Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Zitting van de gemeenteraad van 20 juni 2011 Aanwezig

Dovnload 0.95 Mb.

Zitting van de gemeenteraad van 20 juni 2011 Aanwezig



Pagina4/8
Datum05.12.2018
Grootte0.95 Mb.

Dovnload 0.95 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8

Engagementen van het stadsbestuur



Het stadsbestuur geeft binnen de perken van het op het budget voorziene bedrag, een subsidie aan de deelnemende scholen die aan de opgenomen engagementen voldoen.

Deze subsidie bedraagt naargelang het ambitieniveau:
1) scholen met basis + 13 actiepunten: 1 euro per leerling,

2) + 14 actiepunten: 1,1 euro per leerling,

3) + 15 actiepunten: 1,2 euro per leerling,

4) + 16 actiepunten: 1,3 euro per leerling,

5) + 17 actiepunten: 1,4 euro per leerling,

6) + 18 actiepunten: 1,5 euro per leerling,

7) + 19 actiepunten: 1,6 euro per leerling,

8) + 20 actiepunten: 1,7 euro per leerling,

9) + 21 actiepunten: 1,8 euro per leerling,

10) + 22 actiepunten: 1,9 euro per leerling,

11) + 23 actiepunten: 2 euro per leerling,

12) + 24 actiepunten: 2,1 euro per leerling,

13) + 25 actiepunten: 2,2 euro per leerling,

14) + 26 actiepunten: 2,3 euro per leerling,

15) + 27 actiepunten: 2,4 euro per leerling,

16) + 28 actiepunten: 2,5 euro per leerling,

17) + 29 actiepunten: 2,6 euro per leerling,

18) + 30 actiepunten: 2,7 euro per leerling.
Procedure
Jaarlijks vraagt de directeur van de school de subsidie aan via de ondertekening van onderhavig convenant. Deze ondertekening die dient als inschrijving wordt vóór 30 september van het schooljaar waarvoor wordt ingetekend overgemaakt aan de stedelijke milieudienst (p/a Marktstraat 29, 8530 Harelbeke).
De milieudienst organiseert per deelnemende school minstens 1 controlebezoek (audit) per schooljaar (mei of juni). Indien gewenst kan voorafgaandelijk een informeel bezoek plaatsvinden ter ondersteuning.

Het resultaat van de audit wordt als finale evaluatie beschouwd, dewelke dan aan het College van Burgemeester en Schepenen wordt voorgelegd.

De audit is gebaseerd op de hiervoor aangehaalde bewijsdocumenten en kan dus bestaan uit bewijzen van de communicatie rond de genomen engagementen naar leerlingen en ouders, foto’s (enkele foto’s per actie volstaan), meegegeven documenten voor ouders/leerlingen of tonen van een leerlingenagenda, verslagen, nieuwsbrieven, persberichten, enz.

Ook tijdens het schooljaar kan een school een artikel, verslag of link naar een website doorsturen naar de milieudienst (milieu@harelbeke.be). De school voorziet voldoende documentatie opdat een goede evaluatie mogelijk is. Bij onvoldoende evaluatiestukken voor een bepaald actiepunt zal de school negatief beoordeeld worden op dat actiepunt.
Bij een positieve eindevaluatie door het schepencollege wordt de subsidie uitbetaald voor 30 september van het jaar volgend op dat van de ondertekening. Bij een negatieve evaluatie beoordeelt het College van Burgemeester en Schepenen de geleverde inspanningen en beslist of de subsidie al dan niet geheel of gedeeltelijk zal uitbetaald worden.
Wijzigingen

Elk schooljaar kan de inhoudelijke invulling van 1 of meerdere van de 30 punten indien nodig wijzigen. De financiële invulling blijft echter ongewijzigd zoals beslist in de gemeenteraad van 2011. Scholen tekenen in per schooljaar, en krijgen voor het begin van elk nieuw schooljaar de al dan niet inhoudelijk gewijzigde convenant toegestuurd.
Ondertekening
De deelnemende school: …………………………………………………………………………….
Vertegenwoordigd door: …………………………………………………………………………....
aantal leerlingen op 1 september: ……………
tekent in op het groene ridder convenant,

datum: ……./……../2011


Handtekening: ……………………

Voor het Stadsbestuur:

Carlo Daelman Rita Beyaert

Stadssecretaris Burgemeester
__________________________________________________________________

Artikel 2

Dit reglement treedt in werking vanaf het schooljaar 2011-2012.


