voor zijn tent.

1.3 Er is eigenlijk geen echt verschil tussen buiten en binnen.

Hij zit op de overgang tussen binnen en buiten.

Totaal anders dan bij ons, wij zitten achter onze voordeuren, mensen moeten aanbellen.

1.4 En nog iets valt op: Abraham neemt een actieve houding aan.

Hij ziet drie mannen, maar die komen niet naar hém toe, hij gaat naar hén toe.

Hij gaat zijn tent uit, naar die mannen die daar staan, “even verderop”.

Abraham had kunnen doen wat wij doen: wegduiken, je verstoppen achter de voordeur.

Doen alsof er niemand thuis is.

Dat kun je zo hebben: je bent bezig, je hebt even helemaal geen tijd.

Of… helemaal geen zin: om tijd te máken voor die ander, aandacht te geven?

Misschien denk je: moet dat dan altijd, meteen voor iedereen klaar staan?

Ik heb toch ook mijn eigen leven, mijn eigen programma?

Moet ik bij de eerste de beste die aan de deur staat alles uit mijn handen laten vallen?

Tijd en aandacht geven aan een onverwachte gast, dat haalt je inderdaad uit je ritme.

Dat is een keuze, dat moet je dus echt willen.

Gastvrijheid is een actieve, bewuste houding: je bent erop uit!

Je hebt van die mensen, die doen dat: kom even binnen, ga even zitten, ik maak gauw koffie!

En nog iets valt dan op: wat een werk maakt Abraham ervan!

Als die drie mannen ergens op tijd moeten zijn, kunnen ze dat wel vergeten.

Ergens op tijd moeten zijn, weer zoiets van onze tijd en cultuur!

1.5 Gastvrijheid kost tijd.

Sara gaat brood bakken, dat duurt wel even.

Een knecht moet een kalf slachten, voordat dat vlees gaar is…!

Take your time, ga er maar even voor zitten, doe of je thuis bent…

1.6 Vervolgens valt op hoe royaal gastvrijheid is.

De stoffige voeten van de gasten worden gewassen.

Er komt een flinke hoeveelheid eten en drinken op tafel.

Je ziet het voor je: hoe die mannen volgestopt worden.

Het zal Abraham niet overkomen dat zijn gasten achteraf tegen elkaar mopperen.

‘Het was wel wat magertjes allemaal…’

Dat is Abrahams eer te na!

En dat is het punt: oosterse gastvrijheid was een erezaak.

Je kunt zeggen: dat is cultuur.

Maar dan wel een cultuur waarvan wij kunnen leren.

Misschien moet je zelfs zeggen: een cultuur die iets van God laat zien.

In onze cultuur is gastvrijheid misschien wel eens wat afgemeten en gepland.

Gastvrijheid op afspraak, niet altijd even spontaan en royaal.

Royaal is wel een mooi woord in dit verband, het betekent koninklijk, vorstelijk.

Dat is wat Abraham doet: zijn gasten vorstelijk onthalen.

Abraham laat iets van Gods overvloed zien.

Aan God zelf nog wel! (zingen: Psalm 105, 7)
3. De gast is God

Nog een keer terug naar het begin.

Abraham ziet drie mannen staan: wie zijn dat?

Heeft hij meteen iets gevoeld van wie zij echt waren?

Niets in het verhaal wijst daarop.

Abraham ziet gewoon ‘drie mannen’, drie onbekenden.



    1. En hij reageert zoals iedere oosterling zou doen.

Ho, stop, dat is niet waar: zoals iedere oosterling zou moeten doen.

Want twee van die drie gaan straks naar de stad Sodom.

Worden ze daar gastvrij ontvangen?

Allesbehalve: de mannen van Sodom willen hen zelfs seksueel misbruiken!

Ik zeg het maar gewoon zoals het is (je leest het in Gen. 19).

Gastvrijheid was dus zeker niet algemeen.

Nee, het was ook toen bijzonder, een gave!

2.2 Een Goddelijke eigenschap!

Ook in onze samenleving is dat overduidelijk.

Ons land wil zo min mogelijk vluchtelingen uit Syrië opnemen.

Goed, we leveren een bijdrage in oorlogsgebieden.

Maar intussen weigeren we te zorgen voor uitgeprocedeerden.

Ontheemden hebben recht op bad, bed en brood.

Recht, ja! Dat is wat de Bijbel zegt: God komt op voor het recht van de vreemdeling!

Er is in ons land en in de politiek een harde egoïstische sfeer ontstaan.

In zo’n klimaat wordt gastvrijheid wel echt een christelijke deugd!

Iets waarmee christenen zich hebben te onderscheiden.

2.3 Het is dan ook voluit een genade-gave, zuivere naastenliefde.

En dat ga je zien als je ziet wie hier de Gast is: de HEER zelf.

Dit verhaal beeldt uit wat Jezus zegt in Matt. 25: Ik had honger en jullie gaven mij te eten, ik had dorst en jullie gaven mij te drinken. Ik was een vreemdeling en jullie namen mij op, ik was naakt en jullie kleedden mij. Ik was ziek en jullie bezochten mij, ik dat gevangen en jullie kwamen naar mij toe.

2.4 Wanneer deden ze dat?

Jezus zegt: toen jullie dat voor de minsten hebben gedaan, deden jullie dat voor mij!

Help je een mens, dan help je God!

Verwelkom je iemand, dan laat je God zelf binnen!

En precies dat gebeurt hier, letterlijk!

Abraham ontvangt God zelf!

Dat is de diepe betekenis van gastvrijheid.

Gastvrijheid is nooit vrijblijvendheid.

Het is je gast binnen laten komen, niet maar in je huis, maar in je hart!

2.5 Zoals Jezus zegt: wie mij ontvangt, ontvangt hem die mij gezonden heeft.

Dan ontvang je God, in je hart!

Dan geef je jezelf weg!

Gastvrijheid is een geloofsdaad, het is overgave.

Het is Gods liefde ontvangen én doorgeven!

Als dat nu eens de identiteit van de kerk mocht zijn!

In deze buurt, in je eigen buurt, in deze stad, in ons land.

Wat zijn er veel mensen eenzaam, kansloos, kwetsbaar!

En wat maakt Gods liefde ons rijk, vrijgevig, hartelijk!

Gods liefde voor jou is dat hij zich gaf.

Dat doet toch iets met je?!

Vergeet daarom de gastvrijheid niet, zegt de schrijver van Hebreeën.

Het is geen liefhebberij, het is het hart van christen zijn.

Ooit heeft iemand zonder het te weten engelen in huis gehad, zegt hij ook.

Dat is een waarschuwing: God vermomt zich als een dakloze, arbeidsmigrant, vluchteling.

In die mensen zie je hem.

Zij wekken je liefde op, God wekt jouw liefde op.



Amen



Dovnload 29.99 Kb.