Thuis
Contacten

    Hoofdpagina


Zitting van de gemeenteraad van 20 juni 2011 Aanwezig

Dovnload 0.95 Mb.

Zitting van de gemeenteraad van 20 juni 2011 Aanwezig



Pagina7/8
Datum05.12.2018
Grootte0.95 Mb.

Dovnload 0.95 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8

Actie 7

Bewustmaking van de burgers voor brandpreventie in woningen

Motivering

De bewustmaking van de burgers voor brandpreventie in de woningen is in de OPZ Zuid-West-Vlaanderen zo goed als onbestaande.

Doelstelling(en) - Hoofdopdracht – Eindresultaat

Een zonaal brandpreventiebeleid ontwikkelen in overeenstemming met het nationale plan inzake brandpreventie en intoxicaties in woningen, waarbij community safety centraal staat. Hierbij wordt het accent gelegd op het bewust maken, het informeren en het verantwoordelijk maken van de burger omtrent de risico's en (preventieve) maatregelen centraal staan.

Het streven naar minstens drie brandpreventieadviseurs binnen de OPZ die aansluiten bij het vooropgestelde profiel (Bijlage IV) en die instaan voor het geven van gratis en objectief advies aan de burger tijdens infosessies aan specifieke doelgroepen (kinderen, senioren, kwetsbare groepen, verenigingen, …), het organiseren van lokale campagnes en evenementen, door het beantwoorden van specifieke vragen en het verlenen van advies op maat van de woning.

De nodige maatregelen treffen om in de toekomstige zone per brandweerdienst één preventieloket in te voeren.
Eindresultaat:

In samenwerking met de FOD Binnenlandse Zaken een aanbod inzake brandpreventieadvies voor de burger opzetten en uitbouwen. Het aanbod moet laagdrempelig zijn en praktisch.


Drie maanden na de inwerkingtreding van de OPZ-overeenkomst 2010 beschikt de OPZ-Zuid-West-Vlaanderen over een minimum aanbod.
Vanaf 2011 wordt het aanbod uitgebreid volgens de vraag.

Bijzonderheden – Kritische succesfactoren

Het opdrijven van de aanvragen is afhankelijk van bijkomende opleidingen van de brandpreventieadviseur, opleiding die georganiseerd wordt door de FOD Binnenlandse Zaken.

Actieplan 2011

Deelopdrachten

Resultaatindicatoren

1

Coördinatie van Brandpreventieadviseurs (BPA)

In 2011

2

Volgen van de opleiding brandpreventieadviseur door brandweerpersoneel die na de opleiding ingezet zal kunnen worden als BPA.

In 2011

3

Opstellen en uitvoeren van een jaaractieplan 2011 waarin begrepen:

behoud van een zonaal loket Brandpreventie;

opzet en uitvoeren van een lokale informatie- en preventiecampagne (gemeentebladen);

uitvoeren van 100 adviezen;

40 maal verstrekken van advies aan doelgroepen.

opvolgen van nieuwe trends



Loket in werking sedert 15 januari 2011

Campagne januari – maart 2011

Uitvoering in 2011


4

Voortgang rapporteren aan de FOD Binnenlandse Zaken, directie Lokale Integrale Veiligheid en ter beschikking stellen van alle nuttige informatie aan deze instantie (oa gedetailleerde statistiek van aantal verstrekte adviezen en gegeven voordrachten die toelaten de vraag in de zone te evalueren).

Trimesterieel

5

Bijscholen BPA , volgen nieuwe trends, via terugkomdag, BPA-flash…

Continue

Vereiste middelen

Onder voorbehoud van beschikbaar krediet, verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich tot het vergoeden van:

Raming:

1

Personeel

Loonkost van de coördinator Brandpreventieadviseurs (BPA) 1/10 VTE

6.880 €






De forfaitaire terugbetaling van de verstrekte adviezen:

  • 40 € voor een individueel advies (100)

  • 60 € voor een informatiesessie (40)

6.400 €

Totaal

13.280 €


DEEL II. FACULTATIEVE ACTIES en DOELSTELLINGEN


Actie 8

Terbeschikkingstelling van het personeel door planning, herschikking en rekrutering

Motivering

In de HVZ Zuid-West-Vlaanderen wordt de brandweerzorg verleend door 18 posten die over 12 korpsen verdeeld zijn. De Task Force inventariseerde i.s.m. de korpsen de noodzakelijke gegevens betreffende het personeel.
Uit de analyse van deze gegevens blijkt enerzijds dat:

een aantal posten nauwelijks of niet over voldoende vrijwilligers beschikken om op permanente wijze te voldoen aan de minimale interventie. Een analyse van de beschikbaarheid zal die vaststelling wellicht bevestigen waarop besluiten moeten volgen. (fusie van posten, rekrutering …)

een aantal korpsen het effectief dat voorzien is in de personeelsformatie niet (kunnen) invullen.
Anderzijds werd in de prezonale raad reeds afgesproken dat er gewerkt wordt aan een referentiekader “Personeel” dat een aanwervingbeleid in aanloop naar de HVZ Zuid-West-Vlaanderen vorm moeten geven.
Daarom lijkt het aangewezen om in afwachting van dit referentiekader geen beroepsbrandweerlieden aan te werven tenzij ter vervanging van medewerkers die de dienst verlaten en/of in afspraak/overleg met de prezonale raad.

Voor het aanwerven van vrijwilligers dient men minder voorbehoud te maken, integendeel voor een aantal korpsen/posten is de aanwerving noodzakelijk en zelfs dringend.



Doelstelling(en) - Hoofdopdracht – Eindresultaat

Tegen 1 januari 2011 bestaat er een referentiekader “Personeel” (organisatie, personeel/capaciteit, raming personeelskost) dat onderschreven wordt door de beleidsverantwoordelijken (PZR) met bijhorend stappenplan voor uitvoering.
Tegen 2012 zijn de verantwoorde behoeften ingevuld door een herschikking of de rekrutering van medewerkers.

Bijzonderheden – Kritische succesfactoren

Het meten van de beschikbaarheid van het vrijwillig personeel noodzaakt een technische ingreep in de beschikbaarheidsmodule. Het tijdstip waarop die aanpassing kan doorgevoerd worden is onbekend.

De uitvoering van het stappenplan voor het invullen van de vastgestelde behoeften hangt af van de middelen die ter beschikking gesteld worden van de toekomstige hulpverleningszone.



Actieplan 2011

Deelopdrachten

Resultaatindicatoren

1

Behoud van de coördinatie Personeel & Organisatie

In 2011

2a

Vastleggen van een ontwerp van referentiekader (kader, structuur en capaciteit volgens organisatieonderdeel en toegewezen functies en taken)

15 februari 2011

2b

Vaststellingen van de behoeften na eventuele herschikking van de beschikbare capaciteit (verschil referentiekader en actuele toestand)

15 februari 2011

2c

Vaststellen van de taakbeschrijving van de centrale directies

30 september 2011

2d

Ramen van de kostprijs voor het invullen van de behoeften

30 september 2011

2e

Goedkeuren van het ontwerp van organisatiestructuur en referentiekader door de prezonale raad

28 oktober 2011

3

Meten en analyseren van de beschikbaarheid van het vrijwillig personeel.

Onbepaald










4

Vastleggen van een stappenplan voor het invullen van de behoeften

In overeenstemming met de prezonale raad

5

Uitvoering van een het stappenplan (herschikking en/of rekrutering)

Onbepaald

Vereiste middelen

Onder voorbehoud van beschikbaar krediet, verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich tot het vergoeden van:

Raming:

1

Personeelskosten

Loonkost van de coördinator “Personeel en Organisatie” (1/10 VTE)

11.700 €

Werkgroep “Personeel en Organisatie”

2.000 €

Totaal__7.500_€'>Totaal__13.700_€'>Totaal

13.700 €

Actie 9

Realisatie van plan voor de aankoop van (individuele) uitrusting

Motivering

Elk korps moet regelmatig investeren in individuele uitrustingen om versleten of beschadigde uitrusting te vervangen of om nieuwe rekruten van de nodige uitrusting te voorzien.

Doelstelling(en) - Hoofdopdracht – Eindresultaat

Op korte termijn een aankoopplan opstellen voor de individuele uitrusting. Dit plan moet het mogelijk maken het bestaande personeel en het nieuw aangeworven personeel uit te rusten, in overeenstemming met de door de FOD Binnenlandse Zaken uitgevaardigde normen.
Voor 1 juli 2011 is de nodige individuele uitrusting (werkjaar 2011 – deel 1) aangekocht of besteld en vastgelegd. Voor 1 december 2011 is de nodige individuele uitrusting (werkjaar 2011 – deel 2) aangekocht of besteld en vastgelegd.

Bijzonderheden – Kritische succesfactoren

De aankoop van de persluchttoestellen voor het gebruik in de oefenkelder gebeurt via de geglobaliseerde aankopen.

Actieplan 2011

Deelopdrachten

Resultaatindicatoren

1

Aankoop van persluchttoestellen noodzakelijk voor het gebruik van de oefenkelder.

1 juli 2011

2

Identificatie van de behoefte aan individuele uitrusting (vervanging en eerste uitrusting) voor het werkjaar 2011 – deel 1, rekening houdende met de risico’s, de interventie- en kledijnormen, vervanging van de beschikbare uitrusting en de eerste uitrusting van rekruten.

1 mei 2011

3

Bestelling en/of aankoop van de individuele uitrusting in overeenstemming met het aankoopplan 2011 – deel 1.

1 juli 2011

4

Identificatie van de behoefte aan individuele uitrusting (vervanging en eerste uitrusting) voor het werkjaar 2011 – deel 2, rekening houdende met de risico’s, de interventie- en kledijnormen, vervanging van de beschikbare uitrusting en de eerste uitrusting van rekruten.

1 oktober 2011

5

Bestelling en/of aankoop van de individuele uitrusting in overeenstemming met het aankoopplan 2011 – deel 2.

1 december 2011

Vereiste middelen

Onder voorbehoud van beschikbaar krediet, verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich tot het vergoeden van:

Raming:

1

Investeringen

25 % van de aankoop van 10 persluchttoestellen.

7.500 €

25 % van de aankoop van de gesubsidieerde individuele uitrustingen, werkjaar 2011, deel 1.

pro memorie

100 % van de aankoop van de niet-gesubsidieerde maar noodzakelijke individuele uitrustingen, werkjaar 2011, deel 1

pro memorie

25 % van de aankoop van de gesubsidieerde individuele uitrustingen, werkjaar 2011, deel 2.

pro memorie

100 % van de aankoop van de niet-gesubsidieerde maar noodzakelijke individuele uitrustingen, werkjaar 2011, deel 2.

pro memorie

Totaal

7.500 €

Actie 10

Proces brandpreventie uitwerken en implementeren

Motivering

Alhoewel er in het huidig samenwerkingsverband van de brandweerkorpsen in onze regio, sedert jaren een werkgroep Brandpreventie bestaat, kan het beleid op het gebied van de preventie nog meer gestroomlijnd worden.
Dit vereist een proces “Brandpreventie” met inbegrip van de procedures en productbeschrijvingen. Bovendien moet dit proces gelinkt worden aan het proces “Interventieplanning”.

Doelstelling(en) - Hoofdopdracht – Eindresultaat

Het proces “Brandpreventie”ontwikkelen en implementeren. Daarvoor de nodige structuren (medewerkers, kennis …) opzetten.
Drie maanden na de inwerkingtreding van de overeenkomst is het proces “Brandpreventie” beschikbaar en beschikt men in de OPZ Zuid-West-Vlaanderen over een centraal preventiebureau.
Tegen half 2011 worden de brandpreventiedossiers ook op het uitvoerend niveau – in de posten – opgemaakt volgens de afspraken opgenomen in de procesbeschrijving.

Bijzonderheden – Kritische succesfactoren

Zolang er geen zekerheid bestaat over de middelen waarover de operationele prezone kan beschikken en zolang die middelen niet substantieel verhoogd worden, kan er geen volwaardige centrale dienst Preventie opgericht worden.


Actieplan 2011

Deelopdrachten

Resultaatindicatoren

1

Behoud van een zonale preventiecoördinator

In 2011

2

Opzetten van een databank Brandpreventie voor het overzicht van de aanvragen en hun afhandeling.

Sedert 1 januari 2011

3

Ontwerpen en uittekenen van het proces “Brandpreventie” met inbegrip van procedures en productbeschrijvingen die gedragen en uitgevoerd worden in de OPZ Zuid-West-Vlaanderen

25 maart 2011

4

Communicatie en implementatie van het proces “Brandpreventie”

25 maart – juni 2011

5

De uitvoering van de gewone brandpreventiedossiers op het uitvoerend niveau (posten) volgens de standaard opgesteld door de OPZ Zuid-West-Vlaanderen.

Vanaf 1 september 2011

6

Oprichten van een centraal preventiebureau (dienst Preventie) voor:

centraal beheer van de aanvragen;

distributie van de aanvragen volgens TBV, specialisatie en lokalisatie;

uitvoering van de niet-routineuze brandpreventiedossiers op het organiserend niveau;

administratieve opvolging;

coördinatie van de studie – en werkgroep “Brandpreventie” voor afstemming procedure en kennisoverdracht.



Onbepaald

Vereiste middelen

Onder voorbehoud van beschikbaar krediet, verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich tot het vergoeden van:

Raming:

1

Personeel

Loonkost zonale preventiecoördinator (2/5 VTE)

40.560 €

Loonkost TBV’s, medewerkers van het centraal preventiebureau - ad hoc (typeformulieren, toelichting …)

2.000 €

Totaal

42.560 €




Actie 11

Proces Interventieplanning uitwerken en implementeren

Motivering

De regelgeving verplicht de gemeenten sinds 2006 om betreffende de risicovolle activiteiten en gebouwen (punctuele risico’s) een interventiefiche, -plan of BIP op te maken. Immers het ontbreken van die interventieplanning verhoogt het risico bij interventie. Tevens is de kennisoverdracht d.m.v. interventieplannen, een vereiste om de dubbele uitruk in het kader van de snelst adequate hulp te kunnen verminderen of af te schaffen.
Het opzetten van een interventieplanning vereist het uittekenen van het proces “Interventieplanning” en het uitschrijven van de verband houdende procedures en productbeschrijvingen.
Bovendien bij het opzet van het oefenschema rekening gehouden worden met de “Interventieplanning”. Idealiter oefent men steeds op basis van een interventiefiche, -plan of BIP.
Onderhavige doelstellingen versterken de inspanningen die de gemeenten reeds leveren door de interventieplanning te stroomlijnen en te standaardiseren.

Doelstelling(en) - Hoofdopdracht – Eindresultaat

Het proces “Interventieplanning” (inhouds- en de vormvereisten, uniforme lay-out, werkmethode) ontwikkelen en implementeren. Daarvoor de nodige structuren (medewerkers, kennis …) opzetten.
Drie maanden na de inwerkingtreding van de overeenkomst is het proces “Interventieplanning” beschikbaar en beschikt men in de OPZ Zuid-West-Vlaanderen over een centraal bureau Interventieplanning.
Vanaf 2010 worden ook de interventiefiches en –plannen die op het uitvoerend niveau, in de posten opgemaakt volgens de afspraken opgenomen in de procesbeschrijving.

Bijzonderheden – Kritische succesfactoren

Zolang er geen zekerheid bestaat over de middelen waarover de operationele prezone kan beschikken en zolang die middelen niet substantieel verhoogd worden, kan er geen volwaardige centrale dienst Interventieplanning opgericht worden.

Actieplan 2011

Deelopdrachten

Resultaatindicatoren

1

Behoud van een zonale coördinator Interventieplanning

In 2011

2

Opzetten van een databank Interventieplannen, in heel de OPZ consulteerbaar

Eind 2011

3

Ontwerpen en uittekenen van het proces “Interventieplanning” met inbegrip van procedures en productbeschrijvingen en standaarden die gedragen en uitgevoerd worden in de OPZ Zuid-West-Vlaanderen

25 maart 2011

3a

Inhoud en vorm bepalen van de zonale voorafgaande interventieplannen voor punctuele risico’s

25 maart 2011

3b

Opstellen van voorafgaande interventieplannen voor de nieuwe punctuele risico’s volgens het model gedragen door de OPZ Zuid-West-Vlaanderen.

25 maart 2011

4

Communicatie en implementatie van het proces “Interventieplanning”

25 maart – juni 2011

5

Het opmaken van interventiefiches en –plannen op het uitvoerend niveau (posten) volgens de standaard opgesteld door de OPZ Zuid-West-Vlaanderen (voor nieuwe punctuele risico’s als het aanpassen van de bestaande plannen naar het nieuwe model)..

Vanaf 1 september 2011

6

Vanuit het de functie “Interventieplanning” de band verzorgen met de VTO-coördinator zodat er geoefend wordt op de plaatsen die een verhoogd risico vormen op basis van de interventieplannen, BIP’s die daarvoor opgemaakt worden.

Vanaf 1 september 2011

7

Oprichten van een centraal bureau Interventieplanning (dienst Proactie) voor:

centraal beheer van de interventieplannen;

het opstellen van interventiefiches en -plannen

administratieve opvolging.



Onbepaald

Vereiste middelen

Onder voorbehoud van beschikbaar krediet, verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich tot het vergoeden van:

Raming:

1

Personeel

Loonkost zonale coördinator Interventieplanning (2/5 VTE)

36.860 €

Loonkost medewerkers van het centraal bureau Interventieplanning (2/5 VTE)

16.730 €

Totaal

53.590 €




Actie 12

Ontwikkeling van een zonaal informaticaplatform

Motivering

De operationele prezone maar ook de toekomstige hulpverleningszone zal de facto altijd een gedecentraliseerde organisatie zijn, met onderdelen (posten …) die op verschillende locaties gehuisvest zijn.

Om in een dergelijke organisatie toch een zekere eenheid te smeden en te houden is één van de het absolute vereisten het gebruik van dezelfde beheer- en kennissystemen. Zonder dergelijk zonaal netwerk en systeem kan het organiserend niveau de uitvoering nooit opvolgen.


Zonale systemen kunnen enkel functioneren op een zonaal platform dat van op het terrein, vanuit de posten, benaderd wordt.

Doelstelling(en) - Hoofdopdracht – Eindresultaat

De OPZ Zuid-West-Vlaanderen investeerde in 2010 in het centraal deel van het netwerk en in verbindingen. In het voorjaar 2011 moet dit netwerk opgezet worden.
De ontwikkeling van een visie en het opzetten van een informatica-architectuur en –infrastructuur waarmee de HVZ Zuid-West-Vlaanderen op 1 januari 2012, zonder onoverkomelijke problemen, in plaats kan gesteld worden
Voor het bereiken van de doelstellingen wordt beroep gedaan op externe expertise.

Actieplan 2011

Deelopdrachten

Resultaatindicatoren

1

Opzet van een zonale informatica-infrastructuur.
De infrastructuur bestaat uit de onderdelen van het informaticanetwerk en de wijze waarmee ze met elkaar verbonden zijn.

Vanaf 1 januari 2011

2

In dienst stellen van het centraal gedeelte en het informaticanetwerk.

1 mei 2011

2a

Implementeren van decentrale gegevens.

Eind 2011

Vereiste middelen

Onder voorbehoud van beschikbaar krediet, verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich tot het vergoeden van:

Raming:

1

Werkingskost

Opzetten en onderhoud ICT-infrastructuur door ICT stad Kortrijk

5.000 €

Externe expertise opzetten ICT-infrastructuur

5.000 €

Totaal

10.000 €

Actie 13

Infrastructuurwerken omwille van herschikken van brandweerposten door integratie, eventueel herlokalisatie of omwille van renovatie.

Motivering

In 2009, in de fase van de Task Force, werd in de hulpverleningszone Zuid-West-Vlaanderen hulpverleningszone een veelheid aan gegevens verzameld en geanalyseerd. Tevens werd op basis van de terugkerende en punctuele risico’s een risicoanalyse gemaakt. Terzake werd een atlas-register (densiteit globaal risico) en het rapport “Feiten en Cijfers” opgesteld. De infogaring en -analyse ondersteunen visieontwikkeling omtrent het mogelijk herlokaliseren van brandweerposten (kazernes) en het rationaliseren van middelen.
Immers, uit de analyse blijkt dat het voor een aantal (hulp)posten (quasi) onmogelijk is om de adequate middelen volgens de bestaande regelgeving in praktijk te brengen. Het probleem is een gebrek aan voldoende vrijwillige brandweerlieden verbonden aan de (hulp)post om permanent de eerste uitruk te verzekeren. Dit ondanks voorbije campagnes voor aanwerving.

Aangezien ook vastgesteld werd dat de afstand tussen betrokken (hulp)posten uitermate klein is, ligt de oplossing in de integratie van inadequate posten tot een groter geheel, gevolgd door de rekrutering van vrijwilligers voor die nieuwe volwaardige posten. Dit heet rationaliseren om vervolgens te groeien.

In bepaalde gevallen gaat de integratie gepaard met het herlokaliseren van de post.
Kortom: analyse, visieontwikkeling, “bilateraal overleg” en gezamenlijk overleg in de prezonale raad heeft tot gevolg dat er reeds beleidsbeslissingen genomen zijn of op het punt staan genomen te worden. Vanzelfsprekend passen die beslissingen in de voorbereiding van het oprichten van de hulpverleningszone.

Momenteel worden er al concrete stappen gepland/gezet om brandweerposten te fuseren (rationaliseren) en te herlokaliseren. Dit vergt investeringen in infrastructuur.



Doelstelling(en) - Hoofdopdracht – Eindresultaat

In de fase van de operationele prezone wordt de visie omtrent het integreren van de (hulp)posten verder uitgediept (prioriteiten) en geconcretiseerd in beleidsbeslissingen die aansluiten bij het zonaal organisatiemodel. (masterplan)

De uitvoering van de beleidsbeslissingen voorbereiden en in fasen uitvoeren. (stappenplan) Het coördinatieteam i.s.m. met de betrokken gemeenten en korpsen, volgt dit op. Eind 2010 zijn de eerste concrete stappen gezet en aantoonbaar.


Oplijsten van de werken die uitgevoerd zouden moeten worden teneinde de veiligheid en/of de functionaliteit van de kazerne te bevorderen, of teneinde bepaalde problemen op te lossen (sanitair, vocht, energievoorzieningen,…) bv. de doorgang van het wagenpark verbeteren, of een vergaderruimte voorzien, etc.
In 2011 worden de kazernes bezocht teneinde de infrastructurele problemen en behoeften op te lijsten, daarin prioriteiten bepalen en binnen het beschikbaar krediet, te verhelpen (Prioritaire werken uitvoeren/ laten uitvoeren).
De keuze van de kazerne (of van de kazernes) waaraan renovatiewerken zullen worden uitgevoerd moet duidelijk gemotiveerd worden. Hierbij moet prioriteit verleend worden aan de kazerne(s) die door een risicoanalyse aangeduid wordt als zijnde een kazerne met een cruciale ligging voor de operationele dekking van het grondgebied van de OPZ.

Deelopdrachten

Resultaatindicatoren

1

Integratie van de post Moorsele in de post Wevelgem en de post Gullegem-Moorsele.

1 januari 2011

2

Integratie van 1. de hoofdpost Kortrijk en de bijpost Kortrijk-Centrum in de post Kortrijk Centrum, 2. de post Aalbeke en de post Marke in de post Kortrijk Zuid en 3. de post Bissegem en de post Heule in de post Kortrijk Noord.

1 maart 2011

3

Verder uitdiepen van de visie inzake de mogelijke integratie van andere posten.

In 2011

4

De uitvoering van concrete beleidsbeslissingen inzake de integratie en rationalisering van posten coördineren en opvolgen.

In 2011

5

Rapportage omtrent de uitvoering

In 2011

6

Plaatsbezoek aan de kazernes met inventarisatie infrastructurele problemen of behoeften

1 juli 2011

7

Analyse van de problemen en opstellen van een motiveringsnota

15 augustus 2011

8

Stellen van prioriteiten

Prezonale raad 26 augustus 2011

9

Uitvoeren beslissing prezonale raad

Vanaf 26 augustus 2011

Vereiste middelen

Onder voorbehoud van beschikbaar krediet, verbindt de FOD Binnenlandse Zaken zich tot het vergoeden van:

Raming:

1

Investeringen

Infrastructuurwerken

61.537,68 €

Totaal

61.537,68 €



FINANCIËLE TUSSENKOMST VAN DE STAAT
Op basis van dit contract en rekening houdend met de bepalingen van het koninklijk besluit van 16 januari 2011 houdende toekenning van subsidies voor personeelskosten, infrastructuur, materieel en uitrusting en coördinatie aan de gemeenten die een overeenkomst operationele prezone sluiten met de Staat, worden de kredieten die overeenkomen met de ontwerpen van uitgaven die door de Staat zijn goedgekeurd ter beschikking gesteld van de stad Kortrijk.
Onder voorbehoud van de beschikbare kredieten wordt 601.317,68 EUR toegekend.
De stad Kortrijk verbindt zich ertoe de kredieten die haar zijn toegekend te gebruiken voor de verwezenlijking van de initiatieven die in de overeenkomst staan.
Enkel de kosten in verband met de initiatieven en doelstellingen die in de overeenkomst zijn opgenomen of die er direct uit voortvloeien, kunnen meetellen voor de bestemming van de financiële hulpverlening.

De subsidies moeten aangewend worden met inachtneming van de wetgeving op de overheidsopdrachten.

Om daarop aanspraak te kunnen maken moet de volledige som voor 31 december 2011 ten laatste geëngageerd zijn.
Een eerste deel – gelijk aan 70% van het maximale bedrag dat aan een OPZ krachtens de overeenkomst wordt toegekend – wordt zo spoedig mogelijk op de rekening van de beherende gemeente (rek.nr. 091-0002317-18) gestort.

Het saldo wordt in voorkomend geval gestort nadat het bestuur enerzijds heeft vastgesteld dat de resultaten bereikt zijn en het anderzijds de verstuurde rechtvaardigingsstukken heeft goedgekeurd. Als de resultaten in hun geheel of deels niet bereikt zijn en/of de rechtvaardigingsstukken niet zijn verstuurd of goedgekeurd, dan recupereert de FOD Binnenlandse Zaken een deel van het voorschot of heel het voorschot dat hij op de rekening van de gemeente heeft gestort.

In bijlage

  • Gedetailleerde budgetteringstabel goedgekeurd in de prezonale raad dd. 27 mei 2011, punt 2:

  • De werkstructuur voor de OPZ Zuid-West-Vlaanderen , goedgekeurd in de prezonale raad dd. 10 september 2010, punt 2 en herbevestigd in de prezonale raad dd. 25 februari 2011, punt 3.1.



De maatregelen die in het kader van deze overeenkomst genomen worden en de uitvoering ervan moeten geïntegreerd worden in het globale beleid van de operationele prezone inzake veiligheid.
Het feit de in deze overeenkomst vermelde verplichtingen na te komen, ontheft de operationele prezone geenszins van haar wettelijke verplichtingen inzake de veiligheid van de burger.
Deze overeenkomst treedt in werking op 01 januari 2011 en eindigt op 31 december 2011.

Deze overeenkomst is in twee exemplaren in Brussel ondertekend op …………..
Elke partij verklaart een ondertekend exemplaar te hebben ontvangen.

Voor de Staat

De Minister van Binnenlandse Zaken,


Voor de stad Kortrijk

De stadssecretaris

De burgemeester (waarnemend)

Geert Hillaert

Lieven Lybeer

Bijlage 1



BIJLAGE 2



Kortrijk, 9 september 2010



Operationele Prezone Z-W-VL

t.a.v. CP Frank Maes

Sint-Amandslaan 26

8500 Kortrijk


STRUCTUUR EN WERKING


VAN DE OPZ ZUID-WEST-VLAANDEREN

Om een belangrijk project zoals de operationele prezone, een tussenfase in voorbereiding van de hulpverleningszone, is het essentieel dat de rollen goed verdeeld zijn en dat die voor alle actoren ook duidelijk zijn.



1   2   3   4   5   6   7   8

  • Totaal 13.280 € DEEL II. FACULTATIEVE ACTIES en DOELSTELLINGEN
  • Actie 8 Terbeschikkingstelling van het personeel door planning, herschikking en rekrutering
  • Totaal 13.700 €
  • Totaal 7.500 €
  • Totaal 42.560 €
  • Actie 11 Proces Interventieplanning uitwerken en implementeren
  • Totaal 53.590 €
  • Actie 13 Infrastructuurwerken omwille van herschikken van brandweerposten door integratie, eventueel herlokalisatie of omwille van renovatie.
  • 61.537,68 € FINANCIËLE TUSSENKOMST VAN DE STAAT
  • Voor de Staat De Minister van Binnenlandse Zaken, Voor de stad Kortrijk

  • Dovnload 0.95 Mb.