Artikel 3

Jaarlijks wordt op het budget het nodige krediet voorzien.


Artikel 4

Deze beslissing zal worden bekendgemaakt overeenkomstig art. 186 van het Gemeentedecreet.





  1. Stedelijke brandweer. Operationele prezone Zuid-West-Vlaanderen. Overeenkomst voor de verlenging 2011.

De gemeenteraad,


Op grond van volgende overwegingen:
In het kader van de brandweerhervorming werd in de gemeenten van eenzelfde hulpverleningszone (Anzegem, Avelgem, Deerlijk, Harelbeke, Kuurne, Ledegem, Lendelede, Menen, Spiere-Helkijn, Waregem, Wevelgem en Wielsbeke) verzocht een operationele prezone (OPZ) op te richten, waarbij de OPZ geen einddoel is, maar een tijdelijke fase voor de effectieve inwerkingtreding van de zones. De brandweerdiensten van de stad Harelbeke behoren tot de hulpverleningszone Zuid-West-Vlaanderen.

De Federale Overheidsdienst (FOD) Binnenlandse Zaken ondersteunt deze oprichting, met financiële tussenkomst.


De overeenkomst betreffende de oprichting van een operationele prezone werd goedgekeurd op 25 oktober 2010.
Bij brief van 16 februari 2011 van de minister van Binnenlandse Zaken wordt de verlenging van de operationele prezones aangekondigd. Hierin wordt verwezen naar een draaiboek waarbij de hulpverleningszones opnieuw een dossier kunnen indienen tegen uiterlijk 15 maart 2011. Punt 7.5 van het draaiboek vermeldt dat een ontwerp OPZ-overeenkomst tweeledig is. Enerzijds een onderliggende overeenkomst getekend door alle gemeenten waarin zij akkoord gaan met de aanduiding van de beherende gemeente en alsook de doelstellingen die opgenomen zijn in de OPZ-overeenkomst 2011, anderzijds een overeenkomst omvat tussen de beherende gemeente en de minister van Binnenlandse Zaken.
Het ontwerp van overeenkomst inzake verlenging operationele prezone werd goedgekeurd door de prezonale raad van de operationele prezone Zuid-West-Vlaanderen op 25 februari 2011, onder voorbehoud van goedkeuring van alle schepencolleges en gemeenteraden van de gemeenten van de hulpverleningszone.

In die raad werd de stad Kortrijk verzocht om verder op te treden als trekkende en beherende gemeente en een ontwerp van overeenkomst werd goedgekeurd. Dit werd bekrachtigd door het schepencollege van Kortrijk op 9 maart 2011.


De opmerkingen van de FOD Binnenlandse Zaken werden in de voorgelegde OPZ-overeenkomst 2011 verwerkt.
De OPZ-overeenkomst moet bijdragen aan de verwezenlijking van de prioriteiten van de wet van 15 mei 2007 betreffende de Civiele Veiligheid waarvan de doelstellingen de volgende zijn:

- betere werking van de hulpdiensten verzekeren;

- de veiligheid van burgers en van interveniërende partijen verhogen.
De maatregelen getroffen in het kader van deze overeenkomst zullen met name moeten bijdragen aan de verwezenlijking van de volgende doelstellingen:

1. de coördinatie van de operationele prezone

2. de optimalisering van de uitruk in het kader van de snelst adequate hulp

3. de realisatie van een risicoanalyse op zonaal niveau.

4. de realisatie van een herverdeling- en aankoopplan van zwaar en collectief materieel

5. uniform gebruik in de OPZ van (gezamenlijke) software voor het generen van interventieverslagen

6. realisatie en uitvoering van een zonaal opleidingsplan voor het personeel;

7. de bewustmaking van de burgers voor brandpreventie van woningen;

8. terbeschikkingstelling van het personeel door planning, herschikking en rekrutering;

9. realisatie van een plan voor de aankoop van individuele uitrusting;

10. het proces brandpreventie uitwerken en implementeren;

11. het proces interventieplanning uitwerken en implementeren;

12. de ontwikkeling van een zonaal informaticaplatform;

13. infrastructuurwerken omwille van het herschikken van brandweerposten door integratie, eventueel herlokalisatie of omwille van renovatie.


De doelstellingen die in het kader van deze overeenkomst worden gekozen en nagestreefd, maken het voorwerp uit van een meer precieze beschrijving en van een systematische verbuiging in termen van resultaatindicatoren.

Zoals verduidelijkt in punt 1 van deze overeenkomst zullen de doelstellingen 1, 2, 3, 4, 5, 6 en 7 verplicht moeten worden gehaald door de operationele prezone tegen eind 2011.

De maatregelen getroffen in het kader van deze overeenkomst en de tenuitvoerlegging ervan moeten worden geïntegreerd in het globale beleid van de operationele prezone inzake veiligheid.

De in deze overeenkomst vermelde verplichtingen vervullen, ontslaat de operationele prezone in geen geval van haar wettelijke verplichtingen inzake de veiligheid van de burger.


De overeenkomst van de OPZ voor 2011 bestaat uit twee delen:

1. de basisovereenkomst, tussen de FOD BiZa en de stad Kortrijk (als beherende gemeente, namens de 14 gemeenten in de OPZ), om de gestelde doelstelling te behalen.

2. de budgetteringstabel, die een overzicht geeft van de verdeling van de subsidie over de 13 doelstellingen.

Het college van Burgemeester en Schepenen gaat in zitting van 7 juni 2011 akkoord om aan te gemeenteraad te vragen om:

-het stadsbestuur van Kortrijk verder aan te stellen als beherende gemeente van de Operationele Prezone Zuid-West-Vlaanderen en te machtigen om alle voorbereidende beslissingen zoals bedoeld in artikel 57 § 1 van het gemeentedecreet, in het kader van de OPZ West-Vlaanderen zone 3 te nemen, na goedkeuring door de prezonale raad;

-goedkeuring te verlenen aan het ontwerp OPZ-overeenkomst 2011 en ontwerp van financiële overeenkomst 2011, af te sluiten tussen de Minister van Binnenlandse Zaken en het stadsbestuur van de stad Kortrijk.

Verwijzend naar volgende wettelijke, decretale en reglementaire bepalingen:

-het gemeentedecreet, specifiek art. 42

-de wet van 15 mei 2007 op de hervorming van de Civiele Veiligheid.

-het Decreet van 6 juli 2001 houdende intergemeentelijke samenwerking.

-de ministeriële omzendbrief van 11 maart 2009 betreffende de Task Forces.

-het draaiboek OPZ1 betreffende de oprichting van operationele prezones (OPZ).

-de gemeenteraad is bevoegd in het kader van de restbevoegdheid (art. 42 par.1 van

het gemeentedecreet).




  • Om deze redenen;



  • Op voorstel van het schepencollege;



  • Na beraadslaging in openbare zitting;



  • Met 23 stemmen voor, 0 stemmen tegen en 0 onthoudingen;



BESLUIT:
Artikel 1:

Het stadsbestuur van Kortrijk wordt verder aangesteld als beherende gemeente van de Operationele Prezone Zuid-West-Vlaanderen en wordt gemachtigd om alle voorbereidende beslissingen zoals bedoeld in artikel 57 § 1 van het gemeentedecreet, in het kader van de OPZ West-Vlaanderen zone 3 te nemen, na goedkeuring door de prezonale raad.


Artikel 2:

Het hiernavermelde ontwerp van OPZ-overeenkomst 2011 en ontwerp van financiële overeenkomst 2011, af te sluiten tussen de Minister van Binnenlandse Zaken en het stadsbestuur van de stad Kortrijk, wordt goedgekeurd:



OVEREENKOMST
Tussen,
enerzijds, de Staat vertegenwoordigd door de Minister van Binnenlandse Zaken, gevestigd

Wetstraat 2 in 1000 Brussel,
en,
anderzijds, de operationele prezone West-Vlaanderen zone 3 (OPZ Zuid-West-Vlaanderen), vertegenwoordigd door de gemeente Kortrijk en meer in het bijzonder door de heer Lieven Lybeer, waarnemend burgemeester en de heer Geert Hillaert, gemeentesecretaris; hierna « de gemeente » genoemd

wordt het volgende overeengekomen:

ALGEMENE VOORWAARDEN

BETREFFENDE DE UITVOERING VAN DE OVEREENKOMST
1. Algemene verplichtingen van de gemeente
De gemeente verbindt zich ertoe op zijn minst de 7 volgende doelstellingen te bereiken, die de kern zelf van het OPZ-project vormen:

  1. de coördinatie van de operationele prezone;

  2. de optimalisering van de uitruk in het kader van de snelst adequate hulp;

  3. de realisatie van een risicoanalyse op zonaal niveau

  4. de realisatie van een herverdelings- en aankoopplan van zwaar of collectief materieel;

  5. het uniform gebruik in de OPZ van (gezamenlijke) software voor het generen van interventieverslagen

  6. realisatie en uitvoering van een zonaal opleidingsplan voor het personeel;

  7. de bewustmaking van de burgers voor brandpreventie in woningen.


De OPZ moet zich verbinden tot het bereiken van minstens een andere doelstelling.
De OPZ mag zich uiteraard verbinden tot het bereiken van andere doelstellingen, zoals bijvoorbeeld de herstructurering van het personeel op het grondgebied van de zone. De lijst van de doelstellingen van de OPZ vermeld in de preambule van desbetreffend draaiboek dient beschouwd te worden als een niet-limitatieve lijst. De gemeente mag overigens andere doelstellingen voorstellen, die het mogelijk maken tegemoet te komen aan de eindtermen van het OPZ-concept. Er kunnen bijkomende doelstellingen worden toegevoegd aan de begindoelstellingen naargelang de uitvoering van de overeenkomst.
Het engagement van de stad geldt onder voorbehoud van de beschikbare kredieten en het voorzien van de nodige middelen door de federale overheid.
Aangewezen contactpersoon voor de OPZ Zuid-West-Vlaanderen is Tom Dekeyser,

tel. 0473/862 804, e-mail: projectsecretaris@gmail.com.
2. Rechten en plichten van de FOD Binnenlandse Zaken
De FOD Binnenlandse Zaken behoudt zich het recht voor om op basis van de bevindingen van de evaluatie 2010 de nodige aanpassingen te vorderen.
De FOD stelt ter beschikking van de gemeente:

  • een model van de overeenkomst die tussen de gemeenten moet worden afgesloten om de identieke dubbele uitrukken te voorkomen, alsook de lijst van de minimumnormen per type interventie;

  • de lijst van de te respecteren minimumnormen per type interventie;

  • de lijst van de individuele uitrustingen gesubsidieerd in het kader van de OPZ.


Onder voorbehoud van de beschikbare kredieten, verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich tot het ten laste nemen van:

  • 50% van de loonkosten van het personeel in opleiding in uitvoering van het personeelsplan (voortgezette of gespecialiseerde opleiding) ;

  • de loonkosten van de projectcoördinator;

  • de loonkosten van de zonale vormingscoördinator;

  • de loonkosten van de secretaris van het zonaal bureau;

  • de kosten van het abonnement op wettelijke databanken betreffende de preventiemaatregelen inzake brand en ontploffingen;

  • 100% van de kostprijs van de software die de automatische ontvangst van alarmberichten gestuurd door het 100-centrum mogelijk maakt;

  • op forfaitaire wijze de kosten verbonden aan de preventiebezoeken van de vrijwillige en beroepsbrandweerlieden in het kader van de bewustmaking van de burgers voor brandpreventie in woningen;

  • de loonkosten van de logistieke coördinator binnen de grenzen van de voor de OPZ beschikbare budgetten;

  • 100% van de kostprijs van de software of van de module die het genereren van verslagen mogelijk maakt

  • de kostprijs van de renovatiewerken, met dien verstande dat het evenwicht in de financiering van de doelstellingen gerespecteerd moet worden.


De FOD Binnenlandse Zaken verbindt zich eveneens tot:

  • het ontwikkelen van opleidingen en bijscholingen noodzakelijk voor de brandpreventie-adviseurs in het kader van de bewustmaking van de burgers voor brandpreventie in woningen;

  • het leveren van concrete instrumenten teneinde de prezones te ondersteunen in de ontwikkeling van een zonaal brandpreventiebeleid.



In het kader van de verwezenlijking van een herverdelings- en aankoopplan inzake materieel, verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich ertoe, om binnen de grenzen van de voor de OPZ beschikbare budgetten, voorrang te verlenen aan de vragen tot de financiering van de overblijvende 25 % die ten laste van de gemeente valt, dit in het kader van de geglobaliseerde aankopen (waarbij een federale financiering van 75 % volgens het klassiek systeem van toepassing is).

De gemeente aangewezen in het aankoopplan, wordt eigenaar van het aldus verworven materieel en wendt het aan met het oog op een zonale werking. In de toekomst gebeurt de eigendomsoverdracht ten voordele van de zone tijdens de overdracht van het materieel naar de zone in toepassing van de artikelen 210 en volgende van de wet van 15 mei 2007 betreffende de Civiele Veiligheid. Deze overdracht gebeurt zonder compensatie indien de OPZ geopteerd heeft om de overige 25 % in de overeenkomst OPZ op te nemen.

Voor het materieel dat niet binnen het kader van de geglobaliseerde aankopen wordt aangekocht, verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich ertoe 100% van de kostprijs van het materieel dat volgens het aankoopplan, goedgekeurd door de FOD Binnenlandse Zaken, voor zijn rekening te nemen, binnen de grenzen van de voor de OPZ beschikbare budgetten.

De federale staat blijft eigenaar van het materieel dat op die manier wordt aangekocht en stelt dit gratis ter beschikking van de gemeente van de in het aankoopplan aangeduide OPZ, waarbij deze hiervan het onderhoud moet verzekeren en de kosten hiervan moet dragen (verzekering, …). In de toekomst gebeurt de overdracht van eigendom ten gunste van de zone, zonder financiële compensatie, tijdens de overdracht van het materieel naar de zone in toepassing van de artikelen 210 en volgende van de wet van 15 mei 2007 betreffende de Civiele Veiligheid.
Naar analogie met het materieel blijft de federale staat eigenaar van alle aangekochte ICT-toepassingen (zowel hardware als software). De onderhoudskosten vallen ten laste van de operationele prezone.

In het kader van de optimalisering van de operationele dekking, neemt de FOD Binnenlandse Zaken – onder voorbehoud van de beschikbare kredieten – te haren laste:

  • 100 % van de loonkosten verbonden aan nieuwe rekruteringen.


In het kader van de aankoop van materieel voor de individuele uitrusting, verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich ertoe om, binnen de grenzen van de voor de OPZ beschikbare budgetten, voorrang te geven aan de vragen tot de financiering van de overblijvende 25 % die ten laste valt van de gemeente, dit in het kader van de geglobaliseerde aankopen (waarbij een federale financiering van 75 % van toepassing is).

Voor het materieel voor de individuele uitrusting dat niet binnen het kader van de geglobaliseerde aankopen wordt aangekocht verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich ertoe 100% van de kosten van het noodzakelijke materieel volgens het aankoopplan, voor zijn rekening te nemen binnen de grenzen van de voor de OPZ beschikbare budgetten.
In het kader van de ontwikkeling en de harmonisatie van de verplichte preventie, verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich ertoe de loonkosten van de zonale preventiecoördinator ten laste te nemen, de loonkosten van het secretariaat van het zonale bureau en de kosten van het abonnement op de wettelijke databanken betreffende de preventiemaatregelen inzake brand en ontploffingen.
Alle indicatoren dienen afgerond te zijn tegen 31 december 2011.

DEEL I. VERPLICHTE ACTIES en DOELSTELLINGEN


Actie 1

Coördinatie van de operationele prezone (OPZ)

Motivering

Uit de visietekst, goedgekeurd door de prezonale raad dd. 10 september 2010 (punt 2):
De minister van Binnenlandse Zaken wenst de hervorming stap voor stap uit te voeren. De operationele prezone (OPZ) is een tussenfase in de hervorming van de Civiele Veiligheid, het is geen einddoel.

De OPZ heeft als doel om:

  • De gemeenten behorende tot de hulpverleningszone (HVZ) nauwer laten samenwerken en de operationele coördinatie tussen hun brandweerkorpsen te versterken;

  • Lokale initiatieven die de operationele dekking verbeteren ondersteunen;

  • Normen en beheersinstrumenten waarop de hervorming rust uit te testen en toe te passen.

Dit vereist een “zonaal denken”. Zeker van de voortrekkers wordt verwacht dat ze hun denkkader verder opentrekken, van hun korps naar onze zone.



Waaruit bestaat dit zonaal denken?

Eén van de uitgangspunten van de hervorming is een structuur op drie niveaus: het regelgevende, het organisatorisch en het uitvoerende.

De regelgeving komt tot stand op het federale niveau. In eerste instantie de FOD Binnenlandse Zaken bij uitbreiding, elke hogere overheid die regelgeving vastlegt waarmee de brandweer moet rekening houden.

De twee overige niveaus, het organisatorisch én het uitvoerend, zijn verenigd in één structuur, nl. in de hulpverleningszone.

Voor de OPZ Zuid-West-Vlaanderen betekent zonaal denken dat men zich verplaatst in deze setting. Eén organisatie van één korps, met één gecentraliseerd onderdeel (organiserend, sturend, leidend en ondersteunend deel) en meerdere decentrale onderdelen. (de posten die voornamelijk uitvoeren maar ook meedenken)

Op weg naar de hulpverleningszone moet aan beide niveaus gewerkt worden. Indien men enkel het organiserend niveau voor ogen heeft, zou men kunnen vaststellen dat men te ver voorop loopt.
Waar willen we naartoe in de fase van de operationele prezone?

Deze vraag kan eenvoudig beantwoord worden: maximaal klaar zijn om, op het ogenblik van de officiële inplaatsstelling van de hulpverleningszones, de HVZ Zuid-West-Vlaanderen van start te laten gaan zonder onoverkomelijke problemen.

Het antwoord is best eenvoudig maar om het doel waar te maken moeten er nog een aantal hindernissen genomen worden. Daarin kan men twee korven onderscheiden:

Enerzijds alle stappen die noodzakelijk zijn om de hulpverleningszone effectief op te richten. Die korf bestaat uit een beperkt aantal acties die linea recta leiden naar het in plaatsstellen van het organisatorisch niveau, de hulpverleningszone.

Anderzijds kan men ook in de fase van de operationele prezone al enkele projecten opstarten waardoor men op het terrein, op het uitvoerend niveau van de posten, de hervorming gewaar wordt. Hierin zit vooral het op elkaar afstemmen van (werk)processen, (oefen)beleid, netwerking, …
In de OPZ-overeenkomst staan dertien acties ingeschreven, zeven verplichte en zes facultatieve. De dertien acties zullen stuk voor stuk bijdragen tot de oprichting van de hulpverleningszone. Het waarom en hoe wordt uitgebreid beschreven.
De uitvoering van die overeenkomst vereist overleg, coördinatie, opvolging en communicatie. Daarvoor wordt een coördinatieteam opgericht die binnen zijn bevoegdheden en verantwoordelijkheden, de opdrachten uitvoert in het kader van onderhavige overeenkomst en daarover verantwoording aflegt.

Doelstelling(en) - Hoofdopdracht – Eindresultaat

Een coördinatie verzekeren op zonaal niveau op het vlak van de uitvoering van de opdrachten van de brandweer, met inbegrip van de 5 aspecten die vastgelegd zijn in artikel 11§2 van de wet van 15 mei 2007 betreffende de Civiele Veiligheid, namelijk proactie, preventie, preparatie, uitvoering en evaluatie.
Een projectcoördinator, de geprivilegieerde contactpersoon voor de OPZ, aanstellen. De projectcoördinator heeft als opdracht de OPZ-overeenkomst aan te wenden. Hij legt zich idealiter voltijds toe op deze taak en, om zijn opdracht te vervullen, omringt hij zich met de nodige medewerkers teneinde de operationele en logistieke coördinatie en de coördinatie van de opleiding bij de OPZ te verzekeren. De coördinator heeft geen hiërarchische macht over de dienstchefs van de brandweer. Hij handelt als facilitator van het implementatieproces van de Hervorming.
In overeenstemming met artikel 1 van het koninklijk besluit van 06/05/1971, en tot op het ogenblik dat de wet van 15 mei 2007 volledig in werking treedt, blijft het brandweerkorps onder leiding van de officier-dienstchef. Deze laatste draagt, in het kader van het organieke reglement, van het huishoudelijke reglement en van de richtlijnen die hij krijgt van de burgemeester, de verantwoordelijkheid voor de organisatie, de goede werking en de discipline van de dienst.
Het coördinatieteam bewerkstelligt in de OPZ de coördinatie van de uitvoering van de opdrachten van de brandweer in haar 5 aspecten, nl. proactie, preventie, preparatie, uitvoering en evaluatie.

Dit coördinatieteam wordt geleid door de projectcoördinator. Leidraad voor die coördinatie zijn de acties, doelstellingen en resultaatindicatoren die in onderhavige overeenkomst opgenomen worden. Die overeenkomst wordt geëvalueerd en indien nodig bijgestuurd.


Eindresultaat: de correcte uitvoering van onderhavige OPZ-overeenkomst naar het oordeel van 1. de prezonale raad (PZR) en 2. het opvolgingsteam van de FOD Binnenlandse Zaken.

Bijzonderheden – Kritische succesfactoren

De samenstelling van het coördinatieteam:

  • Frank Maes – projectcoördinator (1/4 VTE)

  • Guy Pollet - projectcoördinator (1/4 VTE)

  • Tom Dekeyser – projectsecretariaat (1 VTE)

  • Budgetbeheerder

De kantoorruimte dient voor de huisvesting van het coördinatieteam en de centrale bureaus voor preventie en interventieplanning.



Actieplan 2011

Deelopdrachten 2011

Resultaatindicatoren

1

Behoud van het coördinatieteam en projectstructuur

2011

2

Voorbereiding van de beleidbeslissingen van de prezonale raad (PZR) door overleg met de dienstchefs, werkgroepen en medewerkers van de brandweerkorpsen

Elke maand

3

Supervisie en opvolging van de implementatie van dit beleid

Voorwerp van de voortgangsrapportage

4a

Begeleiding van de uitvoering van de overige opdrachten/acties opgenomen in de OPZ-overeenkomst door 1. coördinatie, 2. ondersteuning, 3. evaluatie en 4. communicatie.

Voorwerp van de voortgangsrapportage

4b

De oprichting van een brandweerintercommunale voorbereiden als de voorwaarde van artikel 10ter, §1 van de wet van 31 december 1963 betreffende de civiele bescherming vervuld is, dwz. als de als gewestelijk groepcentrum aangewezen gemeente (Kortrijk) financiële problemen heeft.

Eind 2011

4c

Centralisering en consolidering van de gebruikte Task-Force formulieren op het niveau van de zone;

1 januari 2011

5

Beheer van de financiële middelen, in samenspraak met de beherende gemeente

Voorwerp van de voortgangsrapportage

6

Via diverse kanalen de communicatie bestendigen met alle stakeholders en doelgroepen (medewerkers, gemeenten, bevolking, administratie, politie, …)

Voorwerp van de voortgangsrapportage

7

Voortgangsrapportage betreffende de uitvoering van de OPZ-overeenkomst naar de PZR

Maandelijks in de prezonale raad

8

Voortgangsrapportage betreffende de uitvoering van de OPZ-overeenkomst naar de provinciegouverneur en de FOD Binnenlandse Zaken

Driemaandelijks

Vereiste middelen 2011

Onder voorbehoud van beschikbaar krediet, verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich tot het vergoeden van:

Raming:

1

Personeel

Loonkost coördinatieteam

111.580 €

Werkgroep intercommunale
(Deze werkgroep mag alleen opgericht (en dus gesubsidieerd) worden als de bovenvermelde voorwaarde van artikel 10ter, §1 van de wet van 31/12/1963 ingevuld is.)

4.000 €

2

Werkingskosten

Huur kantoorruimte

18.940 €

Schoonmaak en nutsvoorziening (kantoorruimte)

23.180 €

Budgetbeheer beherende gemeente

3.000 €

Organisatie prezonale raad en technische commissie

1.500 €

Verbruiksgoederen (klein economaat)

3.000 €

3

Investeringen

Meubilair (coördinatieteam …)

12.500 €

Totaal

177.700 €
1   2   3   4   5   6   7   8

  • Artikel 2
  • Stedelijke brandweer. Operationele prezone Zuid-West-Vlaanderen. Overeenkomst voor de verlenging 2011.
  • OVEREENKOMST
  • ALGEMENE VOORWAARDEN BETREFFENDE DE UITVOERING VAN DE OVEREENKOMST
  • DEEL I. VERPLICHTE ACTIES en DOELSTELLINGEN
  • Totaal 177.700 €

  • Dovnload 0.95 Mb